Gepubliceerd op
Specialist

Zo voorkom je conflict en polarisering op school: de preventiepiramide

Maatschappelijke discussies worden harder en bitser. Ook bij jongeren hoor je diepgeworteld wantrouwen en extreme uitspraken. Die trend kunnen scholen keren. Hoe? Met acties op 5 niveaus van de preventiepiramide.
 

De preventiepiramide is een wijd verspreid wetenschappelijk kader en komt uit de koker van criminoloog Johan Deklerck. Scholen kunnen het gebruiken om een antipestbeleid uit te werken, om schooluitval tegen te gaan, maar ook om radicaliserings- en polariseringsprocessen te voorkomen én in te dijken.

Dat thema hoef je niet altijd in een religieuze context te zien. Ook antivaxxers, complotdenkers of homohaters kunnen op school voor extreme uitspraken en ontwrichte relaties zorgen. “In een reflex grijpen leraren en scholen dan al snel naar gedragskaarten en uitsluitingen”, zegt Deklerck, “terwijl er ook andere oplossingen mogelijk zijn.”

preventie polarisering conflict school

Criminoloog Johan Deklerck: “In sommige scholen is het beleid te repressief. Maar ook het andere uiterste, een zuiver welzijnsgerichte aanpak, werkt niet.”

In een tijd van polariserende wereldleiders zou je bijna vergeten dat extreme en uitdagende uitspraken uiten typisch puberaal gedrag is.

Johan Deklerck: “Klopt. Pubers hebben het excuus dat hun psyche hen daar vatbaarder voor maakt. Ze beleven hun emoties erg sterk, denken in superlatieven en zeggen daardoor dingen zonder dat ze er echt over nagedacht hebben. De ratio komt bij hen altijd een stapje later. Veel van dat extreme uiten is oefengedrag om hun identiteit op te bouwen.”

“Een puber tast grenzen af, wil zijn plaatsje scoren, zichtbaar zijn. Maar hij kan ook over de schreef gaan. Als hij met zijn radicale uitspraken of gedrag anderen kwetst of de afspraken op school niet nakomt. Het is dan ook je taak als school om je kader én je leerlingen en personeel te beschermen.”

Welke jongeren dreigen over de schreef te gaan?

Johan Deklerck: “Je kan je identiteit ontwikkelen door er zelf een positieve invulling aan te geven of door je te positioneren tégen iets. Jongeren met negatieve ervaringen in en buiten de school zullen vaker dat laatste doen. Ze hebben door een existentieel onwelbevinden – denk aan racisme, uitsluiting of armoede – het gevoel dat ze nergens een positieve rol kunnen vervullen. Ze vinden dat ze niet krijgen waar ze recht op hebben en klitten samen met peers die wrokkig zijn tegen de wereld. Een ideale voedingsbodem voor extreme gedachten en gedrag.”

“En dan zijn er nog -botsende normatieve systemen. Vroeger bestond er één externe norm. Klassiek voorbeeld: de pastoor zei dat het zo was en niet anders. En iedereen knikte. Stilaan zijn we ons eigen waarden- en normenkader gaan opstellen. Iedereen zijn idee met internet als oefenterrein, zonder trainer. Voor jongeren die bijvoorbeeld thuis nog in het eerste systeem zitten en op school of op straat in het andere, werkt dat verwarrend. Je kunnen wortelen in de diverse, democratische samenleving van vandaag is tegelijk de sleutel én de uitdaging.”

Als individuele leraar kan je dat tij moeilijk keren, of wel?

Johan Deklerck: “Je hebt leraren die in hun klas wonderlijke dingen doen en bijvoorbeeld de diversiteit in hun lessen een plek geven en het debat aangaan. Nog beter is het als die aanpak in een ontmoetingsgerichte schoolcultuur is ingebed.”

“Dan kom je tot een plek waar jongeren beter gedijen en waar polarisering niet zo gemakkelijk woekert. Het gaat om scholen die diversiteit net interessant vinden en die jongeren leren omgaan met meningsverschillen die bij onze diverse samenleving horen. Dan leidt bijvoorbeeld een clash tussen een Tsjetsjeense en een Turkse leerling niet alleen tot strafstudie, maar ook tot een gesprek.”

Bij zo’n clash vormen zich in een lerarenteam vaak 2 kampen: ‘aan de deur zetten’ versus ‘verder bemiddelen en ondersteunen’. Hoe los je dat op?

Johan Deklerck: “Hoe je als individu een probleem of situatie percipieert, hangt in eerste instantie samen met je eigen beleving. Een groepje leerlingen dat sinds kort in een hoek van de speelplaats staat te smoezelen? De ene definieert het als een risico, de andere niet. Daarom is het belangrijk om te overleggen met een team of met externen zodat je verder kijkt dan je eigen referentiekader.”

“Leraren, maar ook groepen leerlingen, nemen inderdaad vaak positie in, wat de kans op polarisering vergroot en de verbindende aspecten naar de achtergrond doet verdwijnen. Maar het is geen of-of-verhaal. Je kan een welzijnsgerichte bril opzetten zonder het probleemgerichte uit te sluiten. De twee ‘kampen’ verenigen dus. Die integrale en positieve kijk maakt de brug tussen de verschillende opvattingen mogelijk én zorgt voor een gemeenschappelijk kader en een gemeenschappelijke taal. Daar kan je de piramide voor gebruiken.”
 

De preventiepiramide uitgelegd

preventiepiramide preventie polarisering conflict school
  • Niveau 0: De samenleving die inwerkt op school

    De politieke, sociale, culturele, ecologische aspecten van een samenleving werken uiteraard in op jongeren, de leraar, de school. Maar op het coronavirus of migratiestromen heb je als school niet onmiddellijk invloed. Dit niveau benadrukt dan ook het belang van een sterke samenleving, die inzet op levenskwaliteit en gelijke kansen. Niet enkel op het vlak van onderwijs, maar ook qua huisvesting, werkgelegenheid, vrije tijd … Zo’n sterke samenleving versterkt het vredevol samenleven.

    Een school heeft hier eerder weinig invloed. De directie kan wel via overlegstructuren met de gemeente of de stad problemen aankaarten en zo bijvoorbeeld huiswerkklassen bij het buurtopbouwwerk afdwingen.

  • Niveau 1: Een warm leer- en leefklimaat
    Vanaf hier stap je de schoolpoort binnen en heb je als school echt grip. Op dit niveau werk je maatregelen uit die het welbevinden, de manier van omgaan, de sfeer ten goede komen en voor een optimale leeromgeving zorgen. Van een divers schoolteam dat diversiteit ook meepakt in de lesinhouden tot geweldloze communicatie in de dagelijkse praktijk.

    Zulke acties bepalen hoe en in welke mate leraren, leerlingen en ouders zich positief betrokken bij en welkom in de school voelen. Met dat soort basiszorg doe je aan indirecte preventie. Zo’n schoolklimaat is elke dag zichtbaar in de klas, in de lerarenkamer, in de contacten met ouders, in de communicatie van de school.

  • Niveau 2: Problemen voorkomen met positieve acties

    Op dit niveau steek je energie in welzijnsgerichte maatregelen die voorkomen dat je in de probleemzone belandt. Je benoemt het probleem en gaat er positief mee aan de slag. Je had vorig jaar een risicoklas? Dan zorg je bij het begin van het nieuwe schooljaar voor een schooluitstap rond groepsdynamiek en wissel je een paar leerlingen van klas.

    Veel maatregelen van niveau 1 kunnen op niveau 2 terugkeren, maar dan neem je ze vanuit een duidelijke doelstelling: een probleem voorkomen.

  • Niveau 3: Klemtoon op grenzen stellen en bewaken
    Risico’s staan in de kijker, net zoals op niveau 2. Nu neem je echter maatregelen die probleemescalatie voorkomen, maar ook belastend werken voor de klassfeer en het leefklimaat op school. Dreigen met straf of uitsluiting, een gedragskaart, een gesprek met een klas rond schade die extreem gedachtengoed aanricht.

    Die dingen werken sensibiliserend, maar ze versterken het gevoel van ‘we zijn een probleemschool’. Vul daarom eerst en vooral de onderste lagen van de piramide. Die boosten het welbevinden van de leerlingen wel.

  • Niveau 4: Het concrete probleem aanpakken

    Het onheil is geschied. Met curatieve maatregelen die het probleem indijken en de schade herstellen, zit je aan de top van de piramide. Je richt je pijlen op de direct betrokkenen, dader, slachtoffer, de leerlingen die onthutst hebben toegekeken, de leraar die van z’n melk is. Je gaat je sanctiebeleid toepassen en individualiseren.

    Maar je kan naast de sanctie ook inzetten op een herstelgesprek en de zorg voor het slachtoffer. Inzien wat je gedrag teweeg bracht, zorgt voor meer besef en minder herval. Zo werk je zelfs op niveau 4 toch preventief.

Hoe scoort jouw school?

preventiepiramide-conflict-polarisering-voorkomen-preventie

Download een lijst met mogelijke acties om polarisering en conflict te voorkomen. Bespreek ze met je collega’s. Wat doen we al? Waar liggen er nog kansen? Is onze piramide in balans?

Hoe kunnen scholen de piramide gebruiken om polarisering te voorkomen en in te dijken?

Johan Deklerck: “De piramide helpt je in beeld te brengen wat je al doet en waar je nog meer kan op inzetten. Naast de piramide loopt een as met helemaal onderaan ‘welzijn’. Dat betekent ‘Het is leuk op school, de lessen lopen goed, ik voel me goed hier’. Helemaal bovenaan de as lees je ‘probleem’: een leerling zegt bijvoorbeeld ‘Ik snij ze allemaal de kop af.’”

“Vanuit een eerste reflex zal een leraar of team daar vaak probleemgericht op reageren met waarschuwen en een strafstudie. Ook die reacties hebben een preventief doel en hebben daarom in de piramide hun plaats op de bovenste niveaus. Maar in een omgeving die alleen op het verfijnen van procedures, sanctioneren en dreigen inzet, is het niet leuk functioneren en leren. Waarom zet je vanuit dezelfde risicoanalyse ook niet de welzijnsgerichte bril op? Met peter- en meterschap bijvoorbeeld, en een aanbod voor dode momenten? Maar let op: doet een school alleen maar dát, dan zit je in het andere uiterste: supervriendelijk, maar zonder grenzen te trekken.”

“Om je bestaande acties tegen polarisering in beeld te brengen en hiaten op te sporen, moet je je acties voldoende uiteenrafelen en zo concreet mogelijk maken. Iets algemeens als ‘een antipestbeleid’ kan je niet op de piramide plaatsen omdat zo’n beleid op alle niveaus zit. De concrete actie ‘De pesters aanpakken met een strafstudie’, die zit op niveau 4. ‘Waarschuwingscommunicatie’ bijvoorbeeld zit dan weer op niveau 3, ‘positieve groepsvorming’ op 2.”

Wat is jouw belangrijkste conclusie na het toepassen van de piramide in scholen?

Johan Deklerck: “In sommige scholen is het beleid heel repressief en zet men onvoldoende in op de laagste niveaus. Ook ouderbetrokkenheid komt vaak pas boven aan de probleemgerichte kant. Pas als het fout loopt, roep je ze naar school. Breng de bal dus altijd aan het rollen op niveau 1, en nodig de ouders uit voor iets waar ze goed in zijn, bv. een taart bakken, iets herstellen, iets komen vertellen over een beroep in de klas … ”
 


 
Lees meer in het boek ‘De preventiepiramide. Preventie van probleemgedrag in het secundair onderwijs’ van J. Deklerck uitgegeven bij Acco Leuven, 2011.
 
 

logo no cap en Europese vlag

Wil jij je lerarenteam sterk maken in het voorkomen van conflict en polarisering? Schrijf je team nu al in voor de gratis online leermodules van No Cap. Vanaf half augustus 2021 zijn ze beschikbaar.

No Cap is een project van het Departement Onderwijs en Vorming, Mediawijs, Cirra, KULeuven en Klasse. No Cap wil leraren en leerlingen weerbaar maken tegen choquerende, polariserende en radicale communicatie.
 


 
logo no cap en Europese vlag

Dit project kwam tot stand met de steun van het Internal Security Fund-Police van de Europese Commissie. De steun van het Internal Security Fund-Police van de Europese Commissie staat los van de goedkeuring van de inhoud van dit artikel, die het standpunt van de auteurs weergeeft. De Europese commissie wijst elke verantwoordelijkheid af voor het gebruik van informatie uit dit artikel.

Inspireert Klasse Magazine jou in 2021-2022?

  • 4 kwaliteitsnummers met inspiratie van leraren en experts.
  • Fraai ondersteunend materiaal: kalender, posters, kaartjes ...
  • Je Lerarenkaart met meer dan 1000 voordelen in je brievenbus.