Vlaanderen
Klasse.be

Tips

Wie hackt je school? Bescherm je tegen 4 types hackers

  • 28 mei 2026
  • 7 minuten lezen

Je school een doelwit van hackers? Ja, elke school in Vlaanderen wordt vroeg of laat aangevallen. In opdracht van het Kenniscentrum Digisprong zocht ethische hacker Robbe Van Roey uit welke types hackers er zijn en hoe je je school beschermt.

Hackers zijn niet geïnteresseerd in scholen an sich, wel in zwakke systemen. En in kicks, geld of chaos. Dus blijven ze proberen. Wees je daarvan bewust en onderneem actie. Verklein de kans dat het in je school misloopt met deze 4 types cybercriminelen: leerling-hackers, script kiddies, ransomwaregroepen of phishers.


1. Leerling op de loer 

De hacks uit dat YouTube-filmpje zelf eens testen? Leerlingen laten zich wel eens verleiden om in hun digitale schoolomgeving in te breken. Dat begint meestal ondeugend. Maar wanneer slaat kattenkwaad om in schade? En schatten ze de gevolgen wel juist in?

Leerlingen hacken niet per se met slechte bedoelingen, maar hebben nog niet het morele kompas om er ethisch mee om te gaan. Negeer ontluikend hacktalent dus niet, maar ga in gesprek. Waardeer leerlingen met die ICT-vaardigheden. Leid hen naar cybersecurity-wedstrijden of ICT-studierichtingen. En werk vooral aan verantwoordelijkheidszin en een sterk normbesef.

Hoe bescherm je je school?

Robbe Van Roey: “Met de hulp van artificiële intelligentie wordt het voor iedereen eenvoudiger om systemen, netwerken of digitale apparaten te kraken. Enkele prompts leiden al snel naar de juiste commando’s. Werp daarom voldoende barrières op om je infrastructuur en gegevens te beschermen.”

Splits je netwerk op. Voorzie in je school minstens een netwerk voor leerlingen en een apart netwerk voor medewerkers. Neem ook fysieke maatregelen. Sluit het server- of ICT-lokaal steeds goed af. Laat ontgrendelde toestellen niet onbewaakt achter in klaslokalen. En pas voor elk apparaat – van de printer tot de slimme deurbel – de standaardwachtwoorden altijd nog zelf aan.”

Wachtwoorden zijn vaak te eenvoudig of voorspelbaar. Kies geen voor de hand liggende woorden, reeksen of formaten. Gebruik geen persoonlijke informatie of evidente termen uit je schoolcontext. Zorg ook voor voldoende variatie, verval niet in herkenbare patronen. En die post-its met gedeelde wachtwoorden in de lerarenkamer? Haal die kleurrijke datalekken maar weg.”

“Veilig en slim omgaan met inloggegevens is noodzakelijk. Stel daarom een sterk én uniek wachtwoord in voor elk toestel, elk account. Schakel ook multi-factorauthenticatie in. Zo verklein je de kans dat onbevoegden toegang krijgen. Vloek je nu al op die moeilijk te onthouden codes? Beheer en bewaar ze met een wachtwoordmanager.”


2. Kijk uit voor script kiddies

Beveiligingsfouten in het wereldwijde web: daar ruiken script kiddies hun kans. Ze gebruiken kwaadaardige programma’s of scripts om zwakke plekken in andere toestellen en netwerken op het internet te zoeken en binnen te dringen.

Maar deze kiddies missen ervaring en programmeervaardigheden. Daarom gebruiken ze bestaande hackertools die ze makkelijk online kunnen vinden. Vaak willekeurig, zonder goed te beseffen welke schade ze aanrichten of sporen ze achterlaten.

Onvolwassen computerkrakers, dus. Ze zijn nieuwsgierig of het hen lukt om in je documenten te neuzen of je beveiligingscamera’s over te nemen. Of ze vinden het stoer en spannend om je website te vernielen. In zo’n defacement – het bekladden van webpagina’s – kan ook politiek protest, publiciteit of vandalisme schuilen. De digitale variant van ongepaste graffititags op je fietsenstalling.

Hoe bescherm je je school?

Robbe Van Roey: “Het internet is openbaar. Bugs en beveiligingslekken zijn dat ook. Script kiddies nemen scholen niet doelbewust in hun vizier, maar kiezen organisaties die eenvoudig te hacken zijn. Dat doen ze met exploits, die ze makkelijk online vinden: software, commando’s of data die de kwetsbaarheid van applicaties, netwerken, besturingssystemen of hardware misbruiken om onbevoegd toegang te krijgen.”

“Als school kan je je pas verdedigen, als je precies weet wat je moet verdedigen. Hou daarom een actuele inventaris bij. Servers, laptops, printers of digiborden: lijst op welke fysieke apparaten je hebt en waar die zich bevinden. Denk ook aan je netwerk en softwaretoepassingen. Vul die items aan met de geïnstalleerde besturingssystemen of softwareversies, de datum van de recentste update en de verantwoordelijke medewerkers. De uitleg en instructies in de GRIPA helpen je op weg.”

“Idealiter wordt je inventaris automatisch geactualiseerd en je updates vanzelf bijgewerkt. Verloopt dat toch handmatig? Schuif updates dan niet onnodig lang voor je uit. Hoe ongelegen die meldingen ook, klik ze niet zomaar weg. Patch beveiligingslekken zo snel mogelijk. De kapotte buitendeur van je schoolgebouw laat je toch ook herstellen?”


3. Verweer je tegen ransomware

Van alle types hackers veroorzaken ransomwaregroepen vaak grote schade: ze gijzelen je gegevens door ze te encrypteren. Pas wanneer je losgeld betaalt, zou je de decoderingssleutel krijgen. Doe je dat niet? Dan dreigen ze je gestolen data openbaar te maken. Afpersing is hun beproefde tactiek.

Deze cybercriminelen concentreren zich op kritieke infrastructuur, zoals de gezondheidszorg of overheden. Ze zijn professioneel georganiseerd. Van persberichten tot onderhandelingsportalen: ze functioneren als echte bedrijven. Maar hun verdienmodel steunt op slachtoffers die hun versleutelde data vrijkopen. Weigeren die te betalen, dan verdienen deze hackers niets.

Hoe bescherm je je school?

Robbe Van Roey: “Scholen zijn makkelijke doelwitten. Ze beschikken over veel gevoelige data van minderjarigen, maar moeten die beschermen met een klein ICT-budget. Aanvallen van ransomwaregroepen hebben een grote impact. Kunnen de lessen niet doorgaan? Pikt de pers dat op? Emoties en media-aandacht sturen dikwijls aan op een snelle, discrete oplossing.”

“Maar betaal nooit! Zolang slachtoffers geld blijven neertellen, winnen de hackers. Bovendien heb je geen enkele garantie of je voor een flinke geldsom je data effectief terugkrijgt. Of dat ze niet bewaard, gekopieerd of op het dark web gedeeld werden.”

“Voor je data geldt trouwens: minder is meer. Uiteraard is elke school wettelijk verplicht om bepaalde persoonsgegevens en documenten bij te houden, maar ook om die tijdig op te ruimen en te verwijderen. De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) steunt op dataminimalisatie: niet meer gegevens bijhouden dan nodig. Wat er niet is, kan namelijk niet gelekt of gestolen worden.”

“De data die je wel bewaart, bescherm je best met beveiligingsoplossingen én mensen. Schakel antivirussoftware in om kwaadaardige malware op te merken en uit te schakelen. Onderzoek en reageer proactief op complexe cyberdreiging met behulp van een EDR- en XDR-aanpak. Maar leun niet achterover eens die beveiligingssystemen actief zijn. Die vereisen actie: mensen met kennis van zaken die de alerts opvolgen en kwetsbaarheden aanpakken. Je ICT-team versterkt je beveiliging.”

“Zeker als dat team ook regelmatig een incident response oefent. Hoe snel kunnen ze een hacking detecteren? Of achterhalen hoe ver cybercriminelen al binnendrongen? Weten ze hoe ze een toestel moeten indammen of uit het netwerk isoleren? En kunnen ze makkelijk overschakelen op de laatste back-up?”

“Regelmatige back-ups zijn onmisbaar. Meervoud, jawel. Want reservekopieën op verschillende dragers en locaties bewaren, is het veiligst. Denk dus ook aan toestellen buiten het netwerk of een externe harde schijf. Zorg voor minstens 1 back-up die niet geconnecteerd is: onbereikbaar via je schoolnetwerk en het internet. Eén reservekopie moet ook onwijzigbaar zijn. Hoe je dat slim aanpakt, vind je ook in de GRIPA.

“Controleer regelmatig of je back-ups foutloos verlopen en herstelbaar zijn. Alleen dan blijven je reservekopieën bruikbaar en houden ze – wanneer dat ooit nodig is – je school open. En de druk van cybercriminelen af.”


4. Laat je niet vangen door phishers

Phishers behoren tot de types hackers die vooral mikken op menselijke fouten. Via valse e-mails, sms’jes (smishing), telefoontjes (vishing) of QR-codes (quishing) hengelen ze naar je inloggegevens, bankcodes of persoonlijke informatie. Oplichters spelen daarbij in op angst of urgentie.

Ook nation-state actors zetten phishing in om toegang te krijgen tot beveiligde netwerken of informatie. Ze zijn niet uit op snel financieel gewin, wel op ontwrichting. Cyberspionage, sabotage of desinformatie: met geavanceerde en aanhoudende cyberoperaties – in opdracht of met steun van hun nationale overheid – veroorzaken ze chaos. In hun strategisch voordeel, natuurlijk.

Hoe bescherm je je school?

Robbe Van Roey: “Nation-state actors kan je nooit echt tegenhouden. Als ze je willen hacken, dan zal hen dat lukken. Maar je kan jezelf of je school wel een minder ‘aantrekkelijk’ doelwit maken.”

“Leer iedereen op je school – medewerkers én leerlingen – phishing herkennen. Vraag hen ook om die afzenders te blokkeren en verdachte berichten steeds te rapporteren via de ingebouwde knoppen in hun e-mailprogramma. Blijf herhalen om nooit op twijfelachtige links te klikken of persoonlijke gegevens en codes door te geven.”

“Gebeurt dat toch? Ga dan niet vingerwijzen. Frauduleuze berichten worden steeds moelijker te onderscheiden van originele, oprechte communicatie. Een verkeerde inschatting kan iedereen overkomen. Werk daarom aan een ‘no blame, no shame’-cultuur op je school. De enige schuldigen zijn de cybercriminelen zelf. Zorg ervoor dat leerlingen en medewerkers zich veilig en gesteund voelen, wanneer ze toch in de val lopen. Alleen dan durven ze dit melden en kan je ingrijpen.”


In opdracht van het Kenniscentrum Digisprong drong ethische hacker Robbe Van Roey (Toreon) digitaal binnen bij 2 bereidwillige scholen. Afgelijnde afspraken en transparante communicatie boden daarvoor vertrouwen. Zo’n ethische hacking is een interessante test, maar ook arbeidsintensief en duur. Overweeg je dit? Schakel enkel professionele en betrouwbare partners in en leg vooraf duidelijke voorwaarden vast.

Met de Groeipad Informatieveiligheid en Privacy Applicatie (GRIPA) ondersteunt het Kenniscentrum Digisprong alle scholen in cybersecurity. Meer weten? Lees het Actieplan Cybersecurity of contacteer de DPO van je onderwijsverstrekker of lokaal bestuur.

Vera Verdoodt

Voeg dit artikel toe aan je bewaarde artikels

Log in om te bewaren


Laat een reactie achter