Gepubliceerd op
Actueel

Vlaamse leerlingen boeren achteruit voor wiskunde en wetenschappen (TIMSS)

Vlaamse leerlingen uit het vierde leerjaar halen internationaal nog de subtop voor wiskunde, maar voor wetenschappen scoren ze erg middelmatig. Bovendien gaan hun resultaten voor beide domeinen er aanzienlijk op achteruit. Dat blijkt uit het 4-jaarlijkse TIMSS-onderzoek. Is dit een wake-upcall?
 

  1. Wiskunde: Vlaamse leerlingen halen internationale subtop

  2. Vlaamse leerlingen behoren tot de internationale subtop voor wiskunde. Ze halen de 17de plaats op 58 landen. In de rangschikking van de 16 Europese vergelijkingslanden haalt Vlaanderen slechts de 7de plaats.

    Niet enkel Zuidoost-Aziatische landen, maar ook enkele Europese landen, zoals Noord-Ierland, Ierland, Engeland, Noorwegen en Oostenrijk gaan Vlaanderen vooraf. Vlaamse leerlingen scoren even goed als leerlingen uit Nederland, Tsjechië, Cyprus en Finland.

    Ze scoren vooral goed voor ‘Geometrische vormen en meten’. Voor ‘Getallen’ en ‘Gegevens’ scoren ze minder goed.

    cijfers wiskunde
  3. Wetenschappen: Vlaamse leerlingen scoren middelmatig

  4. Vlaamse leerlingen halen voor wetenschappen een erg middelmatige score: Vlaanderen haalt de 35ste plaats op 58 landen. In de rangschikking van 16 Europese vergelijkingslanden haalt Vlaanderen de voorlaatste plaats.

    De internationale top bestaat uit Zuidoost-Aziatische landen, Rusland en Finland. Vlaamse leerlingen scoren vergelijkbaar met leerlingen uit Portugal, Nieuw-Zeeland en Kazachstan. Van de deelnemende Europese landen presteren enkel Frankrijk en Malta slechter dan Vlaanderen.

    Vlaamse leerlingen scoren vooral minder goed voor ‘Aardrijkskunde’. Voor ‘Biologie’ en ‘Natuurkunde’ liggen de scores iets hoger.

    cijfers wetenschappen
  5. Vlaamse scores dalen voor wiskunde en voor wetenschappen

  6. Er was al even een licht dalende trend, maar nu scoren Vlaamse leerlingen zowel voor wiskunde als voor wetenschappen beduidend slechter dan in TIMSS 2015.

    Bovendien wordt de kloof tussen de resultaten van de sterkst en zwakst presterende leerlingen groter, doordat er meer leerlingen een lager prestatieniveau halen. 3 procent van de Vlaamse leerlingen haalt het basisniveau voor wiskunde niet, 8 procent haalt het basisniveau voor wetenschappen niet.

    grafieken over tijdsbesteding van leraren
  7. Kennis sterk bij wiskunde, redeneren sterkst bij wetenschappen

  8. Vlaamse leerlingen scoren voor wiskunde vooral goed voor het cognitieve domein ‘Kennen’. Voor ‘Toepassen’ en ‘Redeneren’ scoren ze minder goed. Voor ‘Kennen’ en ‘Toepassen’ dalen de Vlaamse scores ten opzichte van 2015.

    Voor wetenschappen is ‘Redeneren’ het sterkste cognitieve domein. Vlaamse leerlingen zijn minder sterk op het niveau van ‘Kennen’ en ‘Toepassen’. Voor de domeinen ‘Toepassen’ en ‘Redeneren’ dalen de scores beduidend ten opzichte van 2015.


  9. Kansarme en anderstalige leerlingen hinken achterop

  10. Jongens presteren gemiddeld beter voor wiskunde dan meisjes, voor wetenschappen is er geen verschil. Zowel voor wiskunde als voor wetenschappen scoren kansarme leerlingen en leerlingen die thuis geen Nederlands spreken slechter.


  11. Vlaamse leerlingen niet zo dol op wiskunde en wetenschappen leren als Europese collega’s

  12. Vlaanderen heeft in vergelijking met 15 Europese landen een kleiner aandeel leerlingen dat erg veel houdt van wiskunde (33 %) en wetenschappen (20 %) leren en een relatief hoog percentage leerlingen dat niet houdt van wiskunde (28 %) en wetenschappen (18 %) leren. Ze hebben gemiddeld wel evenveel zelfvertrouwen om wiskunde (30 %) en wetenschappen (37 %) te leren als leerlingen uit die 15 Europese landen.

grafieken over tijdsbesteding van leraren
 

“Dalende resultaten zijn ernstige wake-upcall”

Onderzoekers Jerich Faddar en Peter Van Petegem (Universiteit Antwerpen) leggen uit wat het gewicht is van deze dalende cijfers voor Vlaanderen en welke actie nodig is.

Faddar: “Bij de voorgaande edities van TIMSS – 2003, 2011 en 2015 – daalden de scores van Vlaamse leerlingen van het 4de leerjaar voor wetenschappen en wiskunde subtiel, maar de daling van 2019 ten opzichte van 2015 is veel groter. Dat is zorgwekkend. Bovendien dalen de resultaten van de Vlaamse leerlingen ook bij peilingsproeven en andere internationale onderzoeken (Pisa, Pirls …). TIMSS is dus geen alleenstaand geval.

Van Petegem: Bovendien zet de daling in TIMSS zich overal door. Inhoudelijk: zowel voor ‘geometrische vormen en meten’ als voor ‘getallen’ voor wiskunde en voor ‘biologie’ en ‘aardrijkskunde’ voor wetenschappen. Maar ook cognitief: de cijfers dalen zowel voor ‘kennen’ en ‘toepassen’ bij wiskunde, als voor ‘redeneren’ en ‘toepassen’ bij wetenschappen. En het zijn vooral de zwakst presterende leerlingen die steeds zwakker gaan presteren.

Faddar: “TIMSS is een ‘health check’ voor het onderwijs. We stellen vast dat de gezondheid van de patiënt achteruit gaat, maar daarmee kennen we de oorzaken nog niet. Dat vergt een diepgaander diagnose. Onderwijs is altijd een complex samenspel van factoren en we kunnen geen ‘medicijn waarmee we alles oplossen’ bieden.”

Van Petegem: “Bij het meest recente internationale onderzoek naar begrijpend lezen bleek dat in Vlaanderen de instructietijd was gedaald. Dan kan je verwachten dat de prestaties van de leerlingen ook dalen. Maar voor wetenschappen en wiskunde is dat niet het geval. Noorwegen haalt betere resultaten dan Vlaanderen en gebruikt maar 60 procent van de Vlaamse onderwijstijd. Dat is een signaal dat leraren de uren anders zouden kunnen invullen zodat de prestaties verbeteren.

“We moeten geen excuses zoeken, maar ook niemand met de vinger wijzen. Het beleid moet het geheel bekijken en actie ondernemen. Als de leerprestaties van leerlingen dalen, ligt een belangrijke basis daarvan in de klas. Daarom moeten we onderzoeken in welke mate leraren differentiëren en hoe dat samenhangt met sterke of zwakke prestaties. De resultaten van TIMSS 2019 zijn een zware wake-upcall en tegelijkertijd de aanleiding om bijvoorbeeld dieper te gaan kijken naar het didactische handelen van leraren, maar ook naar het schoolbeleid.”

Faddar: “In Vlaanderen heb je verschillende systemen om de onderwijskwaliteit te onderzoeken: de onderwijsinspectie en onder andere peilings- en internationale onderzoeken. Toch lijkt het erop dat de alarmsignalen uit onderzoek niet steeds weerspiegeld worden in de resultaten die de onderwijsinspectie rapporteert.

Van Petegem: Basisscholen krijgen over het algemeen een gunstig rapport zonder meer van de inspectie, maar op systeemniveau halen we slechte resultaten op de peilingsproeven. Ik vraag me af of en hoe we de methodiek van de inspectie en van de peilingsproeven dichter bij elkaar kunnen brengen. Dat geldt ook voor de gestandaardiseerde toetsen die leerlingen in de toekomst afleggen: hoe zullen ze zich verhouden tot de peilingsproeven en de doorlichtingen van de onderwijsinspectie? Want scholen en leraren moeten daaruit kunnen leren en zo hun onderwijs mee vormgeven.


Vind meer info over TIMSS 2019 en lees het volledige onderzoek.
 

Het beste van Klasse in je mailbox?

  • Al 58.000 leraren zijn abonnee
  • 1 keer per week en helemaal gratis
  • Verhalen van collega’s, concrete praktijktips, exclusieve wedstrijden ...