“Leerlingen zijn woestijnen. Vol leven”

schrijf een reactie

Death Valley, maart 2005. De droogste plek op aarde is al jaren een plaats waar leven onmogelijk lijkt. Tot enkele regenbuien de dood gewaande woestijn omtoveren in een bloemenzee. Duizenden Amerikanen rijden naar de Californische woestijn om dat wonder te zien.

“Zo is het ook met leerlingen”, zegt sir Ken Robinson. “Elke mens wordt geboren met ongelofelijke talenten, maar hoe ouder we worden, hoe meer we daarvan vervreemden. Eén van de grote boosdoeners in dat proces is het onderwijs.” Robinson staat wereldwijd bekend om zijn spitse lezingen over opvoeding en creativiteit, maar hier geeft hij een mokerslag aan het onderwijs. De Brit pleit voor een revolutie in het onderwijslandschap. “Leraren moeten tegenover leerlingen staan zoals landbouwers tegenover gewassen. Leerlingen kunnen woestijnen lijken. Maar geef ze water en ze barsten van leven.”

‘Creativiteit en talent zitten in elk van ons’

Stel Ken Robinson één vraag en hij antwoordt met een waterval aan prikkelende verhalen én confronterende ideeën. Eind mei komt hij als Europees ambassadeur voor het Internationale jaar van de creativiteit naar ons land. Klasse zoekt hem op in Londen.

“Ik teken God”

In de les zit een zesjarig meisje gepassioneerd te tekenen. Na twintig minuten vraagt de juf: “Wat ben je aan het tekenen?” Het meisje antwoordt: “Ik teken God.” De juf: “Ja, maar, niemand weet toch hoe God er uitziet?” Het meisje: “Dan moeten ze nog een minuutje geduld hebben.”

Ken Robinson: “Kinderen zijn wonderlijk zelfzeker over hun verbeelding. De meesten van ons verliezen dat zelfvertrouwen als ze opgroeien. Vraag aan een klas zevenjarigen wie creatief is en ze steken allemaal hun hand op. Stel dezelfde vraag aan laatstejaars van het secundair en nauwelijks iemand steekt zijn hand op. Blijkbaar slaagt onderwijs er niet in om kinderen hun talenten te doen ontdekken en daardoor weten ze niet wat ze werkelijk kunnen bereiken. Zo leren ze nooit wie ze eigenlijk zijn. Ontzettend veel volwassenen twijfelen vandaag over hun job en hun leven. Een aantal van hun talenten zijn de kop ingedrukt, ze hebben nooit ontdekt wat ze graag en goed doen.”

“Komieken en Nobelprijswinnaars voor creativiteit”

Ken Robinson: “In ’97 gebruikte Tony Blair te pas en te onpas het woord ‘creativiteit’. In onderwijs, in het bedrijfsleven, we moesten allemaal leren ‘creatief’ zijn. Tegelijkertijd merkte ik dat in scholen de aandacht voor kunst dramatisch laag was. Ik werd kwaad en zei: ‘Hoe zit dat met jullie roep om creativiteit? Menen jullie het? Ofwel werken we een strategie uit om écht creatief te zijn ofwel stoppen we met dat woord te gebruiken.’ Ik kreeg de opdracht van de overheid om een nationale commissie samen te stellen. Ik nodigde een topeconoom, een Nobelprijswinnaar chemie, een breinexpert, de eigenaar van een televisienetwerk, kunstenaars, schooldirecteurs én twee komieken uit. Creativiteit is niet zomaar een wild, origineel idee. Het is ‘het proces van originele en waardevolle ideeën te hebben’. Elk woord is zeer zorgvuldig gekozen in die definitie. Je moet je idee verder uitwerken en het moet ook een ethische waarde voor de samenleving hebben. Creativiteit blijft absoluut niet beperkt tot de kunsten. Je hebt ze nodig in wiskunde, in fysica, in de journalistiek… Creativiteit en talent zitten in elk van ons. Creëer enkel de juiste omstandigheden om ze te laten ontwikkelen.”

“Talenten wakker maken”

Ken Robinson: “Ons onderwijs is ooit uitgewerkt als antwoord op de industriële revolutie van de 19de eeuw. Het moest zoveel mogelijk mensen – van arbeider tot universitair – klaarstomen om de economie te laten draaien. Maar vandaag maken we een andere revolutie mee. Kennis is toegankelijker dan ooit. Een loopbaan is onvoorspelbaar geworden en mensen scholen zich makkelijk om. We moeten ons onderwijs radicaal durven herdenken. Benader de leerling anders: kijk naar wat hij goed kan én wat hij graag doet. Als je dat snijpunt vindt, dat gebied waar die jongere zich ‘in zijn element’ voelt, dan krijg je een gelukkige, gemotiveerde en leergierige leerling. Met als ultieme doel: alle talenten te ontdekken en te stimuleren. Er is immers een vreemde obsessie om zoveel mogelijk mensen op de universiteit te krijgen. Van mij mag iedereen naar de universiteit, maar eerlijk: laten we de keuze niet beter afhangen van passie, bezieling, talent én motivatie?”

“Koppel passie aan je talent”

Ken Robinson: “Mijn broer speelt in een band met een buitengewone keyboardspeler, Charles. Op een avond ging ik naar hen kijken en achteraf zei ik tegen Charles dat ik zo goed als hem zou willen spelen. Hij zei: ‘Neen, dat wil je niet. Jij houdt van het idee om keyboard te spelen, maar als je er écht van hield, dan zou je dat ook doen.’ Daarna vertelde hij me dat hij sinds zijn zevende elke dag drie uur oefent naast zijn optredens. Opeens leek het idee om een keyboardspeler te worden niet meer zo aanlokkelijk. Waar haalde Charles de discipline om elke dag te blijven oefenen? Hij zei: ‘Omdat ik ervan houd.’ Veel leraren zullen vragen stellen bij de motivatie van hun leerlingen. Maar motivatie is een logisch gevolg van passie. Koppel passie aan je talent, dan bereik je het meest.”

“Graaf naar menselijke bronnen”

Ken Robinson: “Stilaan beseffen we dat we niet zo verstandig met de ecologie van de planeet zijn omgesprongen. We hebben de natuur op haar knieën gebracht. Er is een gigantische klimaatcrisis. Maar we beleven nog een andere crisis. Die gaat niet over de natuurlijke bronnen, maar over de menselijke bronnen. De oorsprong daarvan is dezelfde: de verregaande industrialisering en onze vermeende menselijke superioriteit. In de VS lijkt het wel of er een adhd-epidemie heerst. Halfweg de jaren 80 waren er een half miljoen kinderen met adhd. Nu zijn dat er 8 miljoen. Dat is een goudmijn voor de farmaceutische industrie. Er gaan miljoenen dollars naar testprogramma’s. Dat heeft nog weinig met adhd te maken maar alles met een systeem dat zichzelf in stand houdt. In Californië gaat vanaf volgend jaar méér geld naar gevangenissen dan naar hoger onderwijs. De focus op talent en creativiteit is volgens mij een sociale investering die niets kost. En net zoals bij olie of ertsen moet je vaak diep graven voor je iemands talent echt gevonden hebt. Maar de kracht die dan vrijkomt is onbetaalbaar.”

“Haal David uit de steen”

Ken Robinson: “Het oude onderwijsmodel is gebaseerd op een enge benadering van intelligentie en talent. Het nieuwe model moet gebaseerd zijn op diversiteit. Met conform gedrag lossen we de crisissen niet op. Daarvoor is durf nodig, ruimdenkende mensen en nieuwe invalshoeken. Onderwijs moet altijd gaan over persoonlijke groei en ontwikkeling. Ik verwijs graag naar Michelangelo: ‘Ik heb het David-beeld niet gemaakt,’ zei hij. ‘Het zat al in de steen. Ik moest alleen de overbodige delen voorzichtig wegkappen.’”

Sir Ken Robinson live en gratis

Wat is de invloed van de school op de creativiteit van jongeren? Sir Ken Robinson beantwoordt die vraag op woensdagnamiddag 27 mei in de Elisabethzaal in Antwerpen (net naast de zoo). Je kunt daar gratis bij zijn als je snel inschrijft via www.innovatiemaaktschool. be. De plaatsen zijn beperkt. Na de lezing gaat het forum ‘Innovatie maakt school’ verder met vier discussiesessies over de leraar als innovator, concrete adviezen voor innoveren op school, demonstraties van creatieve technieken en hoe creativiteit een boost geeft aan proeftuinen.

Bekijk een lezing van Ken Robinson over creativiteit op www.klasse.be/leraren/bijlage

Als talent succes wordt

Hoe en wanneer ontdekte je je talent? En: waarom ben je zo succesvol in wat je graag doet? Met die twee vragen trok sir Ken Robinson naar beroemdheden als ex-Beatle Paul McCartney, turnkampioen Bart Conner en biljartster Ewa Laurance. “Wanneer je je passie ontdekt, verandert je leven.”

Paul McCartney: “Niet goed genoeg als koorknaap”

Hoe blij moet je zijn als muziekleraar om de helft van The Beatles in je les te hebben? Paul McCartney en George Harrison zaten jarenlang samen in een Liverpoolse klas zonder dat hun muziekleraar hun talent opmerkte. Paul McCartney: “De leraar kwam binnen en zette een krassende plaat klassieke muziek op. Dan ging hij naar de lerarenkamer een sigaret roken. Wij zetten de plaat af, plaatsten iemand op de uitkijk en haalden de kaarten boven. Als de leraar terugkwam, zetten we de naald bijna aan het eind van de plaat. De leraar vroeg: ‘Wat vonden jullie ervan?’ En wij allemaal: ‘Geweldig!’ En toen ik wou gaan zingen bij het koor van de Liverpoolse kathedraal, zeiden ze dat ik niet goed genoeg zong.” Ironisch genoeg voerde tientallen jaren later datzelfde koor enkele klassieke stukken van Paul McCartney uit…

Waarom maakte McCartney het dan toch in de muziek? Volgens Ken Robinson had McCartney ongetwijfeld talent maar liet vooral de ontmoeting met John Lennon de vonk overslaan. “Grote creatieve teams zijn divers. Ze bestaan uit totaal verschillende mensen met complementaire talenten. De verschillen tussen McCartney en Lennon maakten hun creatieve werk groter dan de som van de delen.”

Ewa Laurance: “Biljarten is fysica en meetkunde”

Toen ‘Striking Viking’ Ewa veertien was, zag ze haar broer een partijtje poolen. “Ik raakte onmiddellijk verslingerd aan de donkere kamer met lichten boven elke tafel en het tikken van de biljartballen.” Vanaf dan zat Ewa zes tot tien uur per dag rond de biljarttafel. Op haar zestiende werd ze Zweeds kampioen en een jaar later verhuisde ze naar New York om met de besten van de wereld te concurreren. Haar talent maakte haar een rijke superster. “Je leert enorm terwijl je biljart. Ik hou van de fysica en de meetkunde van het spel. Nochtans was ik op school allesbehalve goed in die vakken. Als ik biljart, zie ik lijnen en diagrammen over de hele tafel ontstaan. Wanneer ik nu lesgeef, check ik zo snel mogelijk de hand-oogcoördinatie van de leerling en zijn interesse in de fysica en meetkunde van het spel.”

Als Ewa biljart, wordt ze gefocust, raakt verloren in de ervaring en presteert op haar best. Negen uur lijkt dan slechts twintig minuten voor haar. Omgekeerd weten we wat er gebeurt met de tijd als we tegen onze zin in de klas zitten.

Bart Conner: “Ik liep even goed op mijn handen als op mijn voeten”

Toen Bart zes jaar was, kon hij een geweldig trucje: hij liep op zijn handen. Op den duur wandelde hij zelfs de trappen op en af op zijn handen. Toen hij tien was, nam zijn leraar L.O. hem mee naar de gymclub. Voor Bart was dat een paradijs: trapezen, koorden en trampolines, heerlijk om op te klimmen en te ravotten.

Acht jaar later stapte hij op de turnmat van de Olympische spelen in Montreal. Bart werd de meest gelauwerde Amerikaanse turner ooit: hij werd Olympisch én wereldkampioen. Nu is hij getrouwd met de beroemde Roemeense turnster Nadia Comaneci. Samen leiden ze een turnschool.

Om de ingewikkelde oefeningen op de grond of de halsbrekende toeren op de balk correct uit te voeren, vertrouwt een turner op gevoel, intuïtie en de fysieke reflex en coördinatie van het héle brein. Turners dagen de klassieke idee over intelligentie uit. Vraag je niet af of een leerling intelligent is, maar wel: op welke manier.

“Passie start met een halve zot”

Twintig jaar geleden was acteur Tom Van Dyck (‘Van vlees en bloed’) schoolmoe. Hoewel hij heel goede scores haalde, was hij diep ongelukkig. “Ik zat vaak romans te lezen in de les. In het vijfde heeft leraar Jan Vanreusel mij aangesproken om Salieri te spelen in een theaterversie van Amadeus: een aardverschuiving voor mij.”

Tom: “Mijn moeder zei me na een slechte toets eens: ‘Gij denkt toch niet dat ge heel uw leven uw goesting kunt doen.’ Laat dat nu net mijn motto zijn, mijn hele leven mijn goesting doen. Zeer gedisciplineerd, dat wel. Je goesting doen en daarvan leven is namelijk zeer vermoeiend.”

Jan: “Dat schooltoneel vraagt zoveel energie dat ik dat niet elk jaar wil doen. Maar soms zie ik weer een lichting talent rondlopen en dan begint het te jeuken. Professioneel theater maken is niets voor mij. Mijn ambitie, mijn ‘goesting’ is: een goed schooltoneel regisseren. Ik snap dat mensen dan zeggen dat je een ‘halve zot’ bent.”

Tom: “Dat toneel deed alles kantelen. Ik had de grootste moeite om twee pagina’s aardrijkskunde te leren, maar leerde fanatiek een dikke map theaterteksten uit m’n hoofd. Als iedereen in huis sliep stond ik opnieuw op om met een wandelstok voorovergebogen Salieri te worden en mijn teksten te leren. Tot mijn vader kwaad in mijn kamer stond en mij weer naar bed stuurde. Heerlijk.”

“Alles begint met begeestering: passie maakt passie wakker. Als Jan niet zo gebeten was om een inhoudelijk sterk stuk te maken, dan zou dat vuur in mij niet wakker geworden zijn. Een leraar moet toch passie voelen voor zijn vak? Het strafste is dat ik nooit bij Jan in de klas zat. De belangrijkste leraar in mijn leven is er een waar ik nooit les van gekregen heb.”

Jan: “Het is elke keer werken om sommige collega’s en ouders te overtuigen dat het de moeite is om daar tijd in te steken. Achteraf is iedereen enthousiast, maar als je ziet hoeveel uren we bezig zijn… Vaak vinden ouders wat hun kinderen in dat schooltoneel meemaken even zinvol als de lessen die ze krijgen.”

Tom: “Het gevoel dat je als groep iets gerealiseerd hebt, vind je zelden in een klassiek schoolsysteem. Ik was vorige week op de repetitie van Jans Hamlet. Dat heeft toch een hoog Fame-gehalte. Daar ontstaan prille liefdes en vriendschappen voor het leven. Je moet het maar doen, als leraar, zo’n proces op gang brengen met dertig hormonale bommetjes.”

Leraar Jan over leerling Tom: “Op de proclamatie van het zesde jaar zei ik hem: ‘Als je een straf acteur wordt, denk dan over twintig jaar nog eens aan mij.’ Wel, vorige week zijn we voor ‘t eerst in twintig jaar samen een pint gaan pakken. Dat doet me iets, echt waar.”

Naar aanleiding van vijf jaar ‘Accent op Talent’ hield de Koning Boudewijnstichting een enquête bij alle directies van basis- en secundaire scholen. Bijna duizend directies gaven aan dat er in hun school nu meer activerende werkvormen en nieuwe inhouden zijn en de leraren beter samenwerken. Download het rapport op www.klasse.be/leraren/bijlage.

Klasse voor Leraren 194, April 2009, p.10-15

Schrijf een reactie op dit artikel