Gepubliceerd op
Mening

Omgaan met kansarmoede: 10 inzichten van Noël Slangen

“Kansarmoede is als een blokkendoos: een kansarm kind krijgt maar half zoveel blokken. Een uitzonderlijk kind kan nog altijd een hoge toren bouwen, maar het is wel veel moeilijker”, zegt Noël Slangen. Als ervaringsdeskundige én als voorzitter van het Kinderarmoedefonds weet hij als geen ander hoe armoede werkt. 10 inzichten.

Portret Noël Slangen
  1. Armoede en kansarmoede zijn niet hetzelfde

  2. “Armoede slaat enkel op geldgebrek. Bijvoorbeeld mensen die door werkloosheid tijdelijk in armoede belanden, maar er door hun kennis en netwerk wel in slagen kansen te grijpen. Zij vinden bijvoorbeeld de weg naar de bibliotheek die gratis is.”

    “Kansarmoede gaat vaak samen met generatiearmoede: de financiële situatie verkleint drastisch de kansen van die kinderen. Geldzorgen veroorzaken stress en vaak ook agressie in het gezin. Ouders krijgen geen structuur in hun leven. Kinderen hebben nauwelijks vriendjes en horen er niet bij. Als peuter hebben ze een ontwikkelingsachterstand als ze starten op school.”
     

  3. Kansarme kinderen wantrouwen gezag

  4. “De meeste kansarme kinderen voelen dat de buitenwereld hen niet aanvaardt. Dat uiten ze soms door er zich tegen af te zetten. Ze ballen hun vuisten, krijgen het etiket ‘lastig’. Onze samenleving kijkt heel anders naar mentale dan naar fysieke agressie. Een leerling die geërgerd een stoel door de klas gooit, sturen we van school. Een leerling met dezelfde frustratie die samen met zijn ouders de school een proces aandoet, vinden we mondig.”

    “Wanneer je als kind achterloopt en je uitgesloten voelt, kweek je wantrouwen tegenover gezag. Ze denken snel dat leraren – net als politie – het op hen gemunt hebben.”
     

  5. Hoe rijker een kind, hoe beter zijn zelfbeeld

  6. “Voor ieder positief woord dat een kansarm kind hoort, krijgt het 2 negatieve te horen: ouders roepen, wijzen terecht … Het contrast met andere kinderen is gigantisch. Ouders uit de middenklasse spreken hun kinderen 2 keer meer positief als negatief aan, in de hoogste klassen 6 keer meer. Hoe rijker een kind opgroeit, hoe beter zijn zelfbeeld. Het kind krijgt meer relationele skills mee om te verbinden, ziet en spreekt meer leeftijdsgenoten.”


    De meeste kansarme kinderen voelen dat de buitenwereld hen niet aanvaardt

    Noël Slangen - voorzitter Kinderarmoedefonds
  7. Hulp krijgen, is niet fijn

  8. “Mensen die kansarme gezinnen willen helpen, doen dat vaak paternalistisch. Ze coachen niet maar sturen. Goedbedoeld, maar het is niet fijn om geholpen te worden. Laat mensen in hun eigenwaarde, geef voldoende signalen dat je hen respecteert.

    “Een politieagent die me tegenhoudt als ik te snel rijd, spreekt me aan met ‘meneer’. Maar hoe vaak wordt iemand die naar het OCMW gaat of er wat sjofel uitziet, verwelkomd met ‘meneer’ of ‘mevrouw’?
     

  9. Leraren kennen de wereld van kansarmen niet

  10. “Vroeger was er een heel brede arbeidersklasse. Leraren stonden meestal voor kinderen met overwegend dezelfde achtergrond. Vandaag herkennen ze zich in tweederde van hun leerlingen en vinden ze moeilijk verbinding met een eenderde ‘lastposten’. Want hoe het voelt om in armoede op te groeien, dat weten ze onvoldoende.”

    “Kinderen die in ernstige armoede leven, hebben geen tweede paar schoenen, geen kranten, boeken of spelletjes in huis en geen internet. Allerlei ‘eenvoudige’ opdrachten zoals ‘Verkoop allemaal een paar dozen wafels voor school’, brengt hen in de problemen. Kansarme kinderen hebben geen buren of familieleden of vrienden die dan hun portemonnee opentrekken. Ze leven zeer geïsoleerd.

    “Huiswerk maken als je thuis geen plek hebt of een ouder die een handje helpt, is het verschil tussen een 6 en een 8. Kinderen kunnen cognitief even sterk zijn, maar de omstandigheden kleuren hun punten. Ik pleit er niet voor om huiswerk af te schaffen, maar laat niemand achter. Tijdens corona deelden scholen en de overheid laptops uit. Maar in een gezin waar nog niemand met een computer heeft gewerkt, is dat niet meer dan een doos die oplicht als je op het knopje drukt. Digitale geletterdheid is een groot probleem in kansarme gezinnen. Als leraar een pdf versturen en zeggen ‘Print, vul in, scan en stuur terug’ is absurd.”

    Portret Noël Slangen

    Noël Slangen – voorzitter Kinderarmoedefonds: “In een gezin waar niemand met een computer kan werken, is dat een doos die oplicht als je op het knopje drukt”

  11. School is de enige link met de buitenwereld

  12. “In Vlaanderen gaat slechts een miniem percentage kleuters niet naar school. Maar die leven wel allemaal in probleemsituaties. School is enorm belangrijk voor kansarme kinderen: als je thuis noch stimulansen krijgt, noch de ruimte hebt, is de school je sociaal netwerk en je link met de buitenwereld. Tijdens het afstandsleren viel dat alles weg, een drama voor die kinderen.”
     

  13. Niemand is objectief, ook klassenraden niet

  14. “Een oordeel is nooit neutraal. Onderzoek toont aan dat kansarme kinderen sneller een B- of C-attest krijgen dan kansrijke. Ik heb zeker vertrouwen in klassenraden, maar objectief zijn over leerlingen is net zo moeilijk als objectief zijn over mannen en vrouwen. Toen een symfonisch orkest overschakelde naar blinde audities, nam het veel meer vrouwen aan dan ervoor. Terwijl ze er tevoren echt van overtuigd waren dat ze objectief oordeelden.”

    “Niemand is echt objectief. We hebben de neiging dingen goed te vinden waarin we onszelf herkennen. En scholen en leraren zijn nu eenmaal middenklassebastions.”
     

  15. Scholen verwachten dat ouders functioneren

  16. “Eten meegeven, naar de ouderavond komen, hun kind ondersteunen … allemaal moeilijke taken voor kansarme ouders. Maar ouders zijn verantwoordelijk voor hun kind, niet omgekeerd. Straf daarom nooit kinderen omdat hun ouders geen structuur hebben. Boos zijn op ouders die niet naar het oudercontact komen, heeft weinig zin. Reik hen de hand. Bel bij hen thuis aan of schakel brugfiguren in.”

    “Je mag van ouders in kwetsbare gezinnen niet hetzelfde verwachten als van hoogopgeleide ouders die hun kinderen permanent begeleiden en coachen. Reken daarom nooit de inspanning van ouders mee. Cijfers moeten eerlijk zijn. Vertellen wat een kind kan, en niet de hulp en ondersteuning van hun ouders belonen.”


    Armoede-stress schakelt rationeel denken uit

    Noël Slangen - voorzitter Kinderarmoedefonds
  17. Kansarme kinderen leven voortdurend in stress

  18. “We framen armoede te snel als een materieel probleem. Als je eten hebt, is alles toch in orde? Maar armoede brengt stress mee die onze aanleg voor rationele keuzes uitschakelt. Leraren die een conflict hebben met hun directeur en zich geviseerd voelen, herkennen dat. Ze nemen slechte beslissingen en denken emotioneel. De stress die je ervaart in een vijandige werkomgeving, kennen kansarme kinderen elke dag. En stress leidt snel naar storend gedrag en agressie. Leer dus als leraar hoe je de-escaleert.”
     

  19. Eén leraar kan het verschil maken

  20. “In verhalen over mensen die opklimmen, zitten een paar rode draden. Ten eerste zijn ze allemaal voortdurend structureel onderschat. Ze werden doorverwezen naar lagere richtingen, zwakten hun ambities af. Ten tweede maakte één leraar het fundamentele verschil. Die loodste hen door hun schoolloopbaan. Hoe meer leraren de ambitie hebben om die éne verschilmaker te zijn, hoe meer kinderen de cirkel van generatiearmoede kunnen doorbreken.”

Klasse Magazine = cadeau aan jezelf *

  • 4 kwaliteitsnummers met inspiratie van leraren en experts.
  • Fraai ondersteunend materiaal (kalender, poster, ...)
  • Je Lerarenkaart 2021 valt gewoon in je brievenbus.
*Betaal vóór 3 november en krijg je Lerarenkaart 2021 thuisbezorgd.