Duiding
Homogene of heterogene groepen? Zo maak je de beste keuze
Breuken oefenen in niveaugroepen? Of zet je leerlingen met verschillende niveaus samen zodat ze van elkaar leren? Onderzoeker Milou de Smet legt uit wanneer je beter voor homogene en wanneer voor heterogene groepen kiest.
Bekijk de video: Homogene of heterogene groepen? Zo maak je de beste keuze.
Waarom homogene groepen?
Milou de Smet, onderzoeker Expertisecentrum voor Onderwijs en Leren van Thomas More Hogeschool: “Bij homogene groepjes zet je leerlingen met ongeveer hetzelfde niveau samen. Superhandig, want je kan je instructie en begeleiding afstemmen op wat elk groepje nodig heeft. De leerlingen die het nog lastig hebben, krijgen extra uitleg en begeleide oefeningen. Sterkere leerlingen kunnen sneller zelfstandig aan de slag met moeilijkere opdrachten.”
“Maar er zijn ook aandachtspunten. Leerlingen weten meestal maar al te goed waarom ze bij de groene, oranje of rode groep zitten. Voor je het weet, labelen ze zichzelf en elkaar: ‘Wij zijn slecht in lezen’ of ‘Zij zijn goed in rekenen.’ Dat beïnvloedt natuurlijk hun zelfbeeld. Bovendien hebben leraren soms onbewust lagere verwachtingen van een groepje en bieden ze die leerlingen – vaak met de beste bedoelingen – gemakkelijkere oefeningen aan. Dan wordt het voor hen uiteindelijk nog moeilijker om de leerdoelen te behalen.”
Waarom heterogene groepen?
Milou de Smet: “Bij heterogene groepjes zet je leerlingen met een verschillende leerstatus of ‘niveau’ samen. Dat kan ook een juiste keuze zijn. Je geeft leerlingen een duidelijke rol en stimuleert samenwerking. Leerlingen helpen elkaar en werken aan hun eigen doelen. Zwakker scorende leerlingen leren van klasgenoten. Sterkere leerlingen helpen en oefenen daardoor. In een heterogeen groepje vermijd je dat leerlingen in 1 vast hokje blijven zitten.”
“Spijtig genoeg is deze aanpak ook geen wondermiddel. Want het is niet eerlijk om iedereen evenveel instructietijd te geven en dus ‘gelijk’ te behandelen, als ze niet gelijk zijn. Om leerlingen gelijke kansen te geven, moet je ze soms ongelijk behandelen.”
“En het is niet altijd eenvoudig om iedereen gemotiveerd én uitgedaagd te houden. Let ook op dat sterke leerlingen niet altijd de helper moeten zijn. Dat werkt ontmoedigend en remt hun leerproces af.”

Hoe homogene of heterogene groepjes kiezen?
Milou de Smet: “Het draait om afwisseling. Cognitief sterke leerlingen hebben nood aan uitdaging. Andere leerlingen aan begeleiding. Maar allebei hebben ze baat bij beide soorten groepjes. En dat is eigenlijk de kern: kies je groepsvorm afhankelijk van welk leerdoel je wil bereiken. Wil je uitleg op maat geven of inoefenen? Dan zijn homogene groepjes handig. Wil je dat leerlingen samenwerken, redeneren of reflecteren? Dan kies je beter voor heterogene groepjes.”
“Belangrijk is vooral dat je flexibel en doelgericht groepeert. Steek leerlingen niet in vaste hokjes. Varieer groepjes gerust per vak, opdracht of leeractiviteit. En schat het niveau van leerlingen regelmatig opnieuw in op basis van een recente observatie of toets.”
“Tot slot is het belangrijk om te benadrukken dat het niet altijd nodig is om je klas op te delen in groepjes om tot effectieve binnenklasdifferentiatie te komen. Groepjes op zich zijn dan ook geen wondermiddel. We zien heel veel succesvolle klassen in binnen- en buitenland waar de leraar door goed klassikaal te werken ook alle leerlingen bereikt.”
Niet de samenstelling van groepjes is doorslaggevend, maar wat je erin doet
Milou de Smet
onderzoeker Expertisecentrum voor Onderwijs en Leren
“Als je toch voor groepjes kiest, of dat nu homogene of heterogene groepjes zijn: in beide gevallen is het belangrijkste wát je precies doet in die groepjes. Heel wat leraren denken dat homogeen groeperen vooral geschikt is voor sterke leerlingen en zwakkere leerlingen niet groeien tussen ontwikkelingsgelijken. Jouw taak is zorgen dat alle leerlingen uitdagende doelen bereiken.”
“Zorg daarom binnen alle groepen voor doelgerichte en effectieve instructie. Vermijd vooroordelen en kijk met een eerlijke bril naar elk kind. Een leerling die nog niet goed Nederlands spreekt, kan wel tot zijn recht komen in het sterk-rekengroepje.”
“Met kennis over homogene en heterogene groepen kan je gefundeerder kiezen. Vandaag kies je om zo lang mogelijk je klasgroep samen te houden voor een sterke klassikale basisinstructie en pas daarna te splitsen in homogene groepjes. Want het doel is inoefenen. Maar volgende week laat je je leerlingen samenwerken rond afval verminderen op school. En dan gebruik je heterogene groepjes. Geen kant-en-klare oplossing dus, maar wel een houvast om weloverwogen keuzes te maken.”
Hoe starten met flexibel groeperen?
Milou de Smet: “Start klein met 2 à 3 groepjes op basis van een recente toets of observatie. Verander de groepssamenstelling regelmatig. Wissel doordacht af tussen homogene en heterogene groepen. En geef alle leerlingen toegang tot rijke, uitdagende opdrachten. Geef leerlingen ook een duidelijke rol binnen een groep – leider, verslagnemer of materiaalmeester – om samenwerking te stimuleren.”
“Op schoolniveau kan je leerjaaroverstijgende groepen overwegen bij remediëring of verrijking. Zo hebben homogene groepen per leergebied – voor bijvoorbeeld leesvaardigheid –positieve effecten. Let er wel op dat je de samenstelling van de groepen regelmatig herbekijkt en een leerling op elk moment naar een uitdagender niveau kan.”
Meer weten over de kracht van verwachtingen? Lees het interview met Lia Voerman en bekijk de Leidraad ‘Lesgeven vanuit hoge verwachtingen’ – met bijbehorende activiteitenbundels – die Hogeschool Vives voor Leerpunt ontwikkelde.
Lees de leidraad ‘Differentiatie, samen aan de meet’ die Thomas More (Expertisecentrum Onderwijs en Leren) voor Leerpunt hertaalde.
Log in om te bewaren






Laat een reactie achter