Gepubliceerd op
Specialist

‘Benoem de emoties die je ziet bij je leerlingen’

Kinderen mogen terug naar school in een vreemde tijd. Hoe zorg je voor een warme herstart ondanks de kille veiligheidsvoorschriften? Kinderpsychiater Binu Singh (UZ Leuven) geeft tips. Bekijk de video.

n.v.d.r. – Klasse maakte dit artikel in volle coronacrisis. Ondertussen zijn de omstandigheden en richtlijnen voor onderwijs gewijzigd. Up-to-date info lees je hier.

Jij bent de veilige gids

Binu Singh: “Zorg dat je ontspannen bent, je veilig voelt bij en vertrouwen hebt in de heropstart. Kinderen merken het snel als je met een angstig piepstemmetje zegt dat alles in orde is. Zeker jonge kinderen willen inhaken op een volwassene. De leraar straalt dat het liefst ook uit: ‘Ik weet waar ons schip heen moet varen, come on board, het is oké.’”

“Vraag je af: op welke manier zie ik de herstart voor mezelf zitten, welke aanpak past bij mij? Hoe hou ik mijn spanning laag, zodat ik die veilige volwassene ben? Misschien kan je directie je hierbij helpen door de veiligheidsmaatregelen en het draaiboek voor de eerste dag goed te doorlopen, of je kan je eigen lesvoorbereidingen aanpassen.”
 

Pols bij ouders hoe het thuis ging

Binu Singh: “Door vooraf even contact op te nemen met de ouders van je leerlingen, kun je je beter voorbereiden op de noden van je leerlingen. Dat geeft je een veiliger gevoel. Vraag de ouders hoe hun kind de lockdown ervaren heeft. Misschien was er een ziek familielid of is er een grootouder overleden. Heeft het zijn vriendjes heel hard gemist? Moesten de ouders blijven werken? Welke impact had dat op het kind? Vraag waar het kind van baalde, maar ook wat het heel goed heeft gedaan. Zo krijg je een accurater beeld van de gemoedstoestand, de werkhouding en beginsituatie van je leerlingen.”
 

Help je leerlingen weer aanpassen

Binu Singh: “Als uit je gesprekken met de ouders blijkt dat je groep het moeilijk heeft, denk dan vooraf na hoe je dat zal aanpakken. Dat haalt de spanning voor jezelf omlaag.
Pas de regels toe die de leerlingen gewoon zijn van voor de lockdown en weet dat kinderen snel resetten. Benoem de verandering: ‘Ik weet dat het even anders geweest is. Dat is lastig, maar weet je nog hoe we het vroeger deden? Zo gaan we het nu opnieuw doen. Ik ga jullie daarbij helpen.’ Wees niet boos als een kind dat niet meteen kan, maar help het om weer aan te passen. Als het kind zegt: ‘Dat mocht ik thuis wel.’, dan erken je dat: ‘Dat is waar, maar nu ben je op school en gelden de oude regels weer. Dat jij die regels vergeten bent, dat mag. Ik ga jou helpen om je eraan te houden.’ Benadruk wel dat dit de regels zijn. Duidelijkheid vanuit verbinding geeft een gevoel van veiligheid.”


Benoem de verandering: ‘Ik weet dat het even anders geweest is. Dat is lastig, maar weet je nog hoe we het vroeger deden?’

Laat ze vertellen

Binu Singh: “De kinderen zijn een negental weken weggeweest. Je kan dat vergelijken met de grote vakantie, al diende deze pauze niet om te genieten. Na de zomer maak je tijd voor vakantieverhalen en kennismakingsspelletjes. Je zegt wat je dit jaar plant en wat je van de kinderen verwacht. Die elementen kan je nu herhalen.”

“Doe enerzijds niet overdreven speciaal over de coronatijd. Als je alle gevaren accentueert, kunnen de kinderen jouw onrust overnemen. Doe anderzijds ook niet té normaal of minimaliserend, want dan denkt een kind misschien dat zijn angstgevoelens er niet mogen zijn.”

“Plan een gesprek in: Hoe is het geweest voor iedereen en hoe zullen we nu verdergaan? Er zijn zoveel stripverhalen en boekjes over corona op het internet die je kan gebruiken.”

Wees niet bang voor negatieve emoties. Als een kind bijvoorbeeld vertelt dat zijn oma gestorven is, blijf dan zelf rustig en benoem zijn emoties. ‘Ik begrijp dat je je oma mist, dat is ook iets heel verdrietigs. Daarom doen we nu al die dingen, zodat er niet meer opa’s en oma’s sterven. Bij sommigen gebeurt het toch, en dat is spijtig.’ Het is niet de bedoeling dat we elke dreiging uit het leven van de kinderen halen.”

“Eigenlijk moet je bij negatieve gevoelens gewoon hetzelfde doen als bij positieve: je ontvangt ze, je laat ze zijn en deelt ze met de kinderen. Daarna sluit je het moment ook af, je blijft er niet in hangen.”

“Mensen zijn ook heel ritueelgevoelig: voor een verjaardag geven we een feest, een overlijden sluiten we af met een begrafenis. Je kan, net zoals Peter Adriaenssens voorstelde, de herstart vieren met een klein, veilig feestje in de klas.”
 

Observeer of leerlingen het individueel moeilijk hebben

Binu Singh: “Als je ziet dat een kind het specifiek moeilijk heeft of in de klas dichtklapt, heb daar dan oog voor. Benoem wat je ziet, zonder oordeel: ‘Ik zie dat je het nu moeilijk hebt. Ik ben er voor je.’ Door dat benoemen leer je jonge kinderen met hun emoties omgaan. Check bij het kind of je observatie klopt en doe een voorstel om te helpen. Jonge kinderen leven vaak in het hier en het nu, ze kunnen moeilijk bewust terugkijken op iets. Als het nodig is, kan je op een ander moment met dat kind individueel in gesprek gaan.”
 

Hou wat lucht in je structuur

Binu Singh: “Ga niet in kramp door overmatig structuur na te streven. Prop de contactmomenten op school niet vol leerstof en kort de speeltijden niet in. Als een kinderbrein niet ontspannen is, kan het niet leren omdat het bezig is met stresshantering. Zorg voor een luchtige structuur waar ruimte is voor gevoelens, ontspanning en waar de leerstof behapbaar blijft.”

“Plan het aantal thema’s in dat je nog moet behandelen en herbegin met een structuur zoals je die de rest van het schooljaar wil hebben. Verander niet elke week drastisch, dat is verwarrend voor kinderen. Stuur enkel bij wat echt nodig is. Je kan de ouders betrekken: vraag ze eventueel met hun kind het schema vooraf te overlopen.”

kinderpsychiater Binu Singh

Kinderpsychiater Binu Singh: “Door vooraf even contact op te nemen met de ouders van je leerlingen, kun je je beter voorbereiden op de noden van je leerlingen.”

Hou afstand, maar wees niet afstandelijk

Binu Singh: “Social distancing is een slechte term, het zou physical distancing moeten zijn. Je moet fysiek iets verder afstaan, maar in je hart kan je heel nabij zijn.
Dat je geen fysiek schouderklopje mag geven, kan je ook uitspreken: ‘Als het kon, zou ik je nu even over je bolletje aaien of knuffelen, maar het mag nu even niet. Lastig, hé. Ik had dat zo graag voor jou gedaan.’ Als je dat vanuit je hart zegt, komt dat ook binnen bij het kind.”

“Als jonge kinderen echt overstelpt worden door verdriet of angst, dan zou ik, met respect voor de veiligheidsmaatregelen, toch naast het kind gaan zitten. Was nadien eventueel je kledij op 60 graden. Als we doorschieten in het preventieve, veroorzaken we schade op een ander vlak. Laat ook weten aan de ouders dat het kind het moeilijk had in de klas.”
 

Ieder nadeel heeft zijn voordeel

Binu Singh: “De leerlingen moeten ver uit elkaar zitten, mogen de juf niet aanraken, mogen ze maar met 1 groepje kinderen spelen. Dat is voor hen toch wat bizar. Wees ontvankelijk voor hun reacties op al die vreemde dingen, maar laat hen ook de leuke kant ontdekken: in kleine klasgroepen krijgen ze meer aandacht van je. Doordat ze verder uit elkaar zitten, kunnen ze elkaar niet meer afleiden en moet jij minder straffen. Je kan vaker buiten lesgeven en bewegen. Jonge kinderen zijn niet gemaakt om uren aan een tafel te zitten. Doe eens een anderhalvemeterdans in de klas, je hebt nu toch meer ruimte. Zo maak je van de nood een deugd.”

In 4 weken naar beter klasmanagement?

Schrijf je in voor de gratis online tipreeks en krijg in je mailbox:

  • inspirerende praktijken van collega's
  • strategieën om te proberen bij jouw leerlingen
  • kant-en-klare tools