Basisonderwijs krijgt meer pedagogisch comfort

schrijf een reactie

Vanaf 1 september 2012 krijgt het basisonderwijs een nieuw omkaderingssysteem. Het legt de lat voor kleuter en lager gelijk en houdt meer rekening met leerlingenkenmerken.  Het Vlaams Parlement keurde gisteren het nieuwe decreet goed.

Het aanwendingspercentage, een overblijfsel van een oude besparingsoperatie, wordt opgeheven. Dat betekent dat gewonen basissscholen hun omkaderingsmiddelen voor 100 procent kunnen gebruiken. Verder worden de lestijdenschalen van het lager onderwijs ook op het kleuteronderwijs toegepast. De omkadering stijgt er met 8,8 procent . Daardoor verhoogt het aantal lestijden met 10,4 procent en is er gemiddeld 1 leraar voor elke zestien kleuters (in plaats van 17,5). Maar ook het lager onderwijs wint met een stijging  van  1,7 procent. Daar verhoogt het aantal lestijden er met 2,3 procent en is er gemiddeld 1 leraar per 16,8 leerlingen.

De hoogste leerling/leraar ratio zal nog 18,5 bedragen (voordien 22,5) en de laagste 7,8 (voordien 5). Als de ratio van een niveau (kleuter of lager) boven 18,5 uitkomt, dan krijgt de school bijkomende lestijden. Dit staat los van klasgrootte: net als vroeger kunnen schooldirecteurs kiezen hoe ze hoe ze hun leraren het beste inzetten over de verschillende klassen heen.

Er komt een nieuwe manier van aparte telling van vestigingsplaatsen: als een vestigingsplaats op ten minste 1,5 km in vogelvlucht verwijderd is van een school of van een vestigingsplaats van dezelfde groep met hetzelfde niveau, dan telt ze apart. De aparte telling wordt per gemeente bekeken. Een niveau kleuteronderwijs in gemeente A heft de aparte telling van een niveau kleuteronderwijs in gemeente B dus niet op.

Alle bestaande categorieën aan lestijden worden geïntegreerd: de gewone lestijden, de lestijden lichamelijke opvoeding, de instaplestijden tot en met de eerste schooldag van februari, de gok-, gok+ en Rand en Taal-lestijden. Waar eerder gok, gok+ en Rand en Taal goed waren voor 6,5 procent van de omkadering, wordt dat nu 8,85 procent. De minimumdrempel, nl. een concentratiegraad van 10 procent gokleerlingen, om aanspraak te kunnen maken goklestijden valt weg; ze worden toegekend vanaf het eerste ‘aantikken’.

De aparte  en meer voordelige lestijdenschalen voor Brussel vervallen, in de plaats daarvan komt een ‘Brusselweging’: elke leerling telt aan 1,11 voor de berekening van de lestijden volgens de schalen.

De Vlaamse regering investeert in dit nieuwe omkaderinggsysteem 52,7 miljoen euro extra. Dat komt overeen met 1330 voltijdse leraren.

Een beperkt aantal scholen verliest lestijden in het nieuwe systeem. Het overgrote deel van die scholen verliest niet meer dan 6 lestijden. Om voor hen de overgang te vergemakkelijken is er een sociale maatregel: de scholen die verliezen en een leerling/leraar ratio van meer dan 16 hebben, krijgen het verlies gecompenseerd: 100 procent in jaar 1, 2/3de in jaar 2 en 1/3de in jaar 3.

 

Schrijf een reactie op dit artikel