Gepubliceerd op
Verhaal

Gedaan met interims, leraar Bert koos voor een knelpuntvak

Hoewel zijn auto, fiets en de trein hem 10 jaar lang feilloos door de provincie Antwerpen loodsten voor korte interims, leest de onderwijsloopbaan van P.O.-leraar Bert Leysen (45) als een resem gemiste afslagen. Tot het VDAB-talentenprogramma hem met een U-bocht bij het knelpuntvak Nederlands bracht. En hij meteen een vaste stek vond.

portret Bert Leysen, leraar van het knelpuntvak nederlands

Leraar Bert: “Na 10 lange jaren vol interims, afgewisseld met weken wachten thuis, heb ik nu een volledig schooljaar dezelfde leerlingen. In een klaslokaal dat alleen van mij is. Met een knusse hoek waar leerlingen zelfs tijdens de middagpauze wegzakken in jeugdboeken terwijl ik de bib aanpak. Veel mooier dan ik durfde dromen toen ik me als P.O.-leraar omschoolde tot leraar Nederlands, een knelpuntvak.”
 

Gemiste afslag 1: lerarenopleiding

“Pas rond mijn dertigste trok ik naar de lerarenopleiding. Tot dan teerde ik op mijn diploma secundair kso. En reed ik me vast in dodelijk saaie jobs zoals games inpakken in plastic folie.”

“Eigenlijk had ik mezelf die 10 jaar bandwerk perfect kunnen besparen. Leraar was altijd al iets voor mij, maar ‘mijn frank’ viel toen nog niet. Na het secundair volgde ik een grafische opleiding. Mijn kot deelde ik met studenten lerarenopleiding. Terwijl ik me vastreed in mijn eigen opleiding, verloor ik me in hún opdrachten. Zij scoorden mooie punten. Ik haakte af zonder hogeschooldiploma.”
 

Gemiste afslag 2: het vak Nederlands

“Toen ik me inschreef in de lerarenopleiding, lag mijn keuze voor P.O. meteen vast. Combineren met Nederlands, dacht ik. Maar dat kon niet. Te zwaar. Economie, godsdienst of PAV kon wel. En gelukkig ook geschiedenis. Niet eens een negatieve keuze.”

“2 mooie vakken. Maar helaas de start van een eindeloze rondrit door de provincie. In 10 jaar tijd belandde ik op een 30-tal scholen, meestal voor interims van onvoorspelbare duur. Lesgeven lukte nochtans aardig. Veel directeurs observeerden een les. Elke keer mooie feedback. Behalve misschien van die ene directeur met wie ik niet door één deur kon. Een van zijn opmerkingen: ‘Jammer dat je de les niet startte met een bezinningsmoment’.”


Interimleraren voelen zich als wegwerpproducten: heel even levensnoodzakelijk voor een school, maar even snel verwaarloosbaar en vergeten

“Maar die mooie evaluaties zijn pleisters op een houten been als je er geen vaste job voor koopt. P.O. is het kneusje onder de schoolvakken. Het verliest aan belang, ziet vaak lesuren verdwijnen. En er zijn veel leraren voor te weinig uren. Een duurzame carrière uitbouwen in één school? Dat kon ik op mijn buik schrijven.”
 

Doodlopende straat: 10 jaar interims

“Geen vaste plek krijgen, frustreert. Zodra je de namen van de leerlingen kent, moet je je boeltje pakken. Na een tijdje besef je ook dat je een carrière probeert op te bouwen op het ongeluk van collega’s. Je moet hopen dat een collega extra lang thuis zit met depressie, of slepende ziekte. Dat voelt niet goed. Liever verving ik een leraar met zwangerschapsverlof. Ook al ontbrak dan elke kans op verlenging.”

“2 jaar geleden hing ik in de touwen. Weer thuis na een deeltijdse vervanging van 2 weken zonder verhoopte verlenging, nadat ik eind juni nog fier diploma’s stond uit te delen aan leerlingen uit 7 bso. Een korte opdracht die me ook financieel pijn deed. Door in te gaan op de smeekbede van een directeur halveerde mijn werkloosheidsuitkering achteraf.”

“Ik voelde me een wegwerpproduct. Het lot van veel interimleraren: heel even zijn ze levensnoodzakelijk voor een school, anders puilt de studiezaal uit en missen leerlingen leerstof, maar even snel verwaarloosbaar en vergeten.”

“In die periode lees ik in de media over het lerarentekort. Zie ik het feestje van de Dag van de Leraar. Vragen ouders aan de schoolpoort van mijn kinderen waar ik lesgeef. Ik baal en overweeg een job buiten onderwijs. Maar besef snel dat ik geen talent heb om auto’s te repareren of vrachtwagens tot in Spanje te rijden. Wel om voor de klas te staan.”
 

U-bocht: omscholen naar een knelpuntvak

“Het is kopje onder gaan of een zorgopdracht aanvaarden op de basisschool waar mijn vrouw lesgeeft. Ik kies het laatste. Daar voel ik 4 maanden lang dat ik zinvol werk lever. Door zorgleerlingen te ondersteunen. Een meisje uit Sri Lanka helpen om haar Nederlands op te bouwen. Ik gaf weer les voor de leerlingen, niet voor de centen want dat krijg je als je voortdurend van interim naar interim doolt. En ik besef: Nederlands geven, dat wilde ik 10 jaar geleden al graag doen.”

portret Bert Leysen, leraar van het knelpuntvak nederlands

“Een schooljaar lang dezelfde leerlingen, die ik mag motiveren voor Nederlands. Dit is de job die ik nog 20 jaar wil doen”

“In die periode kwam ik ook in contact met de cel Onderwijstalent van VDAB. Leraren die geen vast werk vinden, kunnen zich via een cursus van een jaar aan de hogeschool omscholen naar knelpuntvakken als Nederlands, Frans, wiskunde en technische beroepen. De VDAB betaalt je inschrijvingsgeld, cursussen en vervoerskosten. Je uitkering wordt een jaar lang bevroren en blijft daardoor stabiel.”

“De VDAB screent uiteraard streng. Consulenten controleren of je alle opties geprobeerd hebt binnen onderwijs. Daarna checken ze of je voldoende beseft dat de opleiding een gigantische druk legt op je gezinsleven. 3 jaar lerarenopleiding worden immers in 1 overvol jaar gepropt. Tot slot volgen ze hoe je het aan de hogeschool doet. Zit je elke keer in de les – de opleiding vraagt dat je 1 dag per week op de hogeschool zit, de rest is zelfstudie. Werk je je thuis door de stapels taken en leesopdrachten? Scoor je goede punten?”

“In de verschillende fasen van het proces vielen medestudenten uit. Mijn buddy aan de hogeschool, een vijftiger, zag het uiteindelijk niet zitten, de weg van krijtbord naar digitale leeromgevingen was te ver ingeslagen. Eind juni behaalde ik mijn diploma, samen met 2 andere studenten, en kon ik solliciteren. Als ik op 1 september geen werk had, zou de VDAB me een job toewijzen, dat was de afspraak toen ik in het traject stapte. Meer dan waarschijnlijk in het NT2-onderwijs in de stad Antwerpen. Dat zag ik best zitten. Maar niet voordat ik mijn cv stuurde naar scholen secundair dichter bij huis.”
 

Bestemming bereikt?

“Mijn eerste sollicitatiegesprek was meteen raak. Een leraar die eens een andere publiek wilde, schoof door van de eerste naar de derde graad. Ik kreeg van de directeur haar klassen en haar lokaal. Een positieve en lange vervanging, met redelijke kans op verlenging. Een droom!”

“Een schooljaar lang dezelfde leerlingen, die ik mag motiveren voor Nederlands. Dit is de job die ik nog 20 jaar wil doen. Mijn leerlingen overtreffen de lesideeën die ik thuis uitwerkte. De docenten van de hogeschool waarschuwden me: veel twaalfjarigen haken af voor boeken. Daar merk ik niets van. Elke dag leest een leerling een hoofdstuk uit ’Spreek je chocola’ van Cas Lester. Om dat dan samen te vatten op een post-it-ketting en erover te vertellen aan de klasgenoten in de leeshoek. Onlangs was een jongen ziek toen hij aan de beurt was. Vechten deden ze om het boek een beurt extra mee te krijgen naar huis. En vechten, dat deed ik ook toen ik die dag naar huis reed. Tegen de tranen.”

Dit artikel heeft als onderwerp Dit artikel is interessant voor een

Het beste van Klasse in je mailbox?

  • Al 51.000 leraren zijn abonnee
  • 1 keer per week en helemaal gratis
  • Verhalen van collega’s, concrete praktijktips, exclusieve wedstrijden ...