filmpjes - doelgroep: leraren
Drop een student van de lerarenopleiding in een lokaal vol camera's en leerlingen. Pedagogen en vaklectoren kijken mee en evalueren.
| 8 | Heeft er iemand nog vragen?00:11:06 |
|
| 7 | Actief in de praktijk00:11:08 |
|
| 6 | Structuur op je bord00:08:40 |
|
| 5 | 'Begrijp je het?'00:09:37 |
|
| 4 | Leerlingen actief betrekken00:07:45 |
|
| 3 | Verhalen vertellen aan kleuters00:08:20 |
|
| 2 | Kleuters leren luisteren00:08:48 |
|
| 1 | Leren leiding geven00:10:29 |
onderwerpen: leidinggeven, startende leraar, lerarenopleiding, lerarenstage, didactisch materiaal, leercompetenties, welbevinden, stage, evalueren, stress, klasmanagement, verhalen, lager onderwijs
Het angstzweet breekt uit bij Dorien (19), tweedejaarstudent aan de Erasmus Hogeschool Brussel. Dorien ondervindt moeilijkheden met de controle over haar klas. In de les probeert ze verschillende technieken uit. Tijdens de evaluatie komt de vaklector daarop terug en geeft haar nog enkele tips. Deze les 'kloklezen' aan het eerste leerjaar is een les voor àlle leraren.
Hieronder vind je de weergave van de gesproken tekst in het filmpje. Je kan deze tekst ook als ondertitelingsbestand (TimedText) downloaden
(VOICE-OVER) Vier camera's, elf leerlingen en één stagiair.
Dorien is klaar voor een oefenles kloklezen.
Achteraan observeren de pedagoog en de vaklector de les.
Zij maken zich klaar voor de evaluatie.
(DORIEN) Ik heb schrik dat ze zomaar, zonder hun vinger op te steken,
zomaar gaan praten en ja, heel roemoerig gaan zijn,
dus daarvoor heb ik wel wat schrik.
(ER IS VEEL LAWAAI IN DE KLAS)
(DORIEN) Goeiemorgen, allemaal.
(KINDEREN BLIJVEN PRATEN)
(DORIEN) Goeiemorgen. - (JONGEN) Goeiemorgen.
(DORIEN) O, ik heb iets tofs gezien. Ik heb iets gezien.
Kijk daar eens. - (JONGEN) Een cadeau.
(DORIEN) Ja. Is dat voor mij ? - (JONGEN) Dat is voor mij.
(DORIEN) Zal ik het eens nemen ? - (MEISJE) Dat is voor mij.
(JONGEN) Dat is voor mij. - (MEISJE) Voor mij.
(DORIEN) Ik denk dat het voor mij is. Zal ik het opendoen ?
Zou ik het opendoen ? Ja ?
(PAPIER KRAAKT)
(DORIEN) O, nee, nee, ik doe dat niet open, hoor. Ik hoor zo: Tik, tik.
Straks is dat een bom.
(DORIEN) Ik ben Dorien, ik ben negentien jaar oud.
Ik studeer lerarenopleiding lager onderwijs.
Wat ik leuk vind aan lesgeven, is dat je ziet dat je ze wat kan bijbrengen.
Dat vind ik het leukste. Dat je echt merkt van:
Ah, ik heb hen dat eigenlijk bijgeleerd, door mij kunnen ze dat.
Mijn sterke punten zijn dat ik nogal... Ik ben enthousiast,
ik sta graag voor de klas en ik straal dat uit naar de leerlingen toe
en dat is wel goed. Mijn negatieve punten:
Soms moet ik wat kordater zijn, mijn stem is te zacht,
ik moet ze harder maken, maar ik vind dat wel enorm moeilijk.
Voor de les die ik ga geven, ben ik heel zenuwachtig omdat...
Ja, het is een klas die ik nog niet ken
en achteraan in de klas zitten dan echt pedagogen, andere lectoren.
Die zitten naar jou te kijken en schrijven op als je iets fout doet,
dus je ziet... Of iets goed doet, dat weet je niet,
maar je ziet als ze schrijven. Dan denk je: Wat zouden ze schrijven ?
Heb ik iets mis gedaan ? Daar heb ik, ja, wel een beetje bang voor.
(VOICE-OVER) Dorien heeft intussen het cadeautje uitgepakt.
Met een onderwijsleergesprek gaat ze na
wat de leerlingen reeds weten over de klok.
De kinderen zijn zeer enthousiast, misschien zelfs een beetje te.
(VEEL LAWAAI) (DORIEN) En hoeveel wijzers ?
(KINDEREN) Twee. - (DORIEN) Twee.
(JONGEN) Daar staat ook glas op. - (DORIEN) Luister eens.
(VEEL ROEMOER) (DORIEN) Als je iets wilt zeggen...
Als je iets wilt zeggen... Alexander, goed, dan steken we onze vinger op.
Hebben jullie thuis een klok ? - (KINDEREN) Ja.
(DORIEN) Iedereen ? - (JONGEN) Ik heb een wekker.
(DORIEN) Nee ? Ach zo. En kijken jullie daar vaak naar ?
(GEROEP)
(DORIEN) Lorena, kijk je daar vaak naar ? Nee ?
Ik wil zo'n klok, zo groot. Nu dacht ik...
(HET GAAT STEEDS LUIDER)
(DORIEN) Nu dacht ik: Als we nu eenszo'n grote klok maken.
Wat denken jullie ?
(VOICE-OVER) Dorien moet steeds meer roepen om de aandacht te krijgen.
Straks mogen de kinderen om beurten 'n cijfer op het bord hangen.
Ze deelt de cijfers uit,
maar heeft het moeilijk om de kinderen rustig te krijgen.
(KINDEREN ROEPEN DOOR ELKAAR)
(DORIEN) Ja. (HET LAWAAI HOUDT NIET OP)
(DORIEN) Welke...
(DE KINDEREN GAAN GEWOON DOOR)
(DORIEN) Lorena ? (LUID GEROEP)
(DORIEN) Ik denk dat Lorena de juf gaat zijn. Nee ?
(KINDEREN ZIJN IETS RUSTIGER)
(DORIEN) We gaan beginnen. Iedereen heeft...
Ja, ik heb dus even gewacht aan het bord.
Echt gewacht tot het stil was
en de leerling die aan 't praten was, er echt naar kijken.
Dat ze echt voelen van: Ai, ze houdt mij in het oog,
maar toch, ik merkte dat dat niet echt hielp, dan dacht ik van:
Oei, moet ik het nog langer volhouden ? Dan dacht ik:
Komaan, ze houden er geen rekening mee.
Ik zal maar gewoon verdergaan en een ander trucje proberen te zoeken.
(DORIEN - ROEPEND) Onze klok is volledig ? Nee ?
(JONGEN) Nee, de wijzers. - (DORIEN) Alexander ?
Is onze klok volledig ? - (ALEXANDER) Ja.
(DORIEN) Oké, dan kunnen we de klok aflezen.
(ALLE KINDEREN) De wijzers.
(DORIEN) Ah, anders weet je nietwelk uur 't is.
(JONGEN) Hoeveel uur is het ? Ik kan dat niet zien.
(DORIEN) Ik heb er twee. - (JONGEN) Dat is rood.
(KIND) Nee, paars.
(DORIEN) Ik ga eens kijken wie er flink zit.
Kika zit heel flink. Kom jij eens naar voor ?
(JONGEN) O, mag ik ook ?
(DORIEN) Thomas zit heel flink en stak zijn vinger...
Jij zat ook heel flink, dus ik kan jou ook misschien straks aanduiden.
(JONGEN) Ik zat toch ook...
(VOICE-OVER) Dorien probeert de kinderen te bevestigen in hun goed gedrag,
maar sommigen vragen om een andere aanpak.
(JONGEN) Om zes uur is de school... - (DORIEN) Luister eens allemaal.
Dylan zei...
Alexander, wat zei Dylan daarjuist ? Lorena ?
Lorena, kom jij hier vooraan staan ? - (LORENA) Nee.
(DORIEN) Ga je dan je vinger in de lucht steken als je iets wil zeggen ?
Lorena, ik ben tegen jou bezig. Of zijn er hier nog Lorena's ?
Ga je je vinger in de lucht steken als je iets wil zeggen ?
Anders kom ik op je plaats zitten en ga jij daar vooraan staan.
Goed ?
(VOICE-OVER) De leerlingen oefenen aan de hand van een verhaaltje het uur in.
Iedereen die flink is en z'n vinger opsteekt,
mag van de juf naar het bord komen om de wijzers juist te zetten.
(DORIEN) Eens kijken. Ashley ? Kom jij eens naar voor ?
Zou jij zeven uur op onze klok hier kunnen zetten ?
(ER IS BIJNA NIKS TE HOREN)
(DORIEN) Zeven uur.
Oei, het is nogal hoog, hè ?
Heel goed.
Is dat goed, vinden jullie ? Ja, voilà , Mathieu. Een applausje,
want Ashley heeft dat heel goed gedaan.
Ik denk: Het beste van mijn les was op het einde,
dan waren ze ook rustiger als ze de uren aan het bord mochten komen...
Allee, op de klok komen zetten en zo en als ik iemand aanduidde
en een uur zei en hij of zij zette dan het uur
en dat was, denk ik, het beste. Dat vonden ze ook leuk,
want daar heb ik het nog eens gezegd van: Oké, als je het weet,
steek je je vinger in de lucht en de meesten hielden zich daar toch aan.
(VOICE-OVER) De les van Dorien zit erop.
De vaklector en de pedagoog hebben nauwkeurig geobserveerd.
Ze zijn klaar voor de evaluatie. Dorien krijgt drie tips.
(VAKLECTOR) Dag, Dorien. - (DORIEN) Dag, mevrouw.
(VAKLECTOR) We zullen eens eventjes bekijken hoe het met je les zat.
Misschien algemeen. Heb je zo alles kunnen doen wat je gepland had ?
(DORIEN) Ja, dat wel. Mijn werkblaadje nog, maar dat wist ik wel
dat ik tot daar niet ging komen. - (VAKLECTOR) Je had 't voorzien ?
(DORIEN) Ja. - (VAKLECTOR) Prima.
Eerst en vooral je leiding. Hoe verliep de leiding van je klas ?
(DORIEN) Dat is vooral een werkpunt, ik heb het echt ondervonden.
Dat was echt niet goed. Ze waren zo echt roemoerig
en ik kreeg ze niet stil en ja...
Ik had van in het begin kordater moeten optreden.
(VAKLECTOR) Dat is inderdaad zo. Je hebt... Als je hier het fragment ziet,
op 'n bepaald moment, de leerlingen zijn door elkaar aan het roepen
en je laat hen gewoon doen en je begint zelf je stem hoger...
Dus je begint zelf zo op het randje van roepen
en dan ben je een beetje te ver aan het gaan.
Maar anderzijds zitten er zo wel een aantal subtiele elementen in
waarin je wel wil aangeven van: Ik wil toch graag orde in mijn klas.
Op een bepaald moment zeg je van: O, dat is tof. Ik vind 't heel fijn
dat je... Hier zie je het. Ik vind 't fijn dat je je hand omhoog steekt
en dat geeft 'n hint, maar de leerlingen hadden het niet door,
maar dat is leuk dat die elementen er waren.
(VAKLECTOR) Heb je aandacht gehad voor het verwoorden door de leerlingen ?
Hebben zij voldoende zelf verwoord wat ze doen ? Hoe ze denken ?
(DORIEN) Nee, ik denk het niet.
(VAKLECTOR) En wanneer had je dat kunnen verhogen ?
(DORIEN AARZELT) Ja, tijdens de oefening bijvoorbeeld aan het bord.
Waarom zet je die kleine wijzer daar nu op dat cijfer
en waarom de grote... Allee, nog eens herhalen
waarom dat de grote wijzer op de twaalf staat
en wat de kleine wijzer juist doet.
(VAKLECTOR) Inderdaad, want hier is je eerste leerling aan bord
en gaat het eerste uur zetten en je zegt gewoon: Ja, dat is goed
en je begint aan het volgende uur.
En op dat ogenblik... Het is hen eigenlijk maar net aangeleerd,
het zit nog in de beginfase van je leermoment
en dan is het nog belangrijk om te benadrukken:
Dat is heel flink, je hebt die wijzer op twaalf laten staan
en we moeten de kleine wijzer alleen verzetten.
Zie je ? Dat heb je geen enkele keer gedaan bij momenten.
(VAKLECTOR) Je materiaal zelf. Vond je het een efficiënte ondersteuning van je les ?
(DORIEN) De klok zelf vond ik wel efficiënt
De hele les hebben we daar rond eigenlijk bijna gewerkt.
Vooral die instructie en op het einde ook, dus...
(VAKLECTOR) Dat is ook zo en dankzij die grote klok is er 'n constante betrokkenheid
van alle leerlingen. Dat heb je heel goed gedaan.
(VAKLECTOR) Samengevat zou ik dan willen aanraden
om zeker de opbouw van de les, je voor te bereiden zoals je nu deed.
Dat heb je prima gedaan, je materiaal zeker even verzorgd,
het blijft efficiënt. Werken aan je leiding
en dan het ontdekken, het laten verwoorden door de leerlingen
blijft ook belangrijk. - (DORIEN) Ja.
Dat is goed. - (VAKLECTOR) Oké, prima.
Ja, dag. - (DORIEN) Dag.