“Voorspel welke denkfouten je leerlingen kunnen maken”
René Kneyber – onderwijsexpert
Tips
Vragen stellen: een vak apart. Onderwijsexpert René Kneyber legt uit waarom goede vragen zo bepalend zijn voor de kwaliteit van je les. En zet effectieve vraagtechnieken op een rijtje.
René Kneyber, expert bij Toetsrevolutie en voormalig leraar wiskunde: “Effectieve leraren stellen méér vragen, betrekken leerlingen actiever bij de les, nemen meer tijd om leerstof te verhelderen en na te gaan of iedereen de leerstof begrijpt. Bovendien vragen zij hun leerlingen niet enkel om te antwoorden op de vraag, maar ook om hun denkproces onder woorden te brengen: hoe kwam je tot dit antwoord? Goede vragen stellen in de les helpt leerlingen om de leerstof al tijdens de les grondig te verwerken.”

René Kneyber – onderwijsexpert
René Kneyber: “Effectiever dan je leerlingen telkens het correcte antwoord op te lepelen: stel ze de vragen die naar dat antwoord leiden. Je leerlingen denken actiever na en verankeren de leerstof diepgaander. Maar goede vragen stellen in de les is een vak apart. Logisch dat je dat niet meteen onder de knie hebt.”
“Besteed er bij je lesvoorbereiding daarom voldoende aandacht aan. Dat doe je in 3 stappen. Eerst voorspel je: welke denkfouten en misvattingen zullen opduiken? Stap 2: met welke vraag breng ik die aan het licht? En tot slot: hoe ziet het ideale antwoord eruit? Met goed gemikte vragen bouw je stap voor stap je les op en maak je samen met je leerlingen denkwerk zichtbaar. Tip: samen met collega’s vragen uitdenken, is vaak enorm leerrijk.”
“‘Ben je het eens?’ ‘Klopt wat je buurvrouw zegt?’ ‘Kan je hier nog iets aan toevoegen?’ Je duidt een leerling aan om te antwoorden. Nadat die antwoordde, speel je de bal door aan een klasgenoot. Zo verhoog je de betrokkenheid bij je leerlingen omdat ze allemaal weten dat de bal straks in hun kamp kan belanden. Ze merken dat hun bijdrage aan het gesprek ertoe doet. En ze leren luisteren naar wat anderen inbrengen.”
“‘Dat klopt, maar waarom denk je dat dat zo is?’ ‘Kan je uitleggen hoe je op dat antwoord kwam?’ ‘Wat gebeurt er als we dit gegeven aanpassen?’ Neem de tijd om in te gaan op het antwoord van een leerling en door te vragen. Door even stil te staan bij een antwoord en niet van de ene naar de andere leerling te springen, bouw je meer diepgang op en maak je het denkproces zichtbaar voor de hele klas.”
René Kneyber: “Door gerichte vragen te stellen, ga je na of leerlingen de leerstof begrijpen. Toch stappen we daar vaak nog te licht overheen. Tijdsdruk is er altijd. Je neemt maar beter de ruimte om voldoende vragen te stellen, zodat je tijdig in de gaten hebt wie niet kan volgen en dreigt af te haken.”
“Natuurlijk zijn er altijd leerlingen in je les die sneller kunnen. Of het gevaar bestaat dat zij afdwalen als je vertraagt en vragen stelt? Die kans is net kleiner omdat ze zich betrokken voelen bij de les en met hun input de les mee opbouwen. Zo werken ze actiever mee en verwerken ook zij de leerstof diepgaander.”
“Wisbordjes zijn geknipt om snel te achterhalen waar je leerlingen staan. Ze zijn vooral handig als je op zoek bent naar korte antwoorden. Opgelet: ‘kort’ betekent niet dat je vraag eenvoudig moet zijn of dat je wisbordjes niet kan inzetten om naar dieper begrip te peilen. Voorbeeld: vraag je leerlingen om de grafiek te tekenen die de relatie toont tussen het aantal inwoners en het aantal verkeersslachtoffers. Zo zie je in een oogwenk wie goed begrijpt wat een recht evenredig verband is.”
“Om na te gaan of leerlingen de leerstof grondig verwerkt hebben, zijn spiegelvragen nuttig. Je peilt naar dezelfde kennis, maar met een andere vraag. Voorbeeld: eerst leg je uit waarom zon opkomt in het oosten. Als leerlingen die redenering vlot opbouwen, draai je het om: ‘Waarom gaat de zon onder in het westen?’ Sommige leerstof leent zich makkelijker tot spiegelvragen dan andere. Tip: soms is een AI-tool een goede hulp om spiegelvragen te bedenken.”
René Kneyber: “Als leraar is het verleidelijk om in te gaan op de opgestoken vingers in je klas. En dus vooral leerlingen aan het woord te laten die het antwoord al weten. Dat is niet zonder gevaar: jij krijgt ten onrechte de indruk dat iedereen mee is, en bij leerlingen groeit het idee dat enkel correcte antwoorden een plek verdienen in de klas. Zo creëer je onbedoeld een cultuur waarin fouten maken niet mag en lopen leerlingen die de leerstof nog niet de baas zijn, leerkansen mis.”
“Eerst je vraag stellen, dán pas iemand aanduiden: met cold calling vermijd je dat je leerlingen overschat. Of dat een overijverige leerling het antwoord door de klas roept. Al betekent dat nog niet dat je met je vraag achterhaalt in welke mate je leerlingen de stof al beheersen. Hoe jij reageert op een fout antwoord, bepaalt immers of leerlingen zich veilig genoeg voelen om een gedachte onder woorden te brengen. Of zich van je vraag ontdoen met een twijfelende ‘ik weet het niet’.”
“Geef bedenktijd wanneer je een vraag stelt. Laat leerlingen eerst hun antwoord noteren. Of laat ze overleggen met hun buur voor je het gesprek naar de hele klas tilt: think, pair, share. Onderdruk ook de neiging om je snel uit te spreken over het juiste antwoord. ‘Wie antwoordde A? Wie B? Waarom zou A kunnen kloppen? Welke argumenten zie je om voor B te kiezen?’ Belicht die denkprocessen, geef leerlingen de tijd om hun gedachtegang onder woorden te brengen.”
“Komt er een fout antwoord uit de klas, roep dan de hulp van een medeleerling in om aan te vullen of te verbeteren. Of geef zelf desnoods het juiste antwoord. Maar keer daarna altijd terug naar de leerling die het niet goed had. Zodat die de oplossing kan herhalen, aanvullen of anders verwoorden. Zo geef je de leerlingen die er het meest nood aan hebben, extra oefenkansen. En voorkom je dat leerlingen een hulpeloze ‘Ik weet het niet’ terugkaatsen.”
“Laat eerst de vraag zien vóór je de antwoordopties toont, zodat leerlingen al over een eerste antwoord nadenken. Toon dan de verschillende antwoordopties. Zorg ervoor dat je vaak terugkerende denkfouten in die opties verwerkt. Laat je leerlingen eerst zichtbaar stemmen, zodat iedereen al kleur bekent. Je kan ook hier tussenstappen inzetten en leerlingen eerst met hun buur laten overleggen. En inderdaad: wisbordjes zijn bij deze vraagvorm handig om snel een overzicht te krijgen.”
Meer lezen? Het stellen van de juiste vraag – Toetsrevolutie / Leerdoelen concreter maken met focusvragen / De principes van Rosenshine (Tom Sherrington), vertaald door René Kneyber en Hilly Drok. Met een gratis hoofdstuk over vragen stellen.
Log in om te bewaren
Laat een reactie achter