Gepubliceerd op
Verhaal

Leve de vakvergadering!

“De vakgvergadering maakt de kloof tussen de jonge leraren die willen samenwerken en de oudere leraren die daar het nut niet van inzien tastbaar. Toch groeien de uitersten er ook meer naar elkaar toe”, vertelt Eva, voorzitter van de vakgroep Frans van de tweede en derde graad.
 

Eva, vakgroepverantwoordelijke Frans: “Toen ik zelf nog gewoon ‘lid’ was van de vakwerkgroep, keek ik naar de meeste vakvergaderingen niet uit. Dat is eigen aan leraren, zeker? We werken niet graag samen. ‘Wat ik doe is goed en daar moet niemand zich mee komen bemoeien’. Bovendien komen die vergaderingen bovenop al je andere werk. Als je parallelcollega’s hebt, zie je het nut sneller. Dan moet je wel samenwerken: als het klikt, is dat best fijn, anders niet.”
 

Leerlijnen uittekenen

“Omdat ik fulltime Frans geef, ben ik sinds enkele jaren vakgroepverantwoordelijke van de tweede en derde graad. Die bestaat uit ongeveer 15 leraren. We moeten van de directie drie keer per jaar een vakvergadering organiseren. Ik nodig iedereen uit, maak de agenda … De directie stuurt de verplichte punten door.”


Dat is eigen aan leraren, zeker? Niet graag samenwerken

Eva - vakgroepverantwoordelijke Frans

“Meestal regelen we praktische zaken: materiaal, bijscholingen, toetsen en examens. Vooral de leerlijnen zijn belangrijk. Jaren en graden moeten goed op elkaar afgestemd zijn. Voor startende leraren is dat een grote hulp: welke handboeken gebruiken we, hoe werkt het elektronisch platform … De vakvergadering verkleint de drempel om vragen te stellen. Toch zijn het vaak dezelfde collega’s die hun best doen. En dezelfde die afwezig zijn of op de laatste rij toetsen zitten te verbeteren.”
 

Geen zin om samen te werken

“Sommige collega’s inhoudelijk laten samenwerken, is nog moeilijker. De jongere garde wil dat wel. Het contrast met de meeste oudere leraren is groot. ‘Waarom is deze vergadering nodig?’ Ik ben toch goed bezig.’ Of ‘Waarom moet ik de manier waarop ik lesgeef, bespreken met anderen?’. Het zijn goede leraren, maar ze vinden met collega’s samenwerken geen meerwaarde. Jammer, want met hun ervaringen kunnen ze jongere leraren helpen.”

“Omgaan met die weerstand is mijn moeilijkste taak als voorzitter. Je voelt dat sommige collega’s echt niet willen meewerken. Ik probeer de jonge ambitieuze garde die met allerlei plannen afkomt en de oude garde die daar het nut niet van inziet te verzoenen op een aangename manier. We kleden de vakvergadering leuk in, met een hapje en een drankje of we gaan eens samen op restaurant. Dat schept wel een band: de uitersten leren elkaar beter kennen en groeien meer naar elkaar toe.”
 

Focus op inhoud

“Af en toe checken of alle neuzen in dezelfde richting staan, zeker qua evaluatie, is voor mij nu het grootste nut van de vakvergadering. Als een collega veel belang hecht aan iets en een andere doet dat niet, is dat niet motiverend voor de leerlingen. Met de examens stellen we samen vragen op en bekijken we of onze vragen duidelijk zijn. We benaderen we elkaar kritisch en positief. Alleen zo weet je dat je goed bezig bent.”


Checken of de neuzen in dezelfde richting wijzen, is nu het grootste nut van onze vakvergadering

Eva - vakgroepverantwoordelijke Frans

“Mijn droomscenario? Ideeën lanceren en daar samen op een constructieve manier over nadenken. Dat iedereen beter wordt van elkaar. Dat er tijdens de vergadering ideeën komen die beter zijn dan wat je in je eentje uitdenkt. Nu verzanden we in praktische discussies. Een volledige dag vakvergadering tijdens een pedagogische studiedag zou ideaal zijn. Dan kunnen we de hele dag doorwerken en doen wat eigenlijk het doel is van een vakvergadering: de focus op inhoud leggen.”

Het beste van Klasse in je mailbox?

  • Al 51.000 leraren zijn abonnee
  • 1 keer per week en helemaal gratis
  • Verhalen van collega’s, concrete praktijktips, exclusieve wedstrijden ...