onderwerpen: muzische vorming, basisonderwijs, lerarenopleiding, leraar van morgen, muziek, muzikale vorming
In deze aflevering van Het Labo geeft Philippe een proefles muzikale vorming over ‘kronkels’. Stagementor Lieve kijkt mee. Philippe moet zorgen voor een ontspannen maar toch geen vrije sfeer, hij moet de creativiteit van leerlingen triggeren, zorgen voor diepgang en zoveel mogelijk impulsen geven. Hoe brengt hij het er vanaf?
Ontdek hier de tips van stagementor Lieve.
Hieronder vind je de weergave van de gesproken tekst in het filmpje. Je kan deze tekst ook als ondertitelingsbestand (TimedText) downloaden
INLEIDENDE MUZIEK
DRUKKE MUZIEK
VOICE-OVER: Vier camera's, twintig leerlingen en één stagiair.
Philippe is klaar voor een oefenles muzische vorming.
Achteraan observeren de pedagoog en vaklector de les.
Ik ben toch wel vrij zenuwachtig omdat, ja...
De uren ervoor had ik er niet echt bij stilgestaan,
maar nu je de kinderen ziet binnenkomen, is het wel...
Dan weet je dat het echt is en dat het gaat beginnen.
Vandaag gaan wij op muziek tekenen.
Nu, echte muzikanten, hoe tekenen die hun muziek op papier? Weten jullie dat?
Hoe doen die dat? Jolien?
Met noten, ja. Of ze gebruiken er lettertjes of cijfertjes voor.
Dat zou kunnen. Vandaag gaan we dat allemaal achterwege laten
en gaan we een heel andere manier vinden om muziek op papier te zetten.
Hoe zouden we dat kunnen doen?
Jarne? -Kleine tekeningetjes misschien?
Kleine tekeningetjes zou kunnen. Er zijn nog andere vormpjes.
Lijntjes. Kronkels kunnen we gebruiken. Wat kunnen we nog gebruiken?
STILTE
PHILIPPE: Stipjes, bijvoorbeeld.
Dus je mag zelf een vormpje kiezen
en daarmee moeten jullie de muziek gaan tekenen.
Ik ben Philippe Verpoorten. Ik ben 22 jaar
en ik zit in mijn derde jaar van de lerarenopleiding.
Mijn interesse voor het beroep van leerkracht is eigenlijk gekomen
omdat mijn zus negen jaar jonger is.
Toen ik in het middelbaar zat, zat zij in het tweede en derde leerjaar
en ik moest haar af en toe begeleiden met haar huiswerk of lessen opvragen.
Zo is bij mij de interesse gegroeid voor dat beroep.
Een leerkracht moet sowieso over een aantal belangrijke kenmerken beschikken.
Ik denk eerst en vooral dat hij ervoor moet zorgen dat de kinderen zich thuis voelen,
dat ze zich op hun gemak voelen en er geen gespannen sfeer is.
Of een sfeer van: hij is de leerkracht, hij staat boven de leerlingen.
Anderzijds moet hij zorgen dat hij de klas in de hand kan houden.
Daar evolueer je in doorheen de opleiding.
In het eerste jaar, bij de stage is het: kom ik sympathiek genoeg over?
Vinden ze me leuk genoeg?
Maar naarmate de stages langer worden, is het moeilijk om alleen te focussen op:
ben ik wel vriendelijk en lief genoeg en niet te streng?
Want uiteindelijk, als je twee weken voor een klas staat,
dan moet je wel op je strepen durven staan.
RUSTIGE KLASSIEKE MUZIEK
DRUKKE HOUSEMUZIEK
DRUKKE MUZIEK MET TYPEMACHINEGELUIDEN
VOICE-OVER: Philippe laat zijn leerlingen de muziek tekenen zoals zij die aanvoelen.
Met lijntjes, spiralen en kronkels
vertalen ze drie verschillende ritmes naar hun tekenblad.
PHILIPPE: Wij gaan vandaag iets doen over kronkels.
Als je nu kijkt naar het blad dat voor je ligt,
heeft dat ook iets te maken met kronkels?
Is dat één rechte lijn dat je ziet? -Nee.
Wat zie je dan wel? -Kronkels. (ZACHTJES)
Kronkels en heel veel puntjes en lijnen die naar omhoog gaan en naar beneden.
Nu, we hebben al heel veel kronkels gezien,
maar we zijn nog belangrijke kronkels vergeten en jullie kennen ze allemaal.
Wij... Jullie gebruiken ze in de school als je een toets maakt,
als je iets in je agenda schrijft, ehm... als je een huistaak maakt.
De meester schrijft ze ook op het bord.
Welke kronkels zoek ik nog? Stef? -Letters.
Letters, inderdaad.
In het eerste leerjaar en in het tweede hebben jullie geleerd
hoe je een letter moet vormen, met boogjes en staartjes en zo.
Dat hebben jullie toen geleerd, maar hoe je schrijft, kies je zelf.
Ik heb daar een aantal voorbeeldjes van meegebracht.
Dus... Dat is een letter A.
Is dat ook nog een letter A?
En hier?
Stewey, is dat nog een A?
Ook nog? Wat is er zo anders aan deze A
als je die vergelijkt met deze A?
Wat is er anders? -Dat is een boog.
Hier, bovenaan een boogje en hier is dat eerder puntig. Ja, inderdaad.
Kennen jullie nog een ander alfabet dan het onze?
Brent? -Het Chinees.
Het Chinees, ja. En is dat moeilijker of makkelijker dan ons alfabet?
Moeilijker, dat denk ik ook.
Welk alfabet kennen jullie nog?
Jarne? -Het Marokkaans. (ZACHTJES)
Het Marokkaanse alfabet? Ja, oké.
Ik heb nog een heel speciaal alfabet. Het is een soort van kronkelalfabet.
De juiste naam ervan is het Azart-alfabet.
Nu heb ik mijn naam eens geschreven...
Hier bovenaan zie je hoe ik mijn naam normaal gezien schrijf
en hier, op die tekening, zo schrijf ik mijn naam in het kronkelalfabet.
Wat is daar nu zo anders aan, aan dat kronkelalfabet?
Brent? -Dat zijn geen letters. (ZACHTJES)
Dat zijn geen letters meer. Wat zie je dan wel?
Euh... Thomas, wat zie je dan wel in plaats van letters?
Boogjes, ja. Zijn het alleen maar boogjes dat je ziet?
Lisa?
VOICE-OVER: Philippe zet zijn leerlingen aan het werk met het kronkelalfabet.
In groepjes mogen ze zelf een woord vormen met pijpenwissers.
Ieder groepje krijgt een blad met de letters in het Azart-alfabet.
PHILIPPE: Wat valt er jullie op als je kijkt naar het kronkelalfabet?
Nu kan je eens kijken naar alle letters...
Zijn er dingen die jullie leuk vinden?
Of letters die jullie veel mooier vinden in het Azart, in het kronkelalfabet?
Jarne? -De letter B.
De letter B. En vind je die mooier of wat vind je daarvan?
Mooier. -Mooier in het...
Azart. -In het Azart, ja. Brent?
De letter M. -De M?
Eventjes kijken. Ja, en waarom is dat zo'n speciale letter?
Dat weet ik niet. (ZACHTJES) -Weet je het niet?
Zou die makkelijk zijn om te schrijven? -Nee.
Dat denk ik ook niet.
Als je dan een woord met veel M'en moet schrijven, heb je wel even nodig.
RUSTIGE MUZIEK EN GEROEZEMOES
VOICE-OVER: De les zit er bijna op.
De kinderen mogen hun knutselwerkjes aan hun klasgenootjes tonen.
Ondertussen maken de lectoren zich stilaan klaar voor de evaluatie.
PHILIPPE: Oké. Ja...
Nu, om af te sluiten, gaan we zien welke woorden het eigenlijk zijn.
Dus steek hem nog eens hoog in de lucht.
Dan kan iedereen eens kijken. Toon hem maar aan de anderen.
En welk woord was het? -Tafel.
Tafel. Ja? Oké.
Het groepje van Lisa. Welk woord hadden jullie? Aan de anderen laten zien.
Baby. -Baby.
Emilie? Goed hoog in de lucht.
Welk woord? Lief, het woordje lief. Amai...
SPANNENDE MUZIEK
VROUW: Philippe, we gaan even jouw lesje bespreken nu.
Wat vond je zelf van je les? -Een goede opbouw
en ik denk dat de opbouw op papier ook goed in de klas is gerealiseerd.
Die opbouw is heel mooi, is heel gestructureerd,
is ook een beetje gestuurd van jou uit en dat is soms misschien ook een klein...
Ja, minpuntje is veel gezegd,
maar iets waar je in de toekomst zeker verder aan kan werken.
Want om een muvo-les heel muzisch te maken,
is de creativiteit van kinderen heel belangrijk.
En af en toe ga je suggereren, ga je zelf suggesties geven
omdat je weet waar je naartoe wil,
maar door te suggereren gaan kinderen verder met jouw idee.
Had je soms iets langer gewacht, ehm...
iets meer nog de kinderen aangemoedigd om ideetjes te geven,
dan waren er zeker, denk ik, nog meer ideetjes gekomen.
Het allerbelangrijkste dat ik zelf genoteerd had, was:
de kinderen komen in de juiste setting terecht.
Niet zozeer de les op zich,
want het is voor hen een beetje een vreemde situatie,
maar anderzijds jouw uitstraling.
Je stelt de kinderen heel snel op hun gemak.
Je voelt: in het begin zijn ze een beetje onwennig,
maar al snel worden ze losser en genieten ze van de les en dat zie je ook.
Euh... Het is dan ook heel mooi dat je, als kinderen antwoorden geven,
altijd de antwoorden aanvaardt, bevestigt, daarop inspeelt.
Als het dan gaat over bijvoorbeeld de klank van de letters.
Ze gaan de letters vormen, daar had je nog iets verder in kunnen gaan van:
Oké, de A, bijvoorbeeld. Die klank, wat roept dat op voor jou?
Wat geeft dat weer?
Naar de beleving toe, hoe beleef jij die letter?
En die beleving ook meer weergeven in jouw materiaal dan.
Hoe ga je dat nu vormgeven dan?
Nu gingen kinderen een vorm geven
omdat ze voelden: in het Azart-alfabet is dat met krulletjes.
Ja, bijvoorbeeld de U, hoe ziet die eruit? We gaan daar wat krulletjes aan doen.
Maar door daar de betekenis aan te koppelen,
zouden ze misschien nog wat verder kunnen gaan zijn.
Dan krijg je nog iets meer diepgang.
Je had goede muziek gekozen waar duidelijke verschillen waren.
Dus je had daar nog meer uit kunnen halen
omdat het hele goede muziek was waar duidelijke verschillen in zaten
die dan ook heel mooi vorm zouden kunnen krijgen op papier.
Die letters A die je gebruikt.
Je toont ze. Je had ze eventueel nog op het bord naast elkaar kunnen hangen,
want dat is mooi materiaal wat allemaal impulsen geeft aan de kinderen.
Ook de pijpenwissers. Dat was in deze les zeker geschikt materiaal.
De kinderen gingen er graag mee aan de slag en het gaf wel mogelijkheden.
Het was een hele mooie muvo-les,
maar probeer die accentjes nog verder in de verf te zetten.
Het is een kwestie van durven. Je hebt zeker heel veel in je mars,
dus probeer er in volgende stages verder in te gaan. Bedankt!
AFSLUITENDE MUZIEK