Gepubliceerd op
Zo doen zij het

“Elk jaar verbeteren onze resultaten voor wiskunde”

Toen de leerlingenresultaten voor wiskunde zienderogen achteruit gingen, ondernam het team van Basisschool Erasmus in Deinze actie met een logische leerlijn, een driesporenbeleid en een kangoeroeklas. Met succes. “De resultaten verbeteren elk jaar”, vertellen Franky Feys en Tim Dhuyvetter.

Franky Feys, leraar 4de leerjaar en Tim Dhuyvetter, zorgcoördinator

Tim Dhuyvetter, zorgcoördinator: “We maken al jaren diepgaande analyses van de leerresultaten van onze leerlingen, zowel voor wiskunde als voor spelling. Dat doen we op basis van het leerlingvolgsysteem, toetsen en resultaten in de klas. Zowel op kind-, klas- als schoolniveau. 8 jaar geleden gingen de resultaten voor wiskunde sterk achteruit. We zochten naar oorzaken, maar we bekeken ook onze leerlingeninstroom. Want een school legt misschien iets mindere resultaten voor, maar boekt toch een mooie vooruitgang gezien haar leerlingenpopulatie. Niettemin moesten we ingrijpen.”

Franky Feys, leraar 4de leerjaar: “We startten met een screening van onze leerlijn. De leraren noteerden bij elk onderdeel van wiskunde welke leerplandoelen daarbij horen. Zo ontdekten we hiaten en overlap. Op de personeelsvergadering vroegen we: ‘Waarom geef je dat onderdeel niet?’ of ‘Is het nodig dat dit onderdeel in het tweede én derde leerjaar aan bod komt?’. Op basis daarvan hebben we geschrapt, aangevuld en ook veel leerstof verschoven omdat de leerlingen er nog niet rijp voor zijn. Een mooi voorbeeld is kloklezen. Alle leerinhouden kloklezen in de eerste en tweede graad schreven we gedetailleerd uit. Die oefening was al een hele stap vooruit.”

“We hebben getwijfeld of we volledig zouden afstappen van de methodes van uitgeverijen. Uiteindelijk kozen we voor een methode die het beste past bij onze noden en schoolpopulatie. En daarin knipten en verschoven we. Voor sommige onderdelen maken we eigen materiaal.”


De kloof tussen de wiskundeknobbels en zwakke rekenaars wordt steeds groter

Tim Dhuyvetter - zorgcoördinator, BS Erasmus Deinze

Driesporenbeleid

Tim: “Jaar na jaar verbeterden onze resultaten. Maar een viertal jaar geleden merkten we dat de middengroep – waar vroeger het grootste deel van de leerlingen toe behoorde – kleiner en kleiner werd. En de kloof tussen de kopgroep en de kinderen die moeite hebben met wiskunde werd groter. We pasten onze lesmethode al aan, stemden onderling af en zetten in op de klaswerking. Wat konden we nog meer doen?”

“Toen besloten we om de schoolorganisatie om te gooien. We bezochten andere scholen om bij te leren over team- en coteaching, twee- en driesporenbeleid … Daar filterden we ons eigen systeem uit: een driesporenbeleid voor wiskunde van het eerste tot het zesde leerjaar tijdens de moeilijkste lessen van de week, bijvoorbeeld problemen oplossen. We verdelen de leerlingen van 2 parallelklassen in 3 groepen: de groep die zonder instructie aan de slag kan, de gemiddelde groep en de groep die bijkomend materiaal nodig heeft. De 2 klasleraren en een zorgleraar begeleiden elk een groep.”

Franky: “We blijven per leerjaar werken, deels omdat we geen plaats hebben voor grotere groepen, maar vooral omdat we leerlingen van het vierde leerjaar de leerstof van het zesde nog niet willen aanbieden. We kiezen liever voor verdieping.”
 

Ook goed voor de sterken

Franky: “Als je als leraar alleen voor een klas staat, geef je les aan de gemiddelde leerling en kan je meestal wel naar beneden differentiëren. Maar je sterke groep blijft vaak in de kou staan. Je biedt wel verdiepingsmateriaal aan, maar als zij fouten maken, heb je niet de tijd om hen verder te helpen. In een driesporenbeleid gaat de derde leraar met hen wel dieper in op de fouten die ze maken. De zorgleraar – een ervaren leraar die al wat kennis heeft van alle leerjaren – zet meestal in op die sterke groep.”

Franky Feys, leraar 4de leerjaar en Tim Dhuyvetter, zorgcoördinator

Franky Feys – leraar 4de leerjaar, BS Erasmus Deinze: “Als je in je eentje voor de klas staat, blijft je sterke groep vaak in de kou staan.”

Tim: “Buiten de uren met het driesporenbeleid voorzagen we naast de gewone leerstof verdieping voor de snel lerende leerlingen. Vaak kwam dat er op neer dat ze die verdieping zelfstandig moesten verwerken, zich eigen maken, zichzelf corrigeren en weinig of geen sturing krijgen. Bovendien waren ze in de klas té veel bezig met verdieping. Daarom schakelden we onze kangoeroewerking vorig jaar enkele versnellingen hoger.”

“De snel lerende kinderen werken nu in de klas vooruit met een eigen planning. Ze verwerken dezelfde leerstof als de andere kinderen, maar compacter, eventueel nog aangevuld met wat verdieping. Zo komt er tijd vrij om 2 halve dagen per week naar de kangoeroeklas te gaan. Daar werken ze aan hun eigen projecten. De leraar van de kangoeroeklas zet bovendien in op hun mindset zodat ze leren doorzetten. En doordat de sterke leerlingen niet in de klas zitten, krijgt de klasleraar tijdens die 2 halve dagen meer tijd om nog dieper op 2 sporen te werken.”
 

Alle leraren op de kar

Tim: “Onze manier van werken vraagt veel inzet van onze leraren, maar we proberen hen te ondersteunen zodat ze zich niet alleen voelen. Als leraar moet je aanvoelen dat je inspanningen levert, maar dat je daardoor net gemakkelijker lesgeeft. Als je wil veranderen, moet je je leraren mee hebben: heel duidelijk uitleggen waarom je iets doet. Ze hebben het helikopterzicht van de directie en zorgcoördinatoren niet en zeggen anders al snel ‘ik heb geen probleem met wiskunde in mijn klas’.”

Franky: “Dat we altijd vertrekken vanuit cijfers en analyses is onze sterkte. We tonen wat het probleem is en vragen ons dan af wat we eraan gaan doen. Alle leraren krijgen inspraak, we verplichten of forceren niets. Er springen altijd wel leraren op de kar. Zij vertellen over hun ervaringen en trekken de anderen mee.”

Tim: “Ik merk ook dat leraren trotse mensen zijn die het goed willen doen. Als we onze vooruitgang evalueren, bespreken we de schoolanalyse zonder collega’s of klassen te benoemen. Het resultaat van hun klas zegt immers niets over hun capaciteiten om les te geven. De leraren krijgen wel een fiche met hun klasanalyse, maar we gaan op zoek naar de oorzaak van een probleem op schoolniveau.”


Leraren voelen dat ze door hun inspanningen net makkelijker lesgeven

Tim Dhuyvetter - zorgcoördinator, BS Erasmus Deinze

Resultaten in stijgende lijn

Tim: “Je merkt dat kinderen wel houden van onze groepsverdeling. Vanaf het vierde leerjaar kiezen ze zelf in welke groep ze thuishoren. Ze leren de lat voldoende hoog leggen – zodat ze uitgedaagd worden – zonder dat ze plafonneren. Door onze organisatie om te gooien, bieden we nu dezelfde zorg aan de snel lerende leerlingen als aan de tragere leerlingen. Met effect. Alle groepen doen het goed op de LVS-toetsen en ook de resultaten van de OVSG-toetsen zijn prima. We groeien door de jaren heen. Natuurlijk zijn er hier nog kinderen met problemen voor wiskunde. Daar mag je je niet op blindstaren. Je moet de globale impact van je beleid meten.”

“We krijgen nu een subsidie voor onze kangoeroewerking. Volgend schooljaar moeten we daardoor vanuit ons lestijdenpakket geen uren meer gebruiken. We kunnen bijgevolg meer uren uit de zorg naar de zwakkere leerlingen laten gaan. Specifiek rond wiskunde merken we dat de basisvaardigheden automatiseren belangrijk is. We onderzoeken hoe we daar verder op kunnen inzetten op een wetenschappelijk gefundeerde manier. Niet door blaadjes te kopiëren en te laten invullen, maar door tools, online methodes … te zoeken die leerlingen op basis van de analyse van een toets individueel sturen. We kregen vorig jaar een uitstekend doorlichtingsverslag voor wiskunde. Veel groeimarge hebben we niet meer, nu moeten we onze resultaten op peil houden. We blijven dus innoveren.

Het beste van Klasse in je mailbox?

  • Al 58.000 leraren zijn abonnee
  • 1 keer per week en helemaal gratis
  • Verhalen van collega’s, concrete praktijktips, exclusieve wedstrijden ...