Gesprekstips

Racisme op de basisschool: wat doe je ertegen?

2 reacties

Log in om te bewaren.

Delen

‘Juf, mijn papa zegt dat de vluchtelingen zijn job inpikken’, ‘Marokkanen zijn dieven, dat weet toch iedereen?’ of ‘Vuile Jood!’ Van de kleuterklas tot het zesde leerjaar, als leraar sta je soms versteld van de uitspraken van je leerlingen. Wat is daarop jouw weerwoord? Cathy de Raes van Hogeschool Gent geeft 6 tips.

  1. Wees voorzichtig met kritiek

  2. Als een kind een racistische uitspraak overneemt van zijn ouders, is dat een signaal. Het kind krijgt thuis ideeën mee die niet stroken met wat jij het als leraar wil meegeven. Maar zeg beter niet zomaar dat de ouders onzin verkopen of dat jij het niet met hen eens bent. Een kind zal immers altijd partij kiezen voor zijn papa of mama. Maar je moet wel íets doen.
     

  3. Organiseer een kringgesprek

  4. Verwerk de uitspraak van de leerling impliciet in een kringgesprek. Heeft een kind zijn klasgenoot uitgemaakt voor ‘Stink-Turk’, dan kan je het bijvoorbeeld hebben over ochtendrituelen. Zo leren de kinderen dat niemand precies hetzelfde doet, maar dat iedereen er wel een bepaalde routine op nahoudt. Het leert ze dat de samenleving divers is en maakt hen positief nieuwsgierig naar elkaar.
     

  5. Vermijd het wij-zij-discours

  6. Door alle kinderen aan het woord te laten, creëer je een veilige spreekcontext. Zo voorkom je dat het Turkse kind de slachtofferrol krijgt toegemeten. Spreek niet van allochtonen versus autochtonen, maar toon aan dat geen mens hetzelfde is.
     

  7. Lees een verhaal over migratie

  8. Een prentenboek of voorleesverhaal dat een Turks kind op een positieve manier portretteert, kan uitstekend werken. Zeker voor jonge kinderen komt een verhaal tot leven. Pas daarbij op voor een al te stereotiepe portrettering van migranten. Het is niet voldoende om een boek te kiezen waarin een Turks personage voorkomt. Het moet een beeld weergeven dat de racistische of discriminerende uitspraak van het kind uitdaagt.
     

  9. Nodig ouders uit als gastsprekers

  10. De school zet ouders vaak in om mee te gaan op een klasuitstap. Maar je kan ze ook als gastspreker inzetten. Wees ook hier waakzaam voor de stereotypen: een eetfestijn waar de Turkse mama’s hun baklava opdienen, zet hen opnieuw in de kijker als exotisch. Waarom nodig je hen niet uit voor een project rond gezinnen? Zo toon je aan dat diversiteit een feit is.
     

  11. Hou vol!

  12. De strijd tegen discriminatie is een proces van lange adem, maar de aanhouder wint. Reageer altijd. Zo maak je duidelijk aan de leerlingen dat je discriminerend taalgebruik niet tolereert. Maak diversiteit een centraal onderdeel van de dagelijkse klaspraktijk. Niet enkel op de Dag tegen Racisme of tijdens een projectweek, maar het hele jaar door.

 


Cathy de Raes is voorzitter kernteam Basisonderwijs aan de Hogeschool Gent en mede-vormgever van Diversiteit in Actie.