Gepubliceerd op
Specialist

“Onderwijs is topsport, bewaak daarom je energie”

Elke dag als leraar of directeur sterk ‘presteren’ en toch genoeg voor jezelf zorgen? Hoe hou je die balans tijdens een (corona)schooljaar én je hele onderwijscarrière? “Onderwijs is topsport”, zegt pedagoog en coach Peter Beschuyt. “Om het vol te houden, moet je inzetten op mentale, fysieke, relationele en existentiële energie.”

Peter Beschuyt: “De school is een bijzonder fijne plek om te werken, waar je veel energie kan halen. Niks zo mooi als kinderen en jongeren doen en zien groeien. Maar de job vraagt ook veel energie. Onderwijs is psychosociale topsport. Je moet er altijd staan, elke dag presteren en mentaal hard werken om het in alle omstandigheden voor mekaar te krijgen. Je kan je bijna geen ‘zwak’ momentje veroorloven.”

“Bovendien is het ook relationele topsport, omdat je zelf veel investeert in relaties, zonder dat je er altijd evenveel voor terug krijgt. Relaties met leerlingen en ouders, maar ook met collega’s in de lerarenkamer. Soms is die onveilig, met weinig ruimte voor kwetsbaarheid en ondersteuning, met geroddel of onuitgesproken conflict.”


Als we mentale stress willen aanpakken, moeten we niet enkel naar die bovenste 5 cm van ons lichaam kijken

Peter Beschuyt - coach

“Leraren voelen dus veel energielekken: te veel administratie, hoge verwachtingen van ouders, soms moeilijke en grote klassen, tekort aan collega’s, weinig carrièreperspectief, voortdurende stress. We zijn geneigd om de oplossingen te zoeken in het mentale: via coping strategieën leren we stress accepteren en prioriteiten stellen, of we doen aan meditatie of mindfulness. Dat kan allemaal helpen, maar er zijn grenzen aan. En voor sommige mensen helpt dat helemaal niet.”

“Als we mentale stress willen aanpakken, moeten we niet enkel naar die bovenste 5 cm van ons lichaam kijken, maar ook naar het lijf dat daaronder staat: slaapritme, voeding, sport, ontspanning … En naar het relationele en existentiële.”

Coach Peter Beschuyt ontwikkelde samen met zijn collega's een energietool: het Kopmanwiel.

Peter Beschuyt: “Je energie bewaken is een gedeelde verantwoordelijkheid. Als individu heb je weinig invloed op planlast en werkdruk, maar als organisatie misschien wel.”

“Daarom ontwikkelde ik samen met mijn collega’s ‘evidence based’ het Kopmanwiel, een energietool die de integrale aanpak stimuleert. Want je moet als individu uitzoeken hoe je optimaal aan de slag gaat met je energie. Maar tegelijkertijd is het bewaken van je energie een gedeelde verantwoordelijkheid. In je eentje heb je weinig invloed op factoren als planlast en werkdruk, maar als organisatie misschien wel.”

“Ik zie dat scholen niet wachten op de overheid en zelf experimenteren om hun leraren veerkrachtig te houden: jobcrafting, co-teaching, happy hour … Maar om het topsportwerk op school aan te kunnen, moet je ook zelf zorgen voor je energie.

4 vragen om je energie te bewaken en te sturen

  1. Wat wordt van mij verwacht?

  2. Peter Beschuyt: “We leven allemaal in een andere context. Iedereen heeft zijn gezin/familie, zijn werk, zijn vriendengroep … Die verwachten wat van je. Een gezin met jonge kinderen stelt andere verwachtingen dan een gezin met pubers.”

    “Ook onderwijs verwacht heel wat van leraren: aangepaste on- en offline lessen voor een steeds diverser publiek, het groeiende papierwerk, ouders die het soms anders zien, langer werken. Voor leraren ligt er veel op de plank. Iedereen zoekt hoe hij dat allemaal voor elkaar krijgt. Wat voor de één een enorme stretch is, voelt voor de andere als een doordeweekse wandeling in het park.”

    “Bovendien merk ik dat er in scholen weinig ruimte is voor kwetsbaarheid. Vooral niet laten zien dat je het moeilijk hebt, collega’s zouden wel eens kunnen denken dat je geen goede leraar bent. Dus blijven leraren ermee zitten. Daarom moeten we inzetten op een psychologisch gezond en veilig klimaat met relaties van hoge kwaliteit.”

    “Naast al die verwachtingen zijn er ook je eigen verlangens, ambities en karakter. Die kunnen de verwachtingsdruk nog verhogen. Een perfectionistische leraar maakt vaak zijn context nog uitdagender en veeleisender.”

  3. Wat wil ik zelf?

  4. Peter Beschuyt: “Als de context waarin je leeft en werkt goed aansluit bij je waarden, talenten en persoonlijkheid, krijg je veel energie. Dan kan je zonder veel moeite aan de verwachtingen voldoen. Stel dat je werk van jou verwacht dat je veel netwerkt en contacten legt met mensen. Als dat je talent is, zal dat bijna vanzelf gaan. Maar als je weinig relationeel talent hebt en tegen elke nieuwe ontmoeting opkijkt, dan wordt het lastig. Het lukt nog wel zolang er energie is, maar zodra die is opgebruikt, kom je in de problemen.”

    Inzetten op talenten, ervoor zorgen dat context en talenten zo goed mogelijk samenvallen, primeert op alle energie-interventies. We kunnen daar nog meer op inzetten door ‘school maken’ meer als teamsport te bekijken. En niet meer te verwachten dat ‘iedereen alles kan of moet doen’.”

    “In sommige scholen ruilen collega’s hun energievretende taken: ‘Ik ben helemaal niet creatief, dus geef ik die les door aan een collega en neem zelf haar rekenlessen over’. Of een leraar die het toezicht op de speelplaats inruilt voor middagsport. Of een collega die de discussies van de schoolraad beu is, en zijn zitje afstaat aan een collega die wel energie haalt uit samen denken en discussiëren.”

    “Kwalitatieve loopbaanbegeleiding, gericht op ontdekken van je talenten en drijfveren, helpt je om een beeld te krijgen van wat voor jou belangrijk en waardevol is en wat je nodig hebt om energie te voelen.”

    Energietool: Kopmalwiel met 4 domeinen - Relationele energie / Mentale energie / Fysieke energie / Existentiële energie

  5. Waar gaat mijn energie naartoe?

  6. Peter Beschuyt: “Als we zeggen ‘ik heb geen energie meer’ (of net het tegenovergestelde), bedoelen we meestal onze mentale energie. Die gaat naar alle verwachtingen die je wil en moet beantwoorden: op school, thuis, bij vrienden. Weten waarmee je bezig bent, wat je wil bereiken én dat kunnen sturen, verhoogt je mentale energie. Net als jezelf doelen stellen, motiveren, focussen en je daarop organiseren. ”

     

     

    “Fijne relaties geven veel relationele energie: goeie collega’s met wie je samen een handboek of les maakt of een Parijsreis in elkaar steekt, vrienden met wie je op café gaat. Tegelijk weet je dat conflicten energie kunnen vreten: in het gezin, met de buren, in/met de klas, in de lerarenkamer. Veel van de stress die we vandaag ervaren vloeit daaruit voort.”

     

     

    “Een derde energiedomein is het fysieke. Dat houdt stevig verband met je mentale en relationele energie. Wie geen voldoening vindt in zijn werk, zich er niet meer voor kan opladen, riskeert lichamelijke problemen. Langdurige stress kan je slaap- en bioritme verstoren en je bloeddruk verhogen. Je krijgt hoofdpijn, verkrampte spieren, oorsuizingen, lage rugklachten of concentratieproblemen.”

    “Omgekeerd kunnen bv. chronische rugproblemen je mentale gezondheid beïnvloeden. Het effect van beweging, gezonde voeding en een goede nachtrust op de mentale gezondheid van mensen valt nauwelijks te overschatten.”

     

     

    “Een vierde vorm van energie, is de existentiële. Die haal je uit de betekenis die het leven voor je heeft en geeft. Werken is voor veel mensen een belangrijke bron van zingeving: we willen iets bijdragen aan de wereld. Een job die niet bij je past, is een enorme bron van stress. Als je aan leraren vraagt waarom ze voor hun vak gekozen hebben, hoor je heel vaak: om mee het verschil te maken voor kinderen, om ze iets te laten doen met hun talenten, om ze te helpen groeien tot sterke, kritische volwassenen.”

     

     

  7. Hoe verdeel ik mijn energie?

  8. Peter Beschuyt: “Om met al die verwachtingen om te gaan, heb je best veel energie nodig. Een gezonde mens heeft die: hij exploreert, neemt risico’s, onderneemt, en leert nieuwe dingen. Wie zich niet goed voelt, reageert minder flexibel, voelt meer weerstand en negatieve gedachten, richt zich meer op zichzelf. Energie fluctueert, de ene dag is de andere niet. Soms voelt het allemaal prima, soms staat het water je aan de lippen en soms vraag je je af hoe lang je dit kan volhouden.”

    “Stel dat je griep hebt. Alle energie wordt dan ingezet voor je herstel (fysieke energie). Op dat moment is er minder relationele energie waardoor je rust. Ook je denkvermogen en geheugen gaan op een laag pitje en met grote levensvragen (existentieel) ga je op dat moment niet aan de slag. Als je genezen bent, herstelt je lichaam de verdeling van energie.”

    “Stel dat je deadlines moet halen. Op dat moment wordt de energie in je lichaam zo herverdeeld dat het mentale goed bediend wordt: wat wordt er precies verwacht, hoe ga ik dat aanpakken? Je focust daarop zo hard dat je je fysieke energie verwaarloost. Je slaapt onvoldoende, skipt wekenlang je dagelijkse fitnessoefeningen. Bovendien heb je geen tijd voor anderen (relationele energie). Als zo’n periode kort duurt, is er geen probleem, als het te lang duurt wel.


    Net op stressmomenten moet je energiemaatregelen nemen die tegennatuurlijk aanvoelen

    Peter Beschuyt - coach

    “Eigenlijk ga je op zo’n moment door een mentale stretch. Je kan die bekijken als een leerkans en bewust je competenties vergroten om met die deadlines om te gaan, om een focus kiezen, te leren accepteren wat je niet kan veranderen, niet te perfectionistisch zijn. Maar die stretch heeft een grens.”

    “Het paradoxale is dat we op dat stressmoment maatregelen moeten nemen die tegennatuurlijk aanvoelen: net op het moment dat er veel mentale energie van je gevraagd wordt is het van belang om toch voldoende te sporten, gezond te eten, op tijd te gaan slapen en tijd te maken voor je gezin en vrienden te maken. Om het lang vol te houden moet je met andere woorden heel bewust energie naar die domeinen waar de energie te laag dreigt te worden.”

 
 

2 leraren herverdelen hun energie

Joris is ontgoocheld. Hij verliest te veel energie met ordehandhaving in zijn klas en ergert zich omdat hij niet tot lesgeven komt. Het peil van wiskunde lijkt jaar na jaar te dalen.

Peter Beschuyt: “Joris zit in overdrive in het relationele (conflict, stroeve relatie met leerlingen) en het existentiële: ik kan niet meer doen wat ik wil doen, lesgeven geeft me geen voldoening meer.

Energieadvies:

    Als je betrokken bent in een conflict en je geraakt er zelf niet meer uit, kan een collega je ondersteunen om dat bespreekbaar te maken.

  • Spijtig genoeg is er in onderwijs relatief weinig ruimte voor kwetsbaarheid. De collega’s zouden wel eens kunnen denken dat je geen goede leraar bent.
  • Misschien kan Joris ook enkele competenties ontwikkelen (geweldloze communicatie, conflicthantering en groepsdynamica …). Collega’s met ervaring kunnen hem coachen.
  • Maar er is ook de meer fundamentele (existentiële) vraag. Sinds Joris is afgestudeerd is er zo veel veranderd. Is dit een context waar Joris wil blijven werken en tot zijn recht komt? Heeft hij nog energie om de brug te slaan? Misschien kan hij kijken of hij mentor-uren mag opnemen. Maar ook of er mogelijkheden zijn aan hogescholen of in avondonderwijs.”

Sara is directeur. Ze slaagt er niet in haar taken te delegeren en draait tot 80 uur per week. ‘Ik heb voor die job gekozen’, zegt ze. Veel tijd voor haar gezin heeft ze niet. Gelukkig is er haar man nog.

Peter Beschuyt: “Sara gaat in mentale overdrive (veel hooi op haar vork). Ze heeft heel bewust voor haar job gekozen en vindt die zinvol (existentiële).

Energieadvies:

  • De vraag is of Sara 80 uur een probleem vindt of niet. Hopelijk blijft die druk niet duren. Precies daarom is het belangrijk dat ze, terwijl het nog goed gaat met haar, bekijkt hoe ze kan delegeren: welke collega is goed in beleidsteksten maken, wie ziet het overleg met de ouderraad zitten?
  • Als je zelf veel verantwoordelijkheidsgevoel hebt, kan je pas taken delegeren aan anderen op het moment dat je hen voldoende vertrouwt. Ze investeert dus best in relaties met collega’s en bekijkt wie haar vertrouwen kan verdienen.
  • Een andere tip is om haar werk transparant te maken. Zodat de collega’s zien waar ze mee bezig is en waarom er in sommige zaken moeilijk schot komt.
  • ‘Ze heeft voor de job gekozen, dus gaat ze er maar voor’. Misschien moet ze wat extra tijd nemen om daar eens over na te denken. En zoekt ze best ook een energizer buiten het werk (fysieke en/of relationele energie).”

 


Peter Beschuyt is onderwijspedagoog en therapeut. Hij ondersteunt mensen met energiestoornissen. Voor Kessels & Smit wil hij gezonde werkplekken creëren voor gezonde mensen. Wil je meer weten over dit wiel en hoe je ermee aan de slag gaat: kopman.eu

Ga zelf aan de slag met dit afgeslankte Kopmanwiel. Het helpt je om je energie te registreren en met goedgekozen, haalbare acties in balans te houden. Zo blijf je gezond en goed in je vel.

Het beste van Klasse in je mailbox?

  • Al 56.000 leraren zijn abonnee
  • 1 keer per week en helemaal gratis
  • Verhalen van collega’s, concrete praktijktips, exclusieve wedstrijden ...