Blog Dit artikel behoort tot de reeks Wij-zij-denken Gepubliceerd op

Meesters van het midden

Reageer

Log in om te bewaren.

Delen

portret Hans Vanderspikken
De maatschappij polariseert, en soms dringt dat wij-zij-denken door tot op de speelplaats en tot in je klaslokaal. Hans Vanderspikken, hoofdredacteur van Klasse, roept op om in de minimaatschappij van de school samen te oefenen om ‘meesters van het midden’ te worden. Door te praten, de juiste vragen te stellen en waarachtig te luisteren, slaan we niet door naar zwart of wit.”
 
In een kleuterschool in Vlaanderen zal in juni geen kleuterdiplomafeestje meer georganiseerd worden. Een mama is daar heel boos geworden omdat haar kind niet-halal snoepjes kreeg tijdens het vorige feestje. De kleuterjuffen stonden op hun achterste poten: ‘wisten wij veel dat er varkenszetmeel in die snoepjes zit’ en ‘ze moesten eens weten hoeveel tijd wij in zo’n feestje steken’. Sommige ouders schaarden zich achter de mama. In een mum van tijd raakte de school verdeeld in 2 kampen. Jammer voor de kleuters, maar volgend jaar geen feestje meer, besluit de directeur. Probleem opgelost?

We leven in een complexe wereld. Moet ik nu voor of tegen de regenboogpiet zijn, voor of tegen de vluchtelingenaanpak, voor of tegen het sanctiebeleid van mijn directeur? Wie een kant kiest, toont daarmee zijn identiteit. Dat is des mensen. Wij-zij-denken leidt tot conflict en omgekeerd, ook daar is niets mis mee. Frictie is immers een belangrijke motor van verandering en vernieuwing. Door gewoontes uit te dagen, wordt vooruitgang mogelijk gemaakt. Maar als polarisering zo ver gaat dat het samenwerken en zelfs het samenleven bedreigt, wordt het gevaarlijk.

Wij-zij-denken drijft op emotie, focust al snel op identiteit en niet meer op inhoud: zij zijn zus, wij zijn zo. Dat gebeurt op tv en op straat, aan de toog en aan de keukentafel. Dus ook in je klas, op de speelplaats en in de lerarenkamer. De polen hebben vaak het voordeel van de helderheid. Maar tussen de 2 polen is er altijd een midden, zegt ‘polarisatiespecialist’ Bart Brandsma. Met mensen die geen kamp willen kiezen, maar nuance zien. Zij stellen vragen zonder conclusies te trekken en luisteren naar onderliggende twijfels. Ze zoeken naar de waarden die iedereen bindt. Zo komen we misschien samen tot de conclusie dat een diplomafeestje kleuters doet groeien. Dat ouders daar heel fier van worden. En dat het voor leraren ook een leuk bedankje is.

Polarisering zoekt voortdurend brandstof om te groeien. Daarom streeft ze niet naar oplossingen, maar scherpt ze de tegenstelling aan. Als leraar en als directeur kan je het verschil maken door ‘meester van het midden’ te worden. Door het gesprek te voeren, de juiste vragen te stellen en waarachtig te luisteren, kan je de discussie ‘wij-zij’ verleggen naar het juiste vraagstuk. Want vaak willen we uiteindelijk hetzelfde: we zoeken allemaal erkenning en sociale status. In de minimaatschappij van de school kunnen we samen met leerlingen oefenen in die vaardigheden, zonder door te slaan naar zwart of wit.

De potentie tot polariseren zit in ieder van ons. De kracht om tegen het wij-zij-denken in te gaan ook.