Gepubliceerd op
Zo doen zij het

Mini-onderneming: “Zeepjes verkopen werkt niet meer”

Geen toeval dat mini-onderneming ‘A plastic free school’ zo’n succes is. De 11 leerlingen zijn zó gebeten door hun ambitieuze project dat opgeven nooit een optie was. “Ik link een mini-onderneming altijd aan een maatschappelijk probleem dat leerlingen raakt,” verklapt leraar Christof.
 

Het is een drukte van jewelste in de ruimte naast de refter van het Lucernacollege in Merksem. Samara, Hafsa, Assia en Miyase van 6 tso Handel maken een planning op voor de volgende verkoopdag van hun producten. Het gaat hard voor hun mini-onderneming: de vorige keren waren ze volledig uitverkocht, deze keer willen ze het nog beter doen met een nieuw artikel. Wat later komen de 7 andere meisjes van het project er enthousiast mee binnengewaaid: bijzondere maskers, gemaakt uit plastic afval.

Leraar economie Christof De Vaal kijkt trots toe: “De leerlingen komen net van PlasticLab in het Havencentrum, daar zijn ze die maskers gaan produceren. Heel eerlijk? Deze mini-onderneming is een beetje uit de hand gelopen. Dat we na 1 trimester zover zouden staan, daar konden we in september alleen maar van dromen.”

Een mini-onderneming opstarten en begeleiden is niet nieuw voor Christof: “Ik doe dat al een aantal jaren en haal er veel voldoening uit. Je ziet de leerlingen groeien door zulke projecten. Ik link een mini-onderneming altijd aan een maatschappelijk probleem dat leerlingen raakt. Ik bekijk dan met hen hoe we een product kunnen maken en verkopen dat daarbij past. We werkten op school al rond pesten, weeskinderen, anti-roken … In deze klas is het plasticvervuiling geworden, een actueel milieuprobleem dat écht leeft bij jongeren.”

Samara vult aan: “We wisten in het vijfde al dat we daar iets mee wilden doen. We wilden onze school zo veel mogelijk plasticvrij maken en met het wegwerpplastic dat toch nog binnenkwam duurzame producten maken.”

leerlingen van het Lucernacollege in Merksem met hun mini-onderneming

“Hoe meer we ontdekten dat plastic schadelijk is, hoe gemotiveerder we werden”

Christof: “Ik ben geen wetenschapper van opleiding , dus dat was voor mij onontgonnen terrein. Ik moest me in de zomervakantie dus inwerken in het thema. En het was ook voor de meisjes niet evident om in september meteen concreet aan de slag te gaan. Ze zitten niet in een praktisch technische richting en hadden geen labervaring, maar ze zagen het als een uitdaging. Het online netwerk Precious Plastic hielp hen op weg. Die community gaf hen tips over soorten plastic, hoe ze zelf een oven konden bouwen om plastic te smelten, hoe ze dat via een mal konden persen tot voorwerpen …

In de kringwinkel gingen ze op zoek naar materialen. De oven bouwden ze helemaal zelf, in de garage van de school. En dan begon het experimenteren met het smelten. Heel amateuristisch in het begin, we ontdekten al doende dat we rekening moesten houden met milieuwetgeving en allerlei veiligheidsvoorschriften zoals mondmaskers dragen.”

Assia: “Aanvankelijk wou het maar niet lukken. We wisten niet dat verschillende soorten plastic verschillende smelttemperaturen hebben. Het werd een brokkelige knoeiboel, er kwam geen degelijk product uit. We hebben véél prototypes gemaakt! Maar hoe meer we ontdekten hoe schadelijk plastic is voor ons milieu, hoe gemotiveerder we werden om er ook iets aan te doen.” Miyase: “Opgeven was geen optie, ook al waren er momenten waarop we het niet meer zagen zitten.”

De rol van de leraar bleek cruciaal om de moed erin te houden en het langetermijnperspectief te zien. Christof: “We bleven proberen, zochten extra informatie op, vroegen advies aan experten. De eerste doorbraak kwam pas begin januari, plots lukte het, we produceerden! Net op tijd voor de eerste verkoopdagen. De vreugde was groot. En de plastic schaaltjes, frisbees en eierdopjes geraakten vlot verkocht. Eerst op school, maar daarna ook op verkoopdagen in shoppingcentra, georganiseerd door Vlajo, de organisatie die mini-ondernemingen op scholen ondersteunt.”

“In die periode werd ons verhaal opgepikt door de media: 11 meisjes die met plastic aan de slag gingen, dat boeide hen wel. We surften ook mee op de algemene aandacht voor het klimaat. We kwamen op de ATV, Radio 2, hln.be … Mooi einde van het project, dacht ik toen. Maar toen begon het pas.”

Leraar Christof

Christof, leraar en begeleider mini-onderneming: “Dit gaat om veel meer dan verkopen. Het project verruimt de blik van mijn leerlingen.”

“De meisjes mochten samenwerken met PlastIq, een organisatie die de kunststofsector met educatieve projecten op de kaart wil zetten bij leerlingen en studenten. ‘A plastic free school’ sloot als mini-onderneming perfect aan bij hun doelstellingen. Plots gingen ze in een professionele omgeving aan de slag: van de schoolgarage naar een heus PlasticLab. Een bijzondere ervaring voor de meisjes, buiten hun comfortzone. Het is daar dat ze de kunstige maskers produceren.”

Samara: “Dat verkopen ging tot nu toe vlot, hopelijk lukt dat met de maskers ook. Verkopen doen we allemaal, in een beurtrol. We vragen niet zoveel voor onze producten om de drempel voor jongeren laag te houden. Sensibiliseren over de plasticproblematiek is minstens even belangrijk. Al is winst op het einde wel meegenomen, want de opbrengst gaat naar een goed doel: de Plastic Soup Foundation, een Nederlandse organisatie die het plasticprobleem in oceanen aanpakt.”

Christof: “Het mooie aan deze mini-onderneming is dat de leerlingen niet alleen een product verkopen. Ze zijn gaan ontwikkelen, prototypes maken, produceren, leerden omgaan met de media, hun eigen promotie voeren via Instagram, Facebook, persberichten, een zelfgemaakt promotiefilmpje … Dit is een next level mini-onderneming, een project dat hun blik op de wereld heeft verruimd. Dat is levensecht leren. En dat motiveert hen én mij. Dit is een topteam.”

Hafsa: “We gaan thuis nu anders om met plastic. Vroeger praatten we daar nooit over, nu hebben we discussies over ons afval. Alle kleine beetjes helpen, je kan een verschil maken. En ook op school hebben we dingen in beweging gezet: de leerlingen brengen nu meer drinkbussen en brooddozen mee, de school investeerde in mokken en borden ipv plastic servies, er komen waterfonteinen, alle leerlingen verzamelen hun plastic voor de mini-onderneming ..”
 

Mini-onderneming 'a plastic free school': standje met producten

Tips voor een sterke mini-onderneming

  1. De beste ideeën voor een mini-onderneming komen van de leerlingen zelf: welke maatschappelijke thema’s leven bij hen? Wat beroert hen? Waar liggen ze van wakker? Als je daarmee aan de slag gaat, is de kans het grootst dat ze gemotiveerd blijven tijdens het hele schooljaar. Maak voldoende tijd voor die verkenningsfase.
  2. Laat de leerlingen eventueel in het vijfde jaar al brainstormen over mogelijke thema’s. Zo kunnen ideeën rijpen, kan je in de zomervakantie als leraar al wat voorbereidende research doen en heb je meteen wat voorsprong in het zesde.
  3. Kijk over de schoolmuren heen, daar is zoveel te leren! Zoek naar organisaties, bedrijven, experten die je project willen ondersteunen. Je haalt er kennis en ervaring mee binnen en ontdekt bijzondere locaties en invalshoeken.
  4. Durf platgetreden paden verlaten. Zomaar zeepjes verkopen werkt niet meer om klanten te overtuigen van je product.
    Smijt jezelf ook als leraar in zo’n onderneming: zien werken, doet werken!
  5. De winst aan een goed doel geven motiveert leerlingen en potentiële kopers extra.
 


Meer info?
lucernacollege.beplasticsoupfoundation.orgpreciousplastic.complasticlab.beplastiq.bevlajo.org

In 3 weken naar beter huiswerk?

Schrijf je in voor de gratis online tipreeks en krijg in je mailbox:

  • inspirerende voorbeelden
  • concrete huiswerkideeën
  • kant-en-klare tools