Triënnale Brugge 2018: Liquid City | Vloeibare stad

Archief

Klasse voor Leraren

204 - april 2010

Klasse voor Leraren

204 - april 2010

pagina 24 t.e.m. pagina 27

Waar zijn de mannen?

Leraar: een vrouwenberoep?

Acht op de tien leraren in het basisonderwijs zijn vrouwen. In de lerarenopleiding zitten er nog nauwelijks jongens. Waar zijn de mannen naartoe? Klasse gaat naar een school mét veel mannen (het Sint-Jozefscollege basis in Woluwe) en een school zonder mannen (leefschool De Grasmus in Leuven). Wie haalt de ballen van het dak?

“Ik moest altijd de bal van het dak halen”, zegt meester Kris van het vierde leerjaar in Woluwe. Hij heeft het dan over zijn beginjaren als leraar in een basisschool met enkel vrouwelijke collega’s. “Nogal snel en ongevraagd kwamen alle praktische klusjes mijn richting uit.” Nu geeft Kris les in een school met vier mannen en vier vrouwen. Directeur Bob Delafaille zorgt voor een overwicht aan Y-chromosomen. “Die man-vrouwverhouding is een bijkomende troef, besef ik. Maar zijn we daarom een betere school?”

Ersatzpapa

Directeur Delafaille vermoedt dat vooral kinderen die een moeilijke relatie met hun papa hebben deugd kunnen hebben van een meester voor de klas: “Maar natuurlijk moet je als leraar je professionele afstand bewaren. Je mag nooit een ersatzpapa worden.” Juffen Ilse, Anouk, Sara en Katleen zijn blij dat ze in Woluwe in een gemengd team mogen werken. Of komt dat omdat ze allemaal voetbalervaring hebben? Schrikt de soms moeilijke Brusselse context vrouwen af en worden mannen er net door aangetrokken? Volgens meester Steven van het tweede leerjaar hebben mannen een iets strengere aanpak: “Vrouwen gooien vaker hun gevoelens in de strijd door eens een knuffel te geven, mannen moeten het meer van woorden en mimiek hebben.”

Pizzapapa

“Wij kunnen perfect zonder man”, zegt juf Nathalie van de mini’s (eerste en tweede kleuterklas) fel. In leefschool De Grasmus in Leuven is er geen man voor het bord te bespeuren. Enkel de leraar bewegingsopvoeding is een man. “Al zou de soms relativerende en humoristische invloed van een man goed zijn voor onze gesprekken. Vrouwen drammen soms door en vatten dan alles veel te ernstig op.” Toch hangt er geen ‘mannen verboden’-bordje in de Leuvense school: “Wij zijn een leefschool: we betrekken veel ouders en externen bij de lessen. Zo komt er een papa pizza’s bakken, een andere geeft uitleg over computers. En ook voor onze kunstprojecten komen er mannen naar de school. Na één les zijn ze unaniem: ze wisten niet dat lesgeven zo moeilijk is. Mijn vriend is net als ik aan de lerarenopleiding begonnen maar hij haakte af. Hij kon het lawaai niet aan en had niet voldoende geduld. Hebben vrouwen misschien een hogere tolerantiedrempel?”

Machotime

Opvallend minder jongens studeren af aan de lerarenopleiding (een verhouding van één jongen voor negen meisjes) en verhoudingsgewijs méér jongens maken hun studies niet af. Juf Barbara van het derde en vierde leerjaar zoekt naar een verklaring: “Struikelen jongens niet over de vele en zeer gedetailleerde lesvoorbereidingen die ze moeten maken? Moet het niet allemaal té stipt en nauwkeurig zijn? Jongens zijn tijdens hun studiejaren nog halve pubers, voor hen is het volop machotime. Maar enkele jaren later zijn zij misschien wel rijp voor het onderwijs. Is de jobinhoud ook niet drastisch verschoven? Het belang van zorg is alsmaar toegenomen en dat heeft van leraar zijn een vrouwenjob gemaakt.”

Nochtans zouden veel mannen in de basisscholen terecht kunnen. Meester Kris ziet in zijn vriendenkring genoeg geknipte leraren die toch de weg naar de klas niet hebben gevonden: “Ik stel telkens apetrots vast dat van al mijn vrienden ik mijn job het allerliefste doe.” Ook meester Luc staat na 27 jaar nog heel enthousiast voor zijn zesde klas: “In 1983 stond ik parallel met een vrouwelijke collega. Twee jaar later waren we getrouwd. Waartoe overleg met een collega kan leiden (lacht).” Luc beantwoordt niet aan het cliché dat mannen graag carrière maken in het onderwijs: “Mijn echtgenote werkt al vier jaar voor het Brusselse Voorrangsbeleid. Het is belangrijk dat we onderwijs met mannen blijven voeden, ook al heb ik daar geen wonderrecept voor.” Meer loon, oppert meer dan één collega als lokmiddel voor mannen. “Of misschien een campagne”, suggereert juf Barbara. “Wat zijn de troeven voor een man? Als hij afstudeert, vindt hij zeker een job én hij mag met ferme vrouwen samenwerken.”

Poetsman

Overwegen directeurs positieve discriminatie bij sollicitatiegesprekken? Directeur Begga Willems van De Grasmus twijfelt niet: “Bij evenwaardige kandidaten kies ik voor de man. Ik vermoed dat nog meer directeurs zo denken. Jongens die nu hun lerarenopleiding afwerken zijn bijna zeker van een job. Ze zijn gegeerd. Golden dezelfde regels in het onderwijs als op de privé-arbeidsmarkt dan konden ze hun prijs opdrijven en veel geld verdienen.” Directeur Willems aarzelt even met volgende suggestie: “Ik weet niet of ik veel medestanders voor dit idee krijg: waarom stellen we geen hogere diploma-eisen aan de job van leraar? Leraar zijn is een bijzonder complexe job geworden, je moet over zoveel een grondige kennis hebben. Die verwerf je maar als je een universitaire opleiding voorziet. Ook voor de kleuterjuffen. Door die opwaardering komt er automatisch ook een toevloed van jongens, ook al is dat niet mijn doel. Ik wil gewoon zeer goed opgeleide en gemotiveerde leraren.”

Katleen, de zorgjuf voor de lagere school van de Grasmus vindt het overwicht aan vrouwen in het basisonderwijs geen probleem: “Theoretisch vind ik het ook beter dat ons schoolteam de maatschappij weerspiegelt, met mannen en vrouwen dus. Toch is ons vrouwenteam een goed én heel divers team. We hebben hier vrouwen met heel verschillende temperamenten en leerstijlen. Wat heb je eraan om bijvoorbeeld enkel machomannen toe te voegen? Nu zien onze leerlingen dat vrouwen bijvoorbeeld ook de klasmuren kunnen schilderen en hebben we een poetsman op school.” Directeur Willems voegt toe: “Als het moet, haal ik ook wel een bal van het dak. Op voorwaarde dat ik die dag geen rok draag (lacht).”

Het (basis)onderwijs vervrouwelijkt. Is dat erg? Klasse vraagt het aan … een vrouw. Jessy Siongers is socioloog aan de VUB en schreef mee aan ‘Leraars. Profiel van een beroepsgroep.’ Zij onderzocht vroeger al de invloed van het geslacht van de leraar op de prestaties en houdingen van leerlingen.

Waarom kiezen steeds minder mannen voor het lerarenberoep?

Jessy Siongers: “Mannen maken meer dan vrouwen een keuze op basis van extrinsieke elementen in een job. Een goed loon bijvoorbeeld, of de kans op promotie in de loop van hun carrière. Vrouwen kiezen veeleer voor de inhoudelijke uitdaging van een job. Het is ook een bijzonder gezinsvriendelijk beroep. Door de doorbraak van de tweeverdieners en de democratisering van het hoger onderwijs ontstond er een behoefte aan beroepen die een evenwichtig arbeids- en gezinsleven toelaten. Vrouwen werken in het onderwijs veel minder deeltijds dan in andere beroepssectoren, wat bewijst dat het onderwijs écht gezinsvriendelijk is. Het onderwijs trekt ook opvallend veel ‘nieuwe mannen’ aan, mannen die veel belang hechten aan een evenwichtige verdeling van de huishoudelijke taken. Als het waar is dat tegenwoordig veel mannen het onderwijs links laten liggen omdat het niet genoeg ‘aanzien’ heeft, dan moeten we daar toch een kanttekening bij maken. Leraren genieten ontzettend veel vertrouwen van de maatschappij. Veel meer dan bijvoorbeeld rechters of zelfs politieagenten.”

Hoe lokken we meer mannen naar de basisschool?

Jessy Siongers: “Het zal ontzettend moeilijk worden om het tij te keren. Voor de nieuwe generaties mannen wordt het almaar moeilijker de stap te zetten naar dat steeds vrouwelijker wordend beroep. Zo geraken we in een vicieuze cirkel. Misschien moeten we sleutelen aan de carrièremogelijkheden van leraren, maar daar moeten we absoluut mee opletten. Veel mensen kiezen net voor het onderwijs om te ontsnappen aan de competitie- en prestigedwang in de privésector. Bovendien trekken we dan een heel ander type leraren aan, terwijl de inhoudelijke interesse voor de job toch het belangrijkste blijft. Laat de huidige leraren hun beroep met trots uitoefenen, dat is de beste reclame.”

“Trotse leraren zijn de beste reclame voor het beroep”

Moeten we ons zorgen maken over het gebrek aan mannelijke leraren?

Jessy Siongers: “Uit onze onderzoeken blijkt dat er geen enkele belangrijke invloed is van het geslacht van leraren op de prestaties van leerlingen. Een jongen zal niet achterop hinken in wiskunde als hij les krijgt van een vrouw. Ook op algemene houdingen zoals burgerzin heeft de man-vrouwverhouding van het lerarenkorps geen effect. Verschillende onderzoeken brengen aan het licht dat sterk ‘vrouwelijke’ sectoren gekenmerkt worden door lagere lonen en een lager prestige. Gelukkig stellen we daarnaast vast dat loon en prestige niet dalen als een beroep vervrouwelijkt. Feminisering blijkt dus absoluut niet negatief te zijn. Waar we wel voor moeten opletten, is het lerarentekort. Om te voorzien in een nieuwe generatie leraren, zullen we zowel mannen als vrouwen naar het beroep moeten lokken. Natuurlijk zou een genderevenwicht in het lerarenberoep niet slecht zijn om stereotiepe beelden over ‘mannelijke’ en ‘vrouwelijke’ taken te doorbreken. Binnen het gezin nemen mannen almaar vaker zorgtaken op zich, op de werkvloer zien we veel te weinig mannen in zorgsectoren.”

 

Jessy Siongers is licentiaat in de sociologie en gediplomeerde in de aanvullende studie ‘culturele studies’. Zij is als wetenschappelijk medewerker verbonden aan de Vakgroep Sociologie – Onderzoeksgroep TOR van de Vrije Universiteit Brussel. In 2007 promoveerde ze met het proefschrift ‘Van generatie op generatie. Een cultuursociologische benadering van de gelijkenissen in houdingen en smaken tussen ouders en hun adolescente kinderen’. De TOR-groep onderzoekt tijd, cultuur en samenleving.

Klasse voor Leraren

204 - april 2010

Error, group does not exist! Check your syntax! (ID: 3)

Archief

Dit artikel komt uit het archief van
Klasse. De informatie is misschien niet
meer up-to-date.

Liever actuele info over dit onderwerp?
Surf naar www.klasse.be