Klasse

Van voorlezen krijg je kriebels

Nieuwe studie: hoe verhoog je leesplezier?

Kinderen verliezen al in de lagere school het plezier in lezen. Dat is de verrassende conclusie van Annick De Vylder (Universiteit Antwerpen). In negen basisscholen ging ze na wat zesdejaars dan wél aan het lezen houdt. Een remedie blijkt voorlezen. En daar gaan ze misschien zelfs beter van leren.

De kleuterjuf: “Iedereen enthousiast”

De zesdejaars van basisschool Scheppers in Wetteren lezen vier keer per jaar een aantal dagen voor aan de kleuters van de tweede en derde kleuterklas. “De zesdejaars lezen voor uit prentenboeken met weinig tekst die passen binnen een thema: Sinterklaas of Kerstmis bijvoorbeeld”, legt juf Carolien (28) uit. “We bereiden dat voor in de klas: intonatie, expressie, interactief lezen door de kinderen geregeld vragen te stellen over het verhaal en over de prentjes.”

Soms lezen de zesdejaars voor aan twee of drie kleuters tegelijk, soms aan eentje. Voorlezen in een kleine groep is leuker, maar moeilijker. Na het lezen wisselt de juf met de leerlingen hun ervaringen uit. “Als een kleuter niet luisterde of lastig deed, bespreken we samen hoe we dat kunnen oplossen. De kinderen geven elkaar tips. De zesdejaars zijn heel enthousiast. Ze krijgen meer zelfvertrouwen en zijn erg betrokken. Ze tonen nieuwe talenten.”

Of de kleuters even enthousiast zijn? Juf Geertrui (37), derde kleuterklas: “Ze vinden het erg prettig. Je merkt ook meteen wie van de kinderen het gewoon is van thuis dat iemand hun voorleest. In het kringgesprek praten we na. Dit past perfect in wat we doen rond voorbereidend lezen.” In de tweede kleuterklas heeft Juf Régine (39) dezelfde ervaring: “De kinderen leven zich sterk in de personages van de verhalen in. Na het voorlezen spelen ze het verhaal na in de poppenhoek.”

De leerlingen: “Praten met kleuters: leuk”

In 2001 waren Hannelore en Victor bij de eerste kleuters aan wie zesdejaars begonnen voor te lezen. De drie zitten nu zelf in het zesde leerjaar en lezen op hun beurt voor. Hannelore (11) leest voor uit ‘De kleine ijsbeer’: “Ik vind voorlezen aan kleuters fijn, vooral als ik iets moet uitleggen.”

Victor (10): “Leuk, de kleuters amuseren zich. Als ze niet luisteren, stel ik een vraag. Als ik zelf lees, dan graag een reeks zoals Harry Potter.” Jordi (11) is niet zo’n lezer: “Ik lees niet zo graag omdat boeken zo dik zijn. Maar voorlezen is wel tof, dan praat je ook met iemand.”

De onderzoeker: “het leesplezier stijgt”

“Toen ik zelf nog in het zesde leerjaar stond, was ik op zoek naar een nieuwe activiteit om mijn leerlingen met kleuters te laten werken”, vertelt onderzoeker Annick De Vylder. “Op een dag hing in de bibliotheek een affiche uit: ‘Voorlezen doet kleuters groeien’. Dat was wat ik zocht. Mijn zesdejaars zouden voorlezen in de kleuterklas. De eerste probeersels van ons project ‘Voorleeskriebels’ waren meteen raak: de leerlingen vroegen om meer en de kleuteronderwijzers stonden er meteen achter. Een hele groep kleuters met eenzelfde aanbod boeien is niet simpel, maar dankzij de Voorleeskriebels konden ze differentiëren.”

Dat was in 2001 en het project loopt nog altijd. In 2007 ging Annick De Vylder Opleidings- en onderwijswetenschappen studeren en daar hoorde een thesis bij. “Het was dé gelegenheid om na te gaan welke effecten voorlezen heeft op de kinderen. Voordien had ik enkel een gevoel dat het ze motiveert om te lezen.” 320 zesdejaars uit negen basisscholen werden in twee groepen ingedeeld: leerlingen die mochten voorlezen en leerlingen die dat niet mochten. De resultaten? “De voorlezers staan positiever tegenover lezen en boeken. Dat is goed nieuws. Na tien weken merkte ik echter tot mijn grote verbazing dat het leesplezier bij kinderen al in het laatste jaar van de lagere school afneemt. De meeste onderzoeken zeggen dat dat pas later gebeurt, als ze dertien of veertien jaar zijn. Tegelijk stelde ik vast dat leerlingen die voorlezen aan kleine kinderen hun leesplezier behouden.”

Is voorlezen hét tovermiddel tegen ontlezing? Annick De Vylder: “Ook andere factoren stimuleren het leesplezier van kinderen. Als papa, mama, broer en zus lezen of voorlezen bijvoorbeeld: boeken, tijdschriften, kranten, strips. Verder is er de invloed van het culturele kapitaal. Ouders die hun kinderen meenemen naar het museum of de bibliotheek of ze deeltijdkunstonderwijs laten volgen, doen hun kinderen liever lezen. Voorlezen mag ook niet de enige stimulans zijn op school. Alle activiteiten waarmee je kinderen kunt laten ervaren dat lezen leuk is, helpen.”

‘Leidt voorlezen tot een betere leesattitude? Een quasi-experimenteel onderzoek in het zesde leerjaar van het basisonderwijs’ – Met haar thesis won Annick De Vylder de Klasseprijs, het onderwijsluik van de Vlaamse Scriptieprijs 2009. Thesis en synthese vind je op www.scriptieprijs.be.

Dit artikel komt uit

Klasse voor Leraren van februari 2010 (nr. 202)

Van pagina 22 tot en met 23