Gepubliceerd op
Verhaal

Naar het secundair: “Ik ben blij en bang tegelijk”

De overgang van de basisschool naar het secundair is een grote verandering voor leerlingen: veel leraren in plaats van één juf of meester, een zware boekentas en de eerste keer examens. Hoe kan jij kinderen en hun ouders begeleiden bij de overstap? Bekijk samen deze video. In deze reportage zie je hoe Dylan en Stijn de overstap beleven.

Het is vooral belangrijk dat ze zich meteen goed voelen op school

Angelique De Moor - Leerlingbegeleider, Lyceum Aalst
 

5 aanpassingen waar eerstejaars mee worstelen

  1. De weg naar school

  2. Angelique De Moor, leerlingbegeleider Lyceum Aalst: “Sommige leerlingen komen van een kleine dorpsschool en moeten nu naar de grote stad. Ze moeten plots vroeg opstaan en een overvolle bus of trein nemen of met de fiets naar de stad.”

    Tip voor ouders: Oefen in de vakantie samen met je kind al eens de route naar school. Dat stelt je kind op zijn gemak.
     

  3. Zware boekentas

  4. Angelique De Moor: “De leerlingen geven zelf aan dat ze moeite hebben met de zware boekentas, de vele mappen. De eerste dagen hebben kinderen hulp nodig om hun agenda te lezen en de boekentas te maken.”

    Tip: Leg aan je leerlingen uit dat het niet nodig is om een volledige, zware cursusblok mee te nemen naar school. Enkele blaadjes in elke map is meer dan voldoende.
     

  5. Leren plannen

  6. Guy Van Hecke, Klastitularis DVM HTB Aalst: “Leren plannen, afspraken naleven, werkjes voor volgende week nu al doen. Dat is een proces van jaren. We werken daar in het eerste jaar aan, maar evengoed in het tweede, derde, vierde. Maar veel leraren in de laatste jaren van de basisschool geven ook aandacht aan leren plannen en dat is belangrijk.”

    Tip: Maak een overzichtelijke jaarkalender met grote taken en examens. Zo kunnen je leerlingen bijhouden wanneer ze best met voorbereidingen beginnen.
     

  7. Nieuwe gezichten

  8. Guy van Hecke: In de basisschool hadden de kinderen meestal maar één leraar en een turnleraar. Nu hebben ze voor ieder vak een nieuwe leraar, moeten ze vaak naar een ander lokaal in een doolhof. Maar ik denk dat ze er vrij snel aan wennen. Ook omdat ze soms uitkijken naar een bepaalde leraar of een bepaald vak. Het is wel moeilijker als leraar om een vertrouwensband op te bouwen met de leerlingen. Maar als klastitularis vind ik het heel belangrijk om daar tijd in te steken. Ze kunnen altijd bij mij en mijn collega’s terecht.
     
    Tip: Naar een nieuwe school gaan is een groot avontuur. Investeer in een veilige en leuke klassfeer, een plaats waar kinderen zich goed voelen.
     

  9. Geen juf en meester

  10. Guy van Hecke: “Misschien wel de grootste verandering is overschakelen van ‘meester’ naar ‘meneer’. Ik word die eerste weken om de haverklap nog aangesproken met ‘meester’. Maar zolang ze niet papa zeggen is het goed.”

Tip: Geef het goede voorbeeld. Spreek zelf steeds over je collega’s met de afgesproken naam.
 

Pik je Lerarenkaart op vóór 8 juli!*

  • Voor je klas en jezelf
  • Meer dan 1000 voordelen
  • Een zomer vol inspiratie
Waar ligt mijn Lerarenkaart?

*Opgelet: dit is je laatste kans om je Lerarenkaart 2019 af te halen