Gepubliceerd op
Verhaal

Wat je kan leren van hospiteren

Marijke en Richard gingen op klasdate. Een les observeren bij elkaar dus. Zij is kleuterleraar, hij geeft les in het buitengewoon onderwijs. Wat ze over elkaars STEM-aanpak ontdekten, nemen ze mee naar hun eigen leerlingen.
 

Jullie zijn beiden met STEM bezig. Wat wou je bij elkaar leren?

Richard Papens, leraar techniek BuBao De Veerboot, Deinze: “Ik was benieuwd hoe je STEM bij jonge kinderen aanpakt. Zelf sta ik in de oudste graadklas en hield ik altijd bewust de boot af van technieklessen voor de jongere leeftijd, omdat ik niet wist hoe ik eraan moest beginnen. Tot nu dus.”

Marijke Van der Steen, leraar 2 e en 3e kleuterklas De Speurneus, Gentbrugge: “Ik wou STEM eens binnen een andere context zien, niet in mijn eigen comfortzone van de kleuterklas.”

Richard Papens, leraar techniek BuBao De Veerboot, met een leerling aan de draaibank

Richard: “Een les observeren blijft bij mij beter plakken dan een nascholing.”

Zag je grote verschillen tijdens de klasbezoeken?

Marijke: “Richards leerlingen zijn zo veel ouder, maar eigenlijk doen we hetzelfde. We vertrekken allebei van onderzoeksvragen en stimuleren het samenwerken tussen de kinderen. We hechten ook hetzelfde belang aan veiligheid.”

Richard: “Het grootste verschil is de intensiteit: een les bij mij duurt 50 minuten. Dat is heel kort. Marijke kan een hele dag met STEM bezig zijn en andere lessen in het project verwerken. Dat ligt bij ons moeilijker omdat ik alleen techniek en L.O. geef.”
 

Wat pak je mee naar je eigen klas?

Richard: “Als Marijke oplossingen zoekt voor onderzoeksvragen, maakt ze met de leerlingen een mindmap. Ze grijpt er vaak naar terug tijdens het project. Dat wil ik consequenter doen. Net als werkstukken demonteren om het materiaal te hergebruiken. Heel mooi ook hoe ze elke kleuter laat schitteren volgens zijn sterkte: een kind met veel creatieve ideeën dat motorisch minder sterk is, hoeft niet mee te knippen en schilderen tijdens een project.”

“Ze laat meer uit de leerlingen komen, geeft minder instructies of voorbeelden dan ik. En ook dan komt het goed, merkte ik. Als zij dat allemaal met kleuters kan bereiken, dan mag ik mijn lat ook hoger leggen en mijn leerlingen meer uitdagen.”

Marijke: “De organisatie van Richards klas en materiaalkasten vind ik knap. En ik ben jaloers op zijn werkbank. Zijn leerlingen maakten voor elk werktuig een stappenplannen op YouTube. Zulke ideeën inspireren me.

“Ik sta er ook van versteld hoe snel hij al zijn leerlingen aan het werk krijgt, hoe hij ze gemakkelijk autonomie geeft door een concrete taak toe te wijzen. Hij wijst ze ook niet meteen terecht als ze even aan het raam staan te babbelen. Hij kiest zijn battles.”

Richard Papens, leraar techniek BuBao De Veerboot, met een leerling aan de draaibank

Hoe hebben jullie de klasdates voorbereid?

Marijke: Ik heb niks speciaals gedaan, gewoon wat ik altijd doe. Het is ook niet de eerste keer dat ik een andere leraar over de vloer krijg. STEM kan in mijn ogen niet mislukken, je kan alleen uit fouten leren. Het lijkt voor veel leraren iets onoverkomelijks, zeker bij jonge kinderen. Ik toon graag hoe het heel vanzelfsprekend kan en hoe zelfstandig kleuters al kunnen zijn.”

Richard: “Ik vind het ook niet lastig om mijn klasdeur open te zetten voor een collegiale visitatie. Ik ben fier op mijn werk en ook de leerlingen tonen het graag. Door een gelukkig toeval lagen onze afspraken ook snel vast, want vervanging vinden is op gewone dagen wel een mogelijk struikelblok. Al zou iedereen dit toch eens op een schooljaar moeten kunnen ervaren.”
 

In wat voor klas ga je het best observeren?

Richard: “Wij kozen een ander onderwijsniveau, maar ook dichter bij wat je kent kan zinvol zijn, al ga je dan misschien gemakkelijker de randvoorwaarden vergelijken en niet focussen op hoe de leerlingen leren: ‘Zij hebben een mooi, groot lokaal en ik niet.’ Je doet het ook niet om de ander te ‘controleren’. Bij Marijke heb ik nooit gedacht: ik zou het zo doen. Mijn beeld van de kleuterklas is door het bezoek ook bijgesteld: het is niet zomaar spelen en knutselen.”

Marijke: “Ik had vooraf ook bedenkingen over de leerlingen van Richard, kinderen met gedragsstoornissen en ASS (type 2, 3 en 9). Ze wisten vooraf niet dat ik op klasbezoek zou komen. Ik dacht: hoe gaan ze reageren? Die bezorgdheid bleek onterecht. Ik koos ervoor om mee te doen, te helpen, vragen te stellen. Sommige leerlingen bleven desondanks wat schuchter, andere wilden hun werkje tonen of met mij babbelen.”

Marijke Van der Steen, leraar 2 e en 3e kleuterklas De Speurneus, op Klasdate

Marijke: “Ik heb niet speciaals voorbereid, deed gewoon wat ik altijd doe.”

Leer je meer uit een klasdate dan uit een ‘klassieke’ nascholing?

Marijke: “Ik vind van wel. De kans is bij mij groot dat ik de infobundel die ik krijg op zo’n bijscholing achteraf nooit meer open doe. Richard en ik hebben actief meegedraaid in elkaars klas, dat maakt zo’n klasbezoek extra leerrijk. Mijn kleuters vonden de interactie met Richard trouwens ook geweldig. Hij kreeg van hen een pluim aan het eind van de les.”

Richard: “Als iets gedoceerd wordt, dan vergeet ik het sneller. Zelfs als het onderwerp uit het klasleven gegrepen is. Pas als ik het zie gebeuren en kan ervaren, blijft het plakken bij mij.”
 

Is het voor herhaling vatbaar, zo’n klasdate?

Richard: “Ik wil het zeker nog eens doen en het liefst weer bij Marijke. Zo’n eerste bezoek is leuk, maar het is meer een impressie. Achteraf, als het wat bezinkt, komen de vragen pas. Nu weet ik beter waar ik een volgende keer op kan letten, zodat ik er meer uit leer.”

Marijke: “Je zou eens aan het begin van een project kunnen komen.”

Richard: “Deal!”

Waar is mijn
Lerarenkaart?