Waarom toont een leerling vaak niet wat hij echt kan? Omdat hij faalangst heeft, perfectionist is, te weinig uitdagingen krijgt, niet gemotiveerd is? In elke klas zitten onderpresteerders. “We geven hen misschien niet genoeg ‘goesting’”, zegt Maarten Vansteenkiste, professor in de motivatiepsychologie aan de UGent.
Jonge kinderen hoef je niet motiveren om te spelen, boekenwurmen niet om te lezen. Dat doen ze vanzelf. Maar hoe krijg je een leerling aan het werk voor een vak dat hem niet interesseert? Prof. Maarten Vansteenkiste: “Stel dat de directeur iets aan je vraagt waar je het doel of het nut niet van inziet. Ben je dan bereid om het te doen? Nee, je voelt verzet. Tenzij hij uitlegt waarom hij het vraagt en jij zijn verzoek dan wel zinvol vindt. Hetzelfde geldt voor leerlingen. Sommigen zijn misschien intrinsiek gemotiveerd voor je vak. Ze doen het graag, beleven er plezier aan. Anderen niet. Als je die leerlingen zover krijgt dat ze je vak of de taak zinvol vinden, dan ben je vertrokken. Dat is de kracht van de goede leraar: hij probeert zijn leerstof concreet te onderbouwen en te stofferen zodat leerlingen het zinvol vinden.
Je kan de wet van Ohm uitleggen in de klas. Maar je kan je evengoed afvragen waarom een lamp brandt. De leraar aardrijkskunde kan op zoek gaan naar de oorzaak van de storm op Pukkelpop. Je kan uitleggen en tonen waarom taken zinvol zijn door ze in verband te brengen met de actualiteit en de leefwereld van de jongeren. Een oninteressante activiteit die je zinvol vindt, doe je uiteindelijk met even veel ‘goesting’ als een taak waardoor je vanzelf geboeid bent. Moeten leren en presteren wordt dan willen leren.”
Handelen uit volle goesting
“Van nature uit zijn we heel nieuwsgierig; we zijn allemaal ‘ontdekkingsreizigers’”, stelt Maarten Vansteenkiste. “In ieder van ons zit een brok verwondering. Opvoeden is die exploratiedrang zo veel mogelijk stimuleren, zodat leerlingen ontdekken wat ze interessant, boeiend en zinvol vinden en achter welke waarden ze kunnen staan. Een leerling die iets studeert wat hij boeiend vindt, zal een grotere inspanning leveren. We hebben daar een mooie Vlaamse uitdrukking voor: ‘iets doen uit volle goesting’”.
“Er zijn drie belangrijke basisbehoeften die ervoor zorgen dat iemand goesting blijft hebben om te leren. E erst kan je ervoor zorgen dat de leerling voelt dat hij zijn leren zelf in handen heeft, dat hij zelf initiatief mag nemen en zo zichzelf mag zijn (autonomie). Op school ondersteun je deze autonomie door bijvoorbeeld keuzemogelijkheden aan te bieden. Een leerling mag het opstelonderwerp of de oefening bij het inoefenen van de tafels kiezen. Voorts is het belangrijk leerlingen structuur aan te bieden en duidelijk te zijn: hoe kan je je taak aanpakken, wat verwachten we precies van je? Als iets niet duidelijk is, dan kan hij ook niets bijleren en geen nieuwe vaardigheden verwerven (competentie). De derde behoefte is verbondenheid: de leerling voelt oprechte interesse, een betrokken leraar. Onderzoek toont aan dat leerlingen in een omgeving waar aan deze drie behoeften is voldaan veel meer uit volle goesting gaan leren en beter gaan presteren dan in een omgeving waarin je vooral controleert.”
Lees het hele artikel op http://www.klasse.be/14627/

onze school vindt dat we dit moeten blijven zeggen. Sinds we in 2007 onze parking heringericht hebbe...
luc denys op “Goeiedag is rap gezegd”
CollegaIs inderdaad verwarrend maar blijkt dat dzeze info werd geplaatst op 30 augustus en dus g...
Martine Kurrels op Nieuw op 1 september