Klasse voor ouders

6 misverstanden over meertalig opvoeden

Wist je dat je thuis het best de taal spreekt die je zelf goed kan, zelfs al is dat dialect? “Over taal bestaan veel misverstanden”, zegt logopedist Hilde De Smedt van Foyer Brussel. Ontdek de mythes.

KVL_130235_01_COVER_Versie-copy-300x300-250x250

 

“Hoe reageer je als je kind een taalfout maakt?” (Nele)
Hilde De Smedt: “Taal moet plezierig zijn. Door vaak op fouten te wijzen bestaat het risico dat je kind onzeker wordt en minder spontaan zal praten. Corrigeer liever niet. Laat wel in je eigen reactie het juiste woord horen. Als je kind
‘ik heb gedrinkt’ zegt, zeg je niet: ‘je moet gedronken zeggen’. Wel bijvoorbeeld: ‘oh, wat heb jij gedronken?’ Jonge kinderen leren meer van het goede voorbeeld. Pas vanaf zeven jaar zijn ze echt in staat om taalregels aan te leren.”

“Mogen we thuis dialect spreken met elkaar?” (Stefaan)
Hilde De Smedt: “Natuurlijk. Een dialect kan perfect naast het Standaardnederlands bestaan. Taal is in de eerste plaats een manier om emoties te delen en een band op te bouwen. Dat doe je beter in de taal die je het beste kan en waarin je de meeste woorden kent. Dat kan perfect een dialect zijn. Zo maak je je kind taalvaardig. Zorg wel voor een positieve houding en interesse tegenover de schooltaal, in dit geval het Standaardnederlands.”

“In de klas van Leon (5) spreekt een groepje vaak Turks met elkaar. Is dat niet slecht voor het Nederlands van Leon?” (Lieselot)
Hilde De Smedt: “Nee. Wanneer je kind veel talen hoort, denkt het spontaan meer na over zijn eigen taal. Het ontdekt bepaalde gelijkenissen of verschillen met de talen van zijn vriendjes. Zo vergroot het kind zijn taalgevoel. Kinderen die op jonge leeftijd met andere talen in contact komen, ontwikkelen vaak ook een positiever gevoel tegenover andere talen. Daardoor zijn ze zelf minder onzeker om een nieuwe taal te leren. Heeft je kind op school weinig vriendjes die dezelfde taal praten? Stimuleer het thuis voldoende om met taal bezig te zijn: voorlezen, vertellen, liedjes zingen, naar Nederlandstalige kinderprogramma’s kijken …”

“Jolien (10) is niet echt goed in taal. Nu moet ze volgend schooljaar ook Frans leren. Komt dat wel goed?” (Filip)
Hilde De Smedt: “Niet alle kinderen hebben eenzelfde aanleg voor talen. Dat voel je vaak al in de lagere school. Stel je kind gerust. In de lagere school leren ze Frans begrijpen en spreken, de nadruk ligt nog niet op lezen en schrijven. Zeg dat fouten maken helemaal niet erg is, dat je dat zelf ook wel doet in een andere taal. Bespreek de positieve aspecten: nu kunnen we op reis in Frankrijk brood kopen en vriendjes maken op de camping. Geef haar ook van bij de start veel positieve feedback en aanmoediging.”

“Zelf ben ik in het Arabisch opgevoed. Ik spreek ondertussen beter Nederlands, maar wil toch dat Leila (3) ook Arabisch leert. Hoe doe ik dat?” (Samira)
Hilde De Smedt: “Het is normaal dat je oorspronkelijke thuistaal minder goed wordt naarmate je vaker en beter Nederlands spreekt. Met je dochter spreek je dus bij voorkeur de taal die jij het beste kan: Nederlands. Wil je toch ook Arabisch aanleren, kies dan voor afgebakende tijdstippen om Arabisch te spreken. Of kijk samen naar een Arabisch kinderprogramma. Dan leert ze geen fouten. Zorg vooral voor veel contact met de grootouders die spontaan Arabisch met haar zullen spreken.”

Zouden kinderen niet beter vanaf het eerste leerjaar al Frans krijgen, want ze zeggen toch ‘hoe jonger je bent, hoe makkelijker je een taal leert’?
Hilde De Smedt: “Je leert een taal pas goed als je ze ook echt kan oefenen. Als een kind er niet genoeg mee in contact komt, begin je dus best niet te vroeg. In Vlaanderen leren kinderen nu Frans vanaf de derde graad en dat is een goed moment. Binnenkort kunnen scholen ook al in de tweede graad beginnen. In de kleuterklas wordt soms taalinitiatie Frans gegeven. Kinderen leren de taal nog niet, maar verkennen de taal en zijn typische klankkleur. Dat is positief want vooral op jonge leeftijd ben je daar gevoelig voor.”

Vind je dit artikel interessant?

Schrijf je in voor de nieuwsbrief van Klasse voor ouders en vind op donderdag verrassende tests, handige opvoedhulpmiddeltjes en leuke doe-dingen in je mailbox.

Meer in het dossier 'Meertalig opvoeden'

3 Reacties op “6 misverstanden over meertalig opvoeden”

  1. Nog een taalbad-tip: de tweetalige voorleesboekjes van http://www.nik-nak.eu! Kleine, hedendaagse boekjes die er leuk uitzien, je laten kiezen tussen Nederlands en een andere taal, èn die je kind mee aanzetten om te vertellen.

  2. Ik stel me toch vragen bij het toelaten van de eigen taal op de speelplaats.
    Mijn kinderen zitten op een school waar veel allochtonen zijn. Op een klas van 17 zijn er nog maar 5 autochtonen. Je kan hier dus zeker spreken van een multiculturele school waar er verschillende talen zouden kunnen gesproken worden. Gelukkig (is mijn mening) verbiedt de school dit. Maar je kan natuurlijk het gebruik nooit 100% verbieden, dat heb je toch niet in de hand. Maar wat is het gevolg van kinderen in een multiculturele school les te laten volgen?
    Zij nemen al heel wat intonaties en woorden over. Ik voel me soms echt aan tafel in een anderstalig gezin! Nochtans is onze taal Nederlands, maar ik merk dat die niet optimaal meer is. Laat het gebruik van de eigen moedertaal toe en onze moedertaal, het Nederlands, is geen lang leven meer beschoren vrees ik.
    De wetenschap kan gelijk hebben, maar ik wil de moment niet meemaken dat mijn kinderen op school niet meer kunnen meepraten en spelen omdat de anderstaligen zich in hun eigen kringen terug kunnen bevinden en lustig hun taaltje kunnen spreken waardoor onze kinderen niet mee kunnen volgen en uitgesloten worden. Dat is de wereld op zijn kop.

  3. bij de keuze van een school “onder de kerktoren” word ik nu geconfronteerd met het feit dat mijn dochter (nu in het 4e leerjaar) dialect begint te praten. Meermaals moet ik haar corigeren (oa “dees” ipv dit), want blijkbaar word er op school minder aandacht aan geschonken. Zo hoor ik mevrouw de directeur en andere personeelsleden ook regelmatig een mondje dialect praten,blijkbaar word er hier niet zwaar aan getild. Terwijl vroeger het net op school, “de plaats” was waar kinderen “mooi” of A(B)N leerden praten!

Schrijf een reactie

Je reactie kan alleen gepubliceerd worden als je je naam en e-mailadres invult. Je reactie verschijnt meteen online, maar kan verwijderd of aangepast worden als de redactie vindt dat je reactie niet voldoet aan de algemene voorwaarden. Zorg dat je reactie relevant is voor het onderwerp van het bericht waarop je reageert. Gebruik geen ongepaste of beledigende taal en maak geen reclame.