Vlaanderen
Klasse.be

Actueel

“Basiskennis bijbrengen moet opnieuw de kerntaak van de leraar worden”

  • 27 oktober 2021
  • 9 minuten lezen

De dalende leerprestaties van Vlaamse leerlingen in internationaal onderzoek zoals PISA en TIMSS leidden in maart 2020 tot de oprichting van de commissie Beter Onderwijs. 7 academici en 7 leraren bogen zich anderhalf jaar lang over de oorzaken van de niveaudaling. Voorzitter Philip Brinckman licht de adviezen uit het rapport toe.


Hoe kwam dit rapport tot stand?

Philip Brinckman: “Als directeur van het Sint-Jozefcollege in Turnhout sta ik in het onderwijs en publiceer ik er opiniestukken over. Zo kwam de onderwijsminister bij mij terecht.”

“Mijn opdracht als voorzitter van de commissie: leraren en onderzoekers samenbrengen om te kijken wat werkt in het onderwijs. In die laatste groep zitten onderwijswetenschappers en -onderzoekers, een aantal professoren met diverse specialiteiten en het hoofd onderzoek van de Britse onderwijsinspectie. Allemaal experten die vertrekken vanuit het leerproces van een leerling en weten hoe je efficiënt info omzet in kennis. Geen onderwijssociologen, inderdaad. Zij kijken meer van buiten de school naar binnen. We miskennen hun werk echter niet en citeren bijvoorbeeld onderzoek van professor Mieke Van Houtte.”

“We lanceerden een oproep naar leraren met minstens 10 jaar ervaring op de teller. Uit de 965 kandidaturen selecteerde ik samen met het Departement Onderwijs en Vorming, en volledig onafhankelijk, 7 leraren uit de verschillende onderwijsniveaus en provincies. We zaten 18 keer samen en vergaderden daarna nog in subgroepjes: een uitwisseling van ervaringen in de klas gekoppeld aan wetenschappelijk onderzoek. Tijdens de eerste 7 vergaderingen nodigden we ook andere experten uit. We kwamen verrassend vlot tot 4 aandachtsgebieden.”

Philip Brinckman
Philip Brinckman: “Als kinderen iets bijleren en groeien, voelen ze zich gelukkiger.”

Wat is het doel van dit rapport?

Philip Brinckman: “Adviezen verzamelen die leerlingen beter tot leren brengen. Ons rapport bevat 4 foci met 58 adviezen voor het hele onderwijsveld en de samenleving. 2 ervan gaan over de leerlingen, 2 over de leraren: aandacht voor het menselijke leervermogen via basiskennis en -vaardigheden, aandacht voor de bijzondere leef- en leeromstandigheden van alle leerlingen, leraren omkaderen in hun focusopdracht, aandacht voor de herwaardering, opleiding en professionalisering van leraren.”

“We hebben niet de pretentie voor altijd vast te leggen wat onderwijskwaliteit precies is. Wel denken we dat de 4 aandachtsgebieden noodzakelijke voorwaarden zijn om kwaliteit te genereren. Of het kennisniveau daardoor effectief stijgt en de onderwijskwaliteit toeneemt, zullen we pas over enkele jaren vaststellen.”

“Het centrale idee van ons rapport: mensen hebben een aangeboren algoritme om te leren, maar hoe spreek je dat nu het best bij kinderen aan? Daarvoor moet basiskennis en -vaardigheden aanleren opnieuw de kerntaak van de leraar worden. Alleen: de laatste decennia sijpelden heel wat hypes door naar het onderwijs. Met methodieken die empirische onderbouw missen. Daarom pleit de commissie voor een nieuw onafhankelijk kenniscentrum voor ons onderwijs. Dat moet evidence-informed werkvormen promoten, waarvan de efficiëntie zowel door de wetenschap als op de klasvloer bewezen is.”

Welke werkvormen werken niet?

Philip Brinckman: “We willen geen ‘schuldigen’ aanwijzen of polarisatie aanwakkeren, maar hebben bijvoorbeeld bedenkingen bij zelfontdekkend leren. Hoe minder een kind over een thema weet, hoe meer de leraar moet sturen. Als je kansarme kinderen enkel gaat ‘coachen’ in hun leerproces brengt dat te weinig op voor hen. Ze hebben immers te weinig kapstokken om de nieuwe kennis aan op te hangen. Laat hen dus niet zelf info over Egypte opzoeken, maar vertel er boeiend over en bepaal de volgende stap. Directe instructie mag dan soms kampen met een oubollig imago door de verwarring met frontaal lesgeven, het blijft de beste methode om basiskennis en -vaardigheden over te brengen.”

“Nog een voorbeeld: groepswerk. Dat is een olympische discipline die een grote verantwoordelijkheid legt bij het zelfsturend vermogen van de leerlingen. Zelfs met de beste afspraken blijft de taakverdeling vaak ongelijk. En je kan onmogelijk op je eentje alle groepjes goed begeleiden. Om basiskennis te verwerven, is groepswerk dus niet de beste optie. Wanneer je leerlingen gevorderd zijn, kan het natuurlijk wel en is het zelfs aangewezen.”

Is er in onderwijs dan nog plaats voor innovatie? Flexibele leerwegen of co-teaching, bijvoorbeeld?

Philip Brinckman: “Hoe organiseer je die flexibele leerwegen voor 20 leerlingen? Daar lopen leraren tegenaan. En leren leerlingen echt beter als ze met 2 klassen in een grote refter les krijgen van co-teachers? Co-teachen is overigens helemaal niet innovatief, sommige scholen doen dat al 30 jaar.”

“De cognitieve wetenschap stelt dat veel nieuwigheden pas werken onder bepaalde omstandigheden, als je een bijzonder sterke leraar bent. En als je intrinsiek sterk gemotiveerde leerlingen hebt. Hannah Arendt zegt: ‘Onderwijs is per definitie conservatief’. Ik begrijp dat als: bewaar het goede uit het verleden en geef het door zodat jongeren er later het hunne mee kunnen doen. We weten niet welke vaardigheden jongeren over 10 jaar nodig hebben op hun werk. Maar met een goede basiskennis en -vaardigheden kunnen ze zich aanpassen aan nieuwe contexten.”

Als je kansarme kinderen op school niet genoeg basiskennis en -vaardigheden bijbrengt, laat je hen pas echt in de steek

Philip Brinckman
voorzitter commissie Beter Onderwijs

Wat moeten scholen die werken met zelfsturend leren met dit rapport doen?

Philip Brinckman: “Scholen zijn vrij in hun didactische aanpak, maar tijdens zelfsturend leren verliezen leraren te vaak de regie. Ze denken dan dat leerlingen moeten rondlopen of in groep met elkaar overleggen, maar je moet het als leraar vooral voordoen en leerlingen laten meedenken. Met een onderwijsleergesprek activeer je leerlingen ook. De cognitieve psychologie ontdekte dat je leert op het moment dat je iets ophaalt. Als leraar hou je de blikken van je leerlingen in de gaten, zie je wie het begrijpt en wie niet.”

“Zodra leerlingen een bepaald niveau hebben, kunnen ze zelf iets opzoeken. Maar mede onder invloed van de markt willen sommige scholen onderzoeksdenkertjes maken van kinderen uit het eerste leerjaar. Dat heeft geen zin. Om zelfsturend te leren moet je eerst een goede basis technisch en begrijpend lezen hebben. Dat kost veel tijd en energie.”

Tijd die nu ook naar andere leerinhouden gaat? Het aantal uren leesonderwijs daalt.

Philip Brinckman: “Het curriculum wordt te zwaar door vele maatschappelijke topics, van verkeerseducatie tot gezonde voeding. Zeker in het lager onderwijs. Een fietsproject op school oogt mooi voor de buitenwereld, maar lokale overheden, de jeugdbeweging of de politie kunnen ook workshops rond verkeer opzetten in de wijk.”

“Door die randzaken blijft er minder tijd over om te leren lezen, rekenen en schrijven. Zeker op kansarme kinderen heeft dat een grote impact. Hun ouders kunnen misschien minder goed verkeersopvoeding bijbrengen, maar leren lezen en schrijven lukt nog veel minder. Als je dat op school niet grondig aanleert, laat je die kinderen pas echt in de steek.”

Om leraren praktischer op te leiden, wil de commissie een nieuwe rol in het leven roepen: de expert-leraar. Wat doet die precies?

Philip Brinckman: “Een kruisbestuiving creëren tussen klas en lerarenopleiding. Nu is de overstap vaak te groot. Starters schrikken als ze plots alleen voor de klas staan. Expert-leraren hebben veel ervaring met de dagelijkse klaspraktijk. Zij kunnen die binnenbrengen in de lerarenopleiding en wetenschappelijk onderzoek meenemen naar school.”

“Mooie bijvangst van de nieuwe rol: na een aantal jaar lesgeven hebben sommige leraren nood aan extra uitdaging. Ze willen hun vlakke loopbaan doorbreken. Door hen de status van expert-leraar toe te kennen, laat je deze waardevolle mensen carrière maken op hun school. Ze geven bijvoorbeeld halftijds les en daarnaast begeleiden ze startende leraren of geven ze gastlessen in de lerarenopleiding.”

Philip Brinckman
Philip Brinckman: “Als toekomstige leraar moet je veel modellessen krijgen van expert-leraren die het je voordoen.”

Ook de ‘oefenschool’ moet de kloof tussen de lerarenopleiding en de klaspraktijk overbruggen. Hoe ziet die eruit?

Philip Brinckman: “Toekomstige leraren zijn te vaak onvoldoende voorbereid in didactiek en klasmanagement. We moeten ze meer oefenkansen bieden, zonder directe gevolgen voor hun resultaat. Daarvoor moeten scholen een partnerschap aangaan met de lerarenopleiding in de buurt. In zo’n oefenschool kan de student lessen bijwonen van een expert-leraar. Meer dan tijdens de 3 weken stage die lerarenopleidingen nu voorzien. Je moet als toekomstige leraar veel modellessen krijgen. Een bindende instaptoets voor leraren kan de instroom in de lerarenopleiding ook verbeteren. Het huidige lerarentekort mag ons daar niet van afhouden.”

De commissie verdedigt de autonomie en het vertrouwen in de leraar. Hoe groot is die autonomie als de oefenschool een bepaalde visie op didactiek promoot?

Philip Brinckman: “Autonomie betekent niet je goesting doen. Als autonome leraar ken je de meest efficiënte manier om kennis over te brengen op dat moment voor die groep. Je hoeft het invulboek niet slaafs te volgen. Je mag bijvoorbeeld de maaltafels inoefenen via bewegend leren, zolang het leren maar centraal staat.”

Huiswerk werkt wel, stelt het rapport. En ook zittenblijven afvoeren, is geen goed idee?

Philip Brinckman: “Dat huiswerk niet rendeert, is een moderne misvatting. De internationale onderwijsexpert John Hattie maakte een samenvatting van bijna 200 wetenschappelijke studies over huiswerk. Hij concludeerde dat het effect niet zeer groot is, maar toch betekenisvol en betrouwbaar. Huiswerk verdween op sommige basisscholen, terwijl het 1 van de vele schakeltjes kan zijn om de leerprestaties te remediëren. En het kost het onderwijs niks.”

“Zittenblijven kan een weloverwogen optie zijn. Met een C-attest geef je sommige leerlingen de kans om hun leerproces voort te zetten in dezelfde studierichting. Maar ook doorverwijzen naar buitengewoon onderwijs mag geen taboe zijn als het kind baat heeft bij een gespecialiseerde aanpak.”

Vandaag zijn leraren manusjes-van-alles. Door terug te keren naar de kern van de job, zal de maatschappelijke waardering toenemen

Philip Brinckman
voorzitter commissie Beter Onderwijs

De focus moet naar lesgeven. Hoe belangrijk is zorg nog op school?

Philip Brinckman: “De commissie raadt aan om niet te snel compenserende maatregelen in te zetten en kinderen oefentijd te gunnen. Dat kan ook met bijlessen of zomerscholen. Geef kinderen het gevoel dat ze beter kunnen worden in iets, dan ontwikkelen ze veerkracht. Met basiskennis geef je ze écht een cadeau. Als zij ervaren dat ze iets bijleren en groeien, voelen ze zich gelukkiger. Ook dat is zorg.”

“Natuurlijk moeten kinderen met leerproblemen tot op bepaalde hoogte terecht kunnen bij een zorgleraar. Maar we vragen ook een engagement van de ouders, van het CLB, misschien van een kansarmenwerking. Daar moet de leraar vlot kunnen aankloppen, want hij kan onmogelijk zelf alle zorg opnemen.”

Zitten in het rapport ook insteken om het lerarentekort op te lossen?

Philip Brinckman: “Eerst en vooral wil het rapport leraren de waardering geven die ze verdienen. Nu overheerst in de samenleving het beeld dat leraren een saaie, repetitieve job hebben, en dat leerlingen lastig zijn. Terwijl het zo mooi is als de vonk overslaat in de klas.”

“Door terug te keren naar de kern van het leraar zijn, stijgt de waardering voor de job ook. Momenteel zijn leraren manusje-van-alles: kennis overbrengen, maatschappelijke problemen oplossen. Daardoor krijgen leraren een schimmige opdracht. Je krijgt het beeld van de leraar niet scherpgesteld. Door toe te spitsen op de basiskennis, culturele, wetenschappelijke en kunstzinnige vorming krijgt de job weer cachet.”

“Directeurs, mentoren, zorgleraren en inspecteurs nemen best een aantal lesuren op om te tonen dat voor de klas staan het allerbelangrijkste is. Ouders horen de school te steunen waarvoor ze gekozen hebben. En de media zetten leraren soms te veel neer als vakantiegangers. Lesgeven is intens, de meeste leraren zijn harde werkers. Dat mag meer belicht worden.”

Koken kost geld. Kunnen de adviezen zonder stevige geldinjectie in onderwijs?

Philip Brinckman: “Aandacht voor basiskennis, daar moet je niet veel geld voor uittrekken. Bijscholen of over het muurtje kijken om je aanpak bij te stellen, vraagt meer goodwill dan centen. Een nieuw kenniscentrum kost natuurlijk wel geld. En de expert-leraar zal je moeten honoreren voor zijn extra ervaring. De verlaging van de leerplichtleeftijd, vraagt een kleine investering in kleuterleraren. Slecht 3% van de kleuters onder de 5 jaar gaat niet naar school, maar dat zijn vaak de meest kwetsbare kinderen.”

Wat is de status van dit rapport? Wat verwacht je ervan? Is er een debat mogelijk?

Philip Brinckman: “Het debat voerden we in onze werkgroep. Ik hoop dat iedereen nu uit de loopgraven komt en dat de adviezen uit het rapport met open vizier bediscussieerd worden en daarna een echte kans krijgen, van de individuele leraar tot het beleidsniveau. En dat dit rapport bijdraagt aan de herwaardering van zowel het leren als de leraar.

“Bij elk advies verduidelijken we wie ermee aan de slag kan: leraren, maar ook ouders, begeleidingsdiensten, de inspectie, en zelfs de media. Alleen samen komen we tot beter onderwijs. Ten slotte hoop ik dat de leraar die het vuur moet brandende houden, zich gehoord én gesteund voelt door dit rapport.”


Lees het hele rapport of de 10 speerpunten.

Femke Van De Pontseele

Voeg dit artikel toe aan je bewaarde artikels

Log in om te bewaren


R

Raf

27 oktober 2021

Ik merk bij vlugge lezing dat de meeste analyses en adviezen overeenstemmen met wat we de voorbije 30 jaar in Onderwijskrant verkondigden omtrent de aantasting van de kwaliteit van het onderwijs en van het 'meesterschap van de meester', en met onze O-ZON-campage 'Meester het mag weer' van 15 jaar geleden. Dit doet deugd. We formuleerden ook steeds alternatieven ,en investeerden veel energie in de optimalisiering van de sterke Vlaamse onderwijstraditie- ook in effectievere methodieken voor het leren lezen, rekenen, spellen... Hopelijk komt er nu een kentering. Terug op het juiste spoor geraken zal wel een werk worden van lange adem.

Reageren
J

Jeroen Reumers

27 oktober 2021

Dikke proficiat voor dit interview in Klasse. En een stevige pluim voor de inhoud van dit rapport.

Reageren
S

Sarah

27 oktober 2021

Ik blijf mijn bedenkingen hebben bij de samenstelling van deze commissie. Slechts 7 leerkrachten die het volledige Vlaamse onderwijslandschap moeten vertegenwoordigen geeft toch geen genuanceerd beeld van het werkveld? Zeker niet als je die dan nog eens onderverdeeld in subgroepen. Ik vind het goed dat hier onderzoek naar gedaan wordt maar als vb kleuteronderwijs door 1 leerkracht uit een dorpsschool vertegenwoordigd wordt, is dit geen zeer beperkt... Je kan de lading nooit volledig dekken maar hier is het echt minimaal.

Reageren
J

Jan T'Sas

30 oktober 2021

@Sarah: correcte bedenking, zie mijn reactie hogerop bij de post van Stefaan. Dit is ondanks veel waardevolle ideeën een ideologisch gekleurd rapport.

Reageren
V

Veerle

27 oktober 2021

Echt interessant! Maar graag gewoon veel aandacht voor goed onderwijs in de scholen zelf. Echt vanuit kennis en ervaring en verschillende invalshoeken. Mag het hierover gaan in de leraarskamer? Op een pedagogische studiedag? En mogen we dan concreet worden? En dat dan ook nog eens zonder kort door de bocht conclusies te trekken?

Reageren
C

Carine Dhont

28 oktober 2021

Eindelijk iemand die heel duidelijk het nut van voldoende basiskennis benadrukt! Dank u!!

Reageren
T

Tine Van den Eynde

28 oktober 2021

Dat basiskennis (en basisvaardigheden) bijbrengen de kerntaak is van de leraar, trek ik niet in twijfel.
Wat ik me wel telkens opnieuw afvraag, bij de interviews of artikels die de laatste tijd verschijnen over onderwijs, is de koppeling van basisvaardigheden aan schrijven, lezen en rekenen.
Waar zit cultuur in dit plaatje? Over de culturele vaardigheden waarnemen, verbeelden, conceptualiseren en analyseren hoor ik bitter weinig.

Reageren
S

Stefaan

28 oktober 2021

Het lijkt steeds meer alsof er rechtse en linkse didactiek bestaat. Interpretatie van wetenschappelijk onderzoek wordt sterk gekleurd door het mens- en maatschappijbeeld van de commissieleden of misschien zelfs door de hardste roepers in de commissie. Er wordt gepolariseerd dat het een lieve lust is. Ja, vroeger was het beter! Ik ben zeer benieuwd over de toekomst.

Reageren
J

Jan T'Sas

30 oktober 2021

@Stefaan: volledig mee eens. Het rapport bevat veel waardevols (als je elf experts een jaar samenzet, zou het tegendeel me verbazen), maar het legitimeert zichzelf inderdaad sterk door te polariseren en het conflict te zoeken waar het niet thuishoort. Zo is het opvallend wat het allemaal niet zegt over (samen) leren en onderwijzen, ondanks wetenschappelijke onderbouw daarvoor, en hoe het bepaalde didactische inzichten en praktijken zonder enige nuance of wetenschappelijke referenties (oeps, vergeten?) met een oneliner van tafel veegt. Er schuilt een duidelijke, radicaal-cognitivistische visie op leren achter het rapport, waarbij de klok soms ongezond ver wordt teruggedraaid en het kind met het badwater dreigt te worden weggegooid. In die zin toont dit rapport zich uiteindelijk schatplichtig aan een veeleer reactionaire (N-VA-gestuurde) onderwijsvisie.

Reageren
M

Marnix Thibaut

28 oktober 2021

No nonsense en intelligent. Vaak de vinger op de wonde.

Reageren
a

anoniem

28 oktober 2021

Ik vind een aantal dingen wel zorgwekkend. Stellen dat zelfsturend leren, groepswerk ed niet werken is kort door de bocht.
Onderwijs moet vooral variëren in aanpak.
Welbevinden is echt wel de basis om tot leren te komen!

Reageren
A

Anne

29 oktober 2021

Eindelijk!!!
Wat een boeiend artikel.

Reageren
M

Marie

29 oktober 2021

Knap artikel!

Reageren
m

micheline-janssens

29 oktober 2021

Eindelijk opnieuw aandacht voor de elementaire basiskennis en -vaardigheden !
Het verwerven hiervan hoeft niet oubollig te zijn .
See one, do one, teach one !
Ik pleit ( met mijn 40-jarige ervaring in het basisonderwijs) voor realiteits-en ervaringsgericht onderwijs met de lesgever aan het roer, vaak als sturend moderator bij leergesprekken. Gegarandeerd succes voor alle leerlingen indien vakoverschrijdend benaderd en met de voorkeur voor intentioneel leren.
Als er voldoende variatie zit in de didactische werkvormen lijden initiatief nemen, samenwerking ,creativiteit en vindingrijkheid van de leerlingen zelf hier niet onder. Van sturend naar banend werken in de klas werkt inzichtbevorderend.
Bovendien is de relatie tussen leerling en lesgever niet onbelangrijk.
Die moet gebaseerd zijn op eerlijkheid ,wederzijds respect, verantwoordelijkheid en aanvaarding van onze beperkingen. Zo groeit een vertrouwensrelatie en creëer je in de klas een warme leef-en leeromgeving. Teaching is a work of heart.
Bedankt Klasse voor het interview.
Het rapport verdient zeker een pluim !
Laten we hopen dat men eindelijk de cruciale rol van de leerkracht in het bijbrengen van basiscompetenties zal revaloriseren.
Dit zou de kwaliteit van ons onderwijs ten goede komen.

Reageren
J

Jan T'Sas

31 oktober 2021

Ik moet maar de eerste alinea van het interview lezen om stevig de wenkbrauwen te fronsen. Idem als ik in dit ideologisch gekleurde rapport het paragraafje (komaan, wees eens ernstig) over didactiek lees. Met enkele oneliners en zonder veel onderbouw wordt de leerwaarde van coöperatieve werkvormen van tafel geveegd, wordt zelfsturend leren zonder enige specificatie afgeserveerd en krijgt het leergesprek de status van 'zo hoort het' (terwijl internationaal onderzoek al sinds 1975 uitwijst dat de gemiddelde kwaliteit daarvan zeer verontrustend is). En als het over het belang van taal gaat, lijkt enkel instructietaal relevant. Ooit gehoord van taalgericht vakonderwijs? In andere media duiken aansluitend al applaudisserende opiniestukken en commentaren op die daar vrolijk in meegaan, met zelfs verwijzingen naar het Britse onderwijs toe. Tenminste, naar die aspecten van het Britse onderwijs die conclusies uit het rapport bevestigen, de andere worden handig doodgezwegen. Voor een goed begrip, ik heb het over didactiek, niet over de andere thema's in het rapport waarvan ik er een aantal wel degelijk ondersteun. Onmogelijk om hier uitgebreid te reageren, maar er bestaat wel degelijk empirische evidentie voor didactische onderwijsvernieuwing van de voorbije decennia: leereffecten van kwaliteitsvol groepswerk, van dialogisch onderwijs, van begeleid zelfontdekkend leren, van de inductieve aanpak van complexe onderwerpen, van impliciet leren op basis van een krachtige leeromgeving enz. Gelezen, gezien, zelf gedaan, zelf onderzocht. Meer info en referenties op aanvraag of via www.neejandertaal.be. Sorry, panel, maar er is niets in onderwijs dat altijd werkt en niets dat voor iedereen werkt. Gooi dus het kind met het badwater niet weg.

Reageren
P

Pieter

10 november 2021

Ik ga er ook vanuit dat het kind niet met het badwater zal weggegooid worden. Maar dat geldt / gold dan ook voor alle communicatie (soms zelfs propaganda) van een onderwijsvisie en didactische visie die de laatste 15 jaar gevoerd werden. Ook daar pleitte men voor een totale ommezwaai en werden krachtige en bewezen didactische methodes vaak onwetenschappelijk weggezet. In de meer dan 20 jaar dat ik nu lesgeef, kan ik u hallucinante voorbeelden geven van nascholingen en doorlichtingsgesprekken die het Vlaams onderwijs zeker niet ten goede gekomen zijn. Ik ga ervan uit dat niemand uit de commissie pleit voor een onderwijsstijl van 60 jaar geleden, de soep wordt nooit zo heet gegeten als ze wordt opgediend. Maar toch ben ik blij met dit rapport, want de slinger is te ver doorgeslagen (ook vanuit ideologisch oogpunt), dat bewijzen het lerarentekort en de Pisaresultaten.

Reageren
G

G. De Vos

6 november 2021

Mijn leraar Latijn gaf een inleiding. Thuis of in de klas moesten we vertalen. Daarna werd de vertaling besproken. Nu heet dat oriëntatie - uitvoering - reflectie. Die van fysica had een heel goed handboek. Dat werd niet gebruikt omdat hij vond dat de leerkracht de leerstof moest geven. Hij vroeg wel af en toe: 'Snap je 't?' Eén leerling waagde het neen te zeggen. 'Dan zie ik jou volgend jaar terug.' De beste voor fysica: 'Meneer, ik denk dat niemand het snapt.' 'Dan zie ik jullie allemaal volgend jaar terug.' Twintig jaar later maakte mijn zoon exact dezelfde scène mee. De leerkracht had het boek nog steeds niet geïntegreerd in zijn lessen. Die van chemie werkte niet met een handboek maar met transparanten. Terwijl wij aan het overschrijven waren, gaf hij uitleg. Die opmerking kreeg hij ook van de inspectie. Bij mijn opzoekwerk voor mijn thesis over OVUR kwam ik de notie 'geschematiseerde kennis' tegen. De volledige tekst zat in het hoofd van de leraar chemie. De leerlingen moesten op basis van een schema de kennis van de leraar reconstrueren. Een tekst geeft leerlingen de tijd hem te verwerken. Vooraf plaatst de leerkracht de focus. (Hij geeft de leerlingen wat die nodig hebben om de tekst te begrijpen = voorbereiding, de V in OVUR). Achteraf toetsen de leerlingen hun kennis aan die van de leerkracht. Met beheersingsleren komt iedereen op een hoger niveau.

Reageren
J

Jutta Missiaen

10 november 2021

Als je het beroep leerkracht wil herwaarderen dan is het heel jammer dat er in de commissie geen startende leerkrachten betrokken worden. Pas na tien jaar zou je pas voldoende waardevolle input kunnen geven?
De commissie is volgens mij ook vanuit een vrij eenzijdige visie opgesteld. Ik krijg de indruk dat de besluiten reeds vastlagen.
Ik hoop dat we niet terugkeren naar zoveel jaar terug.

Als leerkracht werk je in een maatschappij die onderhevig is aan veranderingen en fluctuaties. Steeds sneller moeten zowel kinderen, hun ouders als de leerkrachten bijbenen. Geen sinecure!
Je hebt als leerkracht vandaag de dag nu eenmaal een belangrijke maatschappelijke rol. Dat daar te weinig waardering voor is dat vind ik ook. Maar wie toont er te weinig waardering? En hoe uit zich dat?
Eerder de hogere "echelons" in de manier waarop ze beslissingen nemen en stellingen poneren in de media. Door te weinig te luisteren naar de basis.
De waardering is er vanuit ouders, vanuit kinderen, vanuit organisaties en diensten die in en rond een school werken.

Ik vind het rapport een aanfluiting op de gedane inspanningen van de afgelopen jaren. Het toont weinig respect voor alle schoolteams die keihard gewerkt hebben en werken aan het bieden van kwalitatief onderwijs. Die zich bijscholen, die engagementen aangaan met sociale partners, die durven "out of the box" denken, die de uitdaging aangaan om nieuwe werkvormen te creëren en gebruiken.
De moeilijkheden die zich nu voordoen en de frustraties van leerkrachtenteams hebben mijn inziens vooral te maken met een tekort aan personeel en middelen. Wat dan weer resulteert in een te hoge werkdruk, een tekort aan vorming en verrijking van leerkrachten, een tekort aan tijd en ruimte om zich te verdiepen in nieuwe methodieken enz.
Volgens bovenstaand interview zijn meer middelen investeren geen must?? Tenzij in een nieuw kenniscentrum...
Dit is mijn ervaring, als brugfiguur, die al meer dan 10 jaar ervaring heeft in het werken in scholen ;)

Reageren
M

Marc

24 november 2021

Wij zijn de mijnwerkers van de 21ste eeuw. Wij delven namelijk de enige grondstof die ons land nog rijk is.
Ik ben Philip héél dankbaar om samen met z'n team dit rapport te poneren. Nu hopen dat het ons niet zal vergaan zoals de mijnwerkers van de 20ste eeuw.

Deze wou het bijltje er echt bij neerleggen, maar dat zou het verloochenen zijn van mijn liefde en roeping: lesgeven, kinderen weer wereldwijs én nieuwsgierig naar meer (kennis) maken.

marcgroet.com

Reageren

Laat een reactie achter