“De kleuterjuf twijfelt of mijn dochter (6) niet beter buitengewoon onderwijs zou volgen. Ze kan zich moeilijk concentreren en heeft moeilijkheden met de fijne motoriek. Wij zien dat niet zitten. Wie beslist dat een kind naar het buitengewoon onderwijs gaat?” Ruth V.)
Alleen leerlingen die het echt nodig hebben horen thuis in het buitengewoon onderwijs. Om te voorkomen dat andere kinderen toch in het buitengewoon onderwijs terecht komen, heb je een inschrijvingsverslag nodig om je kind in te schrijven. Het CLB of een erkende dienst stellen dat op. Daarin staat waarom buitengewoon onderwijs voor jouw kind de beste keuze is en welk type geschikt is.
Je bent als ouder niet verplicht het advies te volgen. Soms kan een kind met specifieke noden toch in het gewoon onderwijs terecht. Sommige scholen leveren meer inspanningen om zoveel mogelijk leerlingen zo goed mogelijk op te vangen. Zij kunnen meer aan dan andere scholen die die mogelijkheden niet hebben. Niet alle gewone scholen kunnen je kind dus even goed opnemen. Het is zinvol om vooraf met de school of het CLB te overleggen.



Als u uw kind liever in gewone school wil inschijven,hou er dan rekening mee dat u de moeilijkste weg kiest.Wij zijn enkele jaren geleden op één schooljaar 3 keer bij de commissie leerlingenrechten geweest.Belangrijk is dat wanneer de sfeer in de school jegens u en uw kind omslaat,u daar de juiste conclusies aan vastknoopt,zoals bv een verhuis naar weer
een andere school.Wanneer u met een weigering
te maken krijgt zijn de andere scholen in de regio nl ook geneigd van nee te zeggen.De bemiddelaar moet nl uw geval voorleggen.Veel
hangt er dan ook vanaf hoe hij/zij uw zaak
aanbrengt,of van het scholenklimaat in de regio.
Verder wens ik iedereen die voor inclusie wil kiezen toe dat ze een gepaste school vinden.
Ik hoor toch zo vaak dat mensen bewust willen vermijden dat hun kind in het buitengewoon onderwijs terecht komt. Ik snap niet waarom. Echt niet. Vroeger, was het buitengewoon onderwijs iets waar alleen heel zwaar gehandicapten heen gingen, of anders was dat echt het allerlaatste. Als men nergens meer terecht kon en het kind dus meestal al het geloof in zichzelf en dus ook alle motivatie had verloren.
Tegenwoordig is dat echter heel anders. Als je kind naar het B. O. kàn gaan, neem die kans met beide handen. Dat is iets wat ik alle mensen aan kan raden die hiermee worstelen. Buitengewoon onderwijs is géén schande en het gevoel dat je krijgt als je je kind daar ziet openbloeien omdat het er zich goed voelt, daar kan niks tegenop.
Mijn zoon heeft na 6j. BLO 3j. in het Beroeps ond. doorgebracht. Elke week GON begeleiding en tal van andere hulmpmiddelen waren nodig, maar hij is daar doorgeraakt. Er is echter één probleem : op een moment begint je kind te beseffen dat hij/zij een beetje anders is dan de rest, en dan begint die speciale behandeling zwaar door te wegen. Ook al is die er om te helpen.En ook al vind je een school die zijn uiterste best doet voor je kind…. Op een bepaald moment wil elk kind gewoon zijn zoals de andere medeleerlingen. In het buitengewoon onderwijs zijn ze ‘gewoon’ zoals alle anderen. En dat is uiteindelijk nog de beste weg die je volgt.
Mijn zoon is nu terug naar het BuSO. En dat is waar hij moet zitten. Iedereen begrijpt hem daar. Hij is niet anders als de anderen. Zonder dat gevoel; kan naar mijn mening een kind/jongere zich nooit goed ontwikkelen.
Onze zoon heeft 4 jaar in het buitengewoon onderwijs gezeten en het probleem met ‘samenzetten van kinderen met dezelfde stoornis’ is dat ze dan helemaal geen gewoon sociaal gedrag meer leren en elkaars problemen overnemen. Je moeten héél ver rijden om je school te bereiken, hebt bijna geen keuze qua studierichtingen,… De overstap naar gewoon onderwijs is zwaar en nog steeds moeizaam met veel begeleiding en hulp van iedereen.
Maak zoals Peter Adriaansens in zijn boek schrijft de klassen kleiner, zet in elke klas een opvoeder/begeleider erbij enje zal de uitgave compenseren aangezien er minder GON en GOK nodig zal zijn , minder kinderen naar Logo en Psych zullen moeten gaan, minder kinderen naar het buitengewoon onderwijs zullen moeten,…
Maak de klasdagen van tieners langer, zorg dat de jongeren die uren opvullen met maatschappelijke aspecten (helpen in het bejaardenhuis,…) en bespaar op de opvang tegelijkertijd doordat werk-en schooluren gelijk lopen…
Onze zoon heeft tot en met het 4e leerjaar in het gewone onderwijs gezeten. Sociaal en emotioneel ging het niet meer toen. Hij ging nog met halve dagen naar school het laatste trimester. Hij voelde zich anders dan de rest van de klas, de andere (niet ASS-ers) begrepen hem niet. Nu zit hij sinds vorig schooljaar in een autiklas in het B.O., hij krijgt les op zijn niveau, behaalt eind dit schooljaar zijn getuigschrift lager onderwijs, en gaat terug liever naar school. Aangezien zijn klasgenootjes dezelfde problemen hebben als hij, voelt hij zich wel begrepen nu
Ik zou het raar vinden om de schooldagen voor tieners langer te maken dan ze al zijn – ze zitten al 36 uur per week op school, voeg daar nog een zevental uur bij aan schoolwerk per week en je komt al uit op een meer dan fulltime bezigheid. Er mag nog wat tijd overblijven voor persoonlijke interesses. Ik vind niet dat die van hogerhand moeten worden opgelegd. Helpen in bejaardentehuizen is mooi als je daar zelf voor kiest, maar je kan niemand daartoe dwingen.
Tja, ik vind dit een heel goeie vraag. Ons zoontje met Ass zit nu in het derde leerjaar. Cognitief alles ok, maar idd, het sociaal emotionele aspect wordt moeilijker. Hij begint te merken “anders” te zijn. Wij gebruiken als parameter het feit dat hij zich nog steeds goed voelt op school en graag gaat. Van zo gauw we merken dat ons zoontje zich niet meer gelukkig voelt, zullen we zeker niet aarzelen om over te stappen naar bijzonder onderwijs.
Het zou mooi zijn dat zorg op maat voor elk kind kon geïntegreerd worden op school maar daarvoor moet er nog véél water naar zee vloeien en zal het huidige onderwijs systeem serieus moeten veranderen.