Gepubliceerd op
Actueel

Wat is nieuw op 1 september 2019?

Log in om te bewaren.

Wat móet jij als leraar weten voor het nieuwe schooljaar uit de startblokken schiet? Klasse selecteerde voor jou de highlights uit alle nieuwe maatregelen.

Meerdere onderwijsniveaus

Nieuw systeem voor inschrijvingen (bao, so)

De aanmeldingen voor de inschrijvingen voor schooljaar 2020-2021 verlopen volgens het nieuwe decreet inschrijvingsrecht. Op Onderwijs.vlaanderen.be lees je alles over hoe je als gewone of buitengewone basis- of secundaire school de inschrijvingen moet organiseren en wat er verandert.

Nieuwe werkwijze voor ondersteuning type 2-, 4-, 6- en 7‑leerlingen in gewoon onderwijs (bao en so)

Een nieuw omkaderingsmechanisme ondersteunt scholen gewoon onderwijs met leerlingen met een verstandelijke (type 2), motorische (type 4), visuele (type 6) of auditieve beperking of spraak- of taalontwikkelingsstoornis (type 7).

Je school voor gewoon onderwijs brengt, samen met het CLB en de ouders, de ondersteuningsnoden en -vragen van de leerlingen en leraren in kaart. Ze bekijkt samen met de ondersteunende school buitengewoon onderwijs hoe zij daarop kunnen inspelen. Op Onderwijs.vlaanderen.be lees je alles over de nieuwe werkwijze.

Kunstkuur: deadline aanvragen vervroegd (bao, so, dko)

Een leraar dko naar je klas in het basis of secundair halen? Die brengt expertise binnen en verfijnt op zijn beurt zijn didactisch handelen. Je kan ook een derde cultuureducatieve partner betrekken. Ontwikkel een lokale samenwerking op maat van jouw school.

Stel je aanvraagdossier online samen en dien het uiterlijk op 15 februari in via Kunstkuur.be.

Betere loopbaanperspectieven voor starters (bao, so, dko, vwo, CLB)

Recht op aanvangsbegeleiding

Als beginnende leraar krijg je een beter uitgebouwde aanvangsbegeleiding. Die wordt een recht en een plicht voor elk tijdelijk personeelslid dat voor bepaalde duur is aangesteld. Scholen krijgen jaarlijks bijkomende omkadering om dat te organiseren. Door intensieve coaching krijg je de kans geleidelijk te groeien in je job.

Sneller TADD

Een tijdelijk personeelslid zal sneller een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur (TADD) kunnen verwerven: na ten minste 2 schooljaren (in plaats van 3).

Om je recht op TADD te verwerven, moet je nog 580 dagen dienstanciënniteit hebben, waarvan 400 dagen effectieve prestaties. Daardoor wordt de ‘proefperiode’ korter maar intenser.

Op het einde van die periode krijg je als tijdelijk personeelslid van je eerste evaluator een beoordeling. Zijn er nog twijfels, dan krijg je een beoordeling met werkpunten. Die leidt tot uitstel van het recht op TADD. Het gevolg is dat je nog een bijkomende periode van 200 dagen effectieve prestaties moet leveren met een verlengde en gerichte aanvangsbegeleiding. Daarna verwerf je het recht op TADD. Voor bepaalde groepen personeelsleden zijn er overgangsmaatregelen.

Overgang personeel HBO5 – SLO (vwo)

Personeelsleden van de cvo die aan de HBO5-opleidingen en SLO verbonden zijn, gaan automatisch of vrijwillig over naar de hogescholen of de universiteiten.

In de cvo verdwijnt het ambt van lector en van adjunct-directeur HBO/SLO. Er komt een nieuw ambt van stafmedewerker. Ben je vast benoemd in het ambt van lector en voldoe je aan een aantal specifieke voorwaarden, dan kan je een nieuwe affectatie of een mutatie krijgen in het ambt van leraar secundair volwassenenonderwijs of in het nieuwe ambt van stafmedewerker.

De wijzigingen gaan gepaard met nieuwe bekwaamheidsbewijzen en salarisschalen en overgangsmaatregelen.


Basisonderwijs

Meer werkingsmiddelen in het kleuteronderwijs

Het kleuteronderwijs en lager onderwijs kennen al lang een ongelijke financiering. De werkingsmiddelen van het kleuteronderwijs worden nu gelijkgeschakeld met die van het lager onderwijs. De Vlaamse Regering zal daarvoor nog een regeling uitwerken.

Maximumfactuur basisonderwijs stijgt

De scherpe maximumfactuur blijft ongewijzigd voor het kleuteronderwijs. Voor het lager onderwijs stijgt ze met 5 euro. De geïndexeerde bedragen worden dus 45 euro voor een kleuter en 90 euro voor een leerling lager onderwijs. De minder scherpe maximumfactuur stijgt tot 440 euro aan het einde van het lager onderwijs.


Secundair onderwijs

Nieuwe toelatingsvoorwaarden voor eerste jaar

Een leerling die op het einde van het lager onderwijs het getuigschrift basisonderwijs heeft behaald, begint in het eerste leerjaar A. Wie dat niet haalt, start in het eerste leerjaar B.

Een leerling met een getuigschrift basisonderwijs kan tijdens het schooljaar vanuit het eerste leerjaar A naar het eerste leerjaar B overstappen wanneer hij ondanks extra ondersteuning en remediëring – onder meer in de differentiatie-uren – de leerplandoelen niet kan halen. In dat geval is een gunstige beslissing van de toelatingsklassenraad nodig.

Aan de slag met de nieuwe eindtermen eerste graad

De nieuwe eindtermen vertrekken van 16 sleutelcompetenties. Ze worden leerjaar na leerjaar ingevoerd in het voltijds gewoon secundair onderwijs. In september 2019 gaan leraren van het eerste jaar ermee aan de slag.

In de gemoderniseerde B-stroom vervangen eindtermen de ontwikkelingsdoelen. Zo stijgen de verwachtingen ten aanzien van die leerlingen.

Een set eindtermen basisgeletterdheid moet garanderen dat elke leerling op het einde van de eerste graad in staat is te participeren in de maatschappij. Elke individuele leerling moet ze dus bereiken. De set is identiek voor de A- en de B-stroom.

Specifiek voor Nederlands zijn er uitbreidingsdoelen bovenop de eindtermen, met een groter abstractieniveau of hogere moeilijkheidsgraad, die bepaalde leerlingen kunnen bereiken.

Wat bij een doorlichting?

Tijdens de schooljaren 2019-2020 en 2020-2021 onderzoekt de onderwijsinspectie de vakken in de eerste graad niet op basis van de nieuwe eindtermen.

Lesbezoeken voor het onderzoek van de onderwijsleerpraktijk gebeuren in het schooljaar 2019-2020 dus enkel in het tweede jaar van de eerste graad omdat alleen daar de oude leerplannen gelden. In het eerste leerjaar kan een lesbezoek wel informatie verzamelen over de kwaliteitsontwikkeling van de school, over een kwaliteitsgebied (bv. leerlingenbegeleiding) of over de bewoonbaarheid, veiligheid en hygiëne van de school.

Tijdens het schooljaar 2020-2021 plant de onderwijsinspectie in geen enkel leerjaar van de eerste graad lesbezoeken voor het onderzoek van de onderwijsleerpraktijk.

Nieuwe regels voor overzitten

Je leerlingen in het voltijds gewoon secundair onderwijs en OV 4 (buso) kunnen vanaf het schooljaar 2020-2021 na een A- of een B-oriënteringsattest alleen overzitten onder bepaalde voorwaarden.

Een leerling kan bij een A-attest overzitten in een andere studierichting van hetzelfde leerjaar als de ouders op eigen initiatief een niet-bindend advies van het CLB hebben ingewonnen.

Bij een B-attest, waar overzitten meer voorkomt, zal dat nog enkel kunnen nadat de delibererende klassenraad een gunstig bindend advies heeft gegeven voor overzitten. Is dat het geval, dan moeten de ouders bijkomend en op eigen initiatief een niet-bindend advies van een CLB vragen. Maar is het klassenraadadvies ongunstig, dan moet de leerling doorstromen naar het hoger leerjaar in een studierichting die niet is uitgesloten.

Dat betekent dat de klassenraden vanaf de deliberaties op het einde van het schooljaar een extra adviesbevoegdheid- en plicht krijgen bij de toekenning van B-attesten.

Nieuwe regels voor attestering eerste leerjaar eerste graad

Je kan na het eerste jaar enkel nog een A-attest uitreiken en – in uitzonderlijke gevallen – een C-attest. Een B-attest kan niet meer.

Het oriënteringsattest A kan ook remediëring in het tweede leerjaar A of het tweede leerjaar B opleggen en/of de toegang tot een of meer basisopties of pakketten van de basisopties van het tweede leerjaar A of het tweede leerjaar B uitsluiten. De verplichte remediëring is zowel een recht als een plicht voor leerlingen en geldt ook wanneer ze van school veranderen. Dat laatste geldt ook voor de eventuele uitsluiting van een of meer basisopties of pakketten.

Het oriënteringsattest C kan je alleen toekennen in uitzonderlijke gevallen. De delibererende klassenraad beslist daarover.

Duaal leren in het gewoon en buitengewoon secundair onderwijs

Dankzij duaal leren kunnen jongeren leren op de werkvloer en op de schoolbanken combineren. Het proefproject ‘schoolbank op de werkplek’ zal vanaf 1 september overgaan in een organiek systeem van duaal leren. Leerlingen in het secundair onderwijs kunnen duaal leren in een selectie van opleidingen in de tweede en derde graad met een arbeidsmarktgerichte of dubbele finaliteit. Ook leerlingen buso kunnen nu duaal leren in de kwalificatie- en integratiefase van opleidingsvorm 3 (OV3) en opleidingsvorm 4 (OV4). Alle info over de voorwaarden vind je in de omzendbrief.


Volwassenenonderwijs

Erkenning verworven competenties in testcentra (EVC)

Het EVC-decreet creëert een gemeenschappelijk kader om verworven competenties te beoordelen en certificeren. Mensen doen via hun job, vrijwilligerswerk, hobby’s of zelfstudie allerlei ervaring, kennis en vaardigheden op. Zij krijgen voortaan de kans om die verworven competenties te laten erkennen in een EVC-testcentrum zoals de cvo of de VDAB.

De EVC-testcentra baseren zich allemaal op dezelfde EVC-standaarden. Die zijn ontwikkeld op basis van de beroepskwalificaties. Wie aantoont over de competenties te beschikken, ontvangt van het testcentrum een bewijs van beroepskwalificatie, een bewijs van deelkwalificatie of een bewijs van competenties.


Deeltijds kunstonderwijs

Klasgroepen van verschillende vakken samenvoegen

Een academie kan leerlingen van een domein over de vakken heen groeperen in functie van de einddoelen die ze moeten bereiken. Zo kan je leerlingen van verschillende stijlgebonden danslabs of leerlingen van woordstudio (derde graad) en verteltheater-stemregie (vierde graad) af en toe samen les geven.

Uiteraard moet je rekening houden met de leeftijdsgebonden cognitieve en psychosociale ontwikkeling van kinderen, jongeren en volwassenen. De groepen mogen niet te groot zijn, zodat je elke leerling voldoende kan begeleiden in zijn leerproces.

Nieuwe opleidingen

In het domein beeldende en audiovisuele kunsten komen er 2 nieuwe opties bij: de unieke optie graffiti/street art in de derde graad en in de vierde graad, studierichting beeldend kunstenaar en de optie ontwerpschetsen in de vierde graad, studierichting ontwerper.

In het domein muziek wordt de optie musical/muziektheater in de derde en vierde graad ontdubbeld. In het instrumentenaanbod van de optie folk- en wereldmuziek komt nu ook banjo.

Leerlingen jonger dan 18 jaar kunnen starten met ‘stemvorming voor minderjarigen’ en vervolgens ‘zang’ volgen. Op die manier kan je als leraar beter rekening houden met de stemmutatie van jongeren.

In de opties jazz-pop-rock en experimentele muziek van de derde graad kunnen leerlingen het vak dj-vaardigheden als verplicht vak volgen. Er komt in de derde graad ook een nieuw vak muzikale en culturele vorming – dj.

In de kortlopende studierichtingen muziekcultuur en muziekgeschiedenis kunnen academies voortaan ook een stijlgebonden optie organiseren: klassiek, oude muziek, jazz-pop-rock, folk- en wereldmuziek, musical, opera/muziektheater, experimentele muziek. Leerlingen kunnen daardoor een gerichtere keuze maken of achtereenvolgens verschillende muziekstijlen bestuderen. Leerlingen die vóór het nieuwe decreet al algemene muziekcultuur/luisterpraktijk of muziekgeschiedenis gevolgd hebben, kunnen herinstromen voor zo’n stijlgebonden invulling.

Bekwaamheidsbewijzen aangepast

De bekwaamheidsbewijzen zijn bij verschillende vakken aangepast om knelpunten rond de indeling ervan in vereiste en voldoend geachte weg te werken. Verder zijn ook de nieuwe educatieve master met de bijbehorende vakdidactieken en de nieuwe educatieve bachelor en het educatief graduaat in het stelsel van de bekwaamheidsbewijzen opgenomen. In het domein muziek ten slotte worden voor een aantal nieuwe vakken bekwaamheidsbewijzen en salarisschalen voorzien. Dat gaat in sommige gevallen samen met ambtshalve of individuele concordanties.


Centra voor leerlingenbegeleiding

Extra tijdelijke aanstelling op statutaire basis voor CLB-personeel

Een CLB kan een personeelslid aanstellen als statutair tijdelijk personeelslid binnen de decreten rechtspositie via haar werkingsbudget of de Vlaamse ondersteuningspremie.

Een CLB-bestuur krijgt ook vaak (werkings-)budget of subsidies via aanvullende projecten door het beleidsdomein Welzijn (bv. uitbreidingsbeleid jeugdhulp). De personeelsleden in die projecten vallen onder de CLB-regelgeving. Tot nog toe werkten zij via een verlof wegens opdracht of contractuele aanstelling. Voortaan kan een CLB die overheidssubsidies meer structureel inzetten en gebruik maken van een tijdelijke aanstelling op statutaire basis.

Meer weten? In dit document (pdf) lees je alle nieuwe maatregelen die ingaan op 1 september 2019.

Het beste van Klasse in je mailbox?

  • Al 51.000 leraren zijn abonnee
  • 1 keer per week en helemaal gratis
  • Verhalen van collega’s, concrete praktijktips, exclusieve wedstrijden ...