Gepubliceerd op
Specialist

7 tips die élke leraar kan gebruiken tegen spijbelen en schooluitval

Spijbelen en schooluitval komen in elke school voor. Welke leerlingen in jouw klas blijven te lang onder de radar? En waarom werken strafstudies niet? Onderzoekers Bram Spruyt en Gil Keppens (VUB) willen elke leraar alert maken voor spijbelaars.
 

  1. Wees slimmer dan je leerlingen

  2. Bram Spruyt: “Sommige scholen denken dat ze geen of weinig spijbelende of afhakende leerlingen tellen. Maar heel wat jongeren blijven onder de radar. Zo zijn de berekende spijbelaars crack in het registratiesysteem omzeilen. Na het afvinken ‘s morgens verstoppen ze zich ergens in een lokaal of glippen weg, bij voorkeur op vrijdagmiddag. Of ze zijn te laat en blijven dan maar ineens een halve dag weg, want die B-code hebben ze toch al op zak. Sommige leerlingen stoppen beredeneerd met spijbelen bij een bepaald aantal B-codes omdat ze maar al te goed weten dat ze daarna naar het CLB moeten.”

    Gil Keppens: Meisjes blijven langer onopgemerkt dan jongens. Ze internaliseren meer waardoor hun problematische spijbelgedrag later in het vizier komt. Jongens externaliseren in het algemeen meer, maken heibel en worden vroeger opgemerkt en opgevolgd.”

    “De helft van de spijbelaars spijbelt met medeweten van hun ouders. Ze krijgen zoon of dochter niet uit bed, maar geven geen toestemming om niet naar school te gaan. Bij een derde van de leerlingen geven ouders wel toestemming: vermoeidheid, een taak of toets niet voorbereid, een cent bijverdienen, luxeverzuim of iets leuks doen met familie.”


    Bij een derde van de spijbelaars geven ouders toestemming om te spijbelen
  3. Neem elke B-code serieus

  4. Bram Spruyt: “Onschuldig spijbelen bestaat niet. Elke code voor ongewettigde afwezigheid, te laat of ziek, heeft invloed op de schoolloopbaan van jongeren. Slechts 3% van de leerlingen is problematisch spijbelaar, maar 60% van alle leerlingen heeft minimaal 1 B‑code voor ongewettigde afwezigheid. Elke B-code verhoogt de kans op een B- of C-attest. Daarom is het belangrijk om bij spijbelpreventie ook in te zetten op laagdrempelig spijbelen.”

    “Een leerling met een B‑code is vaker te laat, ziek, afwezig. Dus als een leerling 5 B‑codes heeft – het eerste alarmsignaal voor het CLB – is die leerling veel vaker afwezig geweest dan 5 keer. Wacht dus niet om in actie te schieten tot een leerling 5 B‑codes heeft.”

    “Die laagdrempelige spijbelaars hebben nog schrik om betrapt te worden. Problematische spijbelaars hebben alle binding met de school verloren en malen niet om een B‑code meer of minder.”

     

  5. Klamp je leerlingen aan tijdens corona

  6. Bram Spruyt: “De coronacrisis heeft natuurlijk invloed op het aantal leerlingen dat vatbaar is voor schoolmoeheid, spijbelen, schooluitval. Tijdens corona zijn er meer redenen om minder te presteren. Leerlingen schakelen naar een andere richting, belanden in deeltijds beroepssecundair onderwijs of stoppen meteen.”

    “Corona zal zelfs 2 keer een effect hebben op schooluitval. Tegen dat de crisis achter de rug is en de economie heropflakkert, heeft een sterkere arbeidsmarkt een aantrekkingskracht op jongeren. Hoe beter de economie draait, hoe meer jobs, hoe meer leerlingen werken aantrekkelijker vinden dan de schoolbanken. En door corona dreigt die vijver van leerlingen groter te worden.”

    Gil Keppens: “De mechanismen die leerlingen uit onderwijs duwen, veranderen niet tijdens corona. De situatie wordt alleen uitvergroot. Dus de methodes om spijbelen en schooluitval te bestrijden blijven dezelfde.”

    Contact houden is een van de sleutels tot succes. ‘Waar was je? Ik heb je gemist. Waarom was je er niet?’ Tijdens corona kunnen leraren nog meer aanklampen en proactief contact houden met hun leerlingen. De leraar blijft het belangrijkste aanspreekpunt. Ik hoop dat leraren dat niet als extra werk beschouwen, maar als de kern van hun job. Leraren en scholen kunnen niet alle problemen oplossen, maar wel de band aanhalen.”

    “Tijdens ons onderzoek gaven leerlingen aan dat ze een reactie wíllen op hun spijbelgedrag. Soms weet iedereen dat een leerling regelmatig afwezig is, maar vraagt niemand heel eenvoudig: ‘Waar was je? Hoe gaat het met je?’. Een verbindend schoolklimaat is de beste remedie om leerlingen aan boord te houden.”

    “Heel wat scholen voor beroeps- en deeltijds beroepssecundair onderwijs in Brussel en Antwerpen dweilen met de kraan open en verdrinken. De problematiek overstijgt wat een schoolteam aankan. Voor preventie is geen tijd. Zo krijgen enkel de zwaarste spijbelaars met 30 B‑codes een gesprek en opvolging. Die scholen hebben extra ondersteuning nodig.”


    60% van alle leerlingenheeft minimaal 1 B-code voor ongewettigde afwezigheid


  7. Wees streng en ambitieus

  8. Gil Keppens: “Scholen ontwikkelen het best een geïntegreerde visie met een aanpak rond zorg, sancties, spijbelen, detectie die op elkaar inhaken. Een spijbelende leerling detecteren en registreren is goed. Maar wordt die ook opgevolgd in het zorgbeleid? De ene leraar grijpt naar een spartaanse aanpak, de andere geeft een extra schouderklopje. Om schooluitval te bestrijden, passen alle leraren op een school het best dezelfde visie toe.”

    Bram Spruyt: “Een autoritatief schoolklimaat blijkt het beste tegen spijbelen. Met een veeleisende en gedisciplineerde aanpak met duidelijke regels en de lat hoog. Maar wel in combinatie met een vertrouwensrelatie met je leerlingen. ‘Ik geloof in jou. Ik blijf achter je veren zitten.’ Daarom geef je leerlingen bij een afwezigheid het best geen 0 op een toets, wel een herkansing. Probeer het waarom van spijbelgedrag te bevragen en zoek de onderliggende redenen, die heel divers zijn. De ene leerling moet op een jonger zusje of broertje passen terwijl de ouders werken. Een andere wordt gepest of verveelt zich stierlijk op de schoolbanken.”

     

  9. Laat ouders het rapport op school oppikken

  10. Bram Spruyt: “Als je nog contact hebt met de ouders en je samen op dezelfde lijn zit, kan je schooluitval nog voorkomen. Je kan ouders van een spijbelende leerling elke week een mail met een update sturen hoe het loopt in de klas. Zo kan die leerling leraren en ouders niet tegen elkaar uitspelen. Hij voelt dat er communicatie uit 1 kamp is. Ouderbetrokkenheid verhogen is niet evident. Maar laat ouders al zeker het rapport op school oppikken – als de coronamaatregelen het toelaten. Stuur ze allemaal een sms. Wie niet reageert, contacteer je extra. Totaal geen reactie van de ouders is soms een betere indicator om het CLB in te schakelen dan het aantal B-codes.”

    “Een leraar kan niet alles oplossen en de draagkracht van en school is niet eindeloos. Investeer daarom in samenwerkingen en netwerken. Contacteer bijvoorbeeld via het CLB gerust een buurtwerker of de politie om bij een specifiek gezin langs te gaan.”


    De helft van de spijbelaars spijbelt met medeweten van de ouders
  11. Hou je beloningen en straffen tegen het licht

  12. Gil Keppens: “Een klassieker: leerlingen die op tijd komen krijgen als beloning een ontbijt of een fuifje op school. Maar dat werkt alleen op korte termijn en bij leerlingen die nog maar 1 keertje afwezig waren. Hetzelfde voor strafstudies. Problematische spijbelaars kan je niet meer beïnvloeden met alleen straffen en belonen.”

    “Voor alle duidelijkheid, ik ben niet tegen sancties. Maar die passen beter in een bredere visie. En verwacht er niet te veel van. Haal liever de relatie met een leerling aan en kijk naar de redenen waarom een leerling afhaakt. Zorg dat elke leerling een leraar heeft als vast aanspreekpunt. Afwezigheden opvolgen is traditioneel een taak van het secretariaat of de leerlingenbegeleider. Maar de leraar blijft steeds op de eerste lijn staan.”

     

  13. Heb geen schrik van data

  14. Bram Spruyt: “In vergelijking met heel wat andere landen zijn de registratiesystemen in Vlaanderen top. Maar goede data lossen het probleem van spijbelen en schooluitval natuurlijk niet vanzelf op. Sommige scholen hebben schrik dat data dienen om hen te controleren. Je moet die data vooral gebruiken in je zorgbeleid. Waarom stijgen de afwezigheden of laatkomers in die klas? Kan je dat koppelen aan gegevens over welbevinden? Ondersteunen de data mijn buikgevoel dat er in die klas een probleem is? En vooral, wat gaan we er proactief aan doen?”
     


    Wil je in het volledige TOR-onderzoek duiken van onderzoeker Bram Spruyt (VUB) en postdoctoraal onderzoeker (FWO) Gil Keppens over preventie van spijbelen en vroegtijdig schoolverlaten?

Het beste van Klasse in je mailbox?

  • Al 58.000 leraren zijn abonnee
  • 1 keer per week en helemaal gratis
  • Verhalen van collega’s, concrete praktijktips, exclusieve wedstrijden ...