Duiding Pesten

Allochtonen vaker slachtoffer én dader van pesten: waarom?

4 reacties

Log in om te bewaren.

Delen

Culturele verschillen kunnen een aanleiding zijn voor pesten. Daarom ging Jop Van der Auwera (KU Leuven) voor zijn masterscriptie na of jongeren met een migratieachtergrond tot een risicogroep behoren. Blijkt dat ze vaker gepest worden én zelf pesten. Oorzaak? “Het ‘wij versus zij’-denken.” Remedie? “Heterogene klassen.”

Jop Van der Auwera

Wat maakt jouw onderzoek nieuw?

Jop Van der Auwera: “Ik ging specifiek na of er een verschil in pestgedrag is tussen autochtonen en allochtonen. Belgisch wetenschappelijk onderzoek daarnaar is zeldzaam. Zeker als het gaat over de verschillende pestvormen, de beleving en de perceptie van klassiek en cyberpestgedrag bij daders, slachtoffers en getuigen. Met mijn bevindingen wil ik leraren beter informeren. Leraren onderschatten immers pesten, zo zegt ander onderzoek. Ze helpen leerlingen vanuit die foute perceptie of zwijgen het thema soms liever dood, terwijl het net bespreekbaar moet zijn.”
 

Waarom zijn er zoveel allochtonen slachtoffer van pesten?

Jop Van der Auwera: “Typisch voor pestslachtoffers is dat zij op de een of andere manier ‘anders’ zijn: de ‘jongen met het rode haar’ of ‘het meisje met de beugel’ … In die zin vallen ook leerlingen met een gekleurde huid, een andere tongval of aparte kledij op. Dat maakt hen een makkelijk doelwit voor pesters. Of ze vaker gepest worden door autochtonen – ‘etnisch pesten’ – dan door hun peers, heb ik niet specifiek onderzocht, maar ik vermoed van wel.”
 

Of voelen jongeren met een migratieachtergrond zich sneller geviseerd?

Jop Van der Auwera: “Dat effect heeft wellicht meegespeeld. Ik bedoel daarmee niet dat allochtonen die aangeven slachtoffer te zijn, eigenlijk níet gepest worden. Ik denk wel dat allochtonen die zeggen dat ze gepest worden, veerkrachtiger zijn. Dat ze geleerd hebben: ik moet opkomen voor mezelf en het vertellen als er iets aan de hand is, zodat ze er iets aan doen. Autochtonen die gepest worden, komen daar uit schaamtegevoel minder makkelijk voor uit, zo blijkt uit ander onderzoek. De mentaliteit is bij hen eerder: ik moet het zelf zien op te lossen.”


Idealiter evolueren we naar een gezonde mix van culturen in scholen.

Jop Van der Auwera

Hoe komt dat allochtone jongeren zélf vaker pesten?

Jop Van der Auwera: “Ik denk uit emancipatiedrang. Doordat allochtonen als ‘anders’ worden bekeken, voelen ze zich minderwaardig. Zo ontstaat een gevoel van machtsonevenwicht tussen ‘wij’ en ‘zij’. Door te pesten, proberen ze macht, dominantie en aanzien te verwerven, met als ultieme doel de ingebeelde kloof te dichten. We zien trouwens dat ze niet alleen autochtonen pesten. Ook door hun allochtone peers (van andere of dezelfde afkomst) te pesten, denken ze beter geaccepteerd te worden door de meerderheidsgroep.
 

Het probleem is groter in scholen met weinig allochtone leerlingen?

Jop Van der Auwera: “Ja, daar is die kloof tussen ‘wij’ versus ‘zij’ immers groter en blijken allochtonen inderdaad vaker pester. Ze moeten als minderheid ‘extra hun best doen’ om status te verwerven. Naarmate het aantal allochtonen stijgt, blijken allochtonen en autochtonen even vaak dader. Als we naar slachtoffers kijken, ligt dat wat anders: weinig allochtone leerlingen in de klas zorgt ervoor dat vooral zíj worden gepest, maar wanneer het aantal allochtone leerlingen stijgt, worden autochtonen vaker slachtoffer.”
 

Het aantal leerlingen met een migratieachtergrond stijgt, het risico op pesten dus ook?

Jop Van der Auwera: “Niet noodzakelijk. Mijn onderzoek geeft niet aan of pesten afneemt naarmate scholen gemengder zijn, wel dat het verschil tussen het aantal autochtone en allochtone pestkoppen verdwijnt als er meer allochtone leerlingen in de klas of school zitten. Idealiter evolueren we dus naar een gezonde mix van culturen in scholen, want dat verkleint de kloof. Maar het echte werk ligt bij elk van ons, bij leraren, ouders … Kinderen spiegelen zich aan ons. Zolang we zelf mensen met een andere taal, uiterlijk of cultuur het label ‘anders’ opkleven, blijft het ‘wij vs. zij’-gevoel bestaan. Als we evolueren naar een schoolcultuur zonder stigmatisering, hoeft de superdiverse samenleving niet te resulteren in een ‘pestcrisis’.”

 

De cijfers

  • Allochtone jongeren worden meer gepest dan autochtone. 13,3% van de allochtone en slechts 8,6% van de autochtone jongeren werden slachtoffer van klassiek pesten (o.a. slaan, uitsluiten, roddels, vernederingen). Bij cyberpesten is het verschil iets kleiner: waar 4,7% van de autochtonen aangeeft online gepest te zijn, is dat bij de allochtonen 6,7%.
  • Allochtonen pesten ook zelf vaker. Bij de allochtone jongeren geeft 11,3% aan het afgelopen jaar iemand gepest te hebben, terwijl het percentage van 3,1% autochtone pesters opmerkelijk lager ligt. Ook het verschil bij cyberpestgedrag is duidelijk, met 4% allochtone tegenover 1,2% autochtone pesters.

 


Criminoloog Jop Van der Auwera (KU Leuven) bevraagde 1808 leerlingen in 13 verschillende secundaire scholen in Vlaanderen en Brussel. Hij won met zijn masterscriptie ‘De verschillen tussen autochtonen en allochtonen aangaande slachtoffer- en daderschap bij zowel klassiek pesten als cyberpesten’ de Klasseprijs 2016, deel van de Vlaamse Scriptieprijs.