Gepubliceerd op
Klastips

Zo voelt een vluchteling zich snel thuis in je klas

Een vluchteling in je klas, wat doe jij? Hoe vang je anderstalige nieuwkomers op? Waaraan herken je een trauma en wat doe je als een kind wordt uitgewezen? Met deze tips help je hen op weg.

3 rollen van de leraar

De redder

Hij is sterk betrokken en wil helpen. Deze leraar luistert naar het verhaal van het kind en biedt oplossingen voor dagelijkse problemen.
Valkuil: Sommige redders geraken ook in hun privéleven nauw betrokken bij het traject van de leerling. Anderen proberen zelf trauma’s te behandelen.

De wegwijzer

Hij neemt liever afstand. Deze leraar verwijst door naar een hulpverlener of specialist.
Valkuil: De wegwijzer denkt soms te snel dat hij of de school niet kunnen helpen. Hij concludeert snel dat de leerling beter van school of studierichting verandert.

De steunpilaar

Hij zorgt, gewoon door les te geven, voor structuur en regelmaat. Hij geeft opdrachten die het zelfbeeld van de leerling opkrikken.
Valkuil: De steunpilaar voelt soms frustratie omdat hij de capaciteiten van de leerling ziet, maar eerst nog de schoolachterstand moet wegwerken.

Anderstalige nieuwkomer in je klas: 12 tips

  1. Bereid de komst van de nieuwkomer voor: praktisch (plaats in de klas, schriften, boeken, leerlingenkaart), maar ook met de klasgenoten.
  2. Stel hem meteen op zijn gemak. Laat voelen: het niet is omdat je geen Nederlands kent, dat je niets kan.
  3. Zorg dat hij meteen meedoet aan het dagelijkse leven. Die regelmaat brengt rust. Laat hem dingen doen die hij aankan. Benadruk ook als iets goed gaat.
  4. Sommige nieuwkomers hebben nog nooit onderwijs gevolgd. Maak duidelijk wat de gewoonten zijn op school: waar is de eetzaal, wanneer zwemmen we, hoe verloopt dat? Toon de belangrijke plaatsen op school. Zorg voor een peter, meter of buddy in de klas. Hij kan naast de nieuwkomer zitten, samen de oefening in het boek maken, aanwijzen, helpen …
  5. Leer de nieuwkomer snel de basistaal aan die je gebruikt in de klas: ‘Kom aan het bord’, ‘Neem je boek’, ‘Nu is het speeltijd’. In basisscholen is er vaak geen onthaalklas. Misschien kan een gepensioneerde leraar of vrijwillige ouder helpen? In het middelbaar stuur je de leerling beter door naar een secundaire school die wel onthaalonderwijs organiseert. Check adressen hier.
  6. Benut vooral de praktische lessen om taal aan te leren: de knutselles, de turnles, de praktijkles. Begrippen als voor, achter, links, rechts, eerst doe je dit, dan doe je dat … kan je makkelijk aanbrengen door handelingen voor te doen. De nieuwkomer is nooit ‘het probleem’ van de klasleraar of taalleraar alleen.
  7. Maak de lessen zo visueel en concreet mogelijk. Biologielessen lenen zich daar bijvoorbeeld makkelijker toe dan pakweg geschiedenis.
  8. De lessen Nederlands zijn de moeilijkste. Ook al komt de leerling uit de onthaalklas, reflecteren op een vreemde taal is moeilijk. Let vooral op de evolutie die hij maakt.
  9. Als de basisrust er is kan je bekijken of de leerling ook andere interesses heeft: jeugdbeweging, voetbal, muziek, knutselen …
  10. Laat de leerling vertellen waarom hij in België is. Geef een les over andere culturen, oorlogen in de wereld … Schat eerst goed in wat zo’n leerling aankan.
  11. Ga niet op zoek naar alle verhalen. Probeer niet de therapeut te spelen. Geef de leerling de ruimte om te praten en toon dat je bereid bent om te luisteren, forceer niets.
  12. Overleg regelmatig met het zorgteam op school, de interne leerlingbegeleiding, het CLB …

Leerlingen met een trauma

Vluchtelingenkinderen hebben vaak al veel meegemaakt voor ze in je klas zitten: moord, foltering … Wat zijn mogelijke reacties?

  • Ze zijn ontgoocheld in autoriteitsfiguren zoals ouders, lokale leiders, het leger.
  • Soms hebben ze een heel andere moraal: stelen of agressie kan omdat zij dit jarenlang zo hebben ervaren.
  • Ze willen dokter of leraar worden om op die manier iets aan hun omstandigheden te veranderen.
  • Ze worden onzeker, kwetsbaar omdat ze voelen dat hun ouders niet in staat zijn om gevaarlijke gebeurtenissen te controleren.
  • Ze zijn pessimistisch over de toekomst.
  • Ze zijn teruggetrokken in de klas. Dat kan ook verklaard worden vanuit een andere cultuur.
  • Niet-begeleide minderjarigen moeten vaak geld sturen naar hun gezin of hun reis betalen aan smokkelaars. Vaak voelen ze zich verplicht om te gaan werken in plaats van naar school te gaan.

Zo creëer je een veilige klas voor leerlingen met een trauma.

Een overzicht van (hulp)organisaties vind je hier.
 

Uitwijzingen en afscheid nemen

Afscheid nemen hoort bij het onderwijs aan kinderen met een onzeker verblijfsstatuut. Scholen en leraren denken daar dus beter op voorhand over na.

  1. Maak de onzekerheid dat de nieuwe klasgenoot in België kan blijven bespreekbaar. Praat daar eerlijk over. Vraag wat de leerlingen voelen. Vertel wat je zelf voelt. Gevoelens delen geeft eerlijkheid en schept vertrouwen. Naast goed onderwijs geven moet je kinderen leren omgaan met onzekerheden in het leven.
  2. Afscheidsrituelen zijn belangrijk, zowel voor het kind dat vertrekt als zijn klasgenoten: afscheidsbrief, klasfoto, oorkonde, knuffel van de klas, gelukssteen, afscheidslied … Door samen bezig te zijn met afscheid, wordt het groepsgevoel versterkt. Als het kan: betrek ook ouders.
  3. Als de klas plots wordt geconfronteerd met een lege stoel in de klas: praat erover. Doe niet alsof er niets is gebeurd. Ook dan is een afscheidsritueel belangrijk, bijvoorbeeld een afscheidsbrief van de klas, een werkstukje dat je kan opsturen …
  4. Uitwijzingen roepen ook hevige emoties op bij leraren. Woede en frustratie omdat je het niet kan voorkomen, machteloosheid tegenover het beleid, maar vaak ook schaamte. Scholen en leraren hebben weinig invloed op procedures en wetten. Deel je gevoelens met je collega’s. Wie geen uitlaatklep vindt voor stress, loopt gevaar op een burn-out.

Het beste van Klasse in je mailbox?

  • Al 51.000 leraren zijn abonnee
  • 1 keer per week en helemaal gratis
  • Verhalen van collega’s, concrete praktijktips, exclusieve wedstrijden ...