Klasse

Onderwijsinspectie doorgelicht

Evalueren scholen binnenkort hun leerlingen met gestandaardiseerde proeven? Dit is alvast wat het studiebureau Andersen adviseert. Volgens Andersen meet de inspectie de ‘onderwijsoutput’ niet. Deze output zou moeten voldoen aan de eindtermen. Daarom stelt Andersen voor de scholen vrijwillig te laten deelnemen aan gestandaardiseerde proeven. Hiermee kunnen ze hun kwaliteit onderling vergelijken. Met het huidige doorlichtingrapport zou dat volgens Andersen niet mogelijk zijn. Gestandaardiseerde proeven of centrale toetsen behoren in Vlaanderen tot nu toe niet tot de onderwijscultuur. Dat sluit volgens de onderwijsminister niet uit dat zulke evaluaties in het voordeel van de scholen kunnen zijn als instrument om hun resultaten te meten.

Zien of scholen de eindtermen of ontwikkelingsdoelen bereiken of nastreven is een belangrijke taak van de inspectie. Toch stelt Andersen vast dat de regelgeving de taken en opdrachten van de inspectie niet altijd duidelijk aflijnt en uitklaart. In zijn doorlichting van de inspectie vindt Andersen dat de inspecteurs te weinig scholen op de agenda hebben. Jaarlijks licht de inspectie tussen acht en twaalf procent van de scholen door. «Met deze frequentie duurt het acht tot twaalf jaar om alle scholen door te lichten», zegt Andersen. Recent nam de inspectie wel initiatieven om de doorlichtingfrequentie op te drijven.

Andersen heeft nog meer vaststellingen in zijn doorlichting van de inspectie. Zes belangrijke aandachtspunten:

1. Elke school heeft even veel kans om een doorlichting te krijgen, waardoor ‘risicoscholen’ niet vaker de inspectie op bezoek krijgen.

2. De criteria om scholen te selecteren zijn niet in alle inspectiekorpsen even duidelijk uitgewerkt.

3. De inspectie heeft alleen informatie over de doorgelichte scholen. Ze verzamelt niet permanent gegevens die als basis zouden kunnen dienen voor risico-analyse.

4. De criteria om een doorlichtingsteam samen te stellen zijn onduidelijk.

5. Sterke vakgerichtheid van inspecteurs geeft scholen het gevoel dat ze niet geïnspecteerd worden op hun kernvakken.

6. De inspectie maakt uitvoerige en beschrijvende rapporten. Een sterkere standaardisering en automatisering van deze rapporten is wenselijk. Er ontbreken aangepaste rapporten voor verschillende doelgroepen, zoals voor ouders, schoolbesturen maar ook leerlingen. De communicatie van de verslagen binnen scholen hangt grotendeels af van de directie. Verslagen van schooldoorlichtingen zouden automatisch openbaar gemaakt moeten worden, zodat iedereen ze makkelijker kan inzien. Ouders moeten zich nu richten tot de administratie van de inspectie op het departement Onderwijs. Tot nu toe vragen per jaar enkele honderden ouders verslagen op van scholen in een bepaalde regio. Ouders zoeken hiermee hulp bij hun beslissing over de schoolkeuze.

Doelmatigheidsanalyse van de Inspectie van Onderwijs, de Pedagogische Begeleidingsdiensten en de Dienst voor Onderwijsontwikkeling – Eindrapport: Globale Analyse en Aanbevelingen – Andersen – www.ond.vlaanderen.be/berichten/audit_inspectie.htm

Dit artikel komt uit

Klasse voor Leraren van juni 2002 (nr. 126)

Van pagina 10 tot en met 14