advertentie

"Wie we moeten zien, komt nooit"

schrijf een reactie

Aan de ene kant van de tatami: de leraren. “Zij onderschatten vaak hoezeer ouders hen respecteren en vertrouwen”, zeggen Lien Ghysens en Johan van Braak na nieuw onderzoek aan de Universiteit Gent. Aan de andere kant in kimono: de ouders. “Zij komen graag helpen op school.” Vijf vooroordelen van leraren over ouders van de mat geveegd.

luister naar onderzoeker Lien Ghysens (bron: Radio1)

lees de topstory online

“De directeur zien we te weinig”

misverstand 1: Ouders vinden ons niet vriendelijk

Leraren en directie beseffen te weinig dat ouders met een enorm positieve blik naar hen kijken. Ouders bestempelen leraren (96 procent) en directie (81 procent) als ‘vriendelijk’. Alle ouders, onafhankelijk van hun opleidingsniveau, gezinssamenstelling, afkomst en prestaties/welbevinden/gedrag van het kind denken positief over de leraar. Enkel ouders uit eenoudergezinnen of nieuw samengestelde gezinnen klagen soms dat de leraar te weinig aandacht toont voor de achtergrond van hun kinderen.

Ook de directeur krijgt een goed rapport van de ouders, maar sommigen betreuren dat ze hem te weinig zien. “Hij schudt enkel handjes op het schoolfeest en eetfestijn.”

Aan de andere kant van de tatami geven leraren geen goed rapport aan ouders. Slechts de helft van de leraren voelt zich gerespecteerd door de ouders en oordeelt dat ze vriendelijk en gemakkelijk bereikbaar zijn. Bovendien zijn bijna 4 op 10 leraren er niet van overtuigd dat ouders het beste willen voor hun kind. Ongeveer evenveel leraren vinden ouders bij de school betrekken eerder een last: ze beschouwen het als een extra taak waar ze soms de tijd niet voor hebben.

misverstand 2 Ouders vinden presteren belangrijker dan plezier

Plezier of presteren? Ouders zijn het er niet over eens wat het belangrijkste is voor hun kind. 4 op 10 kiezen voor plezier: “Als ze graag naar school gaan, zullen ze ook makkelijker leren.” Voor bijna 3 op 10 ouders is presteren prioritair: “Naar school ga je om te leren.” Hoger opgeleide ouders hechten meer belang aan schoolse resultaten dan lager geschoolde ouders. Toch zijn ze er minder van overtuigd dat hun kind een hoog diploma zal halen. Ouders van allochtone afkomst blijken iets meer prestatiegericht te zijn dan autochtone ouders. Ze verwachten meer inzet van hun kind en vinden het een probleem als hun kind niet kan volgen op school: “Ik wil niet dat mijn kinderen later een slechte job hebben of een hele dag thuis zitten zoals ik, op zoek naar werk.”

Ruim 9 op 10 leraren vinden dat leerlingen zich vooral goed moeten voelen op school. Daarom ontwikkelt de school initiatieven zoals het begeleiden van zwakke leerlingen of leren leren. Leraren geven aan dat presteren heel wat minder belangrijk is voor hun school.

misverstand 3 Ouders droppen hun kinderen op school en dat is het dan

“Wat op school gebeurt, bepaalt het leven van mijn kind”, menen de ouders. Hoewel ze het eigenlijke lesgeven aan de leraar overlaten, vindt slechts 13 procent van de ouders dat alleen de school verantwoordelijk is voor het onderwijs. Het merendeel van de ouders vindt zich een gelijkwaardige partner van de leraar en school.

Ook voor leerlingen is er geen duidelijke grens tussen school en thuis. Ze hebben liever geen huiswerk maar vertellen thuis wel over hun schooldag. 2 op 3 leerlingen vragen hulp bij het huiswerk aan hun ouders. 3 op 4 leerlingen hebben er niets op tegen dat ouders op een gewone lesdag op school komen. Liefst 90 procent van hen vraagt aan zijn ouders om samen naar eetfestijn of schoolfeest te gaan.

Leraren hebben vaak een negatief idee over het thuismilieu van leerlingen. De helft van de leraren meent dat het gezin waaruit een leerling komt bepaalt hoe hij presteert én zich gedraagt. Nog geen 4 op 10 leraren geloven dat de school de negatieve invloeden van thuis kan compenseren. Toch geloven leraren dat de tijd die de leerlingen in de klas spenderen meer invloed heeft op het leren dan het thuismilieu. Leraren willen net als ouders niet dat school en thuis twee gescheiden werelden zijn. 8 op 10 van de leraren wensen dat ouders het huiswerk nauwgezet opvolgen en interesse tonen voor wat hun kind doet.

misverstand 4 Ouders komen niet graag naar het oudercontact

30 procent van de ouders praat meerdere keren per trimester met de leraar. De inhoud van deze gesprekken is dikwijls negatief geladen: het gaat dan over zwakke resultaten of slecht gedrag. Ouders die tevreden zijn over de leraar en hem of haar als een open figuur ervaren, hebben vaker contact met de leraar. Nodigt de leraar ouders uit voor een gesprek, dan gaan ouders daar gretig op in.

Favoriete gespreksonderwerpen van de leraren zijn schoolresultaten, het gedrag en hoe het kind zich voelt op school. Ongeveer de helft van de ouders heeft het ook over de leerstof, de thuissituatie van het kind en hoe ze hun kind kunnen helpen met het huiswerk.

misverstand 5 Ouders willen niet helpen in de klas

Ouders krijgen nauwelijks de vraag om te komen helpen in de klas of op school. Bovendien neemt die hulp sterk af in de derde graad van het lager onderwijs. Heel wat ouders die actief waren in de kleuterklas doen dat dan niet meer. De meeste ouders gaan in op uitnodigingen voor informatieve of vormende bijeenkomsten voor ouders. De helft van de ouders helpt als vrijwilliger mee aan schoolactiviteiten, maar de klas is minder toegankelijk: meer dan 70 procent van de ouders is nooit actief binnen de klasmuren. Hoe hoger geschoold ouders zijn, hoe meer ze betrokken zijn in de klas of op school.

Scholen willen ouders graag welkom heten, maar tegelijk houden ze graag een afstand. Ouders hoeven voor leraren niet te pas en te onpas langs te komen.

“Ouders beslissen over twintig procent van de schoolkas”

“Het oudercomité is niet meer dan een feestcomité”, is een klacht die bij veel ouders klinkt. Maar in de Aalsterse basisschool De Notelaar organiseert de ouderraad – of beter: stuurgroep – méér dan het schoolfeest. “Wij bepalen waar twintig procent van het schoolbudget voor mag dienen. Dat is échte inspraak.”

“Ik ben ook maar een mens.” Die boodschap gaf leraar Ruben Melis aan alle ouders op de welkomstreceptie in de eerste week van het nieuwe schooljaar. “Ik vind het geen probleem dat ouders commentaar hebben op mijn lesgeven. Ze mogen me daarover aanspreken, maar liefst op een vriendelijke en beleefde manier.” De Notelaar is een Freinetschool en daar is de inbreng van ouders sowieso groot. “Natuurlijk kun je de mooie theorie niet altijd even eenvoudig in de praktijk brengen. Allochtone ouders komen niet zo vaak naar schoolactiviteiten en duiken minder op in de klas, maar ik zie dat niet als desinteresse voor wat op school gebeurt. Vooral bij Turkse ouders heb ik de indruk dat ze vinden dat de klas mijn terrein is. Ik heb daarvoor gestudeerd, ik ben bevoegd en ze laten me dan ook mijn werk doen. Daar is op zich niks mis mee. Toch slaagde ik erin om een Turkse moeder naar de klas te halen. Voor een project moest er genaaid worden en een Turks meisje zei dat haar moeder dat heel goed zou kunnen. Die moeder is meegekomen, ook al sprak ze geen Nederlands. Je moet elkaar niet altijd begrijpen om elkaar toch te kunnen helpen.”

Christoph Baete is al acht jaar een actieve ouder in De Notelaar: “Dat we mogen bepalen waaraan één vijfde van het schoolbudget besteed wordt, bewijst dat we écht meebeslissen. Op die manier hebben we het klassieke schoolfeest eens vervangen door een groot kunstproject dat vertrok van de kunstwerken van de kinderen. We hebben voor elke leefgroep een extra klaskas voorzien. De leraar bepaalt zelf wat hij of zij daarmee doet voor zijn leerlingen. Als ouder in zo’n stuurgroep probeer je te detecteren wat de gevoelens en eventuele weerstanden zijn van ouders bij beslissingen van de school. Dit jaar is het systeem van de leefgroepen lichtjes aangepast. In de voormiddag zitten de leerlingen per jaar in een klas, in de namiddag zitten ze opnieuw in een leefgroep, met twee leerjaren samen. Sommige ouders vrezen dat de school daarmee het typische van een Freinetschool teniet doet. Als ouder uit de stuurgroep kun je via je contacten met de leraren en directie uitleggen dat met die maatregel de school net méér zorg aan de kinderen geeft. Via ons wekelijkse krantje ‘De Nota’ (digitaal of op papier) lichten wij alle ouders in over het reilen en zeilen van onze school. Communicatie met alle ouders is zéér belangrijk.”

Hoe praat je met ouders?

Wil je als school de kloof tussen school en thuis zo klein mogelijk maken, dan is een goede communicatie tussen school en ouders een absolute must. Met deze drie tips verdient je communicatie een ippon:

  1. Geef ouders ook positief nieuws
    Ouders praten vaak met leraren omdat er problemen zijn met hun kind. Toch let je er als school best op om niet alléén negatief nieuws te geven aan de ouders. Als ouders enkel negatief nieuws over hun kind krijgen, mijden ze op den duur alle contact met de school uit angst voor het slechte nieuws. En ook als er alleen goed nieuws is, mag dat gezegd.
  2. Schakel tolken in
    Voor ouders van allochtone origine is taal een stevige hinderpaal voor communicatie met de school. Probeer als school die drempel weg te werken: schakel tolken in en/of deins er niet voor terug even de taal van de ouder te spreken.
  3. Werk met pictogrammen
    Zowel met mondelinge als schriftelijke communicatie hebben anderstalige ouders het moeilijk. Gebruik daarom pictogrammen: met specifieke symbolen in de agenda en in brieven. Zo hebben ouders snel een idee van de inhoud van de boodschap en weten ze wat je van hen verwacht. Neem de betekenis van een symbool op in een pictogrammenwoordenboek in meerdere talen.

Hoe haal je ouders naar school?

Sommige ouders lukt het niet om de stap door de schoolpoort te zetten. Met volgende vijf tips lok je hen binnen en maak je de tatami beter toegankelijk.

  1. Voorzie een ouderlokaal op school
    Ouders ervaren de school en vooral de klas als het territorium van de leraar. Ze missen expliciete uitnodigingen van de leraar om deel te nemen aan klasactiviteiten. Met een ouderlokaal op school voelen ouders zich welkom en kunnen ze leraren en directie direct aanspreken. De informele band die in het lokaal ontstaat, verlaagt de drempel voor de ouders. Zo krijgen ze meer affiniteit met het schoolleven.
  2. Zet de eerste stap naar ouder“Zij die moeten komen, komen niet.” Schrijf die vaak gehoorde klacht na een oudercontact of informatieavond niet toe aan gebrek aan interesse. Dicht zelf de kloof tussen schoolen thuismilieu. Besteed aandacht aan de achtergrond van ouders. Wanneer ouders zich gerespecteerd voelen, is de schoolpoort voor hen niet langer een grens.”
  3. Werk met contactouders
    Schakel een tussenpersoon in voor ouders die angst blijven hebben om de stap over de schooldrempel te zetten. De school kan bijvoorbeeld per klas één ouder als contactouder aanduiden. ‘Angstige’ ouders spreken makkelijker iemand aan die niet als ‘professional’ gekend is.
  4. Ga langs bij de ouders thuis
    Ga op huisbezoek als ouders ondanks alle inspanningen toch niet naar school komen. Een gesprek op vertrouwd terrein verlaagt de drempel. Met een huisbezoek leert de leraar of de schoolmedewerker de leefwereld van het kind en zijn gezin kennen.
  5. Hanteer flexibele uren voor activiteiten
    Een oudercontact enkel tussen 16 en 18 uur? Schoolactiviteiten op woensdagnamiddag? Ouders met een druk werkschema bereik je dan moeilijk. Spreid je activiteiten in de tijd of plan ze in overleg met de ouders.

Klasse helpt

De brug slaan tussen thuis- en schoolcultuur? Daar helpt Klasse voor Ouders mee.

  • Elke maand nemen 700 000 kinderen het blad mee naar huis. Het geeft een inkijk in wat ouders concreet kunnen doen. Er verschijnt een instapbrief bij in 9 talen. Die vat de basisboodschappen van het blad samen en stimuleert anderstalige ouders het laagdrempelige blad in het Nederlands te lezen. Surf naar www.klasse.be/ouders/instapbrief
  • Op www.klasse.be/eerstelijn vind je het dossier “communicatie” met een duidelijk communicatieplan voor ouders, leraren en leerlingen én handige tips voor een goed gesprek met ouders.
  • 20 000 ouders lezen de tweewekelijkse e-brief Ouders XTR, vol opvoedings- en onderwijsnieuws. Lees je mee? Abonneer je gratis via www.klasse.be/ouders/xtr
  • 4 000 intermediairen die (binnen en buiten de school) met moeilijke doelgroepen van ouders werken, zijn enthousiast over de e-brief XTR Strong: inspirerend, laagdrempelig en concreet. Abonneer je gratis via www.klasse.be/leraren/xtr

luister naar onderzoeker Lien Ghysens (Bron: Radio1)

Schrijf een reactie op dit artikel