Klastips Gepubliceerd op

Authenticiteit: “Wees niet gewoon jezelf. Wees jezelf als leraar.”

1 reactie

Log in om te bewaren.

Delen

Portret Pedro De Bruyckere
Hoe kom je authentiek over bij je leerlingen? “Door een passionele, bevlogen leraar te zijn die zijn vak kent. Want dát is wat je leerlingen van je verlangen.” Pedro De Bruyckere (Arteveldehogeschool Gent) onderzoekt al jaren authenticiteit in onderwijs.


Je schreef een doctoraatsstudie over authenticiteit. Waarom?

Pedro De Bruyckere: “Op stagebezoek zag ik een student echt zichzelf zijn. Ze had een prachtige les voorbereid. Ze had er ook populaire muziek in verwerkt. Alles volgens de regels van de kunst, dus moest die les helemaal slagen. Maar dat was niet zo. Toen vroeg ik me af: waarom werkt die les nu niet? Die student was zichzelf, maar kwam niet authentiek over bij haar leerlingen. Dat triggerde me om authenticiteit in de klas te onderzoeken.”

“Voor mijn onderzoek rond authenticiteit voor de Arteveldehogeschool en de Open Universiteit van Heerlen praatten we met jongeren uit tweede en derde graad aso, bso, tso. Uit die gesprekken bleek dat vakkennis voor leerlingen vaak de basis is om een leraar al dan niet als ‘echt’ te beoordelen. Je scoort ook hoger als leraar als je passie toont, bevlogen bent en leeft voor je vak.”


Op schoolreis hoorde ik hem meezingen met AC/DC. Toen dacht ik: dat is een échte mens!

“Jongeren bewonderen de leraar die meer weet dan wat puur noodzakelijk is. En die toont dat hij mee is met de actualiteit voor zijn vak. Daarnaast willen jongeren dat hun leraar hen inspireert. Ze verwachten dat je als lesgever je eigen stempel drukt op je lesaanpak. Jongeren appreciëren ook een zekere afstand tussen leraar en leerling. Leerlingen voelen zich onwennig als je te veel praat over je privéleven.”

Wat liep er dan mis bij jouw student?

Pedro De Bruyckere: “Die student was zichzelf wel, maar haar leerlingen geloofden haar niet. Ze wou te veel vertrekken vanuit de leefwereld van haar leerlingen. Dat is niet noodzakelijk de juiste aansluiting. Haar leerlingen dachten waarschijnlijk: het is een coole les, maar dit is niet haar wereld? Je moet jezelf zijn als mens, maar leerlingen kijken ook naar de rol die je hebt als leraar. Ze willen het gevoel hebben dat je weet waarover je spreekt.”

Kan je leren ‘authentiek’ over te komen bij je leerlingen?

Pedro De Bruyckere: “Nee. Maar er zijn wel elementen die ervoor zorgen dat je authentieker overkomt. Een goede relatie tussen leerling en leraar heeft een enorme invloed op het leren. Een belangrijke voorwaarde voor een goede relatie is dat je vertrouwen hebt in elkaar. Daarin speelt authenticiteit een belangrijke rol.”

“Leraren die je zijn bijgebleven zijn vaak niet de sympathiekste, wel de authentiekste. Want je moet authentiek zijn in je functie. Je gedraagt je anders als leraar in de klas dan bij je vrienden of in je gezin. Dat betekent niet dat je toneel moet spelen. In de klas zet je het best die kenmerken in verf die relevant zijn en bij jou horen als leraar. Ik zeg aan mijn studenten: ‘Je moet niet gewoon jezelf zijn, je moet jezelf zijn als leraar.’”


Leraren die je zijn bijgebleven zijn vaak niet de sympathiekste, wel de authentiekste

Hoe speel je als leraar met die afstand en nabijheid?

Pedro De Bruyckere: “Als je interesses toont in hun leefwereld, beperk je dan tot wat relevant is voor je lessen. Want ze moeten bij jou in de les het gevoel krijgen: ik leer hier iets bij. Tijdens informele momenten maak je het best tijd voor je leerlingen. Die momenten hebben een enorme impact op de formele momenten. De gang op school is de uitgelezen plaats om kleine spontane babbels te slaan met je leerlingen. Zorg dat je daar aanwezig bent.”

In welke leraar die je zelf ooit had, herken je die authenticiteit?

Pedro De Bruyckere: “Meneer Van Haverbeke, bij veel leerlingen toen bekend als ‘James’. Hij voldoet aan alle kenmerken. Hij was onze leraar Nederlands en Engels. Hij was erg gedreven voor zijn vak, gebruikte recente films om leerstof te analyseren. Hij kwam daardoor heel los van de cursus. Ik voelde als kritische leerling: dit kan niet hetzelfde zijn als wat hij vorig jaar deed, want toen bestond die film nog niet.

Toen we samen op schoolreis gingen naar Engeland, hoorde ik hem opeens meezingen met AC/DC. Toen dacht ik: dat is een echte mens! Die luistert en leeft. In de lessen zelf hield hij afstand. Daar was hij de vakman. Hij was ook iemand die enorm geloofde in zijn leerlingen en dat duidelijk maakte: ‘Jij kan dat’. Zijn bijnaam ‘James’ kreeg hij, omdat hij gereserveerd overkwam. Maar tijdens die informele momenten ontdekten we de mens en zagen we dat hij oprecht interesse had voor ons en onze leefwereld.”