Klastips

6 slechte excuses om ICT uit je les te bannen

Reageer

Log in om te bewaren.

Delen

Leraren gebruiken steeds meer ICT, maar nog te weinig tijdens de les. Herken je deze 6 excuses om maar geen ICT te moeten gebruiken in je klas? De bijhorende tips tonen dat dat niet zo hoeft te zijn.

  1. “Ik heb er geen tijd voor. Het draagt weinig bij.”

    • Je hoeft niet al je lessen zomaar vol computer- of tablettoepassingen te stoppen. Gebruik ICT enkel als ze je les beter maakt.
    • Bekijk ICT-toepassingen als een werkvorm. Variëren in werkvormen is gezond. Het verhoogt betrokkenheid en stimuleert zo het leren.

  2. “Ik ken er te weinig van.”

    • Je kan ICT toepassen op verschillende niveaus. Neem de tijd om hierin te groeien. Begin met het vervangen van taken door digitale toepassingen. Groei geleidelijk door naar nieuwe mogelijkheden in je lespraktijk.
    Schema over ITC in de klas
    • Leer van je collega’s. Deel je tips. Steek de hoofden bij elkaar en experimenteer. Ideale stof voor een pedagogische studiedag.
    • ICT-toepassingen hoeven niet moeilijk te zijn. Vaak zijn de simpelste tools ook de meest efficiënte.
    • Ontdek en deel tips online via concrete digitips van KlasCementmedewerkers.
    • Hoe bepaal je wanneer je ICT moet inzetten? Lees de tips van ICT-nascholer Bram Faems of bekijk de video ‘Efficiënte ICT-keuzes maken‘.
  3. “Er is geen degelijk ICT-materiaal.”

    • Een aankoop- en investeringsbeleid op school is cruciaal. Laat het niet alleen over aan de ICT-coördinator, maar denk mee over de aankopen, zodat de school investeert in wat jij in je klas nodig hebt.
    • Activeer ouders en leraren in een ICT-werkgroep. Participatie is een sterk middel om iets in gang te zetten.
    • Kies voor tablets op school voor het maken van mindmaps en oefeningen. Of om snel informatie op te zoeken. Tablets zijn relatief goedkoop en mobiel. Een beperkt aantal tablets kan je gemakkelijk laten circuleren.
    • Voorzie een reserveles voor als je technische problemen hebt. Plan lessen met ICT-materiaal bij voorkeur in, wanneer je het materiaal kan klaarzetten of testen.
  4. “Online delen is gevaarlijk.”

    • Kinderen tonen graag wat ze hebben gemaakt. Dat is met online content niet anders. Leer hen online content maken. Welke informatie kan je delen en welke niet? Een ideale gelegenheid om het te hebben over e-safety.
  5. “Kinderen zitten al genoeg achter het scherm in hun vrije tijd.”

    • De meeste kinderen kunnen ook fietsen. Maar toch leren we hen nog over verkeersveiligheid. Ook op ICT-vlak kunnen kinderen vaak al heel wat. Maar toch blijft het de taak van het onderwijs om hen mee te begeleiden in efficiënter en veiliger gebruik. Onderschat niet hoeveel zij nog te leren hebben.
  6. “Sommige kinderen hebben thuis geen PC of internet.”

    • Verlies kansarme leerlingen niet uit het oog wanneer je je beleid opstelt. Zorg ervoor dat iedereen gelijke kansen krijgt:
      • Stel computers met internet ter beschikking tijdens pauzes of na schooltijd.
      • Subsidieer tablets via een sociale kas.
      • Leen laptops of tablets.