HelpMoeilijk gedrag

Ilse durft niet naar huis

beeld bij dit artikel«Ons Ilse is hard veranderd sinds vorig schooljaar. Ze heeft veel last met zichzelf. We dachten dat het wel zou overwaaien. Nu is er elke dag iets waar we ruzie moeten over maken. Het gaat ons aardig op de zenuwen werken. Gisteren nog heeft mijn man kwaad haar huiswerk in stukken gescheurd. Deze week heeft ze op school twee keer strafwerk gekregen. Verwondert ons niks. Maar ze kent ons tarief: elke straf maakt ze dubbel. Haar schoolresultaten gaan achteruit.

Een draai rond haar oren, geen zakgeld, geen tv, geen jeugdbeweging. Het helpt niets.

We hebben haar gezegd dat ze niet moet thuiskomen met een slecht rapport op het einde van de maand.»

«Laat ze maar doen»

Kinderen die leren moeten ruimte krijgen, vrijheid. Dat is wat ouders en leerkrachten hen ook geven. Elke dag opnieuw. Maar ze moeten hen ook beschermen. Zo kunnen kinderen de wereld op een veilige manier ontdekken. Daarom geven opvoeders grenzen aan, zeg maar regels. En die moeten voor het kind duidelijk zijn. Hoe jonger het kind, hoe meer bescherming en grenzen het nodig heeft. Vooral jonge kinderen voelen zich veilig als iemand over regels waakt. Ze hoeven geen energie te steken in het ontdekken van de regels, maar gaan enthousiast de ruimte tussen de grenzen ontdekken. Hoe ouder het kind, hoe meer vrijheid het kan krijgen en hoe meer opvoeders met hem grenzen moeten afspreken.

Ilse heeft geen last met zichzelf. Ze heeft last met de regels, de grenzen in haar omgeving. Ze wil meer zelfstandigheid en nieuwe regels, nieuwe grenzen. Haar gedrag is een vraag, een oproep tot een goed gesprek. Ouders die zoiets laten overwaaien, missen een kans. Ilse en haar ouders kunnen samen op zoek gaan naar dat evenwicht.

«Het is niet leuk meer»

Er is niets zo vervelend als een gespannen sfeer thuis. Opvoeden is leren en daar hoort best een prettige sfeer bij. De meeste ouders vinden het normaal dat hun kind zich goed gedraagt. Vaak zien ze alleen wat fout gaat. Hoe meer aandacht ouders besteden aan het positieve gedrag van hun kind, hoe minder werk ze zullen hebben met negatief gedrag. Hoe minder ze ook zullen moeten straffen. Bemoedigen en een complimentje geven stimuleert kinderen. Wie enkel straft, leert een kind negatief gedrag af. Weet het kind dan wat het wél moet doen? Wie nooit aandacht krijgt, zal naar aandacht zoeken, desnoods op een negatieve manier.

«Dat had ik niet mogen doen»

«Eigenlijk was dat onredelijk van me. Ik had haar huiswerk niet hoeven stuk te scheuren. Maar ik was zo kwaad dat er nog altijd fouten in stonden. Vroeger was boos zijn al een straf voor Ilse. Ik schaam me eigenlijk wel een beetje.»

Wie straft is boos. Veel ouders laten zich bij de keuze van een straf leiden door hun boosheid. De kans is groot dat de straf dan onredelijk is. Woede en ergernis zijn niet de beste inspiratiebronnen. Straffen kunnen het best in verhouding staan tot wat verkeerd is gelopen. Onredelijkheid sluit de deuren naar een goed gesprek. Als ouders wat afspreken met hun kind, houden ze zich daar het liefst aan. Dat geldt zowel voor de beloning als voor de straf. Sommige ouders geven ook toe dat ze soms fout zitten («Je komt niet meer binnen»). Als ze hun kind excuses aanbieden, tonen ze dat ze echte mensen zijn. Als ze dat ook toegeven weten kinderen dat ook zij zich kwetsbaar mogen opstellen.

«Ik wil je niet meer zien»

Jonas vliegt de hoek in. Niet omdat hij stout is, zeggen zijn ouders hem, maar omdat hij Anke geslagen heeft. Ouders straffen hun kind om zijn gedrag, niet omdat ze het kind slecht vinden. Anders wordt straf wraak. Zo kwetsen ze hun kinderen en laten een onherstelbare schade achter. Een straf moet duidelijk verbonden zijn aan het overschrijden van een bepaalde regel. «Lap ik de regel aan mijn laars of niet?» Dat is de vraag waar het kind zelf verantwoordelijkheid voor draagt. Straffen kunnen helpen bij het verkennen, het afbakenen en het respecteren van grenzen. Kinderen hebben het recht om te experimenteren en fouten te maken. Ouders kunnen helpen om ze te doen leren uit hun fouten. Een kind moet voelen dat het na zijn straf met een schone lei kan beginnen.

«Of een goeie mep»

Bertje is anderhalf jaar. Hij speelt graag met de keukenkasten en de knoppen van het gasfornuis. Zijn ouders geven hem vaak een tik op zijn handen. In heel uitzonderlijke situaties en als de ouders heel beheerst zijn, kan een tik opvoedkundige waarde hebben.

Ken is dertien. Hij komt met een slecht rapport naar huis. Zijn vader slaat hem. Slaag is een straf die moeilijk te doseren valt. Een ouder die heel kwaad is, slaat vaak harder dan de bedoeling was. Oudere kinderen die regelmatig geslagen worden, wennen aan de pijn waardoor ouders weer harder gaan slaan.

«Niks helpt nog»

Als niks helpt is het gevaar groot dat de afspraken die ouders met kinderen maken steeds strenger worden en de straffen steeds erger. Soms kunnen ouders dan onderhandelaars inschakelen: familie, leiders van de jeugdbeweging, leerkrachten van de school. Soms gebeurt het dat problemen niet meer op te lossen zijn. Dan moet professionele hulp gezocht worden: huisarts, kinderarts, PMS.

Gratis boeken

Kinderen opvoeden is ze ruimte geven om de wereld te ontdekken en ze tegelijkertijd beschermen. Geen makkelijke klus. Duizenden boeken zijn erover volgeschreven. U kunt ze raadplegen in de bibliotheek onder het nummer 430.4 (trefwoord opvoeden), of 433.9 (straffen in de opvoeding).

U bent op zoek naar kapstokken, de belangrijkste dingen die u moet weten bij het opvoeden van uw kind? Wij hebben een boek voor u. 50 lezers krijgen het boek «Opvoeden is een groeiproces» van Peter Adriaenssens gratis toegestuurd. Daar is de tekst op deze pagina's op gebaseerd.

Wie een kans wil maken stuurt een briefkaart naar Klasse voor Ouders (STRAF) - Koningsstraat 138 - lokaal 508 - 1000 Brussel. U kunt het boek ook in elke boekhandel kopen. Het is uitgegeven bij Lannoo en kost 595 fr.

Klap voor de broek

72 % van de ouders van drie- tot zevenjarigen straft zijn kind wel eens met een klap voor de broek. 51 % van de ouders van acht- tot twaalfjarigen doet hetzelfde. Bij dertien- tot zestienjarigen gebruikt 26 % van de ouders deze vorm van straf nog. Het vaakst komt nochtans het kijkverbod naar televisie voor. Dat blijkt uit een enquête bij 500 ouders in opdracht van het dagblad De Standaard.

Straffe verhalen

Drie keer het schoolreglement overschrijven, een lesuur in de vuilnisbak zitten of papiertjes rapen op de speelplaats. U kent deze verhalen wel. Ook op school moet het leven volgens afspraken verlopen. Regels bepalen de grenzen van wat kan en wat niet. Hoe duidelijk en doorzichtig zijn de afspraken op school? Zijn de leerkrachten bereid om te praten met de kinderen en de regels soepel te hanteren? Daarover lezen de leerkrachten van uw kind deze maand in hun KLASSE voor Leerkrachten. Dé kans om strafwerk op de school van uw kind eens uit het hoekje te halen?

Verwante pagina's

Hulplijnen

Centra voor kinderzorg en gezinsondersteuning
Bel voor het dichtstbijzijnde centrum naar Kind en Gezin
02 533 12 11
www.kindengezin.be
 
Centrum voor geestelijke gezondheidszorg
www.cgg.be
 
Opvoedingstelefoon
Op maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag van 10 tot 13 u. en van 14 tot 17 u. Op donderdag ook van 19 tot 21 u.
Plezantstraat 165 bus 1
9100 Sint-Niklaas
078 15 00 10
www.opvoedingstelefoon.be

De Eerste Lijn