Specialist Holebi en transgender

Holebi en transgender: “Meisjes worstelen er meer mee”

Reageer

Log in om te bewaren.

Delen

Saskia Aerts onderzocht de schoolcarrière van holebijongeren. “Hun cijfers verschillen niet veel van die van heterojongeren. Maar lesbische en biseksuele meisjes maken wel iets meer kans op een B- of C‑attest. Zij blijken een kwetsbare en vergeten groep.”

Het zijn toch vooral jongens die negatieve reacties krijgen?

Saskia Aerts: “Dat klopt. Toch scoren meisjes op alle vlakken slechter: het gevoel erbij te horen, hun motivatie, resultaten, hun identiteit aanvaarden … Ze zijn minder zichtbaar dan homo’s, denken veel na over reacties van anderen en hebben moeite om hun nieuwe identiteit te aanvaarden. Het duurt dan ook langer voor ze zich outen. Bij meisjes komt het inzicht vaak plots terwijl jongens er meestal langzaam aan kunnen wennen. Ze tonen – zonder in stereotypen te willen vervallen – ook minder dat typische meisjesgedrag dat leraren graag hebben. Bij een deel van de homojongens speelt het omgekeerde: hun vrouwelijke trekken worden in ons onderwijs sneller beloond.”

Expert Saskia Aerts

Bso- en tso-leerlingen staan negatiever tegenover LHBT-jongeren?

Saskia Aerts: “Er zijn inderdaad grote verschillen. De sociale ongelijkheid speelt hier een rol: veel jongeren uit de lagere sociale klassen komen in het bso/tso terecht. In zulke minder diverse groepen worden stereotypen versterkt. Toch hebben holebi’s niet het gevoel dat ze in het bso/tso meer gediscrimineerd worden. Blijkbaar is het niet omdat je zo denkt, dat je je ook zo gedraagt. Mogelijk zijn leerlingen in bso/tso de negatieve opmerkingen ook meer gewoon zodat ze die niet meer persoonlijk nemen en niet melden tijdens het onderzoek. Bovendien zou het kunnen dat homo- en bi-jongens in typische richtingen zitten met veel meisjes: drama, haartooi, kantoor …”

Schelden, belachelijk maken, wat doet dat met een jongere?

Saskia Aerts: “Wie ‘vuile homo’ roept, beseft niet hoe diep dat de andere raakt. Het gaat, eerder dan bij plagerijen over een bril of over ros haar, over je identiteit. Pesters zien het als een grapje. Hun hetero zijn is geen deel van hun identiteit, terwijl holebitransjongeren soms jaren worstelen om dat stukje van zichzelf te aanvaarden. In een holebi­vriendelijke school reageren leraren op kwetsende opmerkingen. Ze staan er open voor diversiteit, durven het thema ter sprake te brengen, hebben er continu aandacht voor. En wat blijkt? Ook heteroleerlingen ervaren zulke scholen duidelijk positiever.”