Gepubliceerd op
Specialist

6 valkuilen bij deeltijds afstandsonderwijs

Na de herfstvakantie schakelen tweede en derde graad secundair opnieuw naar online onderwijs. Minstens halftijds. Zet jij de camera in je klas dan continu aan? Werken collega’s met andere tools dan jij? Brengt de school alle vakken naar 50%? Katrien Bernaerts van Toll-net behoedt je voor deze en andere valkuilen.

6 valkuilen bij deeltijds afstandsonderwijs

Valkuil 1: camera aan in je klas en lessen streamen

Katrien: “We geven gewoon les aan de halve groep in de klas en laten de thuiszitters tegelijk volgen via een camera, denken sommige scholen. Efficiëntie verzekerd of vooral verveling? Het laatste, want elke dag 8 keer 50 minuten videoles uitzitten, dat houdt geen leerling vol. Zoek als leraar én team naar evenwicht in je didactiek. Wissel livesessies met werkboekopdrachten en online zelfstudiepakketten. Ook in je klas krijgt je les extra elan als je werkvormen varieert.“

“Werk met lesblokken. Als je 2 uur na elkaar hebt, start dan met maximaal 30 minuten klassikale instructie of nieuwe leerstof. Ga daarbij niet koortsachtig zo veel mogelijk kennis overpompen, maar maak je les interactief met een poll, vragenlijst of break-outruimte. Zet daarna iedereen in de klas én thuis zelfstandig aan het werk. Afsluiten doe je opnieuw samen. Weet je meteen van al je leerlingen hoe het liep. Zo heb je als leraar niet het gevoel dat je jezelf in tweeën moet splitsen, maar geef je wél iedereen op hetzelfde moment dezelfde les.”

Valkuil 2: iedere leraar kiest zijn favoriete tools

Katrien: “In de eerste coronagolf toonden leraren zich ontzettend wendbaar. Ze sprongen online, maakten massaal materiaal aan, deelden met collega’s. Alleen ontstond er een gigantische tuin aan tools waarin leraar én leerling verdwaalden.”

“Idealiter zit je met schoolteam intussen in 1 digitale leeromgeving en spreek je een beperkt aantal online tools af. Dat laatste lukt lang niet iedereen. Daar vandaag snel afspraken over maken voor de hele school, heeft weinig zin. Dat kan later als de rust terugkeert. Binnen de vakgroep nog ervaringen uitwisselen en keuzes maken, lukt wel. Selecteer tools altijd in functie van je lesdoel, nooit omgekeerd.”


Halftijds overschakelen betekent niet dat je elk vak voor 50% via afstandsonderwijs invult. Praktijkvakken kunnen niet zonder klaslokaal, leerden we uit de eerste golf

Katrien Bernaerts - Toll-net

Valkuil 3: denken dat elke leerling strijdt met gelijke wapens

Katrien: “Net als in de eerste golf missen sommige leerlingen hardware, internetverbinding en rustige werkplekken. Het blijft moeilijk om daarvoor uit te komen. En dus zal er voorlopig altijd een plek zijn voor papieren werkbundels.”

“Ook als alleen de tweede en derde graad deels naar online onderwijs overstappen, zal dat in bepaalde families organisatorische problemen geven. 3 tieners die op verschillende scholen zitten, met maar 1 gezinslaptop. Maak daarom je online lessen altijd smartphone-proof. Want mobieltjes hebben ze meestal wel. Natuurlijk vraag je niet om lange teksten te lezen op smartphone, maar je kiest tools die ook perfect werken op kleine schermen, voor korte, gerichte opdrachten. En neem je lessen op. Dan spelen leerlingen die af wanneer ze willen én kunnen ze terugspoelen.”

Valkuil 4: alle vakken naar 50% online brengen

Katrien: “Halftijds overschakelen naar online lessen, betekent niet dat je elk vak voor 50% via afstandsonderwijs invult. Het wordt soms puzzelen voor gevorderden, maar we leerden dat praktijkvakken niet zonder klaslokaal kunnen. Terwijl theorievakken als taal of wiskunde makkelijker naar online kunnen switchen, zeker tijdelijk. Aan scholen om met die percentages te spelen.”

Valkuil 5: altijd dezelfde truc toepassen

Katrien: “In de klas verrassen leraren hun leerlingen met een arsenaal aan werkvormen. Online vervallen we te snel in 1 klassieker. Dan checken we voorkennis door samen in Teams of Smartschool wat vragen te beantwoorden. Goede techniek, maar verandering van spijs doet eten. Gebruik ook eens Padlet voor een digitale mindmap, een quiz. Idem voor de afsluiters van je les of voor oefeningen.’

“Online moet je bovendien nog sterker differentiëren dan in je klas om leerlingen aan het leren te houden. De tempoverschillen tussen klasgenoten zijn groot. Werk daarom met tools als Xerte die leerlingen gericht een nieuwe reeks oefeningen presenteren op basis van hun scores. 50%juist, dan krijgen ze herhaling of remediëring. 90%, dan schakelen ze door naar moeilijker werk.”


Denk niet dat alle leerlingen je instructievideo bekeken omdat ze de volgende dag allemaal 2 verschillende sokken dragen in je klas

Katrien Bernaerts - Toll-net

Valkuil 6: leerlingen over- en onderschatten

Katrien: “We blijven de digitale vaardigheden van leerlingen overschatten. Sommige tieners heersen wel op YouTube maar knappen af op knoppenkennis. Ze komen in de problemen bij oefeningen tegen de tijd. Voor ze toets na toets het correcte antwoord tikken, kleurt hun tijdsbalk rood. Terwijl ze de leerstof misschien wel onder de knie hebben”

“Tegelijkertijd mag je ook hun trukendoos niet onderschatten. Sommige leraren flippen the classroom met mooie, zelfgemaakte video’s. Ter aanwezigheidscontrole vragen ze hun leerlingen om in de volgende liveles 2 verschillende sokken te dragen. Goed geprobeerd, maar een klas vol vrolijke voeten vertelt niet dat iedereen naar de vorige video keek. Misschien heeft 1 wakkere leerling zijn klasgenoten ge‑sms’t. Je kan beter vragen om 3 moeilijke woorden door te sturen. Die kan je meteen gebruiken om je les te starten.”
 
 


Hoe organiseer je vanaf november 2020 contact- en afstandsonderwijs? Lees meer onder de subtitel ‘Organisatie van je scho
ol
‘ bij de FAQ op de Onderwijswebsite. Vraag hulp aan je pedagogische begeleidingsdienst bij het organiseren van afstandsonderwijs.

Het beste van Klasse in je mailbox?

  • Al 58.000 leraren zijn abonnee
  • 1 keer per week en helemaal gratis
  • Verhalen van collega’s, concrete praktijktips, exclusieve wedstrijden ...