HelpVerliefdheid

Verliefd op school

«Verliefde kleuters of tieners? Ach kom, dat zijn toch sprookjesgevoelens in een wereld van ridders op witte paarden en slapende prinsessen», zegt Birgit (33). «Je kan die gevoelens toch niet ernstig nemen?» Alicia, Quinten, Elien en Wladimir leven niet in zo'n sprookjeswereld. Ze zitten in de klas en zijn verliefd «Als ik raad wil van mijn ouders, zal ik er wel om vragen», zegt Wladimir (10). Hoe fladderen de vlinders op Valentijn?

Alicia Portilla (13): «Ouders moeten niet boos kijken»

Verliefd? «Een jongetje in de tweede kleuterklas deed alles voor mij. Zijn naam weet ik niet meer. Hij had groene ogen en ik voelde me blij en vrolijk. Ik was verliefd en vond dat heel spannend.»

Vlinders? «Ik herinner me vooral dat ik me veilig en geborgen voelde bij hem. Hij zorgde goed voor mij. We verstonden elkaar met een knik en een blik. Nu heb ik geen vaste vriend. Ik denk dat me dat ooit nog wel eens zal overkomen. Ik zit er niet op te wachten. Wat komt, komt.»

Ouders? «Mijn mama was ook blij. Ze vond zo'n twee verliefde kleuters waarschijnlijk heel schattig. Ik hoop dat ze me vertrouwt als ik nog eens verliefd ben. Ouders moeten kinderen ruimte geven en dat is zeker zo als ze verliefd zijn. Als verliefde kinderen samen willen zijn tijdens een wandelingetje of alleen op hun kamer moeten ouders niet boos kijken. Het is leuk als je voelt dat er vertrouwen en vrijheid is in huis. Ik wil enkel raad krijgen als ik er om vraag.»

Quinten Scheutijzer (4): «Ik geef Astrid elke dag een kus»

Verliefd? «Ik ben op Astrid (4). We zijn verliefd geworden toen de juf vorig jaar een verhaal vertelde over trouwen. We mochten ons toen verkleden in de klas. Ik was bruidegom en Astrid mijn bruid. Astrid is mijn vriendin. Zij is lief en mooier dan de andere meisjes van mijn klas. Ik weet zelfs waar ze woont.»

Vlinders? «Zij is ook op mij. Ik ga trouwen met Astrid dan kan ik haar veel kussen en met haar naar het park en de zee. We spelen veel samen. Ik geef haar elke dag een kus. Ik heb nog geen tekening voor haar gemaakt.»

Ouders? «Iedereen weet dat ik op Astrid ben. Mijn mama geeft mij een kus als ik over Astrid vertel. Leuk.»

Elien Verlinden (9): «Ik let op wat ik vertel»

Verliefd? «Thijs (9) ken ik al vanaf het eerste leerjaar. We hebben altijd in dezelfde klas gezeten. We zijn een koppeltje vanaf het derde. We lopen hand in hand en kruipen dicht tegen elkaar aan. Op de speelplaats speelt Thijs met de jongens en ik met mijn vriendinnen. Bij kattekekus zoen ik Thijs soms op de mond. De andere jongens krijgen een kus op hun wang.»

Vlinders? «Samen zijn is spannend en rustig tegelijk. We zorgen voor elkaar het hele schooljaar lang. Als ik ruzie heb met een vriendin probeert Thijs ons terug vriendinnen te maken. Na een vakantie geven we elkaar souvenirs. De vakantie overleven we omdat we elkaar veel briefjes vol met "Ik mis je" schrijven. Op Valentijn geef ik Thijs een dikke zoen.»

Ouders? «Als grote mensen verliefd zijn kunnen ze elkaar zien waar en wanneer ze willen. Als kinderen verliefd zijn willen grote mensen er zich mee bemoeien, dus let ik wel op wat ik hen vertel.

Wladimir Vanheester (10): «Pas op, geen seks!»

Verliefd? «Het was liefde op het eerste gezicht met Bo (9). We hebben er zes maanden over gedaan voordat we het aanmaakten. Dat lijkt lang maar zoiets wil ik niet zomaar en snel doen. Ondertussen leerde ik haar beter kennen. Onze ouders zijn vrienden en daarom zien we elkaar dikwijls tijdens de weekends. We zijn zelfs al samen op vakantie geweest. Voor Bo maak ik nu de perfecte kampen. Zij verrast me met rode hartjes.»

Vlinders? «Ik voel me vrolijk als ik Bo zie. Samen in de zetel naar een film kijken is reuze. Zalig als we hand in hand met haar hondje wandelen. Kan dat gevoel blijven duren? Ik wil het best.»

Ouders? «Goede raad van ouders is meestal dreigend: "Pas op hoor!" "Geen seks!". Het zijn net zij die bij verliefdheid direct aan seks, vrijen en lang zoenen denken. Ouders mengen zich beter niet met de verliefdheid van hun kind. Als ik raad wil zal ik er wel om vragen. Bo en ik praten genoeg met elkaar om te weten wat we willen. Ik zal nooit iets forceren. Ik vind dat liefde iets is van het hart en het verstand.»

Win de liefdesgadgets op de foto's van deze reportage. Stuur vóór 15 maart een liefdesverhaal op van jouw kind. Klasse voor Ouders verrast elke inzending met een hart (in een of andere vorm). Schrijven naar: Klasse voor Ouders (HART) - Koning Albert II-laan 15 - 1210 Brussel - red.ouders@klasse.be

Is mijn kind echt verliefd?

«Jonas (5) zegt dat hij met zijn juf wil trouwen. Dat zijn toch sprookjesgevoelens. Zet ik Jonas niet beter met zijn gevoelens meteen terug op de grond?» (Birgit, 33)

Eigenlijk toont Jonas dat hij zijn juf graag heeft, dat hij zich goed voelt op school. Lach niet met wat Jonas zegt. Vertel dat je het leuk vindt dat hij graag bij de juf is. Je hoeft niet in te gaan op de trouwplannen. Doe je dat wel, dan stel je beter vragen over hoe hij dat ziet («Is de juf al niet getrouwd?», «Heeft de juf al geen 'dikke vriend?'»). Ondermijn dus niet de trouwplannen met al je realiteit.

«Tanja (10) is verliefd op Maarten (10). Ik zeg altijd dat dat op die leeftijd geen echte gevoelens kunnen zijn. Hoe praat ik daarover?» (Bert, 43)

Lach de gevoelens van je kind zeker niet weg («Verliefd? Jij weet nog niet wat dat is.»). Anders maak je je kind eenzaam en ervaart het dat het zijn gevoelens en twijfels thuis beter niet toont. Gebruik zelf niet als eerste het woord 'verliefd'. Dat maakt voor je kind het verhaal te geladen. Zorg voor een open sfeer thuis. Forceer geen gesprek. Wil je er echt wél over praten, kies dan een rustig moment en vertel je kind waar jij mee zit en vertel wat je denkt en voelt. Praat erover met je partner en zeg dat ook aan je kind. Het is een kans om te vertellen over jouw relatie. Je kind kan daar wat van opsteken.

«Patrick (12) heeft een liefje en spreekt over 'mijn poepeke'. Ik vind dat woord zo erg, je noemt je liefje toch geen 'poepeke'.» (Sandra, 40)

Verliefd zijn is voor je kind nieuw. De taal die het gebruikt om dat allemaal te verwoorden moet je kind al doende ontwikkelen. Geef hem de kans zijn eigen woorden te gebruiken. Hij zal die oppikken uit de media of zijn omgeving. Gebruik dus zelf de juiste woorden.

«Carolien (9) was altijd op Jeroen. Gisteren zag ze Jeroen omgaan met Katrien. Gevolg: tranen met tuiten. Moet ik Carolien hard maken en vertellen 'dat dit bij het leven hoort'?» (An, 36)

Neem de gevoelens van je kind ernstig. Ze kan echt ongelukkig zijn als ze zich afgewezen voelt door een beste vriend(in). Laat je kind erover vertellen en wees samen droef. Maar plaats het verdriet in een juiste context. Zo maak je duidelijk dat het probleem niet op het hele leven slaat. Geef je kind tips om de 'gebroken relatie' te bespreken met het 'ex-liefje' en overloop samen wat de mogelijke reacties van de andere kunnen zijn.

Klasse werkte voor deze tips samen met Lieve Vandemeulebroecke - hoogleraar aan het Centrum voor Gezinspedagogiek van de KULeuven.

Verliefd zijn. Leer je dat op school?

Verliefd zijn leer je niet. Het overkomt je. Maar elke school moet haar leerlingen wel leren omgaan met gevoelens (blij, bang, verdrietig), respect hebben voor elkaar, opkomen voor de eigen mening, zich inleven in de gevoelens van iemand anders. Dat leren kinderen op school via de vakoverschrijdende eindtermen. Leren is meer dan rekenen, taal en WO alleen. Ouders kunnen dat thuis ondersteunen. Meer over de eindtermen lees je op www.ond.vlaanderen.be/dvo

«Jonas (5) zegt dat hij met zijn juf wil trouwen. Dat zijn toch sprookjesgevoelens. Zet ik Jonas niet beter met zijn gevoelens meteen terug op de grond?»