Gepubliceerd op
Verhaal

Als een leerling in coronatijd uit het leven stapt: dagboek

Log in om te bewaren.

Op een maandag in september hoort godsdienstleraar Diane dat een leerling is overleden. Later blijkt dat hij al een poos ongelukkig was. Als pastoraal verantwoordelijke ontfermt Diane zich over leerlingen en collega’s. Slaagt ze erin een warm rouwproces te organiseren, met al die coronamaatregelen?

Dagboek leerling zelfdoding corona

In dit openhartige dagboek lees je hoe Diane de eerste week na dit heftige nieuws aanpakt. Ze vertelt ook over de herdenkingsdienst rond Allerheiligen, en hoe ze tijdens de lockdown op afstand voeling houdt met de nabestaanden.

— MAANDAG 21 SEPTEMBER —

Een schokkend bericht

Het schooljaar is 3 weken bezig. Ik ben thuis de klassenraad aan het voorbereiden, als ik een e-mail krijg. Matteo* uit 6 Mechanica is overleden. Ik ben diep onder de indruk en stuur meteen een bericht terug: “Moet ik afkomen?” Maar het is al laat en de directeur moet de klas nog inlichten. “Laten we het morgen bespreken, tijdens de pedagogische studiedag,” stelt hij voor. “Dan zijn de leerlingen niet op school, dat geeft ons een extra dag om zaken te regelen.

De directeur, klastitularis en graadcoördinator nemen Matteo’s klas mee naar buiten. Ze vertellen hun wat we op dat moment weten: er is een ongeval gebeurd. Om het nieuws te laten bezinken, maken ze samen een wandeling. Daarna verwittigt de directeur enkele leraren die nog op school zijn, en stuurt een e-mail naar de rest.

Vanuit thuis wil ik ook iets doen. Ik besluit de klastitularis te bellen. Deze praktijkleraar kent de leerlingen pas 3 weken en is blij dat hij zijn hart kan luchten. “Vrijdag zag ik al dat het niet goed ging met Matteo. Ik nam hem mee naar de graadcoördinator, waar hij vertelde dat hij schoolmoe was. We praatten hem moed in, dat leek te werken. In de werkplaats ging hij gewoon weer aan de slag. Zou er toch meer gespeeld hebben?”

— DINSDAG 22 SEPTEMBER —

Dagboek leerling zelfdoding corona

Een draaiboek voor rouw

“Ik ben al vroeg op school en klop meteen aan bij het bureau van de directie: “Hebben jullie wat kunnen slapen? Zijn er nog reacties van de klas?” De graadcoördinator die Matteo vrijdag sprak, voelt zich schuldig. “Projecteer het niet op jezelf”, troost ik hem. “Als een leerling het achterste van zijn tong niet laat zien, zit het probleem dieper. Ik begrijp je gevoel, maar jezelf kwellen heeft geen zin. We moeten er zijn voor Matteo’s klas.

Voorafgaand aan de klassenraden roept de directeur alle leraren samen om het droevige nieuws te kaderen. Ik draag een tekstje voor over Matteo, dat ik gisteravond heb geschreven. Met alle collega’s zijn we even stil, onze gedachten bij het overlijden. Dan moeten we over tot de orde van de dag. Met de algemeen en pedagogisch directeur en de graadcoördinator bekijk ik wat er moet gebeuren. Ik heb een lokaal nodig om Matteo’s klas op te vangen, ik wil een rouwhoek inrichten… Een collega rijdt naar de supermarkt voor wafels en chocomelk. Zelf ga ik na schooltijd langs de bloemist.

Een paar jaar geleden overleed er ook een leerling. Daardoor kunnen we terugvallen op een draaiboek. Maar we moeten ook de coronamaatregelen respecteren. In hoeverre zal dat het rouwproces beïnvloeden?

— WOENSDAG 23 SEPTEMBER —

Mannen van weinig woorden

“Alle klassen verzamelen in hun bubbel op de speelplaats. Ze weten al wat er is gebeurd. Gisteravond heeft de directeur alle leerlingen en ouders gemaild, en onze inbox zit vol met steunbetuigingen. Nu houdt hij een toespraak voor de hele school. Hij spreekt over corona, donkere gedachten en waarom het belangrijk is daar met elkaar over te praten. Maar het woord zelfdoding vermijdt hij. We weten immers niet precies wat er is gebeurd. Als de directeur zijn betoog besluit met een gebed, is het oorverdovend stil.

Ondertussen zit ik met Matteo’s klas, hun titularis, enkele leraren en een CLB-medewerker in een lokaal dat de hele week voor ons is vrijgeroosterd. Aarzelend. Mogen we elkaar vastnemen? Ik bijt de spits af. “Mannen, dit is verschrikkelijk heftig. Niemand wil dit meemaken, maar wij moeten erdoor. Samen. De komende week is dit onze plek. Hier mag je huilen, lachen, boos zijn, herinneringen ophalen… Of stil zijn, dat mag ook.”

De leerlingen kiezen voor het laatste. Zwijgend zitten we tegenover elkaar. Praten is belangrijk voor het verwerkingsproces, maar dit zijn mannen van weinig woorden. Pas als we buiten een wandeling maken, komen de verhalen los. “Kijk mevrouw, ik heb nog een foto van Matteo in de L.O.-les” en “Oh, dit is ook een grappig filmpje!” Het is een begin. “Hiermee gaan we iets doen om Matteo te herdenken”, beloof ik.

Een biecht in de kapel

Maar eerst neem ik de jongens mee naar de kapel, waar ik een rouwhoek heb ingericht met bloemen, kaarsen en Matteo’s schoolfoto. Nadat alle leerlingen een kaars hebben aangestoken, volgt er een moeilijk moment. Veel van Matteo’s klasgenoten hebben Italiaanse roots en de gewoonte om het portret te kussen. Dat is natuurlijk niet coronaproof. In plaats daarvan kussen ze hun eigen handpalm en geven de foto een vuistje.

Als ik na een poosje voorstel om terug naar het lokaal te gaan, veren sommige jongens direct op. Alleen Matteo’s beste kameraden blijven zitten. “Hebben jullie nog wat tijd nodig?” vraag ik. Ze willen ons iets vertellen. En terwijl de CLB-medewerker met de rest van de klas vooruit gaat, komt het er schoorvoetend uit.

Kijk nog eens goed naar die foto, mevrouw. Naar z’n ogen. We moeten er toch geen tekening bij maken wat daar gebeurd is?” De jongens wisten al langer dat Matteo niet gelukkig was. Maar ze hebben er met niemand over gepraat.

— DONDERDAG 24 SEPTEMBER —

Dagboek leerling zelfdoding corona

Met een fakkel terug naar de les

“Met Matteo’s klas brainstorm ik over de herdenkingsdienst die we willen organiseren. Dat gaat niet zo vlot. De leerling die een paar jaar geleden overleed, zat in een doorstroomrichting. Zijn klasgenoten schreven toen allemaal een tekst om hem te herdenken. Maar deze jongens werken liever met hun handen. Verder dan een paar woorden komen ze niet.

Dan komt de klastitularis met een idee. “Zullen we Matteo’s profiel namaken in hout en metaal, en daar de woorden in graveren die hem typeren? Dan geven we die kunstwerken als aandenken aan zijn ouders.” De jongens zijn blij dat ze weer naar de werkplaats kunnen. Ze vragen zelfs of de lessen weer doorgaan. Niet dat ze veel oppikken nu, maar structuur helpt om de dagen door te komen.

Ook ik neem mijn lessen weer op. Een paar vijfdejaars vragen me of ze een kaarsje voor Matteo mogen branden. Ze woonden bij hem in de buurt en groeiden samen op. Ik heb alleen een heel grote kaars, die ze de rest van de schooldag als een fakkel van lokaal naar lokaal dragen.”

— VRIJDAG 25 SEPTEMBER —

Condoleances op afstand

“Vanwege de coronamaatregelen kan Matteo’s klas niet naar de uitvaart. De kist begroeten mag wel. Bij de begrafenisondernemer staat een rij tot het einde van de straat. Zeker 300 mensen komen afscheid nemen.

In kleine groepjes schuiven we aan. Het voelt onwerkelijk: uit de verte wuiven naar Matteo’s familieleden, die meters achter de kist staan. Even in de schouder knijpen en een condoleance fluisteren, is er niet bij. Achteraf heb ik spijt dat we niet met de hele klas naar binnen gingen en samen een buiging maakten. Het ging zo snel, ik heb er niet aan gedacht.

Buiten bots ik op Serhat*, een klasgenoot van Matteo. Hij vond geen parkeerplaats en moet nu in z’n eentje naar binnen. “Heb je al eens een katholiek afscheidsritueel meegemaakt?” vraag ik de jongen, die moslim is. Dit is de eerste keer. Gelukkig zie ik in de verte een andere leerling aanschuiven met zijn ouders, die goed bevriend waren met Matteo’s vader. Zij nemen Serhat mee naar binnen. Later die avond bedankt hij me daarvoor.

Bij het vorige overlijden van een leerling organiseerden we een koffietafel in de school. Dat kan natuurlijk ook niet in coronatijd. Maar op het moment van Matteo’s afscheid is de horeca nog open. De directeur nodigt ons uit voor een kop koffie. Samen iets drinken is deel van onze schoolcultuur, maar nu durft niet iedereen het aan.”

— VRIJDAG 9 OKTOBER —

Allerheiligen

“Elk jaar rond Allerheiligen organiseert onze school een herdenkingsdienst voor de overleden leerlingen, leraren en andere personeelsleden. Dit jaar trekken de stijgende coronacijfers en verlengde herfstvakantie daar een streep door.

Wel organiseren we een herdenkingsdienst in kleine kring. Voor Matteo’s naaste familie, klasgenoten en buurjongens, en enkele leraren die hem goed kenden. In totaal zijn we met ongeveer 30 mensen. Met mondmaskers, stoelen op anderhalve meter en voldoende verluchting, kan dat coronaproof doorgaan.

We tonen foto’s en filmpjes van Matteo, en we geven zijn familie de kunstwerken en een herinneringenboek. Want de jongens hebben toch iets geschreven. Ik gaf ze de tijd om erover na te denken en liet hen thuis een kladversie schrijven. Ook leerlingen uit andere jaren mochten een tekst inleveren bij hun godsdienstleraar. Matteo’s buurjongen uit het vijfde leest zijn bijdrage voor op het podium. Het is een tekst recht uit het hart.”

— VRIJDAG 16 NOVEMBER —

Dagboek leerling zelfdoding corona

Een graf zonder steen

Met Matteo’s vader gaan we tot slot naar de begraafplaats. De leerlingen willen het kunstwerk van staal naast zijn graf zetten, maar er is nog geen steen. In coronatijd moet je daar 6 maanden op wachten. Terwijl de jongens naast het graf knielen, neemt Matteo’s vader me even apart. “Die leerlingen wisten meer dan ik”, fluistert hij. Ik slik. Wat kan ik daarop antwoorden?

— HOE NU VERDER? —

De foto van Matteo krijgt een plekje aan de herdenkingsmuur in onze kapel, bij de andere leerling en personeelsleden die zijn heengegaan. Ook in het bureau van de directeur hangen foto’s van alle overledenen.

Vanwege code oranje komen de leerlingen nu om de week naar school. Als ze thuis zitten, blijft het lesuur godsdienst een moment waarop ze mij kunnen aanspreken via videochat. Ik stuur ook regelmatig persoonlijke berichtjes naar alle nabestaanden. Op afstand probeer ik voeling te houden. Ik blijf aankloppen bij collega’s, zeker bij de klastitularis en graadcoördinator. Sommigen roeren liever niet meer in wat is gebeurd. Dat respecteer ik.

Ik zorg ook voor mezelf. De pastorale werkgroep en andere godsdienstleraren zijn een grote steun. En in de 30 jaar dat ik dit werk doe, heb ik leren loslaten. Ik vraag hulp en geef aan als het me te veel wordt. Vergeet ik Matteo? Nooit. Maar mijn andere leerlingen hebben me ook nodig. En ik kan er alleen voor hen zijn, als ik dit kan afronden.

 
* Om privacyredenen gebruiken we niet de echte namen.

 
Denk je aan zelfdoding en heb je nood aan een gesprek? Dan kan je terecht bij de Zelfmoordlijn op het nummer 1813.

Waar is mijn
Lerarenkaart?