Gepubliceerd op
Mening

Wat zetten leerlingen op de to‑dolijst van de nieuwe onderwijsminister?

Na de verkiezingen van 26 mei krijgt Vlaanderen een nieuwe onderwijsminister. Waar moet die in de eerste plaats werk van maken? Klasse vroeg het aan 5 jongeren met een mening.
 

portret Taniya

Taniya Fernando (19), leerling 6de jaar Humane Wetenschappen

“Graag een meer divers lerarenkorps”

“In mijn aso-school merk ik een omgekeerd evenredig verband tussen de graad en de diversiteit onder de leerlingen. In het eerste jaar vind je nog leerlingen met alle achtergronden. In het laatste niet meer. Dat ‘filter’-fenomeen zou niet mogen bestaan. Het verkleint de kansen van minderheidsgroepen en werkt de generatie-armoede in de hand.

De nieuwe minister mag daarom meer inspanningen doen om het lerarenkorps diverser te maken. Kinderen en jongeren kunnen moed en inspiratie uit hun voorbeeld putten. Door hen zien ze dat ook zij kans maken op een betere toekomst. Erken dat het filterfenomeen bestaat en maak het bespreekbaar. Maak leraren bewust dat ze misschien onbewuste factoren laten meespelen als ze op het einde van het schooljaar attesten uitdelen.”
 


 

portret Johan

Johan Xhonneux (18), voorzitter Vlaamse Scholierenkoepel

“Maak van elke school een kleine democratie”

“De school is de ideale oefenplaats om volwaardig te leren deelnemen aan de maatschappij. Daarom pleit ik ervoor om van elke school een kleine democratie te maken. Nu neemt een schooldirecteur nog te vaak beslissingen zonder de leerlingen daarbij te betrekken. Dat moet anders.

De nieuwe onderwijsminister kan er bijvoorbeeld voor zorgen dat leerlingen een rol spelen bij de invulling van de lessen, bij het plannen van excursies, het bepalen van het evaluatiebeleid. En waarom mogen ze niet mee leraren aanwerven? Hij of zij kan scholen stimuleren om het schoolreglement – met plichten én rechten – samen met de leerlingen op te stellen. Ondersteun de leerlingenraden dus zodat die hun rol van spreekbuis voor alle leerlingen echt kunnen spelen. En juich elke vorm van leerlingenparticipatie en –betrokkenheid toe.”
 


 
portret Tobias

Tobias Pipeleers (16), leerling 6de jaar Moderne Talen-Wetenschappen

“Zorg dat de motivatie niet verdwijnt”

“Te veel leerlingen verliezen in het huidige schoolsysteem hun motivatie omdat we nutteloze feiten en formules moeten leren. Er is geen plaats meer voor vrij denken. We worden gekneed tot just another brick in the wall.

De nieuwe minister moet inzetten op meer interactie tussen leraren en leerlingen. Hij of zij moet zorgen dat er tijd is om meningen over migratie, klimaat en mentale gezondheid uit te wisselen. Dat er ruimte is om kritisch na te denken over de leerstof. Kleinere klassen helpen daarbij, net als leraren die vaker de vrijheid krijgen om van de leerplandoelen af te wijken. Focus ook meer op praktische, toekomstgerichte leerstof zoals een belastingaangifte invullen, en minder op puur geheugenwerk.”
 


 
portret Alexandra

Alexandra Smarandescu (21), voorzitter Vlaamse Jeugdraad

“Een imagoboost voor het lerarenberoep”

“Ik weet uit ervaring welk groot verschil een gemotiveerde leraar kan maken in het leven van een leerling. Daarom moet de nieuwe onderwijsminister aan de leraren denken. Goed onderwijs staat of valt met goede leraren.

Leraren worden gezien als dé oplossing voor zowat alle maatschappelijke uitdagingen waar kinderen en jongeren vandaag mee kampen. Maar het moet wel werkbaar blijven, natuurlijk. Het lerarenberoep mag ook een serieuze imagoboost krijgen. Als er meer respect voor de leraren komt, dan zullen jonge mensen sneller voor de lerarenopleiding kiezen. Jonge leraren moeten tot slot nog te vaak tijdelijk invallen of krijgen de ‘moeilijkere’ klassen toegewezen. Maak dus van de lerarenloopbaan een prioriteit.”
 


 
portret Joos

Joos Bosmans (17), leerling 6de jaar Industriële Wetenschappen

“Controleer de kwaliteit van de lessen”

“Ik wil de nieuwe onderwijsminister aanraden om de kwaliteit van de lessen beter te controleren. Je slaagkansen hangen te sterk af van de leraar die je treft. Welke eisen stelt die? Hoe goed legt hij de leerstof uit? Hoe gaat hij met jongeren om? Het kan niet dat je het ene jaar buist voor een vak om daarna, bij een ander leraar, met je ogen dicht te slagen. Dat is geen eerlijk systeem.

Verder zou ik tso, aso, bso en kso meer samen les laten volgen. Nu zien en spreken ze elkaar nauwelijks. Dat zorgt voor een stuk vervreemding. Ook moeten alle secundaire scholen flexibele leertrajecten aanbieden. Net als in het hoger onderwijs. Dat kan voorkomen dat jongeren stoppen met school voor ze hun diploma behalen.”

Het beste van Klasse in je mailbox?

  • Al 51.000 leraren zijn abonnee
  • 1 keer per week en helemaal gratis
  • Verhalen van collega’s, concrete praktijktips, exclusieve wedstrijden ...