HelpDepressie

«Ik wil niet meer leven»

beeld bij dit artikel

«Dries (13) wordt al jaren gepest op school. Omdat hij dik is. Meestal weet hij zich wel te redden. Vorig schooljaar haalde hij nog goede cijfers op het rapport. Nu niet meer. Al enkele maanden twijfelt hij aan zichzelf. Als er wat mislukt thuis, op school of met zijn voetbalploeg, is het zijn schuld, zegt hij. Gisteren kwam hij woedend van school terug. Ze hadden tijdens de zwemles zijn kleren verstopt. 'Mama, ik wil niet meer leven', weende hij.»
(Lies, moeder)

Is mijn kind depressief? één op twintig

Een slechte toets, ruzie met een vriend(in), problemen in de klas elk kind voelt zich wel eens slecht. Meestal gaat dat voorbij. Een depressie is moeilijker te ontdekken. Kinderen uiten hun depressie vaak helemaal anders dan volwassenen. Zeker als kinderen symptomen als agressie vertonen, denken we zelden aan depressie.

Kinderen met een depressie in de enge zin van het woord, beantwoorden volgens professor Frank De Fever aan minstens vijf van volgende klachten:

  • het kind is somber, neerslachtig (huilt vaak, is prikkelbaar, klaagt dat niemand van hem houdt)
  • het interesseert hem allemaal niet (wat leuk is wordt dom, het spant zich niet meer in op school, geeft vlug op, voelt zich zelfs thuis niet goed)
  • vertoont ander eetgedrag (eet erg weinig, of erg veel)
  • heeft slaapproblemen (is futloos en moe)
  • is zeer gejaagd en rusteloos (doet dingen zonder na te denken)
  • is zeer geremd en lusteloos (futloos, neemt geen initiatief)
  • voelt zich waardeloos (verwondt zichzelf)
  • voelt zich vaak schuldig (alles wat verkeerd loopt is zijn schuld)
  • kan moeilijk beslissen
  • kan zich moeilijk concentreren
  • denkt aan de dood

(een volledige test kan je vinden op www.jongeren-en-depressie.be of in het boek van Frank De Fever: zie onderaan)

Depressieve kinderen. Ze passen niet in onze kijk. Kinderen moeten blij en vrolijk zijn. Toch is naar schatting één op twintig kinderen tussen zes en twaalf depressief. Bij kinderen met een verstandelijke of lichamelijke handicap loopt dat percentage op tot 10 %.

Waarom worden kinderen depressief? Ik en omgeving

Dé oorzaak van depressie bestaat niet. Meestal zijn er verschillende:

  • Oorzaken in het kind: een handicap of ziekte, negatieve kijk op zichzelf en de wereld, de perfectionist (hoe perfecter je wil zijn, hoe harder een mislukking je kan raken)
  • Oorzaken in de omgeving:
  • problemen in het gezin: depressieve ouder, alcoholproblemen, echtscheiding, financiële problemen, verlies van een geliefd persoon of huisdier
  • problemen in de opvoeding: te los of te autoritair, mishandeling. Kinderen krijgen geen verantwoordelijkheid, ouders doen alles in hun plaats. Kinderen voelen daardoor dat ze geen controle krijgen op deze wereld (aangeleerde hulpeloosheid)
  • problemen op school: kinderen moeten steeds harder werken, beter presteren, meer kennen en kunnen; er is een pestprobleem
  • problemen met de maatschappij: het jachtige levensritme (weinig tijd voor elkaar), alles draait om wat je hebt, niet om wie je bent, je mag je niet meer rot voelen of piekeren.

Hoe kan ik mijn depressief kind helpen? Warmte en houvast

Zorg voor extra houvast en warmte. Een depressief kind heeft nood aan een omgeving waar het zich goed en waardevol voelt: veiligheid, warmte, structuur en regels

Raadpleeg een deskundige, al was het maar om de juiste diagnose te stellen. Die kan nagaan welke de specifieke behoeften van het kind zijn en hoe de ouders daarop kunnen inspelen. Kinderen met een depressie krijgen zelden een behandeling met medicijnen. Gesprekken met een deskundige zijn nuttig in combinatie met creatieve technieken die het kind leren om zichzelf te uiten: tekenen, knutselen, boetseren...

Ongeveer de helft van de kinderen blijft een depressie beter de baas wanneer de ouders en de school erin slagen hun opvoeding op de behoeften van het kind af te stemmen.

«Ik wil niet meer leven» En nu?

Elke week belt één jongere met de zelfmoordlijn. Een peiling van Ketnet toont dat 5 % van de tien- tot twaalfjarigen wel eens aan zelfmoord denkt.

«Mama, ik wil doodgaan.» Wat doe je?

  • Een kind dat je komt vertellen dat het niet meer wil leven, grijpt je naar de keel. Laat je niet leiden door de emoties van het eerste moment. Blijf zelf rustig en toon dat je bezorgd bent.
  • Praat met je kind over zijn verlangen om dood te gaan. Waarom wil je kind dood? Als je daarover praat, kan je voorkomen dat zijn doodswensen sterker worden.
  • Luister naar zijn gevoelens. Wat is er gebeurd? Kruip in zijn vel. Probeer te begrijpen wat er achter een schoolprobleem, een droevig gezicht, een donkere tekening, vluchtgedrag of aanhoudende buikpijn schuilt.
  • Erken de moeilijkheden, wuif ze niet weg.
  • Probeer samen wat orde te brengen in wat je kind voelt en wat rondom hem gebeurt. Dat helpt de angst en verwarring al verminderen.
  • Ga na hoe vaak het aan zelfmoord denkt, hoe concreet de plannen zijn. Zijn er mogelijke crisismomenten vandaag of in de nabije toekomst?
  • Praat erover met je partner. Zoek steun bij de school, het CLB, het Centrum ter Preventie van Zelfmoord, de school- of huisarts.

Wat doe je niet?

  • Word niet boos: «Hoe durf je zoiets zeggen, jij hebt alles wat je nodig hebt».
  • Ga niet meteen oplossingen formuleren: «Ik zal dat morgen met de meester eens bespreken».
  • Minimaliseer de feiten en de gevoelens van je kind niet: «Ach kom, zo erg is het ook weer niet, zeker».
  • Vermijd schuldgevoelens: «Je weet niet hoeveel pijn het doet als je dit zegt».
  • Beloof niet dat je er een geheimpje van maakt en er met niemand anders over zal praten, zeg wel met wie je zal praten.

Hoewel deze reacties vaak goed bedoeld zijn, duwen deze opmerkingen het kind vaak dieper in de put.

Hoe voorkom je depressie? Thuis en op school

Relaties. Of kinderen zich goed voelen, hangt samen met de kwaliteit van de relatie met zijn ouders. Maken ouders tijd om te luisteren en een echt gesprek aan te gaan?

Vertrouwen. Kan een kind van zichzelf houden? Ervaart het kind dat andere mensen het prettig vinden dat hij er is? Zijn andere mensen geïnteresseerd in wat het voelt en denkt? Kinderen verwachten van hun ouders het eerste warme applaus.

Gevoelens. In een omgeving waar kinderen niet mogen tonen dat ze boos, blij, verdrietig of angstig zijn, is er meer kans op een depressie. Zorg voor extra aandacht als kinderen plotseling met erg verdriet worden geconfronteerd: overlijden, echtscheiding.

Zelfbeeld. Een kille ouder knaagt aan het basisvertrouwen van zijn kind. («Het wordt nooit iets met jou.» «Kijk eens hoe kinderachtig je bent.» «Jij dokter worden? Allez, zeg!»)

Grenzen stellen. Kinderen die gewoon zijn dat hun ouders altijd toegeven, dat er geen grenzen zijn, kunnen moeilijk omgaan met momenten waar het niet loopt zoals zij het willen. Ze kunnen moeilijk om met ontgoocheling en tegenslag.

Overdreven druk. Wat verwachten ouders? Kinderen nemen de hoge normen van hun ouders over. Het is nooit goed genoeg: ze worden perfectionist. Heel wat depressieve kinderen zijn zeer plichtsbewuste kinderen: ze laten zichzelf niet toe een foutje te maken

Meer contact. Veel kinderen willen meer en betere contacten met hun ouders. Een sterke band in het gezin is de beste remedie tegen depressie.

Klassfeer. In de klas is niet alleen de leerstof belangrijk. De leerkracht is ook geïnteresseerd in wat omgaat in de kinderen. Geregeld is er ook een waarderend woord van de leerkracht. Dat is goed voor het zelfbeeld.

De leeftijdsgenoten. Hoort het kind erbij? Wat de anderen van je vinden heeft een grote invloed op hoe goed of slecht je je voelt.

Dit is de negentiende bijdrage van De Eerste Lijn. Meer over depressie lees je in «Mijn kind is depressief. Hoe herken ik het en wat doe ik eraan?» Frank De Fever - Houtekiet - 14,70 euro en «Krokodillentranen» - bestellen bij Kinder- en Jongerentelefoon: tel. 02 534 37 43. Je kan ook surfen naar www.jongeren-en-depressie.org, www.zelfmoordpreventie.be of www.klasse.be/dossier/zelfmoord Of neem contact op met de Belgische Liga voor de Depressie - Koningin Astridlaan 253 - 1950 Kraainem - tel. 02 731 94 61; het Centrum ter Preventie van Zelfmoord - Arteveldestraat 142 - 1000 Brussel - Noodlijn: 02 649 95 55

Deze tekst kwam tot stand in samenwerking met ouders, leerkrachten, het CLB en andere specialisten.