Gepubliceerd op
Specialist

“Als je de beginsituatie van je leerlingen niet verkent, ga je fout rijden”

Leerlingen starten een schooljaar nooit met dezelfde bagage. Maar in september zijn de verschillen groter dan ooit. Hoe ga je als leraar aan de slag met leerachterstand, onrust en motivatie? Volgens Alain Noëz, pedagogisch begeleider van het Katholiek Onderwijs Vlaanderen, zijn de eerste weken cruciaal.

Alain Noëz, pedagogisch begeleider van het Katholiek Onderwijs Vlaanderen

Alain Noëz: “Kijk als school naar je leerlingen. Besef dat er zeker in deze coronatijden vanalles speelt, ga niet meteen over tot de orde van de dag.”

Je noemt ze zelfs de ‘gouden weken’. Waarom?

Alain Noëz: “De eerste weken van een schooljaar leg je een fundering. Je vergaart info over je klas om je pedagogisch-didactische aanpak uit te tekenen. Pas als je je groep goed kent, kan je effectief differentiëren, bijvoorbeeld via het Universal Design for Learning-principe (UDL). Je denkt dan na of aanpassingen voor een aantal leerlingen, de hele groep ten goede kunnen komen. Dat is ook organisatorisch eenvoudiger. Bijvoorbeeld, als je nu een toetsvraag voorleest voor de leerlingen met dyslexie, kan je dat misschien beter voor de hele klas doen. Dan bedien je tegelijk leerlingen die sneller iets begrijpen door het ook te horen.”

“Daarom zit september vol ‘gouden weken’. We leenden die term van de Nederlandse auteur Boaz Bijleveld. Hij wijst op het belang van groepsdynamica en inspireert zich op de stadia van groepsvorming. Dat model biedt voer om te reflecteren over jouw klasgroep. Als je je klas goed managet en tot een sterke, veilige groep uitbouwt, stijgt het leerrendement van al je leerlingen. Want dan weet je in welke klas je veel structuur moet bieden, en in welke klas je de leerlingen ruimte moet geven en hoe je hen kan laten participeren.”

Je suggereert om tijdens startdagen of -weken te werken met een specifiek uurrooster?

Alain Noëz : “We bevelen dat aan als de context erom vraagt. Zo creëer je ruimte om kennismakingsactiviteiten op te zetten, samen te werken met collega’s … Scholen zien de klassieke startdagen in september soms als een pr-stunt en sturen leerlingen op citytrip of op sport-tweedaagse. Maar voor veel leraren voelen ze als een verplicht nummertje zonder duidelijke meerwaarde. Terwijl goed uitgewerkte startdagen net essentieel zijn om je groep te leren kennen en je didactiek erop af te stemmen.”

“Kijk als school naar je leerlingen. Besef dat er zeker in deze coronatijden vanalles speelt, ga niet meteen over tot de orde van de dag. Jongeren hebben elkaar misschien al lang niet meer ontmoet, ze zijn het niet meer gewoon om in een grote groep te moeten functioneren en ‘werken’. Hun hoofden zitten vol vragen en zorgen. Daar moet je eerst aandacht aan besteden. Met groepsvormende en verkennende activiteiten leer je je leerlingen kennen en peil je naar hun noden en behoeften. Wat hebben ze nodig om tot leren te komen? Die info kan je aftoetsen bij je collega’s en bespreken tijdens een portretterende klassenraad.”


Als je je klas goed managet en tot een veilige groep uitbouwt, stijgt ook het leerrendement van al je leerlingen

Alain Noëz

Hoe zorg je ervoor dat leerlingen socio-emotioneel klaar zijn om te leren?

Alain Noëz: “Een 1-op-1-gesprek met elke leerling is tijdrovend, ik ben daarom voorstander van proactieve cirkels. Een kringgesprek is niet zomaar wat gepalaver. Je gaat met je leerlingen in een kring zitten en structureert het gesprek door vooraf het onderwerp en duidelijke afspraken vast te leggen: leerlingen mogen elkaar niet onderbreken, je geeft geen feedback op de feedback, een leerling mag passen als hij het woord krijgt. Na de cirkel bedank je iedereen voor zijn inbreng. Zo leren je leerlingen naar elkaar luisteren.”

“In september kan je met deze methodiek gericht peilen naar de ervaringen en de behoeftes van de leerlingen. Denk daarbij aan een ijsberg: bovenaan zit hun gedrag, onder het water zitten hun emoties en nog dieper hun behoeften. Met een cirkelgesprek kijk je ‘onder water’.”

Alain Noëz, pedagogisch begeleider van het Katholiek Onderwijs Vlaanderen

Alain Noëz: “Laat je lesvoorbereiding los als dat nodig is. Schat tijdens het schooljaar bij elk nieuw lesonderwerp de beginsituatie van je leerlingen in.”

En hoe meet je waar de leerlingen op cognitief vlak staan?

Alain Noëz : “Starten met een klassieke test of screening kan natuurlijk. Maar zo’n toets moet meer informatie dan louter punten opleveren. Het resultaat moet vooral jou als leraar vooruit helpen: ‘Wat leer ik uit die testresultaten voor de didactische aanpak van deze leerlingen en klas, hoe pas ik mijn traject aan?’ Met een cirkelgesprek kan je ook naar de voorkennis van de leerlingen peilen. Je vraagt wat de leerlingen nog weten van de vorige lessen. Ze overleggen eerst per 2, daarna vullen ze elkaar aan in een cirkelgesprek. Zo merk je snel wie helemaal mee is en wie je moet bijspijkeren.”

“Vraag de klastitularis van vorig jaar en andere collega’s naar het leerproces van je leerlingen. We raden scholen zeker aan om in september een portretterende klassenraad te organiseren. Wil je leerlingen daarbij actief betrekken? Laat ze dan vooraf op een placemat hun eigenschappen, behoeften en leerdoelen invullen. Natuurlijk veroordeel je de leerling niet als je negatieve zaken verneemt.”

“Sommige leraren horen vooraf liever niet te veel over hun nieuwe leerlingen. Ze willen starten met een ‘blanco blad’. Maar als professional is het noodzakelijk op tijd te weten wanneer jongeren tegen bepaalde grenzen aanlopen. Dan kan je snel ingrijpen en vaar je die eerste weken niet blind.”

“Op basis van die klassenraad, de cirkelgesprekken en je eigen observaties kan je aan de slag: misschien merk je dat je collectief moet herhalen of een stap terug moet zetten in het leerproces. Of dat je meer moet differentiëren. Je kan een aantal taken meegeven aan leerlingen met een achterstand en/of tijdens een les eens even apart met hen aan de slag gaan. Laat je lesvoorbereiding los als dat nodig is. Schat tijdens het schooljaar bij elk nieuw lesonderwerp de beginsituatie van je leerlingen in.”


Vertrek van de leerlingen om je methode te bepalen, niet omgekeerd

Alain Noëz

Verdeel je leerlingen beter over niveaugroepen bij leerachterstand?

Alain Noëz : “Zodra je de behoeftes van de leerlingen in kaart hebt, weet je zelf of dat raadzaam is. Maar het is geen zwart-witwetenschap. Net als de vraag ‘Is afstandsonderwijs goed of slecht?’ niet in één adem te beantwoorden valt voor alles en iedereen. Dat hangt af van je publiek en van het aantal dagen online les. Vertrek van de leerlingen om je methode te bepalen, niet omgekeerd.”

Alain Noëz, pedagogisch begeleider van het Katholiek Onderwijs Vlaanderen

Alain Noëz: “De basis die je legt tijdens deze eerste dagen en de tijd die je erin steekt, krijg je achteraf qualeerrendement in veelvoud terug.”

Moeten leraren nog steeds ‘ontstoffen’, de meest essentiële leerdoelen selecteren?

Alain Noëz : “Je vertrekt natuurlijk altijd van de meest essentiële leerdoelen, maar ook hier is de context cruciaal. Als leraar of vakgroep kan je ondersteuning vragen bij een vakbegeleider van je pedagogische begeleidingsdienst. Ze helpen je dan om je klasgroep te screenen. Eventueel selecteren ze samen met jou of met de vakgroep de essentiële leerdoelen voor die groep.”

Hoe motiveer je leraren om zo flexibel aan de slag te gaan?

Alain Noëz : “Leraren voelen zelf aan dat het nodig is: dit schooljaar kan je moeilijk gewoon starten. Als leerlingen zich veilig en gehoord voelen, leren ze een pak meer. De basis die je legt tijdens deze eerste dagen en de tijd die je erin steekt, krijg je achteraf qua leerrendement in veelvoud terug.”

 

Het beste van Klasse in je mailbox?

  • Al 56.000 leraren zijn abonnee
  • 1 keer per week en helemaal gratis
  • Verhalen van collega’s, concrete praktijktips, exclusieve wedstrijden ...