Gepubliceerd op
Klastips

Taaltechnieken spotten in de NT2-klas

In de NT2-klas leren cursisten Nederlands als tweede taal aan. Welke technieken gebruikt NT2-docent Peter Vervaet om zijn klas tot een basisniveau Nederlands te krijgen? Hij tipt zijn 7 favoriete interactieve werkvormen waarmee jij – met enkele aanpassingen – ook in jouw klas aan taalverwerving werkt.

NT-2 docent Peter Vervaet

Peter Vervaet: “Al 16 jaar ga ik in mijn NT2-klas aan de slag met interactieve werkvormen. Ze bieden mijn cursisten maximale kansen om de taal al oefenend te leren. Ook hun spreekdurf vergroot. Daar geniet ik van. Dat de werkvormen wat (inter)actie vragen, is een extra voordeel: aangezien ik mijn cursisten 4 uur aan een stuk in de klas heb, kunnen zowel zij als ik een energizer gebruiken. En ik blijf nieuwe technieken uitproberen waarbij ik steeds op zoek ga naar een link met de realiteit.”

 


 

  1. Muziek op ‘n rij

  2. Je kiest een liedje en schrijft de tekst uit.

    • Je verandert enkele woorden,
    • je laat enkele woorden weg,
    • verknipt de strofen van een liedjestekst en geeft je leerlingen de opdracht om terwijl ze luisteren de liedjestekst te reconstrueren,
    • of laat je leerlingen tijdens het beluisteren van het lied een aantal acties uitbeelden (tip: ‘Pa’ van ‘Doe maar’).

    Wat oefen je in? luistervaardigheid, tekstbegrip, woordenschat

    Meerwaarde: De moeilijkheidsgraad bepaal je zelf.

     


     

  3. Loopdictee

  4. Je kiest een stuk tekst en hangt er verschillende kopieën van aan de muur in je klas/of de gang. Je maakt groepjes (van 2 of 4). De bedoeling is dat de groepjes de tekst als volgt kopiëren:

    een leerling loopt naar de tekst aan de muur, memoriseert een stuk, loopt terug en dicteert dat stuk aan de andere leerling die het opschrijft. Na een alinea of zin draaien de rollen om. De groep die als eerste klaar is, wint. Je kan de groepjes ook een tekst laten schrijven voor elkaar.

    Wat oefen je in? uitspraak, lees-, spreek-, luister-, formuleer- en schrijfvaardigheid

    Meerwaarde: Door actief aan de slag te gaan, krik je de concentratie van je klas op. Je speelt in op het competitiegevoel van je leerlingen.

     


     

  5. In de ban van verhalen

  6. Van je reis, een uitstap maak je een persoonlijk fotoverslag dat je aan je leerlingen toont. Je leerlingen mogen hier vragen over stellen en vervolgens in duo een eigen ervaring delen. Of je vertelt over je dagelijkse routine. Na je verhaal krijgen je leerlingen hierover een set foto’s te zien die ze in de juiste volgorde moeten leggen. De klas stelt jou vragen over het uur waarop deze activiteiten plaatsvinden.

    Jouw leerlingen kan je dezelfde opdracht geven. Let wel: niet elk kind gaat op reis, wil foto’s over zijn leven delen.

    Wat oefen je in? spontane taal, spreek- en luistervaardigheid, de klok

    Meerwaarde: Door verhalen een persoonlijke touch te geven, creëer je betrokkenheid in de klas.

     


     

  7. Woordenschatkring

  8. Nodig je klas uit om in een kring te staan. In het midden liggen propjes met prenten van voorwerpen waarvan je de woordenschat wil inoefenen. Een leerling kiest een propje. Wanneer de muziek start, geven je leerlingen de prop door. Stopt de muziek? Dan moet de leerling

    • een woord vormen dat start met de laatste letter van dat woord,
    • er een associatie mee maken,
    • of het woord uitbeelden.

    De leerling die laatst aan bod kwam, neemt een nieuw propje en geeft het door wanneer de muziek opnieuw start.

    Wat oefen je in? woordenschat

    Meerwaarde: De woorden die de leerling aanleert, onthoudt hij beter door meerdere zintuigen te gebruiken. Deze oefening bevordert ook de klasdynamiek.

     


     

  9. Bordscrabble

  10. Je schrijft een aantal letters op het bord en geeft er een waarde aan.
    Bijvoorbeeld: a=2, b=3, e=1, k=7, u=5, m=5, o=3, n=5.
    Daag je leerlingen uit om

    • het duurste woord te maken
    • het meeste woorden te maken
    • een woord te vormen met waarde 13.

    Wat oefen je in? spelling, woordenschat

    Meerwaarde: Je kan gekende, maar ook nieuwe woordenschat inoefenen. Met behulp van een woordenboek zoeken je leerlingen op of hun creaties bestaan.

     


     

  11. Wie, wat, waar, waarom?

  12. Verdeel het bord in 4 kolommen met wie, wat, waar, waarom. Je leerlingen vormen om de beurt een zin waarin wie, wat, waar en wanneer aan bod komt. Bijvoorbeeld: Mijn moeder drinkt een kopje thee in de keuken omdat ze dorst heeft. Na 10 zinnen krijgen je leerlingen de opdracht om uit de verschillende kolommen een zinsdeel te kiezen, een nieuwe zin te vormen en deze zin te gebruiken als de eerste zin van een verzonnen verhaal.

    Wat oefen je in? zinsbouw, tekstbouw, fantasie, woordenschat

    Meerwaarde: Een of meer van de verhalen kan eventueel als input dienen voor een korte drama opdracht.

     


     

  13. Narspel

  14. Maak een even aantal kaarten met telkens 1 van 2 duowoorden op: groot/klein, dik/dun, peer-groen/banaan-geel, zijn-geweest/kopen-gekocht. Je voegt 1 ‘narkaart’ toe die bij geen enkel duo past.

    Verdeel alle kaarten evenredig onder je leerlingen. Wie 2 kaarten van een duo in de hand heeft, legt die op tafel. Wanneer niemand nog een duo kan leggen, begint het spel echt. De leerlingen trekken dan om beurt een kaart van elkaar en leggen duo’s uit als dat lukt. De leerling die aan het einde van het spel de nar in zijn handen heeft, verliest het spel.

    Wat oefen je in? spreekvaardigheid, (spel)woordenschat zoals: het is jouw beurt, jij moet nemen van mij, ik heb een duo gevonden, past dit bij?

    Meerwaarde: Op een speelse manier oefen je woordenschat over een thema, een werkwoordsvorm, spelling in. De woorden die je op de kaarten schrijft, kies je zelf.

 


Nog meer werkvormen ontdekken? Op de site van acteursbureau Kapok vind je meer dan 100 interactieve werkvormen. Of snuffel in de lesvoorbereidingen van je collega’s via www.klascement.be.

Het beste van Klasse in je mailbox?

  • Al 51.000 leraren zijn abonnee
  • 1 keer per week en helemaal gratis
  • Verhalen van collega’s, concrete praktijktips, exclusieve wedstrijden ...