Gepubliceerd op
Blog

Education Island

Log in om te bewaren.

portret Koen Cools
Een schilderij van Rinus Van de Velde inspireert lerarenopleider Koen Cools om zijn onderwijshelden te portretteren. Die leraren die bij hem het onderwijsvuur aangestoken hebben. In gedachten brengt hij hen samen op een eiland: Education Island.

 

“Rinus Van de Velde is een meester. Een meester met krijt, houtskoolkrijt. De jonge
Antwerpse kunstenaar scheert de laatste jaren hoge toppen. In zijn expo’s in binnen- en buitenland combineert hij op een originele manier kleurrijke, kartonnen sculpturen met monumentale, zwart-witte houtskooltekeningen. Wat Van de Velde voor mij nóg interessant maakt, zijn de fantasierijke verhaallijnen in zijn expo’s. Vaak zijn het Kuifjesachtige avonturen waarbij de kunstenaar zelf in de huid kruipt van een verzonnen personage. Een alter ego dat de verbeelding van de toeschouwer verder aanzwengelt.”

“Zoals de beeldhouwer Isaac Weiss, die vorig jaar op zijn tentoonstelling in Den Haag zelf de hoofdrol speelde. De fictieve Weiss had op een zonovergoten eiland de leiding over een al even fictieve kunstenaarskolonie. De leden van de kolonie waren de helden van Van de Velde: Picasso, Rothko, Doig, Brusselmans … En daar sta je dan – als leraar – naar de meester te kijken. Stél je voor, dat ik zelf zo’n bont gezelschap zou mogen samenstellen. Een paradijselijke expeditie met mijn onderwijshelden – mijn experiment – mijn Education Island: de lerarenkolonie. Tijdens het dromerig voortborduren op dit idee trokken ze in stoet in mijn hoofd voorbij. Die handvol heren en 2 dames die mij inspireerden. Zij die bij mij het onderwijsvuur hebben aangestoken.”


Juffrouw Kleine Jeanne deed me als kleuter muzisch ontluiken tijdens muziek, schilderen en verkleedpartijen

Koen Cools - Lerarenopleider

“Aan het hoofd van de stoet loopt het kleinste personage. Letterlijk: juffrouw kleine Jeanne. In het Kempense dorp waar ik school liep waren er immers twee Jeannes van dienst. En aangezien structuur en helderheid voor kleuters onmisbaar zijn, had me beslist om de lengte als verhelderend element aan de voornaam te koppelen: juffrouw kleine en juffrouw grote Jeanne. De kleinste van de twee was een vrolijke, pientere dame die mij als kleuter halfweg de jaren 80 muzisch deed ontluiken tijdens muziek, schilderen en verkleedpartijen. Het zijn mijn schaarse vroege schoolherinneringen.”

“Achter juffrouw Jeanne loopt een duo – broer en zus: meester Luc en juf Mart. Figuren, uit het oude lerarenhout gesneden: deftig gekleed – hij vaak een das – soms te streng, meestal kundig en vaak begeesterend. Hij, die met ons het bos in liep en ons met een spiegeltje de buisjes van de plaatjeszwam leerde onderscheiden. Zij, die ons inwijdde in het verleden van land en dorp. Karel de Grote én juf Mart keken ons vaak – de ene van boven en de andere van voor het bord – diep en kordaat in de ogen.”

“Na de lagere school in het dorp waren er de Molse collegejaren. Het Ijzeren gordijn was intussen gevallen, het einde van de eeuw kwam in zicht. Eén collegeleraar sjokt mee in mijn stoet: meneer Vos. De atypische, alternatieve, soms wat slordige, af en toe mompelende, twijfelende Germanist. De leraar die ons meenam in zijn wereld vol taal, poëzie en filosofie. Ja, hij was vaak afwezig – maar áls hij er was, zette hij de ramen en deuren wijd open: Shall I compare thee to a summer’s day?


Meneer Janssenswillen leerde ons wat voorgoed verdwenen is didactisch tot leven te wekken

Koen Cools - Lerarenopleider

“Twee historici sluiten de rij: zij die als taak hadden om mij eindelijk ‘een vak’ aan te leren. Geschiedenis, een geesteswetenschap met een laag economisch rendement. So what?! Het democratisch burgerschap kan er – achteraf bekeken – maar wel bij varen. Meneer Janssenswillen nam ons, met een zorg, precisie en nauwkeurigheid die ik zelf nooit in de vingers zal krijgen, mee naar de wieg van de mensheid. Hij leerde ons om wat voorgoed verdwenen is didactisch tot leven te wekken.”

“Professor Vos – een neef van de Kempense collegeleraar – wakkerde het vuur voor het verleden verder aan. ‘Ja’, stelde hij bevlogen, ‘geschiedenis kan ons twee dingen leren: bescheidenheid en het bewustzijn van vergankelijkheid’. Met de nodige zin voor humor en pathetiek zond hij ons op het einde van onze studie de wereld in. Met één duidelijke boodschap: raak de historische reflex nooit kwijt.”

“Stél je voor, mijn onderwijshelden en ik op een eiland van houtskoolkrijt: de lerarenkolonie. Thomas More, de mascotte van de hogeschool waar ik vandaag leraren opleid, had er een naam voor: Utopia.”

Koen Cools
Lerarenopleider

Het beste van Klasse in je mailbox?

  • Al 51.000 leraren zijn abonnee
  • 1 keer per week en helemaal gratis
  • Verhalen van collega’s, concrete praktijktips, exclusieve wedstrijden ...