filmpjes - doelgroep: leraren
Wat maakt een pas afgestudeerde leraar mee tijdens dat eerste jaar voor de klas? Wat loopt goed? Wat gaat grandioos mis? In de reportagereeks 'De Eerste Keer' volgt Klasse nieuwkomer Eva Schoensetters. Steek je Eva een hart onder de riem?
filmpje 2 van 6 - 00:09:17 - 9 november 2007 - voor leraren
| 6 | Hoe zou het zijn met Eva?00:08:05 |
|
| 5 | Leren en kracht geven00:10:39 |
|
| 4 | Doe ik het goed?00:14:06 |
|
| 3 | Iedereen gebuisd?00:07:24 |
|
| 2 | Met het water aan de lippen00:09:17 |
|
| 1 | De allereerste keer00:07:36 |
onderwerpen: startende leraar, mentorschap, klasmanagement, stress, leidinggeven, persoonlijke vorming, welbevinden, conflictbeheersing
Wat maakt een pas afgestudeerde leraar mee tijdens dat eerste jaar voor de klas? Wat loopt goed? Wat gaat grandioos mis?
In de reportagereeks 'De Eerste Keer' volgt Klasse nieuwkomer Eva Schoensetters. Steek je Eva een hart onder de riem of deel je je ervaringen op het forum?
Enkele dagen voor de herfstvakantie lijkt Eva bijna te begeven onder de werkdruk. "Als het weekend eraan komt, krijg ik het gevoel dat het water me aan de lippen staat. Je kan niet geloven hoezeer ik uitkijk naar de vakantie. Lessen voorbereiden, klassenraden bijwonen, aanwezig zijn op oudercontacten, rapporten invullen, ...er komt zoveel bij kijken!"
Met één van haar leerlingen loopt het mis. 'Ik zeg het niet graag, maar in één van mijn 12 klassen is er een leerling die me zover drijft dat ik ontplof!" Eva vraagt raad aan mentor Stéphanie. Die helpt met een handelingsplan. Stéphanie: "Het is onze taak als mentor om beginnende leerkrachten gerust te stellen. Situaties als deze hebben we allemaal meegemaakt."
Hieronder vind je de weergave van de gesproken tekst in het filmpje. Je kan deze tekst ook als ondertitelingsbestand (TimedText) downloaden
(VOICE-OVER) Welke evolutie maakt een startende leerkracht tijdens de eerste jaren ?
Wat is er moeilijk en wat gaat vanzelf ?
Klasse volgt Eva Schoensetters een schooljaar lang.
Ze maakt zich klaar om les te geven voor de eerste keer.
Eva heeft het druk.
Ze moet dringend lesvoorbereidingen afwerken voor de herfstvakantie.
Na twee maanden lesgeven is haar lessenrooster danig veranderd.
Naast geschiedenis en godsdienst geeft Eva nu ook Nederlands.
In totaal geeft ze les in 12 klassen aan meer dan honderd leerlingen.
(EVA) Als je uurrooster verandert, betekent dat ook, voor mij toch,
heel veel werk bij. Heel veel andere leerkrachten moeten aanspreken:
Mag ik die handleiding van u ? Want plots geef ik nu Nederlands,
ik weet niet wat er van mij verwacht wordt. Het is een hoge werkdruk.
Je bent eigenlijk constant bezig met je school, je lessen.
Zelfs in de weekends. Terwijl bij een ander werk, je gaat naar huis
en het is gedaan. Het onderwijs vraagt van je dag in dag uit
dat je ermee bezig bent, zoekt naar andere middelen
om in je les te gebruiken en zo. Als het weekend er zo aankomt,
zo op het einde van de week, zit het water zo precies van:
Help, ik ga verdrinken.
Je kunt dat niet geloven hoe hard ik uitzie naar die week vakantie.
(VOICE-OVER) Mentoren Stéphanie en Lies begeleiden elke nieuwe leerkracht.
Ze bespreken de planning voor na de vakantie.
Zij horen veel beginnende leerkrachten zuchten
omwille van de hoge werkdruk.
(MENTOR) Ik denk dat de herfstvakantie voor velen,
niet alleen voor de nieuwe leerkrachten,
een verademing zal zijn, want de periode vlak ervoor
is natuurlijk druk en stresserend. Zeker voor nieuwe leerkrachten
die dan geconfronteerd worden toch nog met een aantal taken
waar ze weinig ervaring mee hebben, waar ze misschien ook niet helemaal
op gerekend hadden. Ik ben er eigenlijk zeker van
dat het een zware belasting is voor hen.
(EVA) Dus dinsdagavond begonnen die klassenraden.
Je weet niet wat ervan te verwachten, want we hebben op de opleiding...
Ik mag dat niet zeggen misschien, maar heel weinig daarover gezien.
Ook van hoe moet je een oudercontact organiseren.
Hoe ga je daar zitten ? Wat moet je zeggen ?
Dat werd heel terloops gezegd. Nu dinsdag had ik het wel even moeilijk.
Ik was blij dat de dag om was na een hele dag van
kwart na negen tot halfvijf klassenraden.
Ik had barstende hoofdpijn en ik was echt blij dat ik naar huis mocht.
(LEERLING) Ik was mikado aan het doen. - (EVA) Tijdens mijn les, geweldig.
Mannen, we hebben een uur de tijd om de brief te schrijven.
Mannen, wat is er onduidelijk aan het overschrijven van een brief ?
Stop met je mikado, ik word er onnozel van.
(LEERLING) Gewoon overschrijven ? - (EVA) Gewoon overschrijven, Bart.
Schrijf de brief wel in...
Oké, stil. Jongens, is het genoeg ?
Waarom gooien we ? - (LEERLING) Het was om te lachen.
(EVA) Dat kan zijn, maar niet in mijn les.
Er zijn klassen waar ik zo van denk als ik gewoon al mijn agenda bekijk
voor de volgende dag van: Ik moet me weer druk maken,
beginnen roepen om iets gezegd te krijgen.
Ook al zeg je van: Mannen, wees stil, dreig je met nota's.
Bij sommige leerlingen heeft dat echt geen effect, dan hebben die iets van:
Dat is mijn tweede vandaag. Ja, so what ?
Hun ouders bezien het toch niet.
Heeft dat te maken met dat ik soms te los ben in de lessen ?
Dat moet ook aan mij liggen, dat ze weten van:
Daar kunnen we wat meer mee. Bij de jongens weet ik
dat het stoerdoenerij is en opvallen en aandacht en zo,
maar als het een meisje is die je probeert uit te dagen,
dan moet je toch wel oppassen. Meisjes zijn daarin
geraffineerder en sluwer. Die proberen je meer onderuit te halen
door zo wat steken onder water te geven, dus...
Ik heb klassen waar dat in gebeurt. Dat ik echt zeg van: Ola.
Brit, wat is de volgende ? (BRIT AARZELT)
Ah oei, waar zitten we ? (BRIT LACHT)
(VOICE-OVER) Klasmanagement blijft 'n aandachtspunt voor Eva.
Met een van haar leerlingen heeft Eva een ernstig tuchtprobleem.
(EVA) Ik vind het erg, maar van mijn twaalf klassen is er zo één leerling,
en ik vind dat echt erg, die continu mij moet uitdagen
en tarten en... Gewoon een stom voorbeeld:
Dat ik zeg: Mannen, stop daarmee om met je stoel te wiebelen.
Ik moet dat tegen die jongen vijf keren zeggen
en dan heeft het nog geen gehoor. Of dat ik moet zeggen: Neem je boek.
Na vijf keren neemt hij z'n boek pas. Dus echt zo blijven uitdagen
tot je ontploft en hem bijvoorbeeld naar de leerlingenbegeleiding stuurt.
En dan is het hek helemaal van de dam.
(VOICE-OVER) Omdat Eva niet weet hoe ze 'm moet aanpakken,
besluit ze raad te vragen aan haar mentor.
(EVA) Dat blijft dus een probleem. Allee, hij is wel...
(MENTOR) Heb je het ook al eens individueel met hem besproken ?
(EVA) Nee, omdat ik dat eigenlijk nog niet durfde.
Ik mag dat niet zeggen, maar ik heb soms wel wat schrik van die leerling,
omdat hij onverwachts kwaad kan zijn tegen mij,
dat ik niet weet wat ik moet doen. Ik voel mij zo wat schuldig
omdat ik dan hoor op de klassenraad van: O nee, bij ons is dat niet.
'Nee, nee, dat lukt goed.' Dan denk ik van: Oei.
(VOICE-OVER) Eva plant een gesprek met de leerling. Levert dat niks op,
dan zal de mentor ingrijpen.
(MENTOR) Tuurlijk zijn er heel wat nieuwe leerkrachten die zich onzeker voelen.
Het is aan ons om hen daarover te helpen
en toch wel de zekerheid te geven van:
Dat hebben we voor een stuk allemaal meegemaakt
en als je een fout maakt, dan word je daar niet onmiddellijk op afgerekend.
Uit fouten leer je ook.
Dat is voor leerlingen zo, maar ook voor leerkrachten.
(VOICE-OVER) Met groepsessies, individuele gesprekken
en het bijhouden van een portfolio
worden de leerkrachten gestimuleerd tot reflecterend handelen.
(MENTOR) We werken in het begin van het schooljaar
naar het mekaar goed leren kennen,
zodat er een vertrouwensrelatie ontstaat.
Zodat er zeker geen hindernis is bij de beginnende leerkracht
om zaken die misschien delicaat zijn, om ze toch ter sprake te brengen.
We vertellen ook aan die nieuwe leerkrachten
dat we puur een begeleidende rol hebben,
dus wij gaan niet evalueren en dat vergemakkelijkt toch het praten.
(EVA) Ik zou eerlijk gezegd zelf niet zonder die mentoren kunnen,
want dat is ontzettend leuk als je zo een dag hebt van...
(EVA ZUCHT) Ik ben helemaal de mist ingegaan of zo,
dat je dat eens tegen iemand kunt vertellen die ervaring heeft
en dan kan zeggen: Ja, maar, dat is normaal als beginnende leerkracht
dat je je zo en zo voelt.
(VOICE-OVER) Haar mentoren steunen Eva en haar leerlingen bevestigen 'r werk.
(EVA) De leukste momenten vind ik nog altijd als je leerlingen zeggen van:
Zeg, mevrouw, we vinden je echt een toffe leerkracht
en: Je doet dat goed. We vinden dat echt leuk en zo.
Dan moet je mij zien stralen in die klas, dan begin ik echt zo...
Ik denk dat wel. Misschien doen ze het voor punten,
maar het geeft toch wel een warm gevoel als je leerlingen zo doen.
(VOICE-OVER) Ook al staat Eva sterker in haar schoenen,
af en toe voelt ze zich nog onzeker.
(EVA) Tegenover 't begin van 't schooljaar kan ik zeggen dat ik al iets meer
mijn richting begin te vinden.
In sommige klassen omdat je de leerlingen wat beter leert kennen,
maar het blijft bij mij nog altijd wel zo van: Ben ik goed bezig ?
Ik blijf mij die vraag stellen en dat zal pas komen
als ze echt komen kijken. Inspectie, directrice en al die mensen
en dat ze dan echt zeggen: Ja, dat doe je goed,
daar moet je nog op letten,
want ik leef nog altijd in die vorm van die stages van in de opleiding
en daar krijg je meteen feedback van. 'Daarop moet je letten, daarop niet.'
Nu sta je er en kun je niet aan je leerlingen vragen: Vond je 't leuk ?
Het grote probleem vind ik, dat als ik op de klassenraden zat,
dat ik meestal moest toegeven voor geschiedenis dat er veel buizen zijn.
Ik heb daar met mijn collega over gesproken, ik zeg:
Ik weet niet wat ik verkeerd doe. Ik leg dat met hand en tand uit
en ik heb buizen. Echt soms de helft van de klas.
Ik zeg: Ik ben niet goed bezig. 'Ja, maar dat is 'n eenuursvak,
die leerlingen leren niet graag geschiedenis,
die doen dat gewoon niet graag. Je moet jezelf dat niet verwijten.'
(LEERLINGEN) Ja, geschiedenis is gewoon saaien moeilijk om te leren.
Ik leer gewoon nooit geschiedenis.
(LEERLINGEN) Dat is een buisvak.- Ik heb dat elk jaar.
Er zijn er wel die niet studeren.
Ze brengt dat leuker dan de vorigen. - Ze lacht toch soms
en ze komt soms eens van haar les weg.
Soms gaat ze wat te snel. - Ja, ze kan...
Zo eens afdwalen van de les. - Zo eens praten over iets anders.
(EVA) Je zoekt constant, zeker als beginnende leerkracht,
hoe moet ik het nu gaan doen, het loopt verkeerd.
Dan kun je vragen aan collega's, zoals bij die geschiedenistoetsen:
Zoveel buizen. Wat kan ik nog doen ?
Eén zegt dan: Maak eens andere schema's en laat ze er zelf maken
en dan denk je: Dat ik daar zelf niet opgekomen ben.
Na de vakantie heb ik voor mezelf al voorgehouden van:
We gaan eens zorgen dat al die leerlingen
bij het volgende rapport het echt goed hebben gehaald.
Daar ga ik voor zorgen, maar daar gaan zij ook voor moeten zorgen.
Dat is mijn plan.