filmpjes - doelgroep: leraren, ouders

filmpje 16 van 26 - 00:13:47 - 25 oktober 2010 - voor leraren, ouders
Stoepkrijtactieduurt 00:01:27 |
|
Vorming in Leuvenduurt 00:01:42 |
|
Straatkind in Masayaduurt 00:02:27 |
|
Op naar Los Torresduurt 00:01:39 |
|
Leven op de vuilnisbeltduurt 00:03:43 |
|
De laatste keer op straatduurt 00:02:49 |
onderwerpen: Mobile School, mondiale vorming, Noord-Zuid, Nicaragua, maatschappij, multiculturele samenleving, ontwikkelingssamenwerking, ontwikkelingseducatie, armoede, samenleving, talentontwikkeling, talenten, positieve energie, optimisme, creativiteit, derde wereld
Vijf Vlaamse leraren maakten afgelopen zomer een onvergetelijke reis naar de straatkinderen van Nicaragua. Samen met Arnoud Raskin, bezieler van Mobile School, gaven ze zes dagen les op straat en op de vuilnisbelt. Een confronterende ervaring die hen verandert als mens én als leraar.
Op 15 oktober 2010 gaf Arnoud Raskin van Streetwize Mobile School een TED-talk op TEDx Bucharest. Bekijk de talk hier. www.youtube.com/watch
Hieronder vind je de weergave van de gesproken tekst in het filmpje. Je kan deze tekst ook als ondertitelingsbestand (TimedText) downloaden
(SOFIE) Ik vond 't moeilijk. Ik had 't eerste moment al zoiets van:
(BLAAST) Wat is dit hier ? En ik denk samen met nog een paar anderen
dat we zo hadden van: Ik wil zo snel mogelijk weg.
(LEEN) Ik zag in zijn ogen dat hij dat echt nodig had
en dat hij... (AARZELT) Ja, ik kan het moeilijk uitleggen,
maar dat brak eigenlijk m'n hart.
(MARLEEN) Ik vraag mij vaak af: Wie is nu 't gelukkigst ?
Ben ik 't of die kinderen ?
(DEBBIE) Ik vond het choquerend en moeilijk
om er eens iets positiefs achter te zien.
(KOEN) Die week gaat misschien veel meer betekenen dan één jaar
in de studierichting van 't onderwijs dat ik gevolgd heb.
(SIRENE WEERKLINKT)
(VOICE-OVER) Met de FlashMob van Mobile School werden zo'n 1000 namen
op de Nieuwstraat in Brussel gekrijt,
omdat iedereen het recht heeft ten minste zijn naam te leren schrijven.
Vijf leraren namen met hun school deel aan deze stoepkrijtactie
en wonnen een vormingsreis naar Nicaragua.
(ARNOUD) Ik ga eraan beginnen. Mensen, als je vragen hebt,
onderbreek mij gerust. Als je...
Als er dingen zijn waarvan je zegt: Hier ben ik 't totaal niet mee eens,
dan mag je mij ook het vuur aan de schenen leggen.
(VOICE-OVER) Arnoud, de bezieler van Mobile School, bereidt de leraren voor
op de straten van Nicaragua.
Hij legt de werking uit van de mobiele school en vertelt uitvoerig
over het leven op straat.
(ARNOUD) De meeste kinderen die wij op straat tegenkomen of fulltimers,
hebben een gedwongen keuze uiteraard,
maar hebben zelf de keuze gemaakt om naar de straat te gaan.
Vaak zijn het kinderen die plots zeggen:
Ik ga niet meer terug naar die slop,
naar die stiefpa die iedere avond een pak slaag geeft.
De straat wordt eigenlijk voor hen de beste optie.
(ARNOUD) Heel belangrijk als we op straat zijn, altijd die pootjes uittrekken.
Aan twee kanten, anders krijg je een veel te grote hefboom
als dat openstaat en als dan 'n kind aan de poppenkast trekt,
dan kan dat klappen. Als hier een peuter van drie zit
en dat ding gaat om, dan heb je echt wel een probleem.
(KOEN) Ik verwacht heel veel eigenlijk. Ik verwacht heel veel ervaringen
van die kinderen te leren. Ik verwacht ook veel van de mensen
die meegaan op reis.
(MARLEEN) Help. (LACHT)
Echt help. Van: Nee, ik ga dat niet doen.
Maar het was dan eigenlijk mijn man en kinderen die zeiden van:
Moeke, je moet daar voor gaan. Doe dat nu eens een keer.
Da's wat je al lang wilt.
(SOFIE) Ik wou altijd vrijwilligerswerk doen, maar mocht 't nooit van thuis,
want dat was veel te gevaarlijk en dit en dat en...
Maar ja, het is nu het moment, want nu ben ik oud genoeg.
Mensen die vinden dan, ja, dat is de kans van uw leven.
(ARNOUD) Hij is Frank en hij is Eliazar en ik ken hen van een jaar of drie geleden
toen we de plaatsing deden en zij slapen ook in de buurt van ons hotel.
(ARNOUD IN HET SPAANS) Jullie zijn onze toeristische gids vandaag. Zijn jullie van Masaya ?
Zijn jullie hier geboren ? Oké, ze zijn allebei in Masaya geboren,
dus ze zijn allebei van hier en ze gaan ons de stad laten zien.
(VOICE-OVER) Frank en Eliazar leven op straat. Ze gidsen de vijf leraren door Masaya.
Al snel vergezellen andere straatkinderen de groep.
De leraren spreken geen Spaans, maar dat leren ze snel op de markt.
(MARLEEN) Rimba ? - (JONGEN) Marimba.
Marimba. - (MARLEEN) Marimba.
(JONGEN) Ja. - (MARLEEN) Marimba.
(MARLEEN) Voor mij was het onwaarschijnlijk.
Ik had zoiets van: Ik ken geen Spaans, die...
Ik heb zoveel geleerd al vandaag. Ze zijn zo creatief, zo lief.
Ze zijn zo echt blij met gewoon erkend te worden.
(LEEN) Het is niet dat die even naar je toe komen
en geld vragen of iets om te eten vragen en terug weg zijn.
Ze willen ook echt wel die aandacht precies.
(VOICE-OVER) 's Avonds gaan de leraren mee naar de werkplek van Eliazar.
De straatkinderen letten op de auto's van circusbezoekers
en proberen zo wat geld te verdienen.
Eliazar woont nu zo'n twee jaar op straat.
(ARNOUD) Wat voor werk doe je ? - (ELIAZAR) Ik bewaak auto's.
(ARNOUD) Waar bewaak je auto's ?
(ELIAZAR) Hier aan het circus.
Ik slaap daar onder het eetstalletje als het gesloten is.
(ARNOUD) Hou je van 't leven op straat ?
(ELIAZAR) Nee, niet echt.
(ARNOUD) Zijn er slechte dingen op straat ?
(ELIAZAR) Er zijn er veel. - (ARNOUD) Wat is er slecht ?
(ELIAZAR) Je leven riskeren
tussen de bendes en de drugs.
(VOICE-OVER) Later op de avond geraken de kinderen meer en meer bedwelmd
door de lijm die ze snuiven uit flesjes.
(SOFIE) Ik vind het gewoon raar dat die blijven snuiven
terwijl je met hen aan het praten bent en met hen speelt.
Je zou denken: Die vergeten dat één seconde,
maar da's gewoon geen seconde dat die dat vergeten en die blijven...
Wij gaan nu in ons bed liggen, met een laken over ons
en we liggen goed mals, maar die mannen slapen op de harde grond.
Dat kun je niet vergelijken. Ik zou da misschien ook op die manier overleven.
(VOICE-OVER) Vandaag gaan de leraren voor 't eerst op stap
met het mobiele schoolkarretje. Samen met een aantal vrijwilligers
trekken en duwen ze het schooltje naar de sloppenwijk Los Torres.
(LEEN) Toen we hier aankwamen, dachten we eerst: Nee, waar staan we hier ?
Het is hier modderig. Hier zijn huisjes achter ons (AARZELT)
en voor ons, overal eigenlijk. Ik denk dat de mensen die hier wonen
nu hier bij ons staan. Het zijn de plaatselijke mensen
en het is hier wel zeer arm.
(MARLEEN) Goed zo, Kristoffer. Eén, twee, drie...
(KOEN) Het is hen vooral 'n eigenwaarde geven of teruggeven.
Dus daar gaat het eigenlijk om.
Hen een beetje terug vertrouwen geven, zelfvertrouwen.
(SOFIE) Ik vind het zo fijn dat het gaat om de kinderen gewoon blij te maken.
Zo gewoon dat die lachen, dat die zich amuseren, want op zich...
Ik heb meer naast de school gewerkt met de ballonnen en gek doen.
De kinderen voelen zo veel liefde nu en dat is eigenlijk fantastisch.
Die amuseren zich rot. - (ARNOUD) Je creëert een koepel
van constructiviteit waar positiviteit zit, waar uiteindelijk
in deze context... Hoe lang zijn we hier bezig ?
Eigenlijk geen gewelddadigheid is, geen agressie,
waar iedereen in een positieve bubbel terechtkomt.
En dat is ons doel. Dat is wat we doen.
(LEEN) Welk dier is dit ? - (JONGEN) Een zeehond.
(LEEN) Een zeehond. We draaien naar de zeehond.
(ARNOUD) Wat ik ook vind, is dat die vijf groentjes die ik bijheb,
die uiteindelijk voor de eerste keer aan dinges staan,
zich helemaal geven, helemaal gooien.
Echt geestig om te zien, want ze spreken geen Spaans,
maar ze staan niet aan de kant. Da's goed om te zien. Da's tof.
(VOICE-OVER) Na 'n eerste ervaring met de mobiele school in Masaya
vertrekken de leraren voor 'n drie uur lange rit naar Matagalpa
in het hoogland van Nicaragua.
Nicaragua is vier keer groter dan België met zes miljoen inwoners.
Meer dan 1 miljoen kinderen gaan niet naar school
en zijn chronisch ondervoed. Meer dan 20.000 kinderen
worden ingeschakeld in kinderarbeid.
De leraren zullen vandaag werken op de vuilnisbelt van Matagalpa.
Vol enthousiasme helpen ze de mobiele school op de truck
die hen naar de rand van de stad brengt.
(SOFIE) Ik vond 't moeilijk. Ik had het eerste moment zoiets van:
(BLAAST) Wat is dit hier ? Ik denk samen met nog een paar anderen
dat we zo hadden van: Ik wil zo snel mogelijk weg.
(DEBBIE) Ik vind het echt mensonwaardig dat mensen zo
moeten leven, slapen, eten, drinken, echt alles.
(DEBBIE) Tussen de dieren zitten zij. Ja, ik vond het pakkend.
(PABLO) Ik ben achttien jaar.
Ik ben naar hier gekomen
toen ik ongeveer (AARZELT) acht jaar was.
7 Ã 8 jaar geleden ben ik hier beginnen te werken.
Wat wij hier op de stedelijke vuilnisbelt doen,
is dingen bijeen rapen om te recycleren, zoals flessen, aluminium
papier, (DENKT NA) flessen frisdrank.
Soms vind je iets wat je kan gebruiken
en dat raap je dan op. Begrijp je ?
Van het vuilnis hier kun je heel snel ziek worden.
Soms scheuren de laarzen die je draagt en dan komt er vuil water in.
Van dat water krijg je makkelijk infecties.
(VOICE-OVER) De mobiele school stelt materiaal ter beschikking
van locale hulporganisaties.
Hier op de vuilnisbelt komt enkel Las Hormigitas de kinderen helpen.
Aan het hoofd staan een psychologe en een dokter.
Met jonge vrijwilligers leveren ze dag en nacht schitterend werk.
(INGRID) Dankzij 't werk dat we doen, geven we hen wat afleiding
zodat ze niet de hele tijd denken: We moeten alleen maar werken,
maar er is ook ontspanning.
De mobiele school is ontspanning voor hen.
We leiden hen wat af van hun werk.
(DAMALI) We blijven deze mensen hier steunen.
Ze zijn als vrienden voor ons.
Het zijn geweldige mensen en ze werken ontzettend hard.
Het is echt waar. Het zijn hier zulke fijne mensen.
(LEEN) Begrijp je het ? Een beetje ?
De volgende is veel makkelijker. - (JONGEN) 8.
(LEEN) Acht. Heel goed.
(LEEN) Het is net of je in de klas werkt met 'n kind dat heel gemotiveerd is,
want ik had 'n reeks oefeningen. Ik had de makkelijkste deeloefeningen
met hem gemaakt en dat lukte, maar dan vroeg ik van:
Wil je verder doen, want er waren moeilijkere oefeningen
en ik dacht: Die gaat denken: Nee, jong. Dat was nu wel genoeg,
maar hij zei: Nee. Hij wou meedoen en dan hebben we nog
heel die oefening afgemaakt. Ze ruimden 't schooltje al op
en we waren nog altijd bezig. Dat was wel fijn.
(VOICE-OVER) De markt in Matagalpa.
Voor vele straatkinderen is dit hun leef-, speel- en werkterrein.
Voor de laatste keer trekken de leraren 't mobiele schooltje
door de straten van Nicaragua.
Ze krijgen 't werk met de straat- kinderen steeds beter onder de knie.
(KOEN) Ik begin wel te voelen dat het al wat beter gaat
met de basiswoordenschat Spaans. De platen op het bord
begin ik ook al wat beter te kennen. Het gaat gewoon goed vandaag.
Ja. Goed zo.
(MARLEEN) Ze krijgen aandacht. Ze krijgen erkenning en dan
stralen die een beetje. Allee, een beetje.
Stralen veel eigenlijk. (LACHT)
(ARNOUD) Wij plaatsen 'n mobiele school voor 'n budget van 10.000 euro
en dat heeft 'n levensverwachting van 10 jaar.
Dat zijn duizenden kinderen die passeren, die in sessies als vandaag
dat moment krijgen van: Even vergeten waar ik in zit.
Even die positiviteit binnenkrijgen, even dat tegengewicht krijgen
tegen al die negatieve impulsen die ze op de markt krijgen.
(MARLEEN) Ik heb in 't begin gezegd van: Help. (LACHT)
(AARZELT) Waar begin ik mee ? En ik heb zo nu bijna het gevoel:
Ik wil hier niet meer weg. (LACHT)
(KOEN) Die week gaat misschien veel meer betekenen, dan één jaar
in de studierichting van 't onderwijs dat ik gevolgd heb.
(DEBBIE) Het is niet alleen leren schrijven, maar hen goed laten voelen,
even die lach op dat gezicht toveren. Wat ik hoopte om te doen,
is eigenlijk toch wel gelukt.
(LEEN) We zijn zo verwend en we weten het niet meer.
En we worden ongelukkig van alles en nog wat,
terwijl we zo veel redenen hebben om gelukkig te zijn.
(SOFIE) Het gaat gewoon over van: Kijk, wij aanvaarden je als kind
en niet als iemand die maar op straat leeft.
We kijken naar je op en je bent iets waard. Daar gaat het om.
(ARNOUD) Ik vind 't heel essentieel dat, in welke condities we ook zitten,
dat (AARZELT) we nooit mogen opgeven.
Dat we het kind nooit mogen opgeven. Ja...
Als wij zeggen: Dit is wanhoop. Hier is het hopeloos.
Je zegt daar tegen 't kind van: Kijk, jij bent overgeleverd aan het lot
en er zijn geen kansen meer voor je. We hebben niet 't recht
om dat te doen. Die kinderen zijn al genoeg in de exclusie gevallen,
dus we moeten blijven geloven in dat talent, want dat is er,
dat zit in ieder kind.
We moeten blijven geloven en we moeten dat blijven stimuleren.