Gepubliceerd op
Klastips

Zo maak je van groepswerk meer dan gekakel

Log in om te bewaren.

Groepjes van maximaal 5 leerlingen, taken verdelen, een tijdlimiet opleggen … De basisregels voor groepswerk ken je ongetwijfeld. Maar om van groepswerk een echt leerproces te maken, moeten je leerlingen kunnen luisteren, elkaar vragen stellen en argumenten geven. Met die vaardigheden word je niet geboren, je moet ze leren op school. Ontdek hoe groepsgesprek dan echt rendeert.
 

3 manieren om met elkaar te praten tijdens groepswerk

  1. Competitiegesprek – niet samenwerken, maar winnen
  2. Er is veel ruzie, elke leerling beslist voor zichzelf. Ze raadplegen geen bronnen en geven negatieve kritiek. Je hoort voortdurend ‘Ja, dat is het’ of ‘Nee, dat is niet waar’. De leerlingen willen gelijk krijgen. Ook bij volwassenen komt het competitiegesprek nog vaak voor.

  3. Cumulatief gesprek – snel afhaspelen
  4. Elke leerling aanvaardt wat de andere zegt ‘om het te laten vooruitgaan’. Ze wisselen geen kennis uit, vragen niet door, reageren niet kritisch. Ze herhalen elkaars ideeën, maar evalueren ze niet. Alleen brainstorms mogen cumulatief zijn.

  5. Exploratief gesprek – al sprekend leren
  6. Bij dit groepsgesprek luisteren de leerlingen actief en stellen ze vragen. Ze wisselen informatie uit en stellen elkaars mening met argumenten in vraag. Ze bouwen verder op wat eerder gezegd is. Er hangt een sfeer van vertrouwen en respect. De groep probeert het eens te worden. De leerlingen lossen samen uitdagende problemen op. Gebeurt dat ook bij jou op de personeelsvergadering?

Groepswerk rendeert enkel als het groepsgesprek ‘exploratief’ is, dat blijkt uit recent onderzoek. Om samen een probleem op te lossen en van elkaar te leren, moeten leerlingen actief een zinvolle discussie kunnen opbouwen. Dat leren ze niet automatisch. Thuis niet en ook op school niet. Daarom moeten ze deze techniek aanleren.
 

Al sprekend leren tijdens groepsgesprek: 3 stappen

  1. Lager onderwijs: leg uit wat je verwacht
  2. Gebruik babbelkaartjes. Iedere leerling krijgt een opdracht: vertellen, luisteren, vragen stellen, argumenteren. Schuif de kaartjes regelmatig door. (Praat – Luister – Wat denk je? – Waarom denk je dat? – Ik vind het goed want … – Ik vind het niet goed want …)

  3. Lager en secundair onderwijs: spreek gespreksregels af
  4. Laat de leerlingen uit een lijstje van gespreksregels zelf de goede en slechte kiezen. Bijvoorbeeld: ‘Niemand mag van mening veranderen’, ‘We vragen waarom iemand iets denkt’ … Bespreek ze klassikaal en leg samen met hen vijf of zes regels vast voor het hele schooljaar. Regels die van de leerlingen zelf komen, worden makkelijker nageleefd.

  5. Oefen de praatregels in
  6. Laat de leerlingen regels toepassen tijdens een groepswerk. Als hulpmiddel kun je die regels op kaartjes zetten. Jij of een medeleerling observeert het gesprek. Geef nadien feedback en kom bij volgend groepswerk op die feedback terug. ‘Waar gingen jullie nu speciaal op letten?’

 

“Resultaten het sterkst bij taalzwakke leerlingen”

Als je leerlingen gespreksregels aanleert, leren ze echt van elkaar. Meer nog: ze worden sterker in het oplossen van problemen, zowel in groep als individueel. En ook hun redeneervermogen gaat erop vooruit. Dat blijkt uit het doctoraatsproefschrift van Jan T’Sas van de Universiteit Antwerpen’.

Leerlingen samen aan het werk

2 jaar lang observeren in 5 experimenteerklassen – de leerlingen kregen eerst training in exploratieve gesprekken voeren – en 5 controleklassen (vijfde en zesde leerjaar) leverde de volgende resultaten op.

Leerlingen die exploratief leerden spreken:

  • scoorden significant hoger op de probleemoplossende toetsen die de onderzoekers vooraf en achteraf afnamen van de groepjes.
  • gebruikten typische woorden/woordgroepen als ‘Waarom?’, ‘Ik denk dat’, ‘Wat denk jij?’, ‘Zijn we het eens?’ enz. na drie maanden meer en efficiënter dan de andere leerlingen.
  • gebruikten ook meer argumenten tijdens het groepswerk.
  • verdelen ‘spreekbeurten’ eerlijker tijdens het groepswerk.
  • scoren ook individueel hoger op de probleemoplossende toets, wanneer ze minstens 2 keer per week groepswerk deden met exploratieve gesprekken
  • In één school met heel veel taalzwakke leerlingen waren de resultaten de sterkste van het hele onderzoek. Taalzwakke leerlingen bleken de woordenschat van exploratieve gesprekken bijna te leren en ze ervoeren de nieuwe woordenschat als een handige tool om zich uit te drukken en hun spreekbeurt op te eisen.
 


T’Sas, J., Van den Eynde R. (2016). Sprekend leren. De leereffecten van exploratieve gesprekken tijdens groepswerk. Eindrapport pwo 1402. Antwerpen: Karel de Grote Hogeschool. Contact: jan.tsas@kdg.be, ria.vandeneynde@kdg.be. Leer meer over sprekend leren.

Het beste van Klasse in je mailbox?

  • Al 51.000 leraren zijn abonnee
  • 1 keer per week en helemaal gratis
  • Verhalen van collega’s, concrete praktijktips, exclusieve wedstrijden ...