Op 1 december is het Wereldaidsdag. Velen dragen dan een rood lintje uit solidariteit met mensen met hiv en aids. Aids blijft een wereldwijde ramp: in 2005 stierven ongeveer 2,8 miljoen mensen aan de gevolgen van aids. 380 000 onder hen waren jonger dan vijftien. Ongeveer vier miljoen mensen kregen het verdict van een infectie met het hiv-virus te horen. Globaal brengt dat het aantal besmettingen op ongeveer 38,6 miljoen.
In BelgiĆ« lijkt de situatie onder controle, met een jaarlijks aantal nieuwe diagnoses dat schommelt rond de duizend. Twee derde van die diagnoses zijn vastgesteld bij niet-Belgen, bij de Belgen scoren de mannen die seks hebben met mannen het hoogst. Maar dat is slechts de cijfermatige kant van het verhaal. Iedereen herinnert zich de controverse toen de seropositieve Kenny het Big Brotherhuis inging. Twintig jaar na het ontdekken van de ziekte, blijven de woorden ‘stigma’, ‘discriminatie’ en ‘uitsluiting’ onlosmakelijk verbonden met het letterwoord ‘hiv’. Voor wie zich nog illusies zou maken: vorig jaar werd een seropositief kind in BelgiĆ« van school gestuurd op vraag van de ouders van zijn klasgenootjes. Wereldaidsdag blijft blijkbaar meer dan nodig.