Gepubliceerd op
Specialist

Wat als een leraar kindermishandeling vermoedt?

“Minstens 1 leerling in elke klas krijgt thuis te maken met een vorm van kindermishandeling. En het duurt soms jaren voor een school of CLB de signalen oppikt”, zegt Marleen Sterckx, coördinator van het VCLB in Vilvoorde. “Als leraar mag je je buikgevoel niet negeren.”

Marleen Sterckx over signalen van kindermishandeling in de klas

Marleen Sterckx: “Tijdens een lockdown is het risico op mishandeling nog groter. Het gezin leeft dicht op elkaar en er zijn weinig ‘ontsnappingsmogelijkheden’.”

Marleen Sterckx: “Bij kindermishandeling is een kind het slachtoffer van actief fysiek, psychisch of seksueel geweld. Bij passief geweld spreken we van kinderverwaarlozing.”

“Wanneer het geweld zich voordoet binnen het gezin, spreken we van intrafamiliaal geweld. Ook als een kind geweld tussen andere gezinsleden ziet of hoort, bijvoorbeeld hoogoplopende ruzies tussen de ouders, is er sprake van kindermishandeling.”

“Kindermishandeling heeft een grote impact op de ontwikkeling van kinderen. Het gaat gepaard met gevoelens van angst, schuld, schaamte en verantwoordelijkheid. En als niemand het kind helpt, kan het tot een levenslang trauma leiden. Daarom is het belangrijk dat een leraar weet wat kindermishandeling is en het kan herkennen.”
 

4 misverstanden over kindermishandeling

  1. Ouders doen hun kind bewust pijn

  2. Marleen Sterckx: “Het maatschappelijke beeld van ‘onmenselijke ouders’ klopt niet. Het overgrote deel van de ouders die hun kind mishandelen, doet dat uit onmacht. Vaak hadden ze zelf een zware opvoeding of kenden ze veel tegenslagen. Ze hebben weinig draag- of veerkracht en verliezen snel de controle over hun emoties. Maar ook het kind kan een rol spelen, zo kan een huilbaby een trigger zijn.”

    “Ook de maatschappelijke context is bepalend. In coronatijd is het risico op kindermishandeling nog groter, zeker tijdens een lockdown. Het gezin leeft dicht op elkaar, de veilige school is gesloten en er zijn weinig andere ‘ontsnappingsmogelijkheden’.”
     

  3. Mishandelde kinderen willen weg bij hun ouders

  4. Marleen Sterckx: “Kinderen die mishandeld worden, zijn de meest loyale kinderen. Ze zijn ervan overtuigd dat wat hen overkomt, hun eigen schuld is. Jonge kinderen gaan er bovendien van uit dat wat er thuis gebeurt, ‘normaal’ is. Kinderen willen hun ouders beschermen. Op school spreken ze niet over hun thuissituatie, uit angst voor de gevolgen. Hoe zal papa of mama reageren? Wat als ze niet meer thuis mogen wonen?”

    “Kinderen willen niet weg bij hun ouders, ze willen alleen dat de mishandeling stopt. Want een gezinssituatie is nooit zwart-wit: er is geweld, maar er zijn ook veel fijne momenten. Ouders kwetsen hun kind niet met opzet. Nadien voelen ze spijt en schaamte. Ze doen extra hun best om het goed te maken.”


    In 97% van de doorgelichte lagere scholen heerst een stimulerend leer- en leefklimaat
  5. Mishandeling gebeurt vooral in kwetsbare gezinnen

  6. Marleen Sterckx: “Intrafamiliaal geweld komt voor in alle bevolkingslagen. In kwetsbare gezinnen is het sneller zichtbaar: een kind komt bijvoorbeeld naar school met blauwe plekken. In middenklassegezinnen is mishandeling eerder verdoken, denk aan psychisch of seksueel misbruik. Die kinderen dragen misschien nog een groter, onzichtbaar letsel mee: een ‘blauwe ziel’.”

    Het gedrag dat leerlingen vertonen, is ook heel divers. De een vertoont gedragsproblemen, is agressief en zoekt snel ruzie. Een ander trekt zich terug, snijdt zichzelf, heeft donkere gedachten. Er zijn ook pleasers die de leraar voortdurend aanklampen.”
     

  7. Enkel bij duidelijke signalen kan een leraar iets doen

  8. Marleen Sterckx: “Doordat kindermishandeling geen eenduidige signalen heeft, blijft het vaak onder de radar. Zichtbaar fysiek letsel komt niet zo vaak voor. Meestal zijn de signalen minder expliciet, het kan jaren duren voor een school die oppikt. Bij gedragsproblemen denkt men – begrijpelijk – niet direct aan kindermishandeling, maar eerder aan bijvoorbeeld ADHD of ASS.”

    “Leraren hebben vaak wel een buikgevoel dat er iets niet klopt. Het is belangrijk om daar iets mee te doen. Uit onderzoek blijkt dat een interventie tijdens de jeugd een positief effect heeft op de lange termijn. Voor sommige kinderen is school de enige veilige plek, en de leraar een veilige volwassene.”

 

Kindermishandeling: mogelijke signalen

De signalen hieronder zijn niet eenduidig en kunnen ook het gevolg zijn van iets anders. Vertrouw als leraar op je buikgevoel. Deel je vermoedens met je zorgcoördinator of leerlingbegeleider, maar blijf discreet.

  • Lichamelijke mishandeling

    Onverklaarbare blauwe plekken of breuken, littekens van brandwonden of kale plekken in het haar. Die letsels kunnen aanwijzingen zijn dat een leerling thuis fysiek geweld meemaakt. Ook moe of lusteloos gedrag, algemene gezondheidsproblemen, een lege brooddoos … kunnen wijzen op lichamelijke mishandeling of verwaarlozing.

  • Emotionele mishandeling

    Emotionele mishandeling kan zich uiten in timide gedrag en weinig vrienden. Sommige leerlingen zijn overdreven meegaand of passief, anderen eisen abnormaal veel aandacht op. Andere mogelijke tekenen: spreek- of leerproblemen, zelden spontaan spelen of glimlachen …

  • Seksueel misbruik

    De leerling staat afkerig tegenover lichamelijk contact, of zoekt het net overdreven op. Hij kan teruggetrokken of juist agressief reageren. Sommige misbruikte kinderen vertonen uitdagend seksueel gedrag. Hyperventileren, depressieve gevoelens, onverklaarbare buikpijn … kunnen ook signalen van seksueel misbruik zijn.

 


De adviezen in dit artikel zijn gebaseerd op een bijscholing van de Provinciale Vormings- en Ondersteuningscel van het Vrij CLB Vlaams-Brabant en Hoofdstedelijk Gewest Brussel.

Inspireert Klasse Magazine jou in 2021-2022?

  • 4 kwaliteitsnummers met inspiratie van leraren en experts.
  • Fraai ondersteunend materiaal: kalender, posters, kaartjes ...
  • Je Lerarenkaart met meer dan 1000 voordelen in je brievenbus.