Klasse

Dialoog

Zelfmoord

Ik ben moeder van twee kinderen maar ook leerkracht in het eerste en tweede jaar secundair. Vorig jaar had een meisje van mijn klas het heel moeilijk met een eetstoornis. Alleen de onderdirecteur en ik waren op de hoogte. In september heeft dat meisje nog geprobeerd aan het schooljaar te beginnen maar het ging niet meer. Ze heeft ook meermaals op voorhand gezegd dat ze niet meer wilde leven. Op een bepaald moment woog zij geen dertig kilogram meer en werd ze opgenomen. Alle ramen op haar kamer werden vergrendeld. Momenteel mag zij geen bezoek ontvangen, ook niet van de ouders. Nu werden wel alle leraren op de hoogte gebracht. Ik denk dat wij het boek ’100 procent Lena’ op school heel goed zouden kunnen gebruiken voor de begeleiding van de ouders, van dat meisje wanneer zij terug komt (of vroeger want er is een nauw contact met de ouders) en van de leerlingen uit haar klas.

Naam en adres bekend bij de redactie

Er kwamen meer dan honderd brieven binnen na het artikel over de zelfmoord van Julie (Klasse 168). Via Klasse voor Ouders konden ouders het kinderboek ’100 procent Lena’ van Stefan Boonen winnen. Het pakkend boek vertelt door de ogen van een tiener hoe het is om als kind iemand door zelfmoord te verliezen.

Lees ook de artikels in Klasse, Maks! en Klasse voor Ouders over de zelfmoord van Julie. (www.klasse.be/kvl/168/52)

Zelfmoord 2

Ik ben klastitularis van een vierde ASO en verleden jaar had ik een klas waarin één meisje het jaar daarvoor zelfmoord pleegde door zich van een brug te gooien. Die jongeren kwamen bijna een jaar na de feiten bij mij in de klas en het was niet altijd evident om te weten hoe ze de feiten en hun eigen gevoelens verwerkt hadden. Ik heb veel gesprekken gehad met de directie, de leraren van de klas, met het CLB en ook met de ouders, vooral toen de fatale datum een jaar later naderde. Het is inderdaad niet gemakkelijk om daarover met jongeren te spreken: sommigen willen er niets meer over horen, anderen zijn bang om terug in die sfeer te geraken… Het schooljaar is toch goed verlopen en die leerlingen zijn nu bijna allemaal in het vijfde maar het blijft een gevoelige gebeurtenis voor hen.

Naam en adres bekend bij de redactie

Zelfmoord 3

De laatste tijd hebben we veel te maken met zelfmoord (een papa van een leerling, een broer van een leerling, een zoon van een leraar). We ervaren dat men op school niet zo passend weet te reageren. ‘Men’ spreekt enkel met vage woorden over zelfmoord met kinderen en probeert de werkelijkheid te omzeilen. Uiteindelijk zijn we van mening dat kinderen daar beter ‘eerlijk’ over ingelicht worden en dat dit ter sprake kan en mag komen.

Naam en adres bekend bij de redactie

Kleuters

De Werkgroep Kleuterscholen Vlaanderen die de kleuterscholen uit alle netten vertegenwoordigt, heeft vragen bij de plannen van de minister van Onderwijs in verband met de leerachterstand bij kleuters. De Minister van Onderwijs spreekt van ‘Een sterke ondersteuning van de kleuterschool.’ De werkgroep vraagt wie de infrastructuur van de nieuwe zomerklassen zal betalen. Elke nieuwe leraar zal ook bijkomende lokalen nodig hebben die men moet huren, verwarmen en poetsen. Elke leraar moet ook beschikken over ontwikkelingsmaterialen. Een kleuterschool heeft de middelen niet om dit alles te financieren.

De minister spreekt van ‘Financiële drempels wegwerken.’ De grootste financiële drempel ligt niet bij de ouders maar bij de scholen zelf. Kleuterscholen krijgen slechts 66% van de subsidiëring van een lagere school. Dit wil zeggen dat elke derde kleuter voor nul euro gesubsidieerd wordt. Dit wil zeggen dat tegenover elke derde kleuterklas nul euro werkingsmiddelen staan. Voor deze financiële drempel vraagt de Werkgroep Kleuterscholen Vlaanderen een bijkomende financiële injectie vanwege de Vlaamse Overheid.

De beloofde 45 euro per leerling werkt het verschil tussen het kleuteronderwijs en het lager onderwijs niet weg. In een eerdere omzendbrief vraagt de minister aan de scholen deze 45 euro te besteden aan het kosteloos maken van het basisonderwijs. Tot op heden kan je eenzelfde bedrag geen tweemaal uitgeven!

Namens de Werkgroep Kleuterscholen Vlaanderen

Maria Declercq

Reactie minister Vandenbroucke: De maatregelen om kleinere kleuters in kleinere klassen te krijgen staan niet alleen. Zo voorziet minister Vandenbroucke ook een inhaaloperatie van 1 miljard euro voor nieuwe schoolgebouwen. Bovendien worden de werkingsmiddelen twee keer verhoogd: eerst bij de invoering van kosteloosheid in het basisonderwijs en daarna bij het invoeren van de nieuwe financiering van het leerplichtonderwijs.

Onze onverdraagzame jeugd

Recente wetenschappelijke enquêtes drukken ons met de neus op de feiten: de Vlaamse jeugd overtroeft de Europese leeftijdsgenoten inzake onverdraagzaamheid. Of het nu gaat om allochtonen, de islam of holebi’s: de afwijzende houding overheerst. De resultaten bevestigen het aanvoelen van heel wat collega’s die hun leerlingen vrij hebben laten discussiëren over actuele onderwerpen of onverhoeds werden getroffen door een radicale uitlating.

Is de conclusie dan niet dat een vak maatschappelijke vorming een dringende noodzaak wordt in alle jaren van het secundair onderwijs en in alle richtingen? Misschien zelfs al van in de derde graad van het lager onderwijs? Wordt aan deze thematiek voldoende aandacht besteed bij de lerarenopleiding? Trouwens, los van de afkeer voor het ongewone of vreemde: het is toch al te gek dat je soms vanwege politici pleidooien leest voor een vervroegde kiesgerechtigde leeftijd terwijl iedereen kan vaststellen dat in het algemeen de kennis en de belangstelling ontbreekt om tot een enigszins gefundeerde keuze te komen.

Wie de democratie en de tolerante samenleving een warm hart toedraagt, moet maximaal inzetten op de jeugd. Volwassenen bekeren lukt alleen maar zoals bij de heilige Paulus door een blikseminslag.

Staf de Wilde, De Haan

Hocine Trari

Dat lesgeven vooral erg veel emotionele energie kost, wordt buiten het onderwijsveld vaak onderschat. Hocine Trari ( de coverman in Klasse 169) heeft gelijk. Ook is het fantastisch dat hij in de buurt van de school wonen verdedigt. Het is niet alleen milieubewust en tijdsbesparend, maar het kan tevens een enorme verrijking betekenen voor je leven en werk. De binnenkant van de problematiek kan de buitenkant verklaren. Begrip van inhoud helpt de vorm verklaren.

Maar het favoriete motto van Hocine (‘Wat je doet voor mij zonder mij, doe je eigenlijk tegen mij’ – Gandhi) kan in de opvoeding of het onderwijs (en dus in het leven) niet altijd opgaan. Anders zou een denker als Aristoteles de woorden van de Indiase activist nooit eeuwen voorheen al kunnen weerlegd hebben door te poneren: ‘De opvoeding heeft bittere wortels, maar haar vruchten zijn zoet.’ Met dank aan zij die nieuwe pedagogisch geschoolden en 21ste eeuwse ouders dat doen inzien.

Tom Vanderbiesen, educatief medewerker Fietsersbond

Grote klassen

Als leraar Nederlands in de derde graad ASO geef ik momenteel les aan drie vijfdes en een zesde. Deze klassen bestaan uit 28, 30, 31 en 27 leerlingen. Omdat ik creativiteit, innovatie, dynamiek en oprecht menselijk contact altijd hoog in het vaandel heb gevoerd, valt het me momenteel almaar zwaarder mijn doelstellingen nog te behalen. Julien Schoenaerts op school, Nigel Williams in de klas, laureaat bij Journalist voor 1 dag, 30 winnaars bij de nationale essaywedstrijd van Knack “Ik wil niet sterven aan de twintigste eeuw”…; ik kan in mijn korte loopbaan al terugblikken op een rijk palmares van geslaagde initiatieven waarbij ik samen met de leerlingen letterlijk en figuurlijk het boekje te buiten ging… en hen proefondervindelijk wist warm te maken voor de lesinhouden van ons vak.

Alleen, met zulke onhandelbaar grote klassen bots ik dagelijks op zoveel praktische problemen dat ik enkel nog in vrij afstandelijke, klassieke doceerstijl mijn leerlingen kan bejegenen. Iets wat haaks staat op de evolutie die ik – en het hele onderwijs – de laatste decennia heeft doorgemaakt. De teneur van de aanpassingen in onze leerplannen is trouwens dezelfde; alleen, ik stel vast dat vele van mijn leerlingen in de woeligheid van de grote groep allengs hoe minder eindtermen en leerdoelstellingen met vrucht bereiken…

Mijn vraag naar minister Vandenbroucke is dan ook ondubbelzinnig duidelijk; wil u a.u.b. naast al het goede werk dat u verricht voor minderheden in het onderwijs ook niet de grote middengroep van “probleemloze” leerlingen uit het oog verliezen en voor hen ook de infrastructurele, logistieke en organisatorische voorwaarden scheppen waardoor ook zij kunnen genieten van onderwijs op niveau? Bestaan er echt geen creatieve mogelijkheden om bvb. een maximumgrens bij het aantal leerlingen voor algemene vakken als Nederlands in te bouwen? Is dit de opdracht van de school of hoe moet ik dit zien? Ik vind het in ieder geval niet kunnen dat een school door gebrek aan uren 117 aso-leerlingen moet onderbrengen in slechts vier totaal heterogene klassen…

Stefan Flipkens, leraar Nederlands-Engels, Maaseik

Reactie minister Vandenbroucke: De overheid geeft de scholen een lestijdenpakket op basis van het totaal aantal leerlingen. De scholen hebben de vrijheid om op maat van de plaatselijke situatie deze lestijden te verdelen over de verschillende graden en richtingen.

Dit artikel komt uit

Klasse voor Leraren van december 2006 (nr. 170)

Van pagina 44 tot en met 45